Vrijdag 14/05/2021

'We spelen geen songs maar ideeën,

Tindersticks vindt tweede adem op nieuwe cd

net zoals de Rolling Stones dat deden'

De ene wou filmmuziek schrijven, de andere was een solocarrière begonnen, een derde had er gewoon geen zin meer in. Waiting for the Moon (2003) leek lange tijd de zwanenzang van Tindersticks te zullen worden. Gelukkig kruipen melancholie, zwarte humor en een knokkersmentaliteit waar ze niet gaan kunnen.

DOOR KURT BLONDEEL

BRUSSEL l De reden waarom we met zanger Stuart Staples en toetsenist David Boulter aan tafel mogen gaan zitten, heet The Hungry Saw. De zevende reguliere Tindersticksplaat is dat, zij het de eerste die niet in de oorspronkelijke zesmansbezetting is opgenomen. Naast eerdergenoemde heerschappen is enkel gitarist Neil Fraser overgebleven.

Terwijl Staples zich de afgelopen jaren terugtrok om onder eigen naam de platen Lucky Dog Recordings 03-04 (2005) en Leaving Songs (2006) te maken, en hij zich samen met Boulter ook nog op de kinderliedjesplaat Songs for the Young at Heart concentreerde, vond Tindersticks echter al zijn tweede adem. "Na Waiting for the Moon moest ik naar mezelf op zoek", legt de zanger uit. "Die drie platen hebben me daarbij geholpen. Door samen met Dave mijn ideeën uit te werken en die tweede soloplaat live te spelen met een bassist en een drummer erbij, groeide de opwinding alsmaar. Er ontstond een groove, een band, iets wat zich op een gegeven moment aan ons opdrong."

Wat is er met Tindersticks gebeurd na Waiting for the Moon?

Stuart Staples: "We dachten dat we een spontane plaat hadden gemaakt, maar uiteindelijk bleek ze te beredeneerd, te complex, waardoor het ene deel het andere vaak ophief. Na vijftien jaar hadden we allemaal een vaste rol, en die bepaalde ons doen en laten. Daarom wilden we ditmaal iets van het moment maken, speelsheid toelaten."

The Hungry Saw klinkt inderdaad wel heel erg losjes. In 'Mother Dear' zit een gitaar die meer klinkt alsof iemand erover struikelt dan dat iemand erop speelt.

Staples: "(enthousiast) Dát is nu wat ik begon te missen na twee soloplaten: het bandgevoel, iemand die met een riff aan de haal gaat, die helemaal vertimmerd in de groep gooit, en dat er zo een conversatie ontstaat waarbij de ideeën heen en weer stuiteren. Live klinken we nu ook een stuk fragieler en dat juich ik toe. Als we niet gefocust zijn, spelen we geen songs, maar vage ideeën. Zoals de Rolling Stones, inderdaad. (lacht)"

Dankzij 'The Flicker of a Little Girl' en 'All the Love' besefte ik dat ik al lang niet meer naar Tim Hardin heb geluisterd. Zijn jullie fan?

Staples: "Ik in elk geval wel. In zekere zin kijkt Tim Hardin altijd over mijn schouder als ik een song aan het schrijven ben. Hij was een meester in het bedenken van losse zinnetjes waar eigenlijk een heel verhaal achter zat, terwijl zijn muziek de eenvoud zelf was. Ik heb altijd al zulke songs willen schrijven en met 'All the Love' denk ik te mogen zeggen dat het me eens gelukt is."

Toch kan ik me niet van de indruk ontdoen dat de drie instrumentale nummers de steunpilaren van de plaat vormen.

David Boulter: "Kan kloppen. Ze fungeren als pauze of als introductie, en doen de andere nummers als het ware oplichten."

Staples: "Na Leaving Songs kreeg ik de indruk dat er leukere dingen zijn dan mijn stem 45 minuten lang te moeten aanhoren. Vandaar dat we zelfs songs die veel beter in elkaar zaten van de plaat hebben geschrapt."

Stuart, de hele plaat is bij jou thuis in Frankrijk geschreven, opgenomen en gemixt. Waarom ben je eigenlijk verhuisd?

Staples: "Omdat we ruimte nodig hadden die we in Londen niet kregen. Mijn vrouw, die schilderes is, begon ook steeds grotere doeken te maken, alsof ze daarmee de muren achteruit wou duwen. Aangezien het Engelse platteland ons de saaiste en onavontuurlijkste optie leek, is het Limousin geworden, een groot, donker gat in het centrum van Frankrijk dat zelfs de Fransen mijden als de pest. (lacht) Maar goed, je krijgt er je hoofd veel sneller helder."

Je bent op je zestiende het huis uitgetrokken. Wat was het grote plan?

Staples: "Dat had ik niet. Ik wou gewoon mijn eigen leven leiden. Niet omdat ik niet overweg kon met mijn ouders, maar vooral omdat ik de school kotsbeu was. Dus betrok ik een kamer en nam ik baantjes aan. Net als David, nietwaar?"

Boulter: "Ja, op mijn zeventiende ben ik bij een Aziatisch gezin met vier kinderen gaan wonen, op de zolder. (grinnikt) Ik at hele dagen curry's en was er compleet van overtuigd dat ik op dat moment in mijn leven daar wilde zijn. School zou me toch geen extra kansen meer hebben geboden, want er waren geen goeie jobs, je kon bij niemand in de leer en de mijnen liepen op hun laatste benen."

Mijnen?

Boulter: "De steenkoolmijnen van onze geboortestreek Nottinghamshire. Goedbetaald werk, maar mij hadden ze daar niet ingekregen. Op mijn vijftiende was de punk net voorbijgekomen en was ik aan muziek verslingerd geraakt. Elke zaterdagnamiddag verzamelden we met vrienden in het kerkportaal om kabaal te maken. Ik moest gewoon een baantje hebben om daarna ook nog naar de pub te kunnen afzakken. Dat was alles waarin ik geïnteresseerd was. Een toekomst had ik hoegenaamd niet voor ogen."

En ik die dacht dat jullie allemaal literatuur, kunst of muziek gestudeerd hadden. Nu blijkt Tindersticks een working class band te zijn.

Staples: "(schatert) Veel gewerkt hebben we wel niet, hoor. Maar goed, je mag dat zeggen. Al beschouw ik Oasis als de laatste échte working class band. Ik zeg niet dat jonge groepen tegenwoordig niets te zeggen hebben, maar ze hebben wel al vanaf dag één een dure versterker en gitaar. Ouders willen hun kinderen niet langer muziek uit het hoofd praten, neen, ze gaan mee de manager en de boekingsagent zoeken. (lacht) Dan stammen wij toch uit een ander tijdperk: een waarin je moest vechten om je ding gedaan te krijgen."

The Hungry Saw verschijnt op 29 april bij Beggars Banquet. Concert op 2 mei, Koninklijk Circus, Brussel.

Zanger Stuart Staples:

Er zijn leukere dingen dan 45 minuten naar mijn stem te moeten luisteren

n Stuart Staples: 'Veel gewerkt hebben we wel niet, maar je mag Tindersticks gerust een working class band noemen.'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234