Woensdag 02/12/2020

'We willen gewaardeerd worden op onze capaciteiten'

Vereniging voor Belgische Politievrouwen ijvert voor oprichting gelijke-kansencel

Gwen Merckx (26) had eigenlijk dokter willen worden. Een kennis raadde haar aan om bij de rijkswacht te gaan. Het resultaat is volgens de luitenant uiteindelijk hetzelfde. 'Ik heb nu ook zes jaar moeten studeren om er te geraken.' Was de juriste destijds de enige vrouw in het clubje dat promoveerde tot officier, tegenwoordig is ze omringd door een dertigtal seksegenoten met dezelfde graad. Naast recruteringsverantwoordelijke is Merckx voorzitster van de Vereniging voor Belgische Politievrouwen. Die telt ongeveer vierhonderd leden, onder wie ook collega's van de gemeentelijke en de gerechtelijke politie, en ze bestaat vijf jaar.

Een derde van onze leden zijn mannen," stelt Gwen Merckx nadrukkelijk. "Ze willen op de hoogte blijven van de ontwikkelingen." De oneerbiedige benaming 'vrouwenclubje' gaat volgens haar dus niet op voor de Vereniging voor Belgische Politievrouwen. Die wenst zich bovendien niet af te zetten tegen de collega's van het andere geslacht. Wat de bedoeling dan wel is? "Vooral informatie en ervaringen uitwisselen," verduidelijkt Merckx. De luitenant herinnert zich hoe ze begin jaren negentig als enige vrouw promoveerde tot officier. Ze wist niet hoe zich te gedragen. Er was niemand van hetzelfde geslacht waaraan ze zich kon spiegelen. Pas jaren later kreeg de twintiger de gelegenheid om met seksegenoten te praten over specifiek vrouwelijke zaken. "Niettemin vinden veel vrouwelijke rijkswachters de vereniging overbodig. Ze komen binnen op vrij jonge leeftijd en staan niet open voor zulke zaken. 'We hebben gekozen voor een job met een mannencultuur en moeten sterk zijn', denken ze. Ik dacht destijds hetzelfde."

De rijkswacht telt volgens Merckx ongeveer drie procent vrouwen. Te weinig vindt ze. Hetzelfde geldt volgens haar voor de gemeentelijke en gerechtelijke politie, waar seksegenoten respectievelijk twaalf en vijf procent uitmaken van het geheel. "Een stijging van het aantal vrouwen komt de integratie ten goede," meent de recruteringsverantwoordelijke. Ze baseert zich op wat ze noemt de 'oxo-theorie'. Daarin vertegenwoordigen mannen de o's en vrouwen de x'en. "X'en zijn nu in de minderheid en steken fel af tegen de o's. Door die zichtbaarheid hebben ze het gevoel dat ze geen fouten mogen maken en beter moeten presteren dan de rest. Naarmate er meer x'en komen, gaan ze op in de massa en worden ze minder zichtbaar." Al kleven aan de minderheidspositie veel nadelen, ze heeft volgens Merckx ook een voordeel. "Wanneer je als x'je iets goed doet, valt dit ook onmiddellijk op."

Meer vrouwen maakt het contrast binnen het korps ook minder groot. Al zijn er volgens de luitenant honderden zaken die mannen en vrouwen even goed kunnen, toch komt het fysieke altijd naar voren. "Steevast wordt gevraagd wat je doet bij tussenkomst in een café waar wordt gevochten en ze een barkruk naar je hoofd gooien. Onze ervaring is dat het niet aankomt op kracht. Een vrouw blijkt in zulke gevallen zelfs beter over te komen. Haar aanwezigheid bedaart de gemoederen vaak." Uitbreiding van het aantal vrouwen bij de politie bevordert volgens de juriste ook de assimilatie. "Veel mannelijke collega's vervallen in stereotiepen. Zo zou een politievrouw die zwanger is automatisch een bureaujob willen. Nochtans werkt tachtig procent van de vrouwelijke rijkswachters bij de operationele diensten. Wanneer een vrouw het ergens niet mee eens is of haar mening zegt, krijgt ze steevast dezelfde dooddoener naar het hoofd geslingerd: ze zal wel haar regels hebben."

Buiten het aantrekken van meer politievrouwen zet de vereniging zich ook in voor het creëren van gelijke kansen tijdens de loopbaan. De gemeentepolitie is wat dat betreft het verst gevorderd, stelt Merckx vast. "Van de 584 korpsen worden er 15 geleid door een vrouw." Bij de rijkswacht is de hoogst haalbare graad voor het zogezegd zwakke geslacht thans luitenant. De leiding van brigades en districten berust volledig bij mannen. Hetzelfde geldt voor de leden van de generale staf. Het krijgen van gelijke kansen hangt volgens Merckx samen met de selectie. "In de selectiecommissies zitten momenteel alleen mannen."

Naar het voorbeeld van de Scandinavische landen pleit de vereniging voor de oprichting van een gelijke-kansencel bij elk politiekorps. Zij moet de beleidsmakers volgens Merckx adviseren. "Zowel over de loopbaanmogelijkheden voor vrouwen als over die voor mannen, homo's, hetero's, allochtonen en autochtonen."

Al vindt de vereniging dat politievrouwen meer kansen moeten krijgen, dit mag volgens haar niet leiden tot positieve discriminatie, zoals in Nederland. Bij twee gelijke kandidaten van verschillend geslacht krijgt de vrouw daar voorrang. "We willen positieve actie. Vrouwen moeten over de barrière van de selectiecommissies worden geholpen. Voorwaarde is wel dat dit gebeurt op een eerlijke manier. We willen gewaardeerd worden op onze capaciteiten."

Krijgen politievrouwen tijdens hun loopbaan minder kansen dan mannen, bij de aanwerving wordt er niet langer gediscrimineerd. Merckx onderzocht met collega Muriël van Schel de situatie bij de drie politiediensten. De resultaten verschenen eind vorig jaar in 'Vigiles', het tijdschrift voor politierecht. De onderzoeksters stelden vast dat er sinds 1978 voor het zogezegd zwakke geslacht geen wettelijke belemmering meer bestaat om te kiezen voor de politiediensten. "Toch behoort België binnen Europa tot de groep landen met het kleinste aantal politievrouwen: zes procent van het totaal."

Terwijl de wettelijke regeling voor politievrouwen bij de gemeentepolitie een wirwar is van teksten, gespreid over de nieuwe gemeentewet, de wet op het politieambt en ministeriële omzendbrieven, is die situatie bij de rijkswacht beter. De basisregeling ligt er besloten in twee korpswetten, uit 1957 en uit 1973. De eerste bepaalde dat de rijkswacht tegen 31 december 1998 minimaal 40 vrouwelijke officieren moest tellen en 600 vrouwelijke rijkswachters met een lagere graad. Volgens Merckx werden die aantallen niet gehaald. "Op 1 oktober waren er 20 officieren, 21 kandidaat-officieren, 380 onderofficieren en 155 kandidaat-onderofficieren. In totaal telde het korps 576 vrouwen." De recruteringsverantwoordelijke schat dat de streefcijfers pas eind dit jaar bereikt zullen zijn. Dan komt een nieuwe lichting vrouwen van de rijkswachtschool.

Bij de gerechtelijke politie kent de wet van 1919 aan vrouwen dezelfde rechten toe als mannen. Ze bepaalt dat vrouwelijke gerechtelijke officieren en agenten in het bijzonder belast zijn met de opsporing van zedenmisdrijven waarvan vrouwen of kinderen het slachtoffer werden.

De politiediensten maken alle drie een onderscheid naar lengte bij de aanwerving van mannen en vrouwen. De gemeentepolitie hanteert het criterium volgens Merckx en Van Schel als een "verborgen discriminatiemiddel". Al bepaalt een koninklijk besluit dat vrouwelijke politieagenten minstens 1,63 meter groot moeten zijn, gemeentebesturen mogen de lat hoger leggen als ze dat willen. Merckx legt uit dat de kwestie begin maart ter sprake kwam in de Senaat. De commissie-Binnenlandse Zaken hoorde er toen de Vereniging voor Belgische Politievrouwen. Tijdens de hoorzittingen werd gesproken over nieuwe recruteringsvoorschriften en het afvoeren van de eis inzake de minimumlengte. De dreigende afschaffing stuitte volgens Merckx op groot verzet van de politiediensten. "Dan gaan we allemaal dwergjes krijgen", klonk het. Een argument dat volgens de luitenant geen steek houdt. "Kleine mensen blijken sowieso niet aangetrokken tot de job," weet ze uit ervaring.

De politiediensten leggen bij de aanwerving ook sterk de nadruk op de fysieke aspecten van de job. Merckx en Van Schel stelden vast dat dit vooral het geval is bij de gemeentepolitie. Die beoordeelt vrouwen na kritiek en een omzendbrief van 1997 bij de lichamelijke proeven al anders dan mannen. Toch blijven de tests verplicht voor iedereen. Fout, vindt Merckx. "Het zijn momentopnames. Eenmaal in dienst wordt de conditie nooit meer getest." Bij de gerechtelijke politie worden vrouwen inmiddels ook anders beoordeeld op hun fysieke kunnen. De rijkswacht verving de lichamelijke selectieproeven door een potentialiteitstest. Die is sekseneutraal en meet de conditie van de kandidaat. Zo wordt nagegaan of hij of zij de verplichte proeven kan afleggen binnen de opleiding, na een training van zes maanden. Het resultaat mag er zijn, volgens de recruteringsverantwoordelijke. "Vrouwen worden niet beduidend méér afgekeurd dan mannen."

Voor de arbeidsomstandigheden baseren rijkswacht en gemeentelijke en gerechtelijke politie zich op de algemene regeling van de arbeidswet. Een politievrouw die in verwachting raakt, vraagt aan haar arts een getuigschrift van de staat van zwangerschap met de vermoedelijke bevallingsdatum erop. Dit moet worden afgegeven aan de korpschef. Hij ziet erop toe dat de moeder in spe niet onnodig wordt blootgesteld aan risico's. Indien nodig worden haar werkomstandigheden aangepast. Bij de rijkswacht en gemeentepolitie mogen zwangere vrouwen geen nachtarbeid verrichten (tussen 20 uur en 6 uur) en evenmin supplementaire uren of ordediensttaken. In de praktijk komt het erop neer dat ze kantoordienst krijgen. Hetzelfde gebeurt met vrouwen die hun kind borstvoeding geven.

De rijkswachtvrouwen stelden vast dat gemeenten ook onbeperkte bevoegdheden hebben inzake het toekennen van loopbaanonderbreking aan hun personeel. Gemeenteraden kunnen dit doen, maar zijn er niet toe verplicht. Volgens de onderzoeksters worden bepaalde categorieën, onder wie politiemensen, stelselmatig uitgesloten. Bij rijkswacht en gerechtelijke politie is loopbaanonderbreking sowieso niet mogelijk.

Luitenant Merckx legt uit dat iemand die er tijdelijk uitstapt, moet worden vervangen door een uitkeringsgerechtigde werkloze. Dat is bij de drie politiediensten onmogelijk, wegens het speciale karakter van de job en van de opleiding. "Het alternatief is ze niet vervangen maar dat gaat ten koste van de operationaliteit." Wat wél kan, volgens de rijkswachtster, is vertrekken zonder wedde. In dat geval kun je in haar ogen niet meer spreken van loopbaanonderbreking.

Deeltijds werken blijkt al evenmin te bestaan. Bij de gemeentepolitie zijn het opnieuw de gemeenteraden die hierover beslissen. Al hebben ze de mogelijkheid, toch benutten ze die zelden. Bij de gerechtelijke politie bestaat de gelegenheid überhaupt niet. Binnen de rijkswacht kan alleen het administratief personeel deeltijds werken. Politiepersoneel kan om dringende redenen maximaal 45 dagen per jaar verlof nemen voor de opvang van kinderen. Dit komt neer op een zogeheten viervijfdebaan. Zulk verlof is onbetaald maar wordt wel gelijkgesteld met een periode van werkelijke dienst.

Merckx is van mening dat deeltijds werk zonder problemen ingevoerd kan worden. "Het enige dat er moet gebeuren is een mentaliteitsverandering. Iemand die goed in zijn vel zit werkt beter. Dit komt de dienstverlening ten goede." Politiemensen die zich slecht voelen en behoefte hebben aan een adempauze moeten daar zonder meer de mogelijkheid toe krijgen, ongeacht het geslacht en de oorzaak, meent de luitenant. Ze verwijst naar Nederland, waar halftijds werken bij de politie heel normaal is. "Op die manier zal ook het absenteïsme dalen." Nadeel blijft wel dat er voor dezelfde functie twee mensen opgeleid moeten worden.

Merckx en Van Schel onderzochten voor de drie politiediensten ook de kledingvoorschriften. Ze blijken te worden bepaald door koning Albert. Hij vaardigde in 1995 een besluit uit met regels inzake de uniformen voor de gemeentepolitie. Daarin maakt hij een onderscheid tussen mannen en vrouwen. Die laatsten beschikken over verschillende tenues. Ze mogen bij speciale gelegenheden verschijnen in (broek)rok.

Voor de rijkswacht ligt de situatie volgens Merckx anders. Al zegt de wet van 1973 betreffende het statuut voor operationeel personeel dat de koning het uniform bepaalt, toch vaardigde deze tot op heden geen besluit uit. In afwachting daarvan geldt de 'onderrichting betreffende het dragen van tenues'. Vrouwelijke rijkswachters kunnen kiezen uit verschillende soorten uniformen. Een nota uit 1996 voorziet bovendien in de aanpassing van bepaalde 'uitrustingsstukken' aan de wensen van de gendarmettes. Zo werd volgens de luitenant de rok moderner en modieuzer. De overhemden kregen eveneens een restyling. Het dragen van pennen in de borstzak was volgens Merckx een probleem."Ze slingerden alle kanten op door de vrouwelijke rondingen. Nu hebben we horizontale gleufjes, net boven de borsten, waarin ze kunnen worden opgeborgen."

De vrouwelijke rijkswachters kregen onlangs ook andere holsters voor hun dienstwapen. "Ons bekken bleek niet geschikt voor het dragen van een wapen. Nu wordt het opgeborgen onder de kledij in een speciaal gemaakte holster. Veel mannelijke collega's zijn jaloers. Het is mooier dan dat van hen." Het galauniform is nog altijd wat het was: een wit hemd, blauwe rok en naaldhakken. Merckx kan er niet op lopen. Ook met de rest van het tenue heeft ze problemen. "Het is niet praktisch." Hetzelfde geldt volgens haar voor de broeken voor de ordediensttaken. "Voor vrouwen is het niet aangenaam ze te moeten dragen." Hoe het uniform voor de eengemaakte politie er uit gaat zien, moet blijken. De luitenant hoopt dat de commissie-De Witte de vrouwen ook daar niet vergeet.

De houding inzake ongewenst seksueel gedrag blijkt voor de gemeentelijke en gerechtelijke politie te verschillen volgens gemeente en korps. Bij eerstgenoemde zijn er soms vertrouwenspersonen, bij de tweede gewoon niet. De rijkswacht telt er volgens de recruteringsverantwoordelijke ongeveer honderdzeventig. "Ze zijn er voor iedereen binnen het korps: van de kuisvrouwen tot de medische dienst." De aanstelling van de menselijke praatpalen vloeide twee jaar geleden voort uit een beleidsnota over ongewenst seksueel gedrag. Dat neemt volgens Merckx toe naarmate er meer vrouwen in dienst treden. Ze baseert zich op ervaringen van buitenlandse politiediensten. "Ongewenst intiem gedrag neemt pas serieuze vormen aan als vrouwen tien procent of meer uitmaken van het voltallige personeel."

De rijkswachtnota leidde ook tot de oprichting, bij de personeelsdienst, van een meldpunt voor vrouwen. Ze kunnen er terecht met alle problemen die betrekking hebben op hun integratie. De dienst kan zelf tussenkomen of de zaak doorspelen aan een vertrouwenscommissie waarin minstens twee vrouwen zetelen. De luitenant merkt op dat de Vereniging voor Politievrouwen op dit punt ook een belangrijke rol speelt. "Vrouwen doen bij ons makkelijker hun verhaal omdat ze de club beschouwen als een onafhankelijk orgaan."

Caspar Naber Gwen Merckx: 'Een derde van onze leden is man' (Foto Kristien Buysse)

'Wanneer een vrouw het ergens niet mee eens is of haar mening zegt, krijgt ze steevast dezelfde dooddoener naar het hoofd geslingerd: ze zal haar regels wel hebben' 'Ons bekken bleek niet geschikt voor het dragen van een wapen. Nu wordt het opgeborgen onder de kledij in een speciaal gemaakte holster. Veel mannelijke collega's zijn jaloers. Het is mooier dan dat van hen'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234