Zaterdag 25/09/2021

Watou in Brugge, maar dan anders

Ver weg van alle kant en chocolade ligt in Brugge de Sint-Annawijk, ‘de verloren hoek’ in de volksmond. Na achtentwintig jaar Watou trokken Gwy Mandelinck en zijn vrouw Agnes daarnaartoe en namen het beproefde concept van hun poëziezomers mee.

Niet dat Watou deze winter en lente in Brugge ligt. Een kleine ritselende revolutie - Poëzie in dubbeltijd is wel degelijk anders. Al was het maar omdat Mandelinck er dit keer voor koos de poëzie en de beeldende kunst duidelijker gescheiden te houden. “Ik ben er in Watou maar een paar keer in geslaagd de twee dicht bij elkaar te brengen”, zegt Mandelinck. “Maar meestal had ik het gevoel op de rand van de mislukking te staan.” En dan is er ook nog het totaal verschillende decor. Van schuren en velden, badend in zomers zonlicht, naar het historische Brugge in de winter: het is een grote stap. Maar het is goed dat Mandelinck die genomen heeft. Uitvalsbasis van de route is het Gezellemuseum, in het geboortehuis van de dichter, uitgangspunt vijf van zijn meest iconische gedichten. Het museum werd voor de gelegenheid grondig onder handen genomen, lees: haast leeggemaakt. Wat rest, zijn zilver en wit beschilderde muren en glazen tafels die lijken te zweven op witte poten. Op elk van de tafels vind je een topgedicht van Gezelle: ‘Het schrijverke’, ‘Dien avond en die rooze’, ‘’t Er viel ’ne keer’, ‘’k Hoore tuitend’ hoornen’ en ‘Als de ziele luistert’. Dirk Roofthooft maakte er kleine video-installaties bij waarin hij, terwijl hij de gedichten voorleest, inzoomt op een deel van zijn lichaam. Zijn wild knipperende oog leest ‘Het schrijverke’, het water waarop ’t bladtjen valt in ‘’t Er viel ‘ne keer’ wordt het water dat in zijn navel loopt... Het geeft nieuwe interpretaties aan verstard gewaande gedichten en het roept verstilling op.Het hoge woord is eruit: verstilling. Als er iets is wat Een kleine ritselende revolutie oproept, dan is het dat gevoel wel. De verstilling zit in de gekozen gedichten, die samen een dwarsdoorsnede vormen van honderdvijftig jaar poëzie in Vlaanderen en Nederland. Van ‘De winter staat stil’ van Vijftiger Gerrit Kouwenaar tot ‘Moedermomenten 4’ van jong talent Sylvie Marie en van ‘Steenrapergeloof’ van Willem Jan Otten tot ‘Niemand die zo’, een nieuw gedicht van Peter Verhelst: stilstand, beschouwing en melancholie overheersen.

Contrast versterkt verstilling

Het contrast met de historische, vaak met verleden overladen omgeving versterkt die verstilling nog. “Poëzie/ is wording die/ blijft steken in de/ rauwe, gebarsten/onhandige gaafheid/van het ongenoemde”, zo leest het gedicht ‘Rauw’ van Roland Jooris. De tegenstelling met de vergulde krullen in het traliewerk en de vele barokke kunstwerken in de Jeruzalemkerk kan niet groter zijn. Net als de meeste gedichten op het parcours werd het aangebracht op de leuning van een grote witte stoel, die vormgever Koen Van Synghel ontwierp. Die stoelen plaatst hij binnen, tussen de kerkstoelen en kunstwerken, of buiten, waar ze gaanderijen vormen, smalle, witte podia voor de poëzie. Een kleine ritselende revolutie baant zich een weg langs zeven locaties. Samen vormen ze een verrassend parcours, dat afwijkt van de al zo vaak betreden Brugse paden. De Jeruzalemkerk is indrukwekkend in zijn pracht en praal, het volkskundemuseum met zijn wassen poppen en parafernalia vertederend door zijn kitschgehalte. In zulke omgevingen een liefdesgedicht van Leonard Nolens lezen dat lijkt te knipogen naar de twee geliefden op de graftombe (in de kerk), of “Waar is de tijd? Hier is de tijd” horen weerklinken uit het gedicht ‘Archeologie’ van Esther Jansma (in het museum): het ontroert, doet nadenken. Mandelincks formule is nog niet versleten.Rest nog de beeldende kunst. Ook die gaat vaak overtuigend de dialoog aan met de omgeving. Zo is er het grote werk van de in Brussel wonende Nederlandse kunstenaar Willem Oorebeek in het Grootseminarie. Een groot wit vierkant wordt omgeven door een kader van zwarte punten. Een mooi pleidooi voor eenvoud en leegte, dat nog sterker wordt door de confrontatie met het barokke schilderij er vlak naast, boven de schouw. En ook de sequentie van vijftien kleine schilderijtjes die realistische maar onsamenhangende, hitchcockiaanse scènes verbeelden van de Brugse kunstenaar Robert Devriendt maakt indruk in het monumentale Grootseminarie. Alleen is de noodzaak van beeldende kunst in dit parcours niet altijd duidelijk. Met historische kunst overladen ruimtes vullen met poëzie is één ding, ze vullen met poëzie én hedendaagse kunst een ander. Het geheel maakt soms een slordige indruk. Op de selectie kunstenaars die curator Dirk Snauwaert van Wiels maakte, is dan weer weinig aan te merken. De internationaal gerenommeerde Mexicaanse kunstenaar Gabriel Kuri, die in zijn werk objecten uit de westerse consumptiemaatschappij verwerkt, de Antwerpse schilder Walter Swennen, met zijn speelse knipogen naar de populaire cultuur, zijn stadsgenote Anne-Mie Van Kerckhoven, die brutale en feministisch geïnspireerde werken maakt: dit zijn geen B-kunstenaars. Een kleine ritselende revolutie eindigt atypisch op een klassieke locatie: het Arentshuis bij het Groeningemuseum. De verste kamer op de bovenverdieping werd helemaal donker gemaakt. In de uiterste hoek een video van de vader van Dirk Roofthooft. Terwijl de zoon het gedicht ‘Broer’ leest, over Claus’ aan kanker overleden broer, blijft het gezicht van de vader stil - als een dodenmasker. Tot de zoon zwijgt. Dan begint de vader te babbelen en te grijnzen. Het leven gaat door. Het is een prachtig eindpunt van een doorwrocht maar niet altijd even voor de hand liggend parcours.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234