Zaterdag 15/08/2020

‘We schrijven Tom Boonen niet af’

Dimitri Verhulst komt met de fiets. Zeventien kilometer heen, en na het interview zeventien kilometer terug. In Hoei kan de temperatuur niet kiezen tussen vriezen en dooien, maar op de schrijver krijgt de kou geen vat. Daarvoor zorgen: een helm en daaronder een gebreide muts, een regen- en winddicht vest en daaronder een fraaie wollen trui met Campagnolo-opschrift, een regenbroek, daaronder een hemelsblauwe lange wollen koersbroek van zijn schoonvader, en last but not least, een panty van zijn vrouw. “Ik hoop dat ik straks niet in de spoedopname beland. Daar gaan ze zich een ongeluk lachen.”

Koers loopt Dimitri Verhulst door de aderen. Lucien Van Impe woonde op drie kilometer, één keer per maand reed hij voorbij het café van zijn moeder. Maar een wielrenner ligt in Dimitri Verhulst niet bestorven. “Ik ben niet gemaakt om te winnen.” Een verlichte wieleramateur mag hij zich wel graag noemen. Op zaterdag 2 april 2011 rijdt hij de Ronde van Vlaanderen en in maart 2012 waagt hij zich aan Milaan-Sanremo. “Met een simpele Colnago van 1.700 euro. De wielertoeristen waar ik mee optrek vinden dat een velo uit de kauwgombak. Zelf vind ik dat veel geld. Daar moet ik veel gedichtjes voor schrijven.”

We zouden het over het wielerjaar 2010 hebben. Dimitri Verhulst begint met een voorspelling: “Thor Hushovd wint volgend jaar Parijs-Roubaix, in zijn trui van wereldkampioen. Hij gaat een Bernard Hinault’tje doen.” Verder wint Gert Steegmans in 2011 Parijs-Tours en wordt hij twee weken later in Kopenhagen ook wereldkampioen. Maar eerst rewind naar eind 2010, want Gert Steegmans keert terug naar zijn vertrouwde stal en gaat weer voor QuickStep fietsen.

“Steegmans stond er dit jaar. Alleen hebben weinig mensen dat gezien. In Qatar had hij de allereerste overwinning voor RadioShack moeten binnenrijven. Hij werd een paar keer tweede en een paar keer derde. Wat fantastisch is, want hij had driekwart jaar stilgelegen. En dan komt hij in Parijs-Nice en wordt hij met een vol tijdritwiel gepakt door de wind. Hij is een meter in de lucht gevlogen en dab neergesmakt. Verschrikkelijk. Voilà, daar gaat het seizoen. Parijs-Tours had hij kunnen winnen. Moeten winnen. Ik zag het hem beseffen een meter voorbij de meet, dat hij bijna een klassieker gewonnen had. Ik vind dat Steegmans er staat.”

Waarom won hij niet?

“Nu ga ik RadioShack een verwijt maken. Steegmans wint zijn grootste koersen door te vroeg te vertrekken. De Touretappe in Gent. De sprint op de Champs-Elysées. Bij RadioShack zeggen ze dat hij de sprint moet afwachten. Maar zo’n type sprinter is hij niet.”

Zal hij bij zijn nieuwe ploeg beter af zijn?

“Ik geloof dat 2011 een Steegmans-jaar kan worden. Hij is hongerig, die gast. Echt waar, Gert is een winnaar. Dat hij niet wint, daar ziet hij zelf ook van af.

Volgend jaar moet hij voor Tom Boonen knechten...

“Steegmans doet dat graag. Bovendien zijn ze landgenoten in Monaco. Boonen is ook niet meer de sprinter van vijf, zes jaar geleden.”

Voor Boonen was het ook een ongelukkig jaar.

“We schrijven Boonen niet af. In 2010 botste hij op Cancellara, die al jaren droomde van de Ronde van Vlaanderen. Als ik Boonen was, dan zou ik in het licht van de geschiedenis mijn training iets vroeger beginnen en alles op Milaan-Sanremo zetten. Dat hoort op zijn palmares. En de erelijst van Milaan-Sanremo verdient een Tom Boonen.”

Maar dan botst Boonen op Oscar Freire.

“Freire is een schitterende denker op de fiets. Nu gaat Eddy Merckx mij tegenspreken, maar Boonen heeft een tikkeltje geluk nodig om Milaan-Sanremo te winnen. In 2010 is hij op zijn waarde geklopt.”

Kiest Boonen niet beter voor de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix?

“Ik weet niet of Boonen in 2011 Parijs-Roubaix wint. Dé man wordt Thor Hushovd. Zoals hij in de Tour over de kasseien reed, met zo veel feeling, en hoe groot die kan stampen. Hushovd is een beer op een fiets met de ideale tred voor de kassei. Ik ga soms op kasseien rijden om te voelen dat ik hersenen heb. Ik voel dat, ik rammel helemaal dooreen. Boonen, daar rammelt ook wat aan. Maar die Hushovd...”

Heeft Boonen dit jaar niet de uitgelezen kans gemist om naast Roger De Vlaeminck te komen als viervoudig winnaar van Parijs-Roubaix?

“Door Cancellara te worden geklopt, daar teken ik voor. Cancellara is een überprof. Het doet me pijn dat een studentikoze grap op YouTube met dat zogenaamde motortje in zijn fiets zo’n proporties heeft aangenomen. De legende is gemaakt. Als we over dertig jaar over Cancellara spreken, zullen we hem ons herinneren als die man die op een brommertje reed. Gelukkig heeft Cancellara zijn beperkingen, was het vat af na Parijs-Roubaix.”

Bij Tom Boonen ook.

“Ja, maar niet bij Philippe Gilbert. Die staat er in het begin van het jaar, in de zomer en op het einde van het jaar staat hij er nog steeds. Bizar trouwens: onze Belgische winnaars van klassieke koersen, dat waren allemaal Walen. Sébastien Rosseler in de Brabantse Pijl en Philippe Gilbert in de Gold Race. Is dat ooit al gebeurd?”

Daar worden ze hier in Wallonië vast gek van.

“Koers leeft hier veel minder dan in Vlaanderen. Dit is rallygebied. In die straat daar start de Rally van de Condroz. Dan maak je hier mee wat je in Vlaanderen met de Ronde meemaakt. Mensen zitten ’s nachts in bermen naar voorbijrazende auto’s te kijken. Voor de Waalse Pijl nemen ze ook wel vakantie. Maar dat is de vierkantswortel van wat de Ronde van Vlaanderen op de been brengt.”

“Zelf sta ik dan boven op de Muur van Hoei. De dag ervoor ga ik ook altijd zelf het parcours rijden. Dat vind ik fantastisch, door Contador te worden gepasseerd. Ik ben ooit door een vrouw voorbijgestoken. Meteen zo’n gat, ik kon dat niet hebben. In mij ontwaakte de macho. Ik dacht, ik ga aanklampen, al zal ik de rest van de dag bloed pissen en overgeven. Ik ben nooit tot in haar wiel geraakt. De dag erna is ze vierde geworden in de Waalse Pijl.”

Achter Contador ben je niet gegaan.

“Neen, ben je gek? Contador moest het in de Waalse Pijl trouwens afleggen tegen Cadel Evans. Evans is voor mij de andere man van het jaar. Een buitengewone renner, een wacko. Hij heeft iets van Cancellara en Freire. Een überprof en een grote denker. Evans was in 2009 de grote verliezer op de Muur van Hoei. Maar dit jaar! In de 24 procentbocht gaat Contador er vandoor. Evans blijft zitten, Contador heeft onmiddellijk een ongelooflijke voorsprong. Na die bocht is het nog 400 meter tot de top. Zeer verraderlijk, want als je de bocht hebt genomen denk je dat je er bent. Evans heeft zijn nederlaag van 2009 geweldig goed geanalyseerd. Hij heeft gewacht tot 120 meter voor de streep, dan het groot blad opgezet en daar is hij hops voorbij Contador gereden. Een zeer schone overwinning in de regenboogtrui van de man die nooit kon winnen. In de Giro heeft hij ook de mooiste rit gewonnen, de modderetappe over het parcours van de Strade Bianche. Ik vind dat Evans één keer in zijn leven de Tour moet winnen. Maar misschien rekent hij te veel.”

Er wordt tegenwoordig veel minder gerekend dan in het verleden.

“Dat is de grote vooruitgang van 2010, dat de oortjes deels zijn afgeschaft. Koers is instinct. Kijk naar het WK, een koers zonder oortjes. En heel mooi.”

Het scheelde niet veel of het WK werd een koers tussen vijf onbekende renners. Omdat er geen oortjes waren, was hun voorsprong haast zo groot dat het hele peloton voor de eerste plaatselijke ronde uit koers dreigde te worden genomen.

“Indrukwekkend. Dat had ik wel willen meemaken. Een verhaal voor de grote wielergeschiedenis.”

Jouw favorieten zaten daar vast niet bij.

“Ik ben een geweldige fan van Gilbert, altijd geweest. Ik sta in bewondering. Maar als iemand anders wint en die heeft een schone koers gemaakt, dan mag dat van mij. Ik ben een geweldige koersliefhebber, in hart en nieren. Maar het supportershart is niet aan mij besteed.

“Gilbert heeft niet gewacht in Geelong. Ik zie dat graag. Ze zeggen dat hij een dom WK heeft gereden, maar het moet plezant zijn om dom te zijn. Als ze allemaal rekenen, wordt het een massasprint en ik hou daar niet van. Ik voel me vadsig na een koers die op een massasprint is geëindigd.”

Het WK is op een massasprint geëindigd. Of bijna.

“Ik ben ’s nachts wakker gebleven. Ik heb getwijfeld om naar Remouchamps te gaan, naar de tent met de fans van Gilbert, maar ik heb vrienden uitgenodigd, champagne gekocht, want we wisten dat Gilbert ging winnen. We hebben de hele nacht gekookt voor elkaar. En de laatste drie uur muisstil naar tv gekeken. Bij een wielerontbijt met pannenkoeken.”

Mark Cavendish die in tranen uitbarst na zijn eerste etappezege in de Tour van 2010, bekoort dat jou?

“Neen. Dat onbeschofte van Cavendish hoeft niet voor mij. Hij is niet de vriendelijkste jongen, foetert op zijn helpers, een trut in een gorillapak. Ik trap niet in zijn tranen. Cavendish is een geval uit de bijzondere jeugdzorg. Een treurige jeugd die hij niet heeft verwerkt en dan verongelijkt op zijn fiets gaan zitten. Goed dat hij wint, dat is weer een crimineel minder.”

Contador won dit jaar voor de derde keer de Tour, maar riskeert die zege te verliezen nadat hij op doping is betrapt.

“Ik vind dat doping uit het wielrennen moet. Het mooie aan sport is mensen met gebreken die tegen elkaar kampen, het ene gebrek dat tegen het andere koerst. Dat is menselijk, daarom zien we dat graag. De schoonheid van sport verdwijnt wanneer mensen die chemisch verbeterd zijn het tegen elkaar opnemen.”

Verandert dat jouw kijk op de Tour?

“Het potentieel was daar om een mooie Tour te hebben. Een Tour zoals met Vinokoerov in 2007: vallen, opstaan, vallen, opstaan. Ik was in die Tour, ik stond aan de bus van Vinokoerov. Knie en elleboog in het verband, prachtig. Zoals ik Floyd Landis in 2006 machtig vond. Alleen, het was vuil gespeeld. Het mooie eraan is dat het volk een goed geheugen heeft. Het heeft zich zodanig bedrogen gevoeld dat Vinokoerov in Luik-Bastenaken-Luik de laatste kilometer onder boegeroep heeft moeten afwerken. Ik vind dat Vinokoerov het volk haar woede moet gunnen. Die mensen hebben met hart en ziel in je geloofd. Dan is uitgefloten worden maar een lichte schuldaflossing. Zelf wil ik altijd geloven dat het proper gebeurt. Ik kan niet in het leven staan als een mens die zijn geloof in rechtvaardigheid is kwijtgespeeld. Dat zou mijn leven aanzienlijk verzwaren.”

In het wielrennen doen ze anders hard hun best.

“Dat weet ik. Ik heb het heel erg moeilijk met Lance Armstrong die een dopingcontroleur een halfuur buiten laat staan omdat hij een douche neemt. Gêne, dat kan niet meespelen. Elke renner moet zijn fluit tonen aan meneer doktoor. Maar op een halfuur kun je er veel pilletjes induwen die dopinggebruik maskeren. Dat dat straffeloos is kunnen gebeuren, vind ik pijnlijker dan mensen die met heel veel wetenschappelijk materiaal afkomen in een rechtszaak. Zo’n renner als Iljo Keisse, die kan ik niet verdacht vinden.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234