Zaterdag 04/07/2020

'Wat men ook beweert, mijn film is absoluut niet populistisch'

In Gent start regisseur Jan Verheyen vandaag met de opnames van zijn twaalfde langspeler, Het vonnis. Hij schreef zelf het scenario, in een filmgenre dat in Vlaanderen niet of nauwelijks beoefend wordt: de rechtbankthriller.

De synopsis van Het vonnis is duidelijk: als de moordenaar van zijn vrouw door een procedurefout wordt vrijgelaten, slaan bij de weduwnaar de stoppen door. Hij neemt het recht in eigen handen. En daarna moet hij zich meten met de rechtsstaat door de welke hij zich in de steek gelaten voelt.

De ensemblecast is inmiddels bekend en oogt indrukwekkend: Koen De Bouw, Johan Leysen, Veerle Baetens, Sven De Ridder, Jappe Claes, Jo De Meyere, Chris Lomme, Joke Devynck, Vic De Wachter en nog vele anderen. De draaiperiode wordt een soort Ronde van Vlaanderen, met opnames in Gent, Antwerpen, Mechelen, Brussel en het gerechtshof van Brugge.

Hoe voelt een regisseur zich het weekend voor hij aan zo'n marathon begint?

Jan Verheyen: "Ook in onze bescheiden Vlaamse context is film niet alleen creativiteit, maar ook logistiek. De mensen die daarvoor zorgen, zijn de unsung heroes van de filmset: de productieleiding, de opnameleiding, etcetera. Als regisseur heb je ook al een zéér belangrijke stap gezet eens de casting is afgerond. Maar zo'n twee, drie weken vóór het draaien is er de paniekfase: 'Oh my god, dit komt niet goed!'

"Draaischema's van acteurs blijken niet te combineren, bij locaties die al waren toegezegd hebben mensen nog eens héél goed nagedacht of ze wel zo'n filmploeg van vijftig man in hun villa willen laten draaien, en zo verder. Maar die fase waait weer over. En als alles, zoals nu, goed is voorbereid, volgt een fase van relatieve rust. Het komt er nu op aan de obstakels, die op dagelijkse basis op ons pad zullen geworpen worden, zo efficiënt mogelijk te verwijderen. Gerust ben je natuurlijk nooit, maar eigenlijk zijn we er klaar voor. De trein gaat vertrekken. We kunnen nu alleen maar hopen dat het geen Fyra wordt."

Het was van uw debuutfilm Boys (1992) geleden dat u zelf en alleen het scenario hebt geschreven.

"Ja, dit is een project waar ik de afgelopen twee, drie jaar in de luwte aan gewerkt heb. Een geweldige oefening voor iemand die, zoals ik, lijdt aan de ziekte van deze tijd, namelijk een veel te korte aandachtscurve."

Uw vorige speelfilm dateert al van 2010. En in die periode draaide u één bioscoopfilm per jaar.

"Ja, ik weet het. Voor mijn doen is dit bijna een comeback (lacht). Het zaadje voor deze film werd indertijd geplant door beelden die velen zich zeker nog zullen herinneren: Oost-Europese mensenhandelaars die omwille van een procedurefout uit de gevangenis in Gent werden vrijgelaten en bij het buitenkomen het duivelsteken maakten naar de verzamelde pers. Hallucinante beelden!

"Dat heeft bij mij - zoals bij veel mensen, denk ik - toch wel een soort verontwaardiging teweeggebracht en ik wou daar iets mee doen. Ik heb heel veel research gedaan en toen kreeg ik in eerste instantie iets dat je heel ouderwets zou kunnen omschrijven als een pamfletfilm. Een soort J'accuse-film. Maar dat vond ik te gemakkelijk.

"Ik heb mezelf dan verplicht om met allerlei mensen binnen justitie, die ik in mijn film eigenlijk zou aanvallen, te gaan praten. Zeer lange, interessante gesprekken. Zeer boeiende mensen. Zo is die pamfletfilm eigenlijk geëvolueerd naar een themafilm. Het is niet zwart, het is niet wit. Je zit dan eigenlijk weer in die oncomfortabele grijszone, waarbij ik een aantal elementen aanreik zodat de toeschouwers na afloop op café of in het restaurant hoogoplopende discussies kunnen hebben. De sfeer van: 'Jamaar, wat zou jij dan doen?' Dat zijn ook mijn favoriete films."

Ik kan mij nu al recensies voorstellen waarin het adjectief populistisch zeker zal opduiken.

"Ja, en alleen maar omdat het woord demagogisch een beetje in onbruik is geraakt. Ik kijk nu al geweldig uit naar de debatten waarop ik zal worden uitgenodigd en waarop ik met de stopwatch zal checken na hoeveel seconden het woord populistisch valt. Daar ga ik sowieso niet wakker van liggen. Ik heb daarnet gezegd hoe Het vonnis geëvolueerd is van een pamfletfilm naar een themafilm. Je zou bijna kunnen zeggen dat ik niet echt een stelling inneem.

"Als men zit te luisteren naar de pleidooien - van de burgerlijke partij, van de verdediging en van de procureur-generaal - zou men eigenlijk drie keer moeten zitten knikken en denken: 'Ja, dié heeft wel een punt'. Daaruit blijkt zeer duidelijk dat we in een zeer moeilijke, zeer genuanceerde, maar wel heel belangrijke discussie zitten. In die zin vind ik dat de film, zoals ik hem wil maken, absoluut niet populistisch is. Tenzij men het ook al populistisch vindt dat je de vinger op een zere wonde legt. In dat geval hebben we natuurlijk wel een probleem."

Rechtbankthrillers zijn een fascinerend genre, maar niet in de Vlaamse film.

"Terwijl ik hiermee bezig was, kwam ik tot de vaststelling dat dit soort films bij ons niet gemaakt wordt. Heel raar. In het genre van het rechtbankdrama zijn er elders fantastische films gemaakt: van Twelve Angry Men en To Kill a Mockingbird over The Verdict tot al die John Grisham-adaptaties. Maar niet bij ons. Ik heb mijn huiswerk gemaakt en in de bioscoop moet je eigenlijk teruggaan tot 1978 met Mijn vriend van Fons Rademakers (over de zaak-Jespers, JT).

"Bij ons is dat dus onontgonnen terrein en dat vind ik altijd fijn. Ik ben een omnivoor. Ik wil van heel veel dingen geproefd hebben. Wat mij ook opviel, is dat wij - ondanks de geweldige diversiteit en de nieuwe dynamiek in de Vlaamse film - nooit films maken die echt hun haken slaan in de actualiteit en die mee het debat willen voeren. In de jaren 30 had je in Amerika al films met van die sensationele slogans als 'Torn From Today's Headlines' (lacht). Wel, een film als Het vonnis gaat over een onderwerp dat de afgelopen jaren niet uit de media weg te branden is, namelijk alle problemen binnen justitie. Ik ben er ook absoluut van overtuigd dat het juist dát is dat deze cast heeft aangetrokken".

Die ensemblecast is inderdaad erg indrukwekkend.

"Bij mijn eerste versie, op basis waarvan je toch al een beetje begint rond te kijken, was mijn eerste casting ontzettend oud en mannelijk. Op een of andere manier associeerde ik rechters, advocaten, procureurs, etcetera met blanke mannen van een zekere leeftijd. Maar in de realiteit heb ik dan vastgesteld dat dit niet zo is.

"Die eerste casting-oefening heb ik dus moeten omgooien omdat de film moest verjongen en vervrouwelijken. Ik kan mij voorstellen dat er nu nog ergens in het scenario 'Meneer de Voorzitter' staat, terwijl die rol vertolkt zal worden door Viviane De Muynck. Van de procedure-advocaat hebben we een jonge, ambitieuze advocate gemaakt en toen is Veerle Baetens in het vizier gekomen. Zo'n casting is dus een moeilijk, maar boeiend proces. En met wat er nu ligt, is de puzzel wel heel schoon in elkaar geschoven, vind ik zelf. Een heel mooie mix. En ook veel mensen waar ik nog niet eerder mee gewerkt heb, wat toch altijd extra spannend is."

Het vonnis wordt begin oktober in de Vlaamse bioscopen verwacht.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234