Vrijdag 27/01/2023

'We hebben niets geleerd van de holocaust'

De Nobelprijs literatuur 2002 gaat dit jaar naar de Hongaar Imre Kertész. De schrijver krijgt de prijs voor een oeuvre dat, aldus de jury, 'het kwetsbare individu tegenover het barbaarse arbitraire van de geschiedenis stelt'. In een interview dat in april van dit jaar werd afgenomen, spreekt de kersverse Nobelprijswinnaar, een overlever van Auschwitz en Buchenwald, zich uit over de groeiende haat in Europa. 'We leven in Europa in een vergelijkbare situatie als tijdens de opkomst van het nazisme.'

Boedapest

Van onze medewerker ter plaatse

Tijn Sadée

Drieënzeventig jaar en alles doorstaan: de nazi-kampen, het communistische regime in Hongarije en de ontgoocheling na de veelbelovende omwenteling. Als joodse schrijver werd hij lange tijd doodgezwegen in het Boedapestse literaire circuit, waar geen uitgever zich de vingers durfde te branden aan zijn taal. "De dag daarop overkwam mij iets vreemds", begint het derde hoofdstuk van Kertész' autobiografische roman Onbepaald door het lot uit 1975. 'Iets vreemds' is de opmaat naar de lotgevallen van de joodse jongen die op transport wordt gesteld naar Auschwitz. De opzettelijk naïeve verteltrant van de schrijver die de lezer meevoert naar schoorstenen en gaskamers, daar was men in het naoorlogse Hongarije nog lang niet aan toe. 'Iets vreemds'. De onschuldige woorden weerspiegelen het onbesproken schuldcomplex van Hongarije, dat in de nadagen van de oorlog álles wist maar weinig deed. Wat Kertész betreft, vullen we voor Hongarije een andere naam van een willekeurig ander Europees land in.

"Ook in West-Europa was men lange tijd niet bereid zichzelf te confronteren met het eigen verleden", zegt Kertész in zijn werkkamer in Boeda. Een statig flatgebouw waar in de ogenschijnlijk 'liberaal' communistische jaren onder partijleider Kádár de intellectuele elite was gehuisvest. György Konrád woonde tot voor kort bij hem om de hoek. Net als Konrád geniet Kertész vooral bekendheid in het buitenland sinds de publicatie van zijn romans Kaddisj voor een niet geboren kind, Onbepaald door het lot en Het fiasco. In eigen land moest hij tot zijn schrik bemerken dat sinds 1989 zijn jood-zijn weer volop aan de orde is. "Wat scheidt mij van de christelijke middenklasse?" schrijft Kertész in het in 1997 verschenen Ik, de ander. "Dat die het veel verschil vindt maken of minister-president graaf Pál Teleki, of de fascist Ferenc Szálasi zich antisemitisch heeft uitgelaten? Terwijl mij dit nagenoeg koud laat omdat voor mij alleen het eindresultaat telt: Auschwitz." Ik, de ander is het lucide, zwaarmoedige verhaal van een schrijver die de balans opmaakt. Wie is hij? En: wat rest er van die zogenaamde Europese cultuur? Kertész: "De op claustrofobie lijkende angst van West-Europa zal een nieuwe Adolf Hitler baren."

Toch huppelt de schrijver vrolijk door zijn appartement. U schrijft: 'Mijn ziel gelooft in iets wat mijn verstand moet loochenen.'

Imre Kertész: "Die zin vat mijn leven samen. Ik heb mijn leven grotendeels doorgebracht in verschillende vormen van dictatuur. De situaties waren altijd hopeloos en mijn verstand heeft me nooit verlaten. Maar als ik alleen mijn verstand had gehad was doorleven zinloos geweest, en had ik nooit een letter geschreven. Die andere helft, de ziel, zegt: het is niet hopeloos. Doorwerken! Eigenlijk heeft voor mij de wereld haar belangrijkste waarden verloren, maar voor mezelf heb ik de waarden nooit opgegeven."

Is die huiveringwekkende constatering de basis van uw schrijversschap?

"Die frustratie, over het krampachtige behoud van waarden, is een constante in de wereld. Maar ik heb altijd in een abnormale wereld geleefd en dan is die frustratie nog veel groter. In een abnormale wereld heb je zelfs niet de illusie dat er een uitweg bestaat."

U omschrijft de hel als een wereld vol politieke laagheid en samenzweringen. Hoe ziet die hel er na Auschwitz en na het einde van het communistisch regime uit?

"We leven in Europa in een vergelijkbare situatie als tijdens de opkomst van het nazisme. Ik ben bang dat we op weg zijn naar een nieuw soort nihilisme. Jarenlang hebben we elkaar in toespraken voorgehouden wat we kunnen leren van de holocaust. Het herdenken is een loos ritueel geworden. We hebben niets geleerd. Een scherp voorbeeld van hoe de democratie onder druk staat: in een liberale democratie laten we vanzelfsprekend immigranten toe, vervolgens gaan we de immigrant haten, bij de volgende verkiezingsronde stemmen we extreem-rechts en daarmee verkeert de democratie in een bedreigde situatie. Het is wat ik op dit moment overal in Europa zie gebeuren."

De Europese cultuur is nog slechts een toverwoord? Een magische formule?

"'Het golven van een gelaatloze massa in een museum dat nog altijd Europa wordt genoemd', zoals ik in Ik, de ander schrijf. Dat moedige streven naar het ontdekken van een onbekende wereld is men totaal vergeten. We zijn nu zogenaamd op weg naar een verenigd Europa, maar we missen de geestelijke kern van dat proces. Er is niets dat dat streven naar integratie inhoud geeft."

Die geestelijke noodzaak wordt niet gevoeld door de naoorlogse generatie. Omdat we de angst voor oorlog en vernietiging niet kennen?

"Natuurlijk is dat een argument. Europa moet meer inhouden dan slechts een economische onderneming. Dat men het niet weet, komt door een tekort aan historisch besef. Niemand weet meer hoe we tot het proces van Europese integratie zijn gekomen. De ketting is gebroken. Landen als België en Nederland hebben zich tijdens de Koude Oorlog nooit echt politiek verantwoordelijk hoeven te gedragen. Ze konden altijd rekenen op bescherming, ze hoefden nooit daadwerkelijk iets te doen. Aan die situatie is men gewend geraakt."

U noemt de Oost-Europese ziel een sadomasochistische, perverse ziel die lijdt aan een vadercomplex. Zou toetreding tot de EU in landen als Hongarije, Polen en Tsjechië het nationalisme wellicht temperen?

"Vurige nationalisten vormen een groter gevaar dan rechts-extremisten, zoals de Hongaarse politicus Istvan Csurka. Nationalisme betekent dat men het verleden niet heeft verwerkt. Nationalisme loopt voor de troepen uit, maar weg van de problemen. Een tendens die door bepaalde Europese politici wordt misbruikt. Er wordt gestemd op een vaderfiguur. Wij zijn hier altijd aan vaderfiguren gewend geweest. En het absurde is dat die 'vaders' massamoordenaars waren. Frans-Jozef, Horthy, Kádár. Brute vaders. Het is makkelijk om in het huis van je vader te leven die bij het avondeten zegt: zolang jullie mijn brood willen eten moet je je zus en zo gedragen. Daardoor is het gevoel van eigen verantwoordelijkheid nooit zo ontwikkeld geraakt als in West-Europa. Dat een land als Hongarije zich eerst verzoent met het verleden is, helaas, geen voorwaarde voor toetreding tot de EU. Maar ik pleit hoe dan ook sterk voor integratie."

Uw EU-optimisme contrasteert nogal met het ruwe politiek-sociale klimaat in Europa dat u beschrijft in Ik, de ander: 'Hun agressiviteit is niet meer dan dissimilatie en kan worden beschouwd als een teken van ernstige decadentie en gebrek aan levensenergie.'

"Ik schreef dat naar aanleiding van een groepje fascisten dat ik vanuit de tram door de stad zag gaan. Deze mensen zullen niet te gronde worden gericht door hun kortzichtige egocentrisme, dat elke aanpassing of vernieuwing onmogelijk maakt. Nee: ze zíjn al verloren. Wat ik nu om me heen zie, is het bewijs dat mijn angst, zoals ik die in Ik, de ander beschrijf, stevig is gefundeerd. We leven in een hel. Alles wijst erop dat we daar wonen. Sinds 1989 is Europa een andere richting ingeslagen. In Antwerpen scholden ze tijdens demonstraties joden uit voor Hitler. Het is shockerend omdat daaruit blijkt dat Europa niet langer de vitaliteit heeft. De vitaliteit om zichzelf te beschermen."

Verantwoordelijkheid en lot zijn thema's die uw oeuvre bepalen. Voelt u als Europees schrijver politieke verantwoordelijkheid?

"Zoals iedere schrijver schrijf ik telkens over hetzelfde onderwerp, maar telkens vanuit een ander perspectief. Voor mij is dat de holocaust. Ik werk aan een nieuwe roman. Het verhaal speelt zich af tijdens de omwenteling in Oost-Europa. Ik ben me bewust dat ik de jonge generatie op een andere manier moet aanspreken. Niet direct maar indirect: over de gevolgen van de holocaust. Ik vermoed overigens geen enkel effect, nooit, van mijn boeken. Een tijdlang heb ik gedacht dat Auschwitz de nulwaarde was. Van daaruit zou men vernieuwing gaan creëren. Vanuit nul in de praktijk weer iets opbouwen. In mijn essay 'Holocaust als cultuur' noem ik de holocaust een Waarde. Achteraf denk ik: ik was naïef, het is niet gebeurd. Wat er op de Balkan is gebeurd, liet zien dat we geen conclusies hebben getrokken. Afschuwelijk om te zien dat we jarenlang toekeken terwijl we wisten dat de Balkan het gevaarlijke onderlichaam van Europa was. De clash tussen christenen en moslims toont diezelfde hardleersheid."

Hardleersheid, door gebrek aan historisch besef: omdat jongeren weinig onder de indruk zijn van de waarschuwingen? Die zien een generatie boven zich die cynisch en vertwijfeld de eindjes aan elkaar probeert te knopen.

"Dat is een groot probleem. Het gevaarbewustzijn is niet doorgegeven. West-Europa is te lang te verwend geweest. Je permanent bewust zijn van gevaar is een goede stimulans want dan ben je bereid iets te doen. De westerse cultuur komt voort uit de oorlog tussen de Grieken en de Perzen. Een kleine macht besloot zich te beschermen tegen een grotere macht en dat resulteerde in democratie."

In plaats van gevaar lijkt angst meer en meer de raadgever van Europese leiders.

"De trend is dat gevestigde partijen bepaalde woorden niet meer durven te gebruiken. Dat geeft ruimte aan bepaalde figuren die dat oppakken en de woorden en fenomenen vervolgens misbruiken. Zoiets doet de democratie in heel Europa verbrokkelen. Waar wij ons in Midden- en Oost-Europa sinds 1989 in hebben vergist is het tijdspad. Nu, na dertien jaar, zouden we er wel zijn met die democratie: op het niveau van de West-Europese democratie. Maar het duurt veel langer. Tegelijkertijd moeten we spijtig genoeg concluderen dat in West-Europa het democratische peil ondertussen snel zakt. Zo komen Oost- en West-Europa elkaar sneller tegen dan we dachten."

In Nederlandse vertaling zijn van Imre Kertész verschenen: Ik, de ander (2001), Het fiasco (1999), Onbepaald door het lot (1995) en Kaddisj voor een niet geboren kind (1994). In België worden die boeken gecoproduceerd en gedistribueerd door uitgeverij Van Halewyck.

'De op claustrofobie lijkende angst van West-Europa zal een nieuwe Adolf Hitler baren'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234