Dinsdag 17/09/2019

We zijn niet bang voor het vuurpeloton

Zanger-gitarist Alex Kapranos (37) en bassist Bob Hardy (29) wandelen de backstage van de Ancienne Belgique binnen, en kijken in de trappenhal naar de eindeloze rij artiesten die hier al op het podium heeft gestaan. “Het is bijna onwezenlijk dat we nu mee deel uitmaken van die traditie, dat we zelf ook volle zalen trekken”, stelt Kapranos, die opvallend goedgeluimd is en de mouwen van zijn strakke hemdje opstroopt voor hij me een hand geeft. De zanger maakt een dynamische indruk, en contrasteert zo fel met Hardy, die tijdens ons gesprek hooguit drie keer tussenbeide komt. Met Tonight: Franz Ferdinand leverde het Schotse viertal eerder dit jaar zijn meest gedurfde cd tot nog toe af. Er wordt geëxperimenteerd met synthesizers en elektronica, terwijl het viertal in eerste instantie bekend staat als gitaargroep. “Er was geen plan”, stelt Kapranos. “Het enige waar we het alle vier over eens waren, was dat we niet nog een keer dezelfde plaat wilden maken. We betrapten onszelf erop dat we in herhaling vielen, keer op keer volgens krek hetzelfde patroon werkten. Het moest dus anders. Als je een ander soort muziek gaat maken weet je van tevoren dat je een boel fans van het eerste uur tegen je in het harnas zult jagen. Bijgevolg is de cd erg uiteenlopend ontvangen, zowel door de media als het grote publiek. Ofwel vonden ze de nummers niet goed omdat die te weinig leken op wat we eerder hadden gedaan, ofwel vonden ze het niet goed omdat het verschil met vroeger niet drastisch genoeg was. Nu, er zullen altijd herkenningspunten met het verleden zijn. Anders zouden we als groep onze identiteit verloochenen. Maar daarnaast voeren we toch nieuwe ideeën in omdat we niet ter plekke willen blijven trappelen. Dat is voor elke zichzelf respecterende muzikant sowieso een nachtmerrie.”

Wat wil je overbrengen met je muziek?

Kapranos: “Dat hangt van de song in kwestie af, maar in ieder geval hoop ik dat onze platen je niet onverschillig laten. Dat we emoties losweken, dat je het ene moment uitzinnige vreugde voelt en een ogenblik later tot een intiemere vorm van ontroering wordt gedwongen. (valt stil) Als je na een concert van ons de zaal uitstapt, moet je opgewonden zijn; het gevoel hebben dat je jezelf verloren bent. De grootste kick is - en dat weet ik omdat ik zelf ook vaak naar optredens ga kijken - dat je dat anderhalf uur ook echt in het moment leeft.”

Krijg ik een waarheidsgetrouw beeld van wie je bent op basis van de muziek die je maakt? Ik heb altijd het gevoel dat je meer een verhalenverteller bent die zichzelf zoveel mogelijk wegcijfert.

Kapranos: “Het is een grote misvatting dat je door songteksten uit te pluizen een beeld krijgt van wat zich in het hoofd afspeelt van degene die achter de microfoon staat. Het ene heeft niets met het andere te maken. Anders zou dat willen zeggen dat wanneer je een boek van Agatha Christie leest, je daardoor inzicht zou krijgen in wat voor soort moordenaar ze is. Persoonlijk vind ik dat er toch wat over. Ik kies in ieder geval vaak onderwerpen die niet noodzakelijk situaties weergeven waarin ik me zelf zou willen bevinden. ‘Turn it on’ is een goed voorbeeld. Daarin laat ik een afgewezen geliefde aan het woord die zo geobsedeerd is door zijn ex dat hij haast stalkerachtige trekjes ontwikkelt. Ik moet er niet aan denken dat dit autobiografisch zou zijn. Maar: doordat ik degene ben die het verhaal in de mond van de verteller legt, zal er toch wel iets van mezelf in zitten. Dat is haast onvermijdelijk.”

‘You girls never know how you make the boys feel’, zing je in ‘No You Girls’. Dat lijkt me uit het leven gegrepen. Uit jouw leven zelfs.

Kapranos: “Betrapt. (lacht) Kijk: de beste popteksten zijn die waarin op een eenvoudige, heldere manier iets gezegd wordt wat je eigenlijk al weet. Gek trouwens dat je uitgerekend die passage aanhaalt. Eigenlijk is dat nummer een afgeleide van een andere song op de plaat, ‘Katherine Kiss Me’. Er zijn zelfs delen van de tekst die elkaar overlappen. Ik wilde de gevoeligheden en onzekerheden bij een eerste kus schetsen, de moeilijkheden van die eerste flirt. Alleen: toen ik dat nummer per ongeluk een toonaard lager speelde, veranderde de hele sfeer, kregen zelfs de woorden een andere betekenis. Dus toen heb ik er meteen een nummer bij geschreven waar de verteller wat pocherig, wat zelfverzekerder is. ‘Kiss Me Katherine’ doet veel kwetsbaarder, onzekerder aan.”

Is dat dan ook de authentiekste, eerlijkste kant van het verhaal?

Kapranos: “Nee. In het openbaar laten mensen niet zo snel in het diepste putje van hun ziel kijken, ze verstoppen zich soms achter grootspraak. Maar dat wil zeker neit zeggen dat ze daarom niet eerlijk of oprecht zijn. Je kiest gewoon welk deel van je persoonlijkheid je blootgeeft, en welke delen niet. Soms wil je een meisje vertellen dat je smoorverliefd op haar bent, maar gáát het gewoon niet. Omdat je bang bent dat je het deksel op de neus krijgt. In het beste geval kun je dan nog zeggen dat het maar een grapje was. Maar toch: eigenlijk heb je er dan gelegen. Niks is zo moeilijk als je kwetsbaar opstellen.”

Vind je het makkelijk om dat spel van aantrekken en afstoten te observeren nu je zelf niet langer anoniem bent? De kans is nu veel groter dat je zélf voortdurend geobserveerd wordt.

Kapranos: “Eerlijk? Ik ben nooit echt anoniem geweest. In mijn vriendenkring was ik altijd haantje-de-voorste. In Glasgow ben ik nu al vijftien jaar ‘die kerel uit dat groepje’, want daar waren de bands waarin ik voor Franz Ferdinand zat ook bekend. Het verschil met toen is dat er nu een paar miljoen mensen méér weten dat ik in een groepje speel. Alleen: met hen socialize ik niet. Mijn vrienden zijn in hoofdzaak dezelfde gebleven. Die kijken niet anders tegen me aan dan toen we nog maar vijfhonderd singles verkochten.”

Probeer je me nu wijs te maken dat het succes van Franz Ferdinand je leven niet ondersteboven heeft gedraaid?

Hardy: “Natuurlijk is er veel veranderd, maar ik geloof niet dat de essentie van wie we als mens zijn door al die belangstelling is aangetast. De enigen tegen wie ik me anders gedraag, zijn degenen die anders tegen mij doen omdat ik toevallig in een bekende groep speel. Ik denk dat ik zelfs toleranter ben geworden door iedere dag zoveel uiteenlopende persoonlijkheden te ontmoeten. Toen ik nog een boze tiener was, stond ik meteen klaar met een oordeel over mensen die ik amper vijf minuten gezien had. Dat doe ik nu niet meer. Wie ons nu in de krant of op tv ziet, heeft daar ook meteen een mening over. En doorgaans niet de juiste. Daaruit heb ik geleerd om iedereen het voordeel van de twijfel te geven.”Kapranos: “Het voornaamste verschil met pakweg tien jaar geleden is dat mijn houding tegenover het concept beroemd zijn compleet is omgeslagen. Ik kan onmogelijk nog geïntimideerd raken als er een wereldster voor mijn neus staat. Dat zal bij jou wellicht niet anders zijn. Ik weet nu dat het ook maar mensen zijn. En dat ze zich doorgaans erg ongemakkelijk voelen wanneer ze voortdurend worden aangegaapt.”

Toen jullie eerste cd uitkwam, werden jullie meteen door de verzamelde pers aan de borst gedrukt. Nu is Franz Ferdinand een gevestigde waarde geworden, en wordt de groep regelmatig onder vuur genomen.

Kapranos: “Kennelijk werkt het altijd zo. Eerst word je op een voetstuk gehesen, maar zodra je daar je evenwicht hebt gevonden kegelen ze je daar met hetzelfde gemak weer af. Dat is een ongeschreven wet. Na vijf jaar beland je als groep in de moeilijkste fase van je carrière: aan de ene kant ben je net uit de mode geraakt, en tegelijk draai je nog niet lang genoeg mee om geherwaardeerd te worden. Sla er de geschiedenis op na, en je ziet hoe dat patroon zichzelf keer op keer herhaalt. Denk aan Oasis nadat ze net twee klassieke cd’s hadden opgenomen. Zodra een band gepiekt heeft, staat het vuurpeleton klaar. Het is een fase waar je door moet, dus mij goed. Ik heb sowieso de ambitie om lang mee te gaan. Het was me van meet af aan duidelijk dat sommige cd’s beter onthaald zouden worden dan andere.”

Je gaat ervan uit dat de wind over een jaar of vijf wel weer in jullie voordeel draait?

Kapranos: “Dat wil ik toch graag geloven. Of we gaan even uit elkaar en komen dan met veel tromgeroffel weer bij elkaar om in volgestroomde parken te spelen, zoals Blur onlangs heeft gedaan. En kijk naar Metallica. Of AC/DC. Bij dat soort bands zijn de recensenten net blij als hun nieuwe cd precies hetzelfde klinkt als de vorige drie. Maar goed: we zitten nu in een fase dat we met Franz Ferdinand nog alle kanten op kunnen. Vandaar dat we tussendoor nog een dubplaat hebben opgenomen. Een echte studiocreatie waar we op het podium volstrekt niets mee kunnen doen. Maar het was wel een project waaruit we veel voldoening hebben gehaald.”

Denk je dat een rockgroep in 2009 nog dezelfde culturele impact kan hebben als pakweg twintig jaar geleden? Ik vraag het omdat radio bijna overbodig is geworden. Dankzij de iPod hoort iedereen zijn eigen privézender.

Kapranos: “De media langswaar muziek de wereld in wordt geloodst zijn drastisch veranderd. Maar één ding is hetzelfde gebleven: het verlangen van mensen om naar die muziek te luisteren. Zolang er een publiek is dat openstaat voor nieuwe ideeën, voor dingen die ze nog niet eerder hebben gehoord, ben ik ervan overtuigd dat muzikanten een impact op de samenleving zullen hebben.”

Kun je zelf nog van je sokken worden geblazen als je een nieuwe cd hoort?

Kapranos: “Absoluut. Dear Science van TV On The Radio vond ik bijvoorbeeld ongelofelijk. Dat soort platen inspireert me, daagt me uit om weer andere dingen uit te proberen.”Hardy: “Als ik naar optredens van andere bands ga kijken vind ik het vooral een opwindend idee om zélf in een groep te spelen. Op het podium zit ik in mijn eigen wereld, maak ik abstractie van de manier waarop het publiek ons concert ervaart. Maar als ik zelf in de zaal sta, denk ik toch elke keer: ‘Kijk! Dat doe ik ook!’”

Je staat niet afgunstig te kijken naar bands die live beter zijn dan Franz Ferdinand?

Kapranos: “Nee, want daar draait het helemaal niet om. Als ik een goed optreden zie, blijf ik kijken. En anders vertrek ik gewoon. Het enige wat me irriteert, zijn bands die gehypet worden maar live door de mand vallen. Maar die zijn al bij al zeldzaam. Als er een buzz rond een band ontstaat, is die meestal toch gerechtvaardigd.”

Welke van je favoriete cd’s zou je met Franz Ferdinand willen evenaren?

Hardy: “De beste cd ooit gemaakt is de Greatest Hits van Queen.”Kapranos: “Ik zou ooit een plaat willen maken die even goed is als Ziggy Stardust van David Bowie, wat eigenlijk ook een soort best of is. Ik denk dat een geweldige Greatest Hits uitbrengen één van de grootste kicks is die je als muzikant kunnen overkomen. Dat je met je vinger over de tracklist glijdt en vaststelt dat al die geweldige nummers door één en dezelfde groep gemaakt zijn. Je eigen groep, bovendien. (lacht) We hebben nu bijna genoeg om de helft van zo’n compilatie te vullen. Nog even geduld, dus.”

Tot slot: wat is de grootste misvatting die over Franz Ferdinand de ronde doet?

Kapranos: “Het verhaal dat hardnekkig blijft rondhangen is dat we ons hele geluid hebben gebouwd rond de platen van Gang Of Four. Terwijl ik je zweer dat we in het begin niet eens van het bestaan van die groep op de hoogte waren. En het gekke is dat we nooit beweerd hebben dat Franz Ferdinand het warm water heeft uitgevonden. Ik wil hier ruiterlijk toegeven dat The Monochrome Set een belangrijke invloed is geweest. En Orange Juice. En Sparks. En Roxy Music. Talking Heads zelfs. Maar Gang Of Four? Echt niet. Het werd nog erger toen die groep plots weer samenkwam voor een reünietournee en ook nog een cd uitbracht om in te cashen op het feit dat ze voortdurend als een van onze grote voorbeelden werden genoemd. Blij dat die comeback geen succes is geworden. Maar voor de rest wensen we iedereen het beste, uiteraard.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234