Vrijdag 22/10/2021

Waterproblemen creatief aanpakken

'Extreme regenval zal blijven bestaan, maar door pollutie, ontbossing en verkeerd bodemgebruik is ons ecosysteem veel kwetsbaarder geworden'

Zware regenval, deze keer is Diest ondergelopen, enkele jaren geleden de Maaskant. Het beleid wordt terecht met de vinger gewezen. Meer nog, laat ons vooruit kijken en mensen in de toekomst deze nattigheid besparen. Laat deze ramp de start zijn van een beleid dat, met lef en inzicht in het karakter van water en bodem het evenwicht kan herstellen en zo rampen op zijn minst probeert te voorkomen. Enkele aanzetten.

Een eerste vereiste is het respect voor de logica: water vloeit naar beneden. Dit simpele gegeven heeft twee gevolgen voor het beleid. Het probleem moet grensoverschrijdend aangepakt worden en vertrekken van de bron.

Regendruppels die vallen in de streek van Cambrai kunnen wel langs Gent passeren maar nooit langs Parijs. De eenheid waarin in de waterhuishouding gedacht wordt, is het stroombekken, het volledige bassin dat via de rivier afwatert.

Een rivier scheidt mensen, maar verbindt streken. Het water houdt zich niet aan naties noch aan gewestelijke grenzen Dit heeft als gevolg dat het beleid grensoverschrijdend en dus Europees moet aangepakt worden.

Dit betekent voor het stroomgebied van de Schelde of Maas op zijn minst een samenwerking én met Nederland (Zeeland) én met Frankrijk (Nord Pas-de-Calais). Verder denkend zou je vanuit de waterlogica kunnen opteren voor een Europa van de stroomgebieden.

Ten tweede beïnvloedt wat in de bovenloop gebeurt de benedenloop, maar zelden omgekeerd. Het tot evenwicht brengen van de waterhuishouding moet dus aangepakt worden van de bron naar de monding. Een ontreddering aan de bovenlopen kan over de ganse verdere rivier negatieve invloed hebben. Diest kan nog zoveel investeren in waterbeheersing, als de massa water van de bovenlopen blijft aangroeien, stroomt Diest onder.

Zo getuigt de aanleg van de N74 in Hechtel Eksel, net op de waterscheidingslijn tussen het Maasbekken (Dommel) en het Scheldebekken (Demer) van een totale onverschilligheid tegenover de kwetsbaarheid van dit gebied en de gevolgen stroomafwaarts.

Een derde vereiste is het oplossen van de contradictie overstromen-verdrogen.

Hoe meer de grond verdroogt, hoe meer er overstroomt. Hoe sneller het water de zee bereikt, hoe meer de grond uitdroogt. Water vasthouden en laten indringen in de grond, is de boodschap. Verschillende bodemgebruiken laten verschillende insijpelingen door. Bebouwing verhindert elke insijpeling. Door de bebouwing en andere ondoordringbare oppervlakken veroorzaakt zware regenval steeds sneller wateroverlast in steden, er moet steeds meer water afgevoerd worden en er dringt steeds minder in de grond. Als resultaat hiervan droogt de ondergrond uit. Naast effecten op de natuur veroorzaakt de verdroging een verzwakking van de houten fundamenten van historische gebouwen.

De keuze gaat echter verder. Bossen hebben een hoog infiltratievermogen, weiden een relatief hoog en akkers een lager, vooral doordat ze tijdelijk braak liggen. Ook hier speelt de ligging mee. Een verkaveling in de bovenlopen leidt tot grotere waterproblemen stroomafwaarts, dan verkaveling in de benedenlopen. Reeds in 1993 wordt in Europe 2000, The perspective Development of the Central and Capital City Regions, een rapport voor de Europese Commissie (DGXVI) gepleit voor een bebossing in de brongebieden van de Schelde, Somme, Samber en Maas om meer evenwicht te krijgen in de waterhuishouding.

Het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen heeft hier een kans laten liggen om aanwijzingen te geven hoe de ruimtelijke ordening en het bodemgebruik beter afgestemd kunnen worden op de waterhuishouding. De ligging van een plaats bepaalt immers mee de kans op overstroming of droogte. Halen ligt aan de samenvloeiing van Velp en Gete; Diest - nog lager - krijgt het water van de Zwarte beek er nog bij. Wil men deze woongebieden vrijwaren van wateroverlast, dan zal elders wellicht ruimte vrijgemaakt moeten worden om het overtollige water kwijt te kunnen.

Van oudsher zijn de streken, plaatsen, percelen bekend waar wateroverlast mogelijk of waarschijnlijk is. Het zal lef vragen om die plaatsen terug aan het water te geven.

In de opmaak van de provincale structuurplannen kan aandacht voor de waterhuishouding nog geïntegreerd worden. Daarnaast zijn de plannen voor regenputten, grachtenherstel en allerlei creatieve oplossingen om het hemelwater te gebruiken en te laten indringen nodig. Grachtenplannen zullen echter maar effectief zijn binnen een gestructureerde aanpak.

Extreme regenval zal blijven bestaan maar door pollutie, ontbossing en verkeerd bodemgebruik is ons ecosysteem veel kwetsbaarder geworden. De filters raken vol, de buffers flinterdun. Daardoor kunnen extreme weersomstandigheden minder goed verwerkt worden, zware regenval leidt vlugger tot overstroming, hittegolven sneller tot watergebrek.

De problematiek is niet typisch Vlaams noch typisch Europees, maar is latent over grote delen van de wereld. Bij overstromingen wordt het acuut. In Midden- en Zuid-Amerika wordt door sommige ngo's én ministeries op basis van de logica van de stroomgebieden gewerkt. Dijken of Aquafin-riolen lossen het probleem niet op. Creatieve (beleids)mensen die vertrekken vanuit het stroomgebied, met een internationale en integrale aanpak, kunnen geen zware regenval voorkomen maar wel de overstroming.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234