Dinsdag 14/07/2020

Wat je zelf ontdekt gaat veel dieper'

"In het buitenland vergelijken ze me soms met Kuifje, het cliché van de goedlachse Belgische onderzoeker met een hang naar avontuur. Pff. Die strips las ik als kind geeneens. Te moeilijk, en achteraf bekeken bijwijlen aangebrand. Op die leeftijd hield ik meer van het optimisme en het doorzettingsvermogen, het probleemoplossend denken van Jommeke.

"Ik hield van die strips omdat ze warm en grappig waren, met veel wisselwerking tussen kinderen, dieren en oudere mensen zoals de professor. Alleen de ouders waren een soort van tweederangsfiguren, onbelangrijke figuranten wier mening nooit werd gevraagd. Maar dat vond ik best. Mijn lievelings-Jommeke was De grasmobiel, een vehikel op biodiesel avant la lettre, uitgevonden door professor Gobelijn.

"Mijn oma wist dat ik gek was op Jommeke. Ze knipte dagelijks de strookjes uit Het Volk en plakte die nauwgezet in een schrift. De drukkwaliteit was niet denderend, soms kon je de tekstballonnen maar half ontcijferen. Maar ik herinner me dat die schriften altijd meegingen als we met de plooicaravan richting Zuid-Frankrijk reden. Ze zaten naast de snoep in de tas aan moeders voeten en werden bovengehaald als de achterbank vervelend werd na enige monotone uren snelweg."

Melancholie

Niet graag lezen. Het is op de middelbare school, met de verplichte romanlectuur, niet meteen veranderd. "Gedichten, daar hield ik van, Van Ostaijen en Lorca, de rest was te obligaat. Tot ik haast achttien was en helemaal alleen liftte naar Bretagne met in mijn rugzak twee boeken uit de kast van mijn moeder. Van mijn sokkel ben ik toen geblazen. Door Walging van Jean-Paul Sartre, maar nog meer door Meningen van een clown van Heinrich Böll.

"Vooral de melancholie en de desillusie van Bölls 28-jarige hoofdpersonage, Hans Schnier, troffen me ontzettend, zelfs al was hij in mijn ogen al een ouwe vent. Ik heb toen alles van Böll gelezen en sommige romans waren nog beter. De weemoed waarvan Eng is de poort is doordrongen, daar word ik nog koud van. En Biljarten om halftien, dat is misschien wel zijn beste boek. Altijd weer legt Böll een onwaarschijnlijk stilistisch vermogen aan de dag. Hij weet zo handig gebruik te maken van de herhaling dat de impact op de lezer ronduit verpletterend is.

"Böll, en Albert Camus, zijn zielsverwant, waren zo'n beetje mijn helden in die jaren. Geflankeerd dan door Leonard Cohen en Jacques Brel. Stuk voor stuk grote dichters en bovenal iconen van mannelijke kwetsbaarheid. Cohens 'Take This Longing', werd hunkering ooit beter bezongen? Bovendien ontdek je altijd weer iets nieuws. Zijn teksten zijn niet onderhevig aan slijtage, zoals dat alleen gaat bij de grote meesters van het woord.

"Cohen trekt nu volle zalen, maar toen ik een adolescent was, gold hij niet als hip. Je hoorde naar de Pixies en Run DMC te luisteren. Vijf jaar geleden woonde ik een concert van Cohen bij in het Brugse Minnewaterpark. De cirkel was daarmee rond, het was immers ook de plek waar ik voor het eerst in mijn leven een meisje had gezoend.

"Weemoed, kwetsbaarheid. Misschien is de adolescentie het moment bij uitstek waarop je met die gevoelens dweept. Maar voor mij is het nooit overgegaan. Jommeke vanbuiten en Böll vanbinnen."

Het gaat met Van Reybrouck makkelijk alle kanten op. Kijk naar de manier waarop hij wordt omschreven. "Wetenschapper, cultuurhistoricus, archeoloog en schrijver." En het is geeneens gelogen. "Ik heb nooit kunnen kiezen, dat zeiden ze bij het PMS ook al toen ze mijn interesses voor hogere studies bekeken. Precies daarom ben ik archeologie gaan studeren, het was werken met je hoofd én je handen. Esthetica, antropologie, chemie, godenkunde en bodemonderzoek, al die dingen combineren leek me het einde. Noem het de erfenis van het VSO-onderwijs. We moesten evengoed Griekse teksten ontleden als morsetoestellen bouwen. Thuis knutselde ik graag, boetseren, met elektriciteit spelen.

"Wat ik later met een diploma archeologie aan zou moeten, hield me niet echt bezig. Ik wilde alleen dat het iets was waar ik gepassioneerd over kon zijn. En dat waren best veel zaken. Er viel zo ontzettend veel te leren. Niet naar de les gaan was geen optie. Veel te interessant. Alsof je voortdurend geprikkeld werd, van het ene naar het andere, naar nog meer.

"Aan de universiteit in Leuven waren twee archeologische boeken van erg groot belang voor me. Dan heb ik het over A History of Archeological Thought van de Canadese professor Bruce Trigger, een ambitieus boek met een bescheiden titel: een geschiedenis, en niet dé geschiedenis. Door hem komt het dat Congo als ondertitel Een geschiedenis meekreeg.

Gedrevenheid

"Het tweede boek was Reading the Past van Ian Hodder. Het leerde me dat archeologie niet gaat over dode fragmenten van een beschaving die we toch nooit zullen kennen. We moeten materiële cultuur juist lezen als een tekst. Geschiedenis is veel meer dan taal. Ze laat zich lezen in voedsel, in kledij, in voorwerpen... Die aandacht voor het concrete zit ook in het boek Congo.

"Hodder maakte zo'n indruk op me dat ik besloot hem op te zoeken en in Cambridge ging studeren. Het was een feest: alle groten der aarde zaten er samen en ik mocht binnenlopen en naar hun colleges luisteren. Antropologie, sociologie, filosofie. Tegelijk was het een vreemd eenzame periode. Een highbrow Britse wereld, die niet de mijne was.

"Daar las ik het boek dat me het meest zou markeren: The Duty of Genius (Nederlandse vertaling: Het heilige moeten), de biografie die Ray Monk schreef over Ludwig Wittgenstein. De Van Gogh van de filosofie, een van de grootste denkers van de twintigste eeuw en tegelijk een doodongelukkig mens. Onconventioneel, niet in het reine met zichzelf en zijn homoseksualiteit. Een hondsmoeilijk karakter ook, maar met een onvoorwaardelijke gedrevenheid. Dat moeten zoeken, ondanks alles, het moeten weten. Wroeten en graven. Ik ben toen in Cambridge ook naar het graf van Wittgenstein geweest. Een merkwaardige laatste rustplaats. Met een heel sobere steen, voor een man die nergens paste.

De inzichten komen altijd van elders. Zoals Van Reybrouck in Bretagne de literatuur ontdekt, geeft Zuid-Afrika hem de politiek. De jonge archeoloog komt er eind jaren negentig terecht, voor zijn onderzoek naar de plagiaataffaire rond de Belgische Nobelprijswinnaar Maurice Maeterlinck, wat uitmondt in zijn eerste boek, De plaag (2001). "Mijn politiek bewustzijn is daar ontsproten. Laat alweer, net zoals bij de literatuur. Maar jammer is dat niet. Wat je zelf ontdekt, wat groeit uit je eigen nieuwsgierigheid, gaat veel dieper.

"Twee boeken uit die tijd hebben een ontzettende indruk op me gemaakt: Nelson Mandela's Long Walk to Freedom en Desmond Tutu's No Reconciliation without Forgiveness. Ik ben oprecht dankbaar dat ik in hun tijdsgewricht heb mogen leven. Beide heren zijn zonder meer een geschenk aan de twintigste, en wellicht zelfs de eenentwintigste eeuw. Het staatsmanschap, de zeldzame grootmoedigheid en het talent om een fundamenteel verscheurde natie als Zuid-Afrika door een moeilijke transformatie te loodsen en een levensvatbaar toekomstproject neer te poten.

"Wat Tutu voor de natie bepleitte, deed de Belgische psychotherapeut Thomas d'Ansembourg voor het individu. Van zijn Cessez d'être gentil, soyez vrai, zijn er onderhand meer dan een half miljoen exemplaren verkocht. Noem het een zelfhulpboek voor geweldloze communicatie. Vroeger zou ik het misschien lastig hebben gevonden om met zo'n werk aan te komen, maar het heeft mijn denken en leven wel degelijk veranderd.

"Ik vond conflicten vervelend en ging die doorgaans uit de weg. Maar zwijgen en jezelf opvreten, is ook een vorm van geweld. Door d'Ansembourg weet ik dat conflicten kansen zijn, als je tenminste leert luisteren naar jezelf en de ander. Dat inzicht is me erg van pas gekomen, ook bij de vele meetings bijvoorbeeld van de G-1000. De waarheid van de ander, we kunnen er vaak moeilijk mee om."

Onvoorwaardelijke keuze

Het lijstje van vijf is onderhand royaal afgewerkt, maar Van Reybrouck wringt er nog een laatste boek tussen. Het lag op zijn bureau aan de universiteit toen de dozen en de academische carrière al waren ingepakt. Hij had tijd en begon te lezen. Ecrire, van Marguerite Duras, datgene waar hij zich voortaan ook aan zou wijden. "De kadans, de beelden, de sonoriteit. Duras bespeelt de eenvoud, ze ontbeent de taal en weet tegelijk elke valkuil van banaliteit te vermijden. Voor mij vertegenwoordigt ze de onvoorwaardelijke keuze voor het schrijverschap, zoals Wittgenstein dat doet voor de wetenschap. Ze sluiten geen compromissen in hun werk. In onze tijd is dat zeldzaam. Het doet me denken aan wat een missionaris ooit tegen me zei, in wat de baseline van onze tijd mag heten. Eigenlijk, stelde hij, komt het hier op neer: we willen alles, vanaf de eerste keer, maar liefst voorwaardelijk. Duras is daar het tegendeel van. Ze bewoont echt haar oeuvre. Net als Wittgenstein paste ze nergens. Ze was een lastig individu én een bevlogen meester, een vrouw voor wie velen bang waren. Maar ze is bovenal een mens naar mijn hart."

Congo. Een geschiedenis van David Van Reybrouck is uitgegeven bij De Bezige Bij (2010). De schrijver werkt aan een nieuw boek over democratie dat in het najaar zal verschijnen. Onze volgende zomergast is Yannick Dangre.

- Jef Nys, Jommeke.
- Heinrich Böll, Meningen van een clown, Manteau.
- Ray Monk, The Duty of Genius, Cape.
- Desmond Tutu, No Reconciliation without Forgiveness, Ebury Press.
- Thomas d'Ansembourg, Cessez d'être gentil soyez vrai. Être avec les autres en restant soi-même, Les Éditions de l'Homme.
- Marguerite Duras, Ecrire, Editions Gallimard.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234