Zondag 07/06/2020

InterviewPaolo Giordano

‘We zijn gezakt voor de test of we wel écht Europeanen zijn’

Voor een roman heeft Italiës literaire wonderboy Paolo Giordano (37) even geen ruimte. De coronacrisis slokt al zijn aandacht op. In zijn pamflet In tijden van besmetting waarschuwt hij voor verdeeldheid. Die gevaarlijk snel de kop opsteekt.

In het krappe Romeinse appartement van Paolo Giordano, de natuurkundige die in 2008 met zijn debuutroman De eenzaamheid van de priemgetallen meteen de Premio Strega binnenreef – zeg maar de Gouden Uil van de Laars – liggen twee tieners en de vrouw des huizes te bed, maar de schrijver rammelt door op zijn laptop. In een mail die hij nog deze nacht zal verzenden, schrijft hij dat we misschien het einde van Europa meemaken: ‘Ik voel zoveel teleurstelling.’

Het is een paar dagen na het jammerlijke geruzie van de EU-ministers van Financiën en deze keer klinkt de bedachtzame schrijver geagiteerder dan de eerste keer dat ik hem sprak. Een paar weken geleden was dat, toen de curves van de coronadoden in zowel Italië als de rest van Europa nog omhoogspurtten. Via Skype had Giordano enigszins monter geklonken. Toen ging het van:

We falen compleet als Europese Unie!

“Tot nu toe: ja. Maar we kunnen beter.”

Is er nog hoop dat we als Europese landen weer samenkomen?

“Ik heb het een beetje gehad met hoop. Wat ik wil, is actie. Ik ben erg gesteld op Europa. Altijd geweest. Ik reisde eerder door Noord-Europa dan door Zuid-Italië. Daarom is het pijnlijk om te zeggen, maar dit is een harde test en als we falen, dan is dat misschien fataal. Deze crisis is een heel andere dan die van 2008. Dat was een financiële crisis en toen kon ik de restricties en voorwaarden voor Europese hulp wel een beetje begrijpen. Maar als we nu niet in staat zijn om in te zien dat we allemaal op dezelfde tijdlijn van het virus zitten, dan was het hele Europese project niet meer dan een fijne droom.”

Goed, dat waren geen opgewekte woorden, maar Giordano sprak nog van een te passeren stresstest voor Europa, met de toon van een verstandige intellectueel die vanuit zijn achtergrond als fysicus een pamflet over het virus had geschreven, een pamflet dat draait om de boodschap dat deze pandemie de verbondenheid van de menselijke soort bewijst. Isolaties, het land op slot doen, grenzen dichtgooien: het mag tijdelijk ademruimte geven, maar op lange termijn kan de mensheid deze en soortgelijke epidemieën alleen gezamenlijk aan. Maar ná het gesteggel van de Europese ministers is zijn toon defaitistisch. Nu gaat het van:

“De politieke en economische instellingen hebben zich van hun minachtendste kant getoond. Ze debiteerden een hoeveelheid stereotypen tegenover de Italianen en Spanjaarden, die het hardst hebben geleden, die ronduit onacceptabel zijn. Plus een achterhaalde houding tegenover wat er aan de hand is. We zouden de moed moeten opbrengen om ons af te vragen: wat betekent Europa eigenlijk voor ons? Wat betekent Europa voor mij persoonlijk?”

COLONNE DOODSKISTEN

De schrijver staart zich al weken suf op de kaart van de Johns Hopkins Universiteit die de wereldwijde besmettingen toont. Daarop zie je de landen, met daartussen ook de afzonderlijke staten van Amerika. Misschien deed dat hem inzien dat er gek genoeg geen grafiek van Europa bestaat. Verbolgen mailt hij: “Niemand heeft eraan gedacht een Europese grafiek met besmettingen te maken!”

-Waarom niet?

“Was het zo moeilijk? We hebben er gewoon niet aan gedacht. Misschien voelen we ons wel helemaal niet Europees. De enige manier waarop we over Europa hebben gedacht, was met betrekking tot de economie, tot restricties, en: eurobonds of geen eurobonds? Het ging niet over symbolen. Er is niet het gevoel dat het lijdende noorden van Italië een deel is van óns Europese territorium.”

“Ik denk dat we al gezakt zijn voor de test of we Europeanen zijn en ons Europeanen voelen. Dat is waar het om gaat: ons Europeaan voelen.”

Dit is het einde van Europa?

“Dit kan echt het einde van Europa betekenen. Het einde van Europa komt op het moment dat een pandemie ons toont dat we veel meer samenwerking behoeven. Het zou een onverteerbare mislukking zijn. Een ramp.”

“Het virus maakt geen onderscheid tussen nationaliteiten. De economische catastrofe die hier direct op gaat volgen, zal dezelfde kenmerken hebben als de pandemie. We zitten in hetzelfde schuitje en we moeten die gemeenschappelijkheid gestalte zien te geven.”

Waarom leren we niet van elkaar?

“Ik weet het niet. Ik begrijp wel dat we moeite hadden ons voor te stellen dat het virus naar Europa zou komen, toen het nog in China was. China is zo ver verwijderd van onze emotionele levenssfeer. Maar wanneer iets in Italië gebeurt en vrienden in Duitsland en Nederland blijven doen alsof het daar zomaar kan worden gestopt, dan betekent dit dat de abstracte grenzen tussen landen veel dieper in onze hoofden zijn gekerfd dan we dachten. Dit is een wereldwijd probleem: het kent geen grenzen. Verdeeldheid in de wereld leidt tot problemen, maar wij zijn erg langzaam van begrip.”

Wanneer raakte u écht gealarmeerd?

“Ik woon in Rome. Eerst hoorde je dat er iets aan de hand was in het hoge noorden, in dorpjes in Lombardije. Toen was het in Milaan. Toen werd het: iemand die je kent, kent iemand die ziek is geworden. Vervolgens een bekend iemand op tv. Toen de mensen die je echt kende. Nu heeft iedereen wel een naaste die erg ziek is of dood. Waarschijnlijk is de intelligente lockdown op dit moment een goeie keuze, maar er kan over twee maanden een nieuwe uitbraak komen en dan moet je de strategie weer compleet veranderen.”

Hoe verliep de bewustwording in Italië?

“Misschien wel de sterkste uitwerking had een video van een colonne vrachtwagens met doodskisten die ’s nachts door het leger uit Bergamo werden gehaald, omdat er te veel doden waren. Dat waren de paar seconden beeldmateriaal die nodig bleken om ons te doen inzien dat dit echt aan het gebeuren was. Voor ons is Bergamo ons land, we zijn er geweest. Maar kennelijk zijn wij Europeanen in onze ziel nog steeds zo gescheiden dat die beelden, toen ze in de rest van Europa werden getoond, niet dezelfde impact hadden. Toch is dat slechts een beperking van onze verbeeldingskracht.”

Aan het einde van het pamflet vond ik niet veel reden tot optimisme, of handvatten voor na de crisis.

“Ik ben niet zo goed met optimisme. Ik weet niet echt wat het is. Ik probeer de mechanismen van de epidemie uit te pluizen. Ik weet wel zeker dat we ons kunnen aanpassen aan wat dan ook. Dat is iets geweldigs van de menselijke soort. Bijna als virussen kunnen we ons aanpassen.”

ALLEEN MAAR LAWAAI

Kunt u thuis schrijven?

“Ik leer nieuwe strategieën. Normaal ga ik ver weg als ik een roman schrijf. Maar nu kan dat dus niet.”

En?

“Koptelefoon! Heel hard. Liefst alleen maar lawaai. En liefst 's nachts. Als de anderen slapen, voel ik me geïsoleerd.”

En anders schrijft u ‘ver weg’?

“Ja, bijvoorbeeld in Parijs. Dan schrijf ik in drie weken een eerste versie. Het maakt het wat makkelijker, want ik ben niet te genieten als ik schrijf. Ik schrijf in een soort noodtoestand. Alle gewone zorgen en noden en kleine frustraties zijn weggevaagd, ik schrijf alleen maar.”

Wie leest het manuscript als eerste?

“Mijn vrouw. Zij leest zo om de tien pagina’s mee.”

En dan? Grote ruzie?

“Ja! Dat is ook de reden waarom ik wegga om te schrijven. Dan kunnen we ruziën aan de telefoon en hebben we allebei nog iets aan de rest van de dag. Als je midden in een ruzie zit en dan samen moet eten en naar bed gaan, kan het hachelijk worden.”

Overal wordt nu gereflecteerd op wat echt belangrijk is in de samenleving - zelf schreef u dit pamflet. Ziet u al dat herbezinnen straks tot resultaten leiden?

“Ik geloof niet dat een crisis mensen op individueel niveau beter kan maken. Ik geloof wel in het stellen van de juiste vragen, vooral over milieu en sociale gelijkheid. Deze pandemie toont ons een röntgenfoto van onze beschaving. Laten we proberen die zo nauwkeurig mogelijk te beschrijven en begrijpen.”

U schreef dat u bang was dat er niks verandert, hoe staat het met die angst nu we in Europa het hoogtepunt passeren?

“Er zullen veranderingen komen. Hoe goed en betekenisvol, dat hangt ervan af hoelang de crisis nog duurt - en dat zal niet kort zijn. Onze houding van nu bepaalt alles.”

Paolo Giordano, ‘In tijden van besmetting’, Standaard Uitgeverij

© HUMO

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234