Vrijdag 13/12/2019

'We zijn te optimistisch geweest'

Amnesty International bestaat veertig jaar, maar bij zijn afscheidnemend secretaris-generaal Pierre Sané is geen spoor van euforie te bespeuren. Integendeel. In zijn krappe bureau op het internationaal secretariaat in Londen stapelen de rapporten over mensenrechtenschendingen zich op. Het stapeltje dossiers over gewetensgevangenen is geslonken, maar dat van asielrechtenschendingen groeit nu elke dag. Asielzoekers zijn voor Sané de moderne gewetensgevangenen. 'Het is moeilijk voor Europa om zich als kampioen van de mensenrechten op de borst te kloppen als het de rechten van vluchtelingen niet beschermt.'

Maarten Rabaey

Als kind was Pierre Sané (51) geschokt toen hij tijdens een bezoek de geschiedenis van het Ile de Gorée ontdekte. Op het eiland voor de kust van zijn geboorteland Senegal werden vroeger tienduizenden Afrikaanse slaven verhandeld. Het was 1957 en, zegt hij, zijn eerste confrontatie met massale mensenrechtenschendingen. "Al op heel jonge leeftijd raakte ik geïntrigeerd door de vraag waarom mensen zo wreed konden zijn voor elkaar".

Vier jaar later zag in Londen Amnesty International het licht na de publicatie van een artikel in The Observer, waarin advocaat Peter Benenson verontwaardigd het grote aantal gewetensgevangenen aanklaagde. Sané had toen nog nooit van Benenson gehoord, maar deed hetzelfde: hij kroop in zijn pen. "Op twaalfjarige leeftijd las ik een artikel over de arbeidssituatie van Afrikaanse arbeiders in Frankrijk. Ze leefden in erbarmelijke omstandigheden. Ik vroeg me af waarom dat nog kon gebeuren. Ik schreef een brief naar de krant. Ik vond het beschamend."

Sané leerde Amnesty kennen tijdens de meirevolte in Parijs van 1968, maar het zou nog tot 1988 duren voor hij als lid met briefschrijfacties begon. Ondertussen werkte hij voor een Canadese ontwikkelingsorganisatie en richtte hij Panaf op, een organisatie die zich als doel stelt om Afrika te verenigen. Sané is nu nog steeds overtuigd pan-afrikanist. Grenzen zijn voor hem een van de grootste obstakels voor mensenrechten. "De kolonisatie deelde Afrika op naar de noden van de kolonisators, niet naar die van de bevolking. Het was alsof ik in het huis kom waar je met je familie woont en alle kamers verzegelt. Daarna eis ik dat jullie in elke kamer een nieuw huis bouwen. Dat moet wel tot conflicten leiden. Ik denk dat de grenzen in Afrika vandaag het grootste obstakel zijn voor ontwikkeling en dus voor mensenrechten."

U wou zich daar op focussen toen u secretaris-generaal van Amnesty werd in 1992, maar het aantal misdaden tegen de mensheid nam sindsdien enkel toe.

"Na de Koude Oorlog was de grote vraag: hoe passen we ons aan de nieuwe politieke omgeving aan? We hadden zicht op het vredesdividend en ontwapening. Helaas is het anders uitgedraaid. We zijn te optimistisch geweest."

Wat had u niet verwacht?

"Genocide. We hadden niet verwacht dat het einde van de Koude Oorlog zou leiden tot de heropleving van nationalisme en etnische conflicten. Ik durfde persoonlijk nooit denken dat de wereld terug zou keren naar een situatie waarin interne conflicten zouden leiden tot een genocide zoals in Rwanda. Dat was een verschrikkelijke schok voor de mensenrechtenbeweging, voor Amnesty en mezelf. We durfden nooit anticiperen dat de systematische massamoorden werden gepland en - dat is een feit - uitgevoerd in front of our very own eyes, onder onze ogen. Het maakte nooit deel uit van onze berekeningen. Daarom hadden we enorme moeilijkheden om achteraf uit te vinden wat we hadden kunnen doen om het te stoppen."

Wat kon Amnesty doen?

"We moesten onze capaciteiten ontwikkelen om conflicten te helpen voorkomen en nog meer doen om een einde te maken aan straffeloosheid, wat als afschrikking dient voor wreedheden. Dat zijn allemaal strategieën die we nu wel in stelling brachten en die hopelijk behulpzaam zijn om te wijzen op grote crisissen."

U vertrekt niet bitter?

"Nee. Ik heb mijn voorzitterschap als één grote campagne opgevat. We hebben de afgelopen jaren ook veel bereikt. De vervolging van de Chileense ex-dictator Augusto Pinochet (tegen wie Amnesty mee klacht indiende, MR) is bijvoorbeeld iets wat mensenrechtenactivisten voor altijd zal markeren. Het is de eerste keer dat een ex-staatshoofd vervolgd wordt voor misdaden tegen de mensheid die lang geleden gebeurden, in een land waar hij voor zichzelf amnestie uitriep. In 1998 voerden we ook voor het eerst een campagne tegen de doodstraf in de Verenigde Staten. Ze toonde aan dat misdaden tegen de mensheid overal bestaan, maar ook dat Amnesty echt globaal is. We zijn niet meer bang om de machtigste naties te confronteren. De creatie van het Internationaal Strafhof (ICC), dat nu in de steigers staat, zal ons daarbij helpen. We hebben jarenlang mensenrechten gedocumenteerd die niet vervolgd konden worden. Mensen zullen nu eindelijk niet kunnen ontsnappen. Het doet er niet meer toe dat er straffeloosheid heerst in hun land, het doet er niet meer toe waar de misdaden werden begaan. Het bestaan van het ICC zal volgens mij leiden tot vermindering van de wreedheden."

Amnesty bestaat nu veertig jaar, maar uw jaarrapporten worden altijd dikker. Uw campagnes lijken een druppel op een hete plaat?

"Het jaarrapport wordt dikker omdat we méér mensenrechtenthema's behandelen. In de beginjaren trokken we ons alleen het lot aan van gewetensgevangenen. Nu voeren we campagne voor afschaffing van doodstraf, tegen foltering, vrouwenmishandeling, enzovoort. Onze focus is breder geworden. We zijn ook beter geworden in het verzamelen van informatie. Hier werken elke dag tachtig onderzoekers die in contact staan met onze groepen overal ter wereld. Hadden we ons enkel gefocust op gewetensgevangenen, dan was het rapport dunner geweest, want er zijn nu minder gewetensgevangenen dan ooit. Dat geldt ook voor de doodstraf."

Amnesty gebruikt als basisverdediging de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM). Hoe actueel en universeel is dat vijftigjarige document nog?

"Het is nog steeds actueel. Nog altijd kunnen zeer grote delen van de mensheid niet van basisrechten genieten. Het document is wel universeel geworden. Er is nu duidelijk een groter mensenrechtenbewustzijn dan bij ons ontstaan. Al neemt dat niet weg dat de mensenrechtenbeweging nog veel werk voor de boeg heeft om de boodschap van de verklaring te verspreiden: hoe meer mensen hun rechten kennen, hoe meer mensen hun rechten verdedigen. Je kunt niet iets verdedigen waar je geen weet van hebt. Voor mij blijft het UVRM daarom het significantste document van de vorige en deze eeuw."

Critici zeggen dat mensenrechtenverdragen zo breed zijn geworden dat ze zichzelf opheffen. Verontwaardigd veroordelen regeringen conflicten, maar tegelijk schermen ze hun wapenindustrie af vanwege het recht op arbeid.

"Dat gebeurt en is hypocriet. Maar het feit dat landen een wapenindustrie hebben is niet noodzakelijk in tegenstelling met het promoten van mensenrechten. Amnesty is niet tegen wapenhandel. We zeggen niet dat de productie van wapens moet ophouden. Zolang er agressie is, is het legitiem dat er wapens zijn. We denken wel dat je geen wapens mag verkopen aan regeringen die ze misschien tegen hun eigen mensen zullen gebruiken."

Er zijn nog voorbeelden: landen klagen het aantal vluchtelingen in conflictgebieden aan, maar bouwen zelf muren om zich tegen hen te 'beschermen'.

"Wat onfortuinlijk is aan het Europa van vandaag is dat asielzoekers en vluchtelingen behandeld worden onder het paradigma van migratie in plaats van onder dat van mensenrechtenbescherming. Daardoor worden alle immigranten bekeken als illegalen. Ze worden door ordehandhavers als criminelen behandeld. Dat leidt tot excessen, zoals de willekeurige detentie van mensen die geen misdaden hebben begaan. Ze worden bruut behandeld en dat creëert dan weer een klimaat van racisme tegen deze mensen. Het is momenteel moeilijk voor Europa om zich als kampioen van de mensenrechten op de borst te kloppen als het niet de rechten van vluchtelingen en asielzoekers beschermt.

"Amnesty zal daar in de toekomst nog meer zijn prioriteit van maken. We zullen moeten. Het aantal vluchtelingen zal blijven toenemen. De hoge hekken rond Europa zullen ze niet stoppen. Ze zullen zwemmen indien nodig. Velen sterven nu al om er te raken, Europa verstrengt alleen zijn wetten. We zullen onze acties opvoeren. We zullen jullie regeringen beschamen en dwingen om de vluchtelingenconventie toe te passen."

Ligt dat nog binnen uw originele doelen?

"We hebben nooit de intentie gehad om de originele focus te behouden. De organisatie moet zich aanpassen aan het veranderende patroon van mensenrechtenschendingen."

En de concurrentie? Die is in uw sector groot geworden. Amnesty zelf overleeft mede dankzij de verkoop van merchandise. Hoe groot is het gevaar dat het merk Amnesty de boodschap verdringt?

"Ja. Het gevaar bestaat. (Denkt na.) Maar ik geloof dat de mensen die ons geld geven - leden en donoren - duidelijk weten dat ze dat doen om mensenrechtenschendingen te bestrijden. De dag dat ze ons niet meer doeltreffend vinden, zullen ze ophouden met ons te betalen. Dus al is ons merk belangrijk en helpt het ons om financiële steun aan te trekken, toch denk ik dat we allemaal begrijpen dat om die steun te behouden we resultaten moeten kunnen tonen: levens van individuen en mensenrechtensituaties in landen aantoonbaar verbeteren."

Toch is er in uw sector al een paar jaar sprake van compassion fatigue. Het wordt steeds moeilijker om uw 'consumenten' tot engagement te bewegen?

"Ja, de mogelijkheid bestaat, maar ik zie nog altijd eerst een mensenrechtensector die groot is omdat binnen de publieke opinie het besef leeft dat we noodzakelijk zijn. De proliferatie van mensenrechtenbewegingen reflecteert niet alleen de noodzaak, maar ook de legitimiteit van ons werk."

Amnesty heeft meer dan één miljoen leden in 140 landen. Waarom steunen zovelen uw organisatie?

"De beste bescherming voor individuele mensenrechten is een wereldwijde bescherming. Hier is de doodstraf afgeschaft. Maar als ik morgen in de VS betrokken wordt in een misdaad kan ik wel worden terechtgesteld. Dus mijn recht op leven wordt enkel beschermd als overal de doodstraf afgeschaft wordt. Het verdedigen van andermans rechten beschermt ook mijn rechten. Mensen die bijdragen aan onze beweging met geld of hun tijd doen dat omdat we het voor hen doen, ook al leven ze in landen waar ze alle garanties hebben. In de wereld wordt er vandaag veel gereisd. Je kunt altijd terechtkomen in een land zoals Saoedi-Arabië, waar justitie arbitrair werkt."

Amnesty zit nu aan tafel met regeringen, wordt betrokken bij VN-conferenties. Critici verwijten u en andere ngo's buitenparlementair te werken 'als lobbyisten', zonder democratische controle.

"Nee, daar ga ik niet mee akkoord. Op het einde van de dag zijn het de regeringen die de wetten schrijven, niet wij. Wij dragen bij op basis van onze ervaring. Op hetzelfde moment voeren we campagne op straat om druk uit te oefenen op de regeringen, samen met de slachtoffers van mensenrechtenschendingen. Zolang we deze twee elementen combineren, lobbyen binnen in naam van de mensen buiten, zijn we goed bezig."

Een mensenrechtenbeweging zoals Amnesty is het summum van globalisatie, maar de huidige globalisatie lokt mensenrechtenschendingen uit. Multinationals teren op kinderarbeid in lageloonlanden?

"Ik denk dat globalisatie mensenrechten helpt. Het werk van organisaties zoals de onze is erop toe te zien dat we de positieve effecten maximaliseren en de negatieve aspecten indammen. Onder de positieve effecten hoort het gebruik van technologie, wat leidt tot uitwisseling tussen volkeren en culturen, de verspreiding van kennis, de mensenrechtenboodschap en - extreem belangrijk - kapitalisme. Kapitalisme kan vrijheden promoten. Bedrijven hebben over heel de wereld consumenten nodig die niet gediscrimineerd worden. Je hebt geen winkel nodig die zwarten buitensluit, want je reduceert winst. Globalistisch kapitalisme kan vrijheden promoten. Maar het klopt dat het ook ongelijkheden en armoede kan uitlokken. Ook daar moet Amnesty zich in de toekomst op focussen: het verzekeren van socio-economische rechten. Hoe gaan we verzekeren dat globalisatie zal leiden tot distributie van de schaarse middelen zodat niemand in extreme armoede dient te leven. Of dat mensen sterven omdat ze geen toegang hebben tot zuiver water en basisgezondheidszorg?"

U bent de laatste jaren met deze boodschap naar het bedrijfsleven gestapt?

"Dat klopt. Als mensenrechtenorganisatie moeten we met grote bedrijven een kritische dialoog aangaan. Het resultaat is belovend. Vele multinationals hebben als gevolg van onze actie gedragscodes opgesteld, waarin ze erkennen dat ze verantwoordelijkheid dragen. Ze gaan akkoord dat ze de macht hebben om dingen ten goede te veranderen: ze kunnen verzekeren dat de rechten van hun werknemers gerespecteerd worden, dat de rechten gerespecteerd worden van de gemeenschappen waar ze gevestigd zijn, dat ze de regeringen kunnen beïnvloeden. Ze begrijpen ook dat het ze schade kan berokkenen als ze betrokken raken in een controverse: consumenten kunnen beslissen niet meer te kopen. Werknemers zullen niet gemotiveerd zijn om voor zo'n bedrijf te werken."

Ze hebben het principe aanvaard. Toepassen is een ander paar mouwen?

"Als de code bijvoorbeeld zegt dat er niet mag gediscrimineerd worden op de werkvloer, dan moeten ze dat overal toepassen. Wat betekent: als ze naar Saoedi-Arabië gaan - waar de wet vrouwen verbiedt te werken - dan moeten ze tegen de lokale regering zeggen: 'Sorry, ik kan geen vestiging openen in uw land omdat ik hier geen vrouwen kan aanvaarden.' Ik kan hier alleen investeren als u discriminatie onmogelijk maakt. Daarover discussiëren we nu. Veel bedrijven hebben nog altijd de reflex zich te verschuilen achter de wetten van het land."

Wat moet er gebeuren met bedrijven die dat principe niet respecteren?

"We openbaren wat ze hebben gedaan, brengen het onder de aandacht van de publieke opinie, hun aandeelhouders en hun consumenten. Al deze groepen mensen kunnen beslissingen nemen om ze af te straffen. Desnoods, en dat is de tweede weg, stappen we naar de rechtbank. De familie van de opgehangen Nigeriaanse schrijver en mensenrechtenactivist Ken Saro Wiwa voert nu in New York een proces tegen Shell (waarvan het corrumperende beleid in Nigeria hun doodvonnissen in de hand werkten, MR). Dat zullen we meer en meer zien."

Acht u het wenselijk dat multinationals ook verantwoording moeten afleggen voor het Internationaal Strafhof?

"Ja. Het ICC zal individuen beoordelen die mensenrechtenschendingen hebben begaan. Individuen van grote ondernemingen zullen berecht kunnen worden als dat nodig blijkt."

U geeft nu de fakkel door. Welke boodschap geeft u uw opvolgster mee?

"Om brutaal en ambitieus te zijn. Omdat het lijden daarbuiten enorm is. Omdat het aantal slachtoffers dat buiten staat te wachten op gerechtigheid, enorm is. We moeten altijd vertrekken vanuit de vraag: 'Wie zijn de slachtoffers, wat hebben ze nodig, hoe kunnen we ze helpen?' Het is in hun ogen dat we relevant moeten blijven, voor hen."

'Na de Koude Oorlog was de grote vraag: hoe passen we ons aan de nieuwe politieke omgeving aan? We hadden zicht op het vredesdividend en ontwapening. Helaas is het anders uitgedraaid'

'Het feit dat landen een wapenindustrie hebben is niet noodzakelijk in tegenstelling met het promoten van mensenrechten'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234