Donderdag 14/11/2019

Onderwijs

Wat kan Vlaanderen leren van de stakende leerkrachten in Nederland?

In maart kwamen de Nederlandse leerkrachten al eens op straat. Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

Grote klasgroepen, dalende kwaliteit en een nijpend lerarentekort: het doorsnee persbericht over het Nederlandse onderwijs zal ook in Vlaanderen bekend klinken. Al is het in Nederland een tikkeltje erger: leerkrachten komen er vandaag massaal op straat. Wat kunnen wij van hen leren om diezelfde problemen te voorkomen?

Vanwege manifestaties in Amsterdam, Den Haag en een resem andere steden houden ruim 3.300 Nederlandse scholen vandaag de deuren gesloten. Bijna een half miljard euro had de Nederlandse regering ervoor over om de aangekondigde betoging af te kopen. Ook kwam de belofte om het geld – weliswaar eenmalig – te besteden aan hogere salarissen, een lagere werkdruk en het werven van extra personeel. Toch bleek het niet genoeg om de staking af te wenden.

Afgelopen vrijdagen tekenden alle vakbonden nog een akkoord met de regering. Na een week vol onrust leek een crisis net afgewend. Maar 48 ontnuchterende uren later moest de Algemene Onderwijsbond (AOb) zich met de staart tussen de benen uit het akkoord terugtrekken; voorzitter Liesbeth Verheggen nam ontslag. Tijdens het weekend was gebleken dat acht op de tien AOb-leden het akkoord niet steunden en zouden staken. Voor de tweede keer in een jaar tijd.

Het meest duidelijke (en extreme) probleem in Nederland is een knoert van een lerarentekort. Volgens de recentste schattingen zal dat tegen 2028 oplopen tot meer dan 10.000 banen in het basisonderwijs en zowat 1.600 banen in het secundair. De gevolgen laten zich nu al voelen. “Op sommige plaatsen, zeker in de steden, is het niet uitzonderlijk dat een school slechts vier dagen open is”, zegt onderwijswetenschapper Tim Surma (Thomas More Hogeschool), die twee jaar lang in Nederland werkte. In Amsterdam moest een school sluiten en uitzendbureau’s voor leerkrachten verrijzen als paddenstoelen uit de grond. Nederlands minister van Onderwijs Arie Slob wierp enkele weken geleden de handdoek in de ring: hij erkende dat scholen die ouders inschakelen om les te geven, en zo de wet overtreden, niet vervolgd zullen worden.

Ook Vlaanderen kampt met een lerarentekort, zij het minder extreem. Volgens Pedro De Bruyckere, docent aan de Arteveldehogeschool Gent en verbonden aan de Universiteit Leiden, kunnen we iets opsteken van Nederland. “Bijvoorbeeld: dat het geen nut heeft om het beroep te ontmoedigen als er te veel leerkrachten zijn.” 

Er was een periode, niet eens zo lang geleden, dat Nederland een lerarenoverschot had. De regering liet de situatie ongemoeid en veel jonge leerkrachten verlieten gefrustreerd het beroep, omdat er onvoldoende jobs waren.

“Rond 2011 kenden wij een babyboom”, zegt De Bruyckere. “Als die kinderen door het basis- en secundair onderwijs zijn, zullen de klassen weer iets kleiner worden en krijgen we wat meer speelruimte. Het is dan belangrijk om niet te besparen, maar de leerkrachten bij te houden en vooral in te zetten op professionalisering en bijscholing. Anders creëren we het volgende tekort.”

De nieuwe Vlaamse regering ziet een deel van de oplossing in zij­-in­stro­mers, leerkrachten die overstappen uit een ander beroep. Ook in Nederland is daar budget voor vrijgemaakt. “Maar de zij-instromers blijken nu af te haken”, zegt De Bruyckere. “Ze klagen dat ze te weinig begeleid worden. Ook daar vallen lessen te trekken: alleen de loonhandicap wegwerken zal niet helpen. Ze moeten ook ondersteund worden.”

Lumpsumfinanciering

Niet dat de Nederlandse politici niet gewaarschuwd waren: het lerarentekort werd sinds 2007 aangekondigd. Ook bij ons wordt al jaren gewaarschuwd voor een tekort van 5.000 à 7.000 leerkrachten dat er vanaf volgend schooljaar aankomt. “De sense of urgency is gegroeid aan het einde van de vorige legislatuur”, zegt Surma. “Maar de vraag is of we het tekort zomaar wegkrijgen? Het onderwijs is niet de enige sector die naar personeel op zoek moet.” Lichtpuntje is dat er dit jaar zich weer meer studenten in een lerarenopleiding inschreven.

Maar tussen Nederland en Vlaanderen zijn niet op alle vlakken gelijkenissen te trekken. Veel mensen wijzen de schaalvergroting die in Nederland de laatste jaren werd doorgevoerd met de vinger. Volgens de Nederlandse onderwijsjournalist Jonathan Visser van De Correspondent, zelf oud-leerkracht, heeft de doorgedreven privatisering van het onderwijs daarmee te maken. De Nederlandse regering besloot enkele jaren geleden om de regie op het onderwijs meer los te laten. Vanuit een concurrentielogica worden scholen aangespoord het zo goed mogelijk te doen.

Die heeft ook tot uitwassen geleid. “Privéonderwijs en bijlesonderwijs floreren in Nederland, veel meer dan in Vlaanderen”, zegt Surma. “Al is dat ook bij ons een mogelijk gevaar. Als het lerarentekort zich doorzet, is het niet ondenkbaar dat vermogende ouders een privémarkt zullen opzoeken.”

Een van de belangrijkste problemen van die privatisering is dat lonen van leerkrachten niet langer door de overheid betaald worden. Daardoor ontstaat een soort concurrentie die niet per se leidt tot beter onderwijs voor iedereen. Bovendien is de loonkwestie de lont in het kruitvat voor de staking van vandaag. “De hogere en gelijke lonen in Vlaanderen zijn een troef die we zeker moeten vasthouden”, zegt De Bruyckere. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234