Donderdag 01/10/2020

InterviewBob Kabamba en Johan Swinnen

‘We hebben de Congolezen te veel de les gespeld’

Koning Boudewijn bezoekt het (toenmalige) Zaïre van president Mobutu, in 1985. Beeld BELGA

Welke rol kan België vandaag nog spelen in Congo? We vragen het aan Congolees politicoloog Bob Kabamba (Universiteit Luik) en oud-ambassadeur Johan Swinnen, tussen 2004 en 2008 op post in Kinshasa. ‘Alleen met de EU vormen we in Congo nog een tegengewicht voor China.’

Sinds de onafhankelijkheid is België het internationale referentiepunt voor Congo omwille van onze kennis over de ex-kolonie. Of we er ook nog diplomatieke invloed hebben, is vandaag zeer de vraag. De Congolese politicoloog Bob Kabamba ondervond dit aan den lijve. Hij schreef begin deze eeuw mee aan de nieuwe Congolese grondwet, met één been in academisch België en het andere in Kinshasa, maar werd al snel met de neus op de realiteit van een nieuwe wereld gedrukt.

“De Belgische invloed nam sterk af onder het presidentschap van Joseph Kabila (2001-19). Toen Kabila Jr. de macht overnam, was België met toenmalig buitenlandminister Louis Michel (MR) net bezig om de banden weer aan te halen. Aanvankelijk leek die koers te worden voortgezet met Joseph maar hij vond dat de internationale gemeenschap te lang talmde met beloofde investeringen voor de heropbouw van de teloorgegane infrastructuur. Kabila Jr. sloot daarom in 2007 plots het ‘contract van de eeuw’ met China, ter waarde van ongeveer 6 miljard euro. China mocht in ruil voor het bouwen van wegen en andere infrastructuur strategische mijnen voor koper en andere ertsen, zoals kobalt, exploiteren. Tussen Michel en Kabila Jr. kwam het nooit meer goed. Dat was voor België hét kantelpunt waarop het zijn hand in Congo is verloren. Met de nieuwe president Félix Tshisekedi openen misschien nieuwe perspectieven, ook op vlak van veiligheidssamenwerking in Oost-Congo (de opleiding en hervorming van militairen, MR), wat door Kabila was afgebouwd.”

Oud-topdiplomaat Johan Swinnen was tijdens de Congolese China-kanteling ambassadeur in Kinshasa (2004-08). “De blijvende Belgische ambities in Congo hadden hun grootste klap al tijdens de Zaïrisering (omstreden nationaliseringen door Mobutu, begin jaren 70, MR) gekregen, maar ook onder de Kabila’s kwam van alle beloftes over respect voor democratische instellingen, hét fundament voor een rechtsstaat waar wij rond wilden samenwerken, nooit iets in huis. Nu moeten we eerlijk en bescheiden de vraag stellen in welke mate België nog relevant kan zijn. Zo zou ik vandaag niet bevreesd zijn de Congolezen de vraag te stellen of ze op lange termijn willen voortdoen met China.”

President Felix Tshisekedi verwelkomt premier Sophie Wilmès, in februari van dit jaar. Beeld BELGA

“Ons grootste voordeel blijft wel het vertrouwen dat veel Congolezen nog in ons hebben”, vervolgt Swinnen. “Een veelzeggend voorbeeld: in 2006 werd Antoine Gizenga weer even premier. Hij was destijds de adjunct van de later vermoorde premier Patrice Lumumba en stond in die jaren bekend als een Belgenhater. In een gesprek dat ik met hem had als ambassadeur zei hij telkens: ‘We hebben jullie opnieuw nodig, kom terug om onze scholen weer op te bouwen.’ In de samenleving hoorde ik dat ook dikwijls: ‘Jullie zijn onze noko’s, onze ooms, help ons!’ Mijn antwoord was: ‘Heel fijn, maar we zijn nu toch in een tijd beland dat de Congolezen zélf hun verantwoordelijkheid moeten opeisen en zich niet systematisch hoeven te beroepen op bijstand van Belgen.’ Ook België moet vandaag soms nog af van een zekere krampachtigheid en zich bevrijden van aanmatiging. Een Congolese buitenlandminister vertelde me ooit: ‘Stop met ons als kinderen te behandelen.’ We hebben de Congolezen te veel de les gespeld. Ze zijn vandaag terecht zeer gevoelig voor wederzijdse erkenning. Met respect kan je opnieuw vertrouwen kweken, en dan krijg je invloed. Zo kan België in de EU en de Veiligheidsraad een voortrekkersrol blijven spelen rond Congo.”

Wat zijn nog onze voornaamste economische belangen?

Kabamba: “Ik zou niet meer durven spreken van economische belangen waarmee België als staat kan wegen. Er is bijna niets meer. Zelfs Brussels Airlines, dat een belangrijke rol speelt voor de verbindingen met Congo, is niet langer Belgisch. Er zijn alleen nog commerciële belangen van een paar bedrijven.”

Swinnen: “Nog enkele Belgische bedrijven spelen een rol in de mijnbouw, zoals Georges Forrest in Katanga. Voorts blijven enkele grote ondernemers investeren in plantages, zowel in de koffie- als veeteelt. Er zijn ook scheepswerven aan de Congostroom in Kinshasa. Bilateraal investeerden we in samenwerking tussen de zeehavens van Matadi en Antwerpen. Helaas leverde dat niet de verwachte resultaten op, door Congolese inertie, gebrek aan ambitie en organisatie. Een groot probleem blijft het gebrek aan rechtszekerheid, niet alleen voor onze ondernemers maar ook voor de Congolese bedrijven zelf. Niemand durft zich werkelijk te smijten in grote projecten omwille van de corruptie.”

Kabamba: “Bekijk de economische belangen op EU-niveau. Alleen zo vorm je een tegengewicht voor China.”

Kunnen we in Congo nog economische hefbomen inzetten ten gunste van de bevolking?

Swinnen: “Ja, maar Congo is helaas nog steeds een ‘geologisch schandaal’. De ontzaglijke rijkdom van de mijnbouw komt nog steeds niet ten goede van de Congolese bevolking. De Congolezen verdienen beter. Niet alleen Congo maar ook de mijnbedrijven hebben daar een verantwoordelijkheid in. Ik herhaal wat ik in 2011 al zei: ook Belgische bedrijven en belangen speelden destijds mee in dat corrupte spel. We moeten dat durven toegeven. Vandaag stel ik mijn hoop in initiatieven zoals Ondernemers voor Ondernemers, die niet enkel geld investeren maar ook op zoek gaan naar een ethisch investerings- en arbeidsklimaat.”

Kabamba: “België mag niet denken dat het nog in staat zal zijn om Congo te verhinderen relaties uit te bouwen met nieuwe economische partners. Het kan wel bondgenoot zijn voor een duurzamere economie. Er zijn nu discussies bezig om in Brussel een financiële hub voor investeringen in Congo op te richten. Deelnemende bedrijven zouden dan moeten garanderen dat er enkel ethisch geïnvesteerd zal worden – zonder kinderarbeid bijvoorbeeld. Alleen zo kunnen exploitatieschandalen of conflicten, over ertsen als kobalt, vermeden worden. Vergelijk het met de problemen rond bloeddiamanten. België was ook betrokken partij via de diamanthandel in Antwerpen maar plaatste dan zijn schouders onder het Kimberley-proces (waarbij de verkoper ethische oorsprong garandeert en de koper dit certifieert, MR).”

Bob Kabamba, politicoloog aan Universiteit Luik: 'Er zijn bijna geen economische belangen meer waarmee België als staat kan wegen in Congo, alleen nog commerciële belangen van enkele bedrijven.'Beeld rv

Swinnen: “We moeten op lange termijn durven denken, want: Africa is booming. In 2050 zijn er 2,5 miljard Afrikanen. De helft zal jonger zijn dan 18 jaar. Of dit dan een dynamische of verpauperde samenleving wordt, hebben wij mee in de hand. Het kan een enorme afzet- of groeimarkt worden waar niet alleen geconsumeerd maar ook geproduceerd kan worden. Ze kunnen een enorme kracht worden die ook voor Europa heel belangrijk kan zijn, en dan stappen ook wij af van de paternalistische, hulpverlenende mentaliteit. Het is daarom in ons belang dat onze ondernemers terug naar Congo gaan, mits rechtszekerheid.”

België bouwde als kolonisator in Congo duizenden kilometers wegeninfrastructuur uit maar die gingen de voorbije decennia stuk door wanbeheer en conflicten. Kunnen we in de heropbouw een rol spelen?

Kabamba: “Belgische bedrijven kunnen vandaag niet veel capaciteit inbrengen tegenover grote spelers uit China die ze nu heraanleggen. In de huidige aanbestedingen worden we uit de markt geprijsd omdat ze niet transparant zijn. Als de procedure wel transparant zou verlopen, kan België wel nog een meerwaarde betekenen.”

Swinnen: “Steun aan mobiliteit blijft heel belangrijk. Ik heb in Congo oogsten zien rotten omdat de boeren ze niet naar markt konden brengen wegens gebrek aan wegen. Alleen met wegen genereren ze een inkomen om scholen voor kinderen te betalen.”

Kabamba: “Een ander goed voorbeeld waar België een meerwaarde heeft is het woudbeheer. Toen Mobutu aan de macht kwam, zette hij de Belgische traditie verder dat je in de wouden van het unieke Congo-bekken enkel kapt als je compenseert. Ons Congo-bekken is een grote troef in de strijd tegen klimaatverandering. Maar China wil het nu exploiteren. België zou kunnen helpen om de duurzaamheid van de wouden te garanderen.”

Oud-ambassadeur Johan Swinnen: 'België moeit zich te weinig met de mensenrechten in Congo. Ik vraag me af of we voldoende assertief zijn.'Beeld KU Leuven - Rob Stevens

Félix Tshisekedi werd president in de schaduw van gemanipuleerde verkiezingen, door de Kabila-clan. Kan België met hem een normale relatie uitbouwen?

Swinnen: “Een pertinente vraag. België zette zich jarenlang in tegen een derde termijn voor Kabila en voor de wettelijkheid van de verkiezingen. Daarna zagen we de schandalige fraude tijdens de verkiezingen die volgens de waarnemers gewonnen werden door opposant Martin Fayulu. Maar België schakelde toen over naar realpolitik omdat de bevolking rustig bleef en hunkerde naar stabiliteit. Er is dus een afstand tussen ons discours voor de verkiezingen en onze houding erna. Nu moeten we zorgen dat we Tshisekedi enkel steunen als hij zich onafhankelijk kan gedragen, niet als Kabila met zijn knie op hem zit.”

Kabamba: “Tshisekedi, die in Brussel opgroeide, kent de Belgen goed. Kabila Jr. kan nu achter de schermen wel nog op de rem gaan staan. Als België opnieuw partner wil worden van Congo moet Tshisekedi gesteund worden om de rechtsstaat op te bouwen.”

Moeten we bij de 60ste verjaardag van de onafhankelijkheid de mensenrechten niet prominent op de agenda plaatsen? Onder Kabila Jr. werd mensenrechtenactivist Floribert Chebeya vermoord, en eind mei nog anticorruptie-rechter Raphaël Yanyi.

Swinnen: “We moeien ons nu te weinig met de mensenrechten in Congo. In de jaren 80 en 90 zetten figuren als oud-VS-president Jimmy Carter de Congolese mensenrechten op de agenda. Nu vraag ik me af of we voldoende assertief zijn. Zo was ik verontwaardigd dat toenmalig Belgische premier Leterme tien jaar geleden bij de 50ste verjaardag van de onafhankelijkheid niet publiek, maar alleen binnenskamers het rouwboek voor Chebeya wou ondertekenen uit vrees voor Kabila. Die schroom, dat gebrek aan lef, is spijtig. Het is tijd voor volwassen relaties, voor een échte parler-vrai waarbij beiden tijdens een respectvol gesprek niet bang zijn voor kritische noten.”

Congolees president Laurent Desire Kabila en Belgische buitenlandminister Louis Michel ontmoeten elkaar in Kinshasa, juni 2000.Beeld BELGA
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234