Maandag 25/05/2020

Noord-Korea

Wat gebeurde er met Otto Warmbier in zijn Noord-Koreaanse cel?

Otto Warmbier voor zijn proces in Pyongyang, in februari 2016. Beeld AFP

Otto Warmbier, de 22-jarige Amerikaanse student die vorige week vrijgelaten werd uit een Noord-Koreaanse cel, is overleden. Warmbier, die veroordeeld werd voor het stelen van een poster, kreeg in het land een extra dosis geweld toegediend. Het mysterie is: waarom?

Een Amerikaanse gevangene in Noord-Korea klaagde ooit achteraf dat hij tot vijftien uur per dag ondervraagd werd om hem een plan voor een staatsgreep te doen bekennen. Een andere Amerikaanse gevangene beschreef hoe hij lag te rillen op de betonnen vloer van een kamer “niet groter dan een hondenhok”.

Toch zijn het uitzonderingen, want Noord-Korea bezondigde zich de voorbije decennia zelden aan fysieke mishandeling van Amerikanen. Het maakt het lot van Otto Warmbier nog opvallender.

Warmbier verkeerde in een coma toen hij vorige week dinsdag terugkeerde naar de Verenigde Staten. Hij werd meteen overgebracht naar het ziekenhuis van de University of Cincinnati. Hij bleek zware hersenbeschadiging opgelopen te hebben. Volgens een hooggeplaatste Amerikaanse functionaris blijkt uit rapporten van de inlichtingendiensten dat hij herhaaldelijk geslagen werd.

Propagandaposter

Warmbier, die bankier wou worden, vertrok eind 2015, na het einde van zijn studies, met een groepsreis naar Noord-Korea "om het avontuur op te zoeken". Bij vertrek uit het land werd hij op de luchthaven op de schouder getikt door een politieagent. Hij werd meegenomen. "Ik heb nog al lachend geroepen 'Misschien zien we je wel nooit meer terug'. Natuurlijk besefte ik de ironie van mijn woorden niet”, vertelt een medereiziger. Warmbier had geprobeerd om een propagandaposter mee te nemen. Bij wijze van souvenir. Noord-Korea kon er niet mee lachen en veroordeelde hem tot 15 jaar cel.

Sinds 1996 hebben zestien Amerikanen in gevangenschap gezeten in Noord-Korea. Drie van hen zitten nog steeds vast. Allemaal ondergingen ze een bepaalde mate van mentale foltering, maar fysieke mishandeling kwam minder vaak voor. Amerikanen vormen de grootste groep westerse gevangenen in Noord-Korea. Over het algemeen lijkt het regime ze als voornamelijk als pasmunt bij onderhandelingen te willen gebruiken. 

“Het lijkt een bewuste houding om geen fysiek geweld tegen Amerikanen te gebruiken, terwijl ze geen bezwaar lijken te hebben tegen psychologische manipulatie”, zegt Robert R. King, een voormalige mensenrechtengezant van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken voor Noord-Korea. “Je hebt het gevoel dat wat gebeurd is met Warmbier niet de bedoeling was.”

Vóór Warmbier was het ergste geval van mishandeling dat van Robert Park, een christelijke missionaris die vertelde dat hij in 2009 zwaar geslagen werd door Noord-Koreaanse soldaten toen hij zwaaiend met een bijbel de grens passeerde. Nadat hij was overgebracht naar Pyongyang, werd hij naar eigen zeggen zo hard gefolterd dat hij smeekte om te mogen sterven.

 In 2015 sprak Aijalon Gomes over “een ijskoude betonnen cel”. Later werd hij naar een huis gebracht waar hij dagenlang bakstenen moest maken. Gevraagd of hij gemarteld werd, antwoordde hij: “Er waren momenten van geweld en van menselijkheid.”

Laura Ling, die in 2009 samen met haar collega-journaliste Euna Lee vastzat in Noord-Korea, werd tot twaalf jaar werkkamp veroordeeld omdat ze illegaal het land was binnengekomen. Zover kwam het niet. Ling verbleef in een normale kamer, mocht een paar keer bellen met het thuisfront en mocht ook brieven naar haar familie schrijven. De twee vrouwen kwamen hetzelfde jaar vrij na een bezoek van ex-president Bill Clinton aan Pyongyang.

In zijn boek Not forgotten schrijft Kenneth Bae dat hij tijdens de eerste vier weken van zijn gevangenschap tot vijftien uur per dag ondervraagd werd. Maar nadat hij een geschreven verklaring had afgelegd waarin hij toegaf een terrorist te zijn die de regering omver wilde werpen, kreeg hij een betere behandeling. Bae probeerde missioneringswerk te doen en werd veroordeeld tot vijftien jaar werkkamp. 

Ook al werd hij slecht behandeld, toch voelde Bae ook een zeker respect vanwege het regime, dat duidelijk begaan was met zijn imago in het buitenland. Hij werd nooit geslagen en kwam in 2014 vrij na een bezoek van James R. Clapper, hoofd van de Amerikaanse inlichtingendiensten destijds, aan Pyongyang.

Doodgeknuffeld

Sommige Amerikaanse gevangenen zeiden zelfs dat ze behoorlijk goed behandeld werden. Matthew Todd Miller was verrast dat hij “minstens een maand lang” zijn iPhone en iPad mocht houden. “Ik had me ingesteld op marteling, maar werd integendeel doodgeknuffeld”, zei hij in een interview.

Ook Jeffrey E. Fowle zei dat niemand hem een haar krenkte tijdens zijn gevangenschap. Arturo Martinez stelde dat hij goed behandeld werd en zelfs als een toerist foto’s mocht nemen.

Volgens ex-diplomaat King is Noord-Korea doorgaans sterk begaan met het welzijn van Amerikaanse gevangenen. “Het regime is er als de dood voor dat Amerikanen die het vasthoudt sterven. Daarom is wat met Warmbier is gebeurd ook zo vreemd.”

In zijn boek The Last P.O.W. schrijft de journalist Mike Chinoy dat een Noord-Koreaanse arts en verpleegkundige vier keer per dag de bloeddruk en het hartritme van Merrill E. Newman controleerden, een 85-jarige gevangene die 42 dagen vastzat en in 2013 vrijkwam. “Noord-Koreanen zijn er niet tuk op Amerikanen op te sluiten als er een risico op gezondheidsproblemen is”, zegt King.

Volgens King werd Warmbier niet anders dan andere Amerikanen behandeld tot aan zijn proces in maart vorig jaar.  Wat er daarna gebeurde, is onduidelijk. Zijn familie in Cincinnati kreeg naar verluidt te horen dat hij na zijn proces botulisme kreeg, een slaappil nam en in een coma viel. King vermoedt dat Noord-Korea vanwege de huidige spanningen met de VS minder geneigd was te communiceren over de gezondheidstoestand van Warmbier.

Het nieuws over de dood van Warmbier lokte een woedende reactie uit bij president Trump. Hij sprak van een "bruut regime" dat geen respect heeft voor "menselijk fatsoen".

Japan en Zuid-Korea

Het voedt ook  de ongerustheid bij de families van Zuid-Koreaanse en Japanse gevangenen in Noord-Korea. Noord-Korea wordt ervan beschuldigd na de Koreaanse oorlog 450 Zuid-Koreanen, voornamelijk vissers, en twaalf Japanners gekidnapt te hebben. “Het kwam over als een waarschuwing: Kijk, dit is wat er gebeurt als je je uitspreekt over de mensenrechten in Noord-Korea”, zegt Hwang In-cheol, wiens vader in 1969 door Noord-Korea werd gekidnapt. 

Shigeo Iizuka, 79, weigert te geloven dat zijn zus, Yaeko Taguchi, die in 1978 ontvoerd werd, omkwam in een verkeersongeval in Noord-Korea. “We willen alleen maar dat alle ontvoerden, ook Yaeko, zo snel mogelijk terugkeren”, zegt hij. Het nieuws van Warmbier was een schok voor hem. “Het heeft veel weg van een waarschuwing aan het adres van Amerika”, zegt hij.

© The New York Times

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234