Zaterdag 28/05/2022

Wat een minister van Identiteit in ons land zoal zou kunnen doen

Na historicus Marnix Beyen (DM 18/11) en N-VA-voorzitter Bart De Wever (DM 20/11) mengt socioloog Mark Elchardus zich in het identiteitsdebat. In het beste geval leidt het identiteitsvraagstuk tot grotere bewustwording van ‘de culturele, politieke, sociale en economische ontwikkelingen die ons hebben gemaakt tot wat we zijn’, zegt Elchardus. Maar er zijn minder heilzame uitkomsten.

Voor een vlucht naar Boston had ik een boek van Slavoj Žižek in de handbagage gestopt. Slaapverwekkend, maar met één lichtpuntje: een verwijzing naar How to Disappear Completely and Never Be Found, een handleiding voor wie van identiteit wil veranderen. Ik word frequent geconfronteerd met jonge mensen die vooral zichzelf willen zijn, en kijk daarom met bijzondere belangstelling uit naar lectuur over mensen die eens iemand anders willen zijn, hun oude zelf en identiteit willen afleggen en opnieuw beginnen. Ik ging meteen op zoek naar dat boek.

Reusachtige fichebak

Een dun werkje, zo bleek, met een voor niet-Amerikanen beperkte praktische waarde. Wie echt van identiteit wil veranderen moet rekening houden met een hoop details en deze verschillen van land tot land. Amerikanen hebben bijvoorbeeld geen identiteitskaarten. Het mondige libertaire deel van de bevolking beschouwt zulke kaarten als een aanfluiting van hun vrijheid. Gek, hoe mensen aan een dergelijke opvatting vasthouden, terwijl hun identiteit steeds fijnmaziger wordt gevat.Het is een oude droom van staten alle burgers ondubbelzinnig te identificeren. In de negentiende eeuw ondernam Frankrijk een poging om de vingerafdrukken van al zijn inwoners op te slaan. Men had die taak toen kunnen toevertrouwen aan een minister van Identiteit. Die zou in zijn opdracht zijn mislukt. De geplande reusachtige fichebak kwam er nooit.Inmiddels zijn nieuwe technologieën voorhanden. In een onherbergzame streek in Utah bouwt de Amerikaanse National Security Agency een complex om de informatie op te slaan en te analyseren die wordt ontleend aan ‘signaalspionage’. Telefoongesprekken, e-mailberichten, bezoeken aan websites, parkeerboetes, abonnementen op tijdschriften, lijsten van aankopen in de supermarkt, gebruik van kredietkaarten en de bijbehorende facturen en nog veel meer van mensen overal ter wereld zullen er worden gedigitaliseerd en geanalyseerd. Men verwacht snel over yottabytes informatie te beschikken. Dat is meer dan kan worden opgetekend in tien miljoen bibliotheken met elk tienduizend zalen met daarin per zaal een miljard boeken van duizend pagina’s elk. Daarin zullen dan onze identiteiten zitten. Want als men er ooit in slaagt die hoeveelheid informatie correct te organiseren en te analyseren, is de kans groot dat men het denken, voelen en doen van de geviseerde persoon heel goed kan voorspellen. En die voorspelbaarheid, dat is onze identiteit. Wat zou dat anders zijn, een identiteit, dan het geheel van de factoren die toelaten het voelen, denken en doen van een persoon te voorspellen? Terwijl de voorspelbaarheid van de hedendaagse mensen groeit, geloven steeds meer van hen dat zij bijzonder uniek, origineel en onvoorspelbaar zijn. Op de vraag ‘Wat maakt u tot wat u bent?’ antwoordden mensen vroeger doorgaans met een verwijzing naar collectieve identificatoren als nationaliteit, geslacht, sociale klasse, sociale afkomst, beroep, burgerlijke stand en/of religie. Vandaag antwoorden de meesten ‘mijn persoonlijkheid’, ‘mijn karakter’ of iets van dien aard. We hebben geleerd over ons zelf te praten in therapeutische termen, ontleend aan de psi-disciplines.De Britse socioloog Anthony Giddens noemt dat zelfidentiteit. Die term is geschikt om te verwijzen naar de wijze waarop hedendaagse mensen hun identiteit onder woorden proberen te brengen, maar spijtig genoeg geloven Giddens en degenen die hem daarin volgen dat klasse, religie, afkomst, geslacht en dergelijke opgehouden hebben onze identiteit te vormen. Dat is niet het geval. Het gedrag van de mensen is nog altijd even voorspelbaar, misschien nog meer voorspelbaar dan voorheen, in termen van die collectieve identificatoren. Deze zijn nog steeds een belangrijk bestanddeel van onze identiteit. In de wijze waarop zij daartoe bijdragen, speelt geschiedenis een belangrijke rol. In de wijze waarop religie of levensbeschouwing vandaag de opvattingen kleuren, zijn de Reformatie en de Verlichting aanwezig. In de wijze waarop geslacht het voelen, denken en doen kleurt, speelt een ver verleden nog steeds mee.

Twee paden

Er tekenen zich vandaag twee paden naar identificatie af, naar het vatten van de identiteit. Het eerste oogt nieuw, is verbonden met consumptie, internet en nieuwe spionagetechnieken. Het ligt besloten in de sporen die wij in deze wereld met gsm en kredietkaarten nalaten en die door middel van de nieuwe informatietechnologie worden opgeslagen en geanalyseerd. De National Security Agency en steeds meer nationale diensten voor staatsveiligheid bewandelen dat pad. Een minister van Identiteit zou ons over die activiteiten moeten inlichten - naar hoeveel Belgen kijkt men in Utah? Hij of zij zou die activiteiten aan banden moeten leggen en in goede paden leiden.Het andere pad naar het vatten van identiteit oogt ouderwetser, is verbonden met leerboeken, musea en wetenschappelijk onderzoek. Het ligt besloten in al die collectieve identificatoren die ons verbinden met de sociale, politieke, economische en culturele geschiedenis van de mensheid. Onze persoonlijke identiteit ligt op dat beweeglijke punt waarop al die invloeden en onze eigen levensloop elkaar kruisen. Men hoeft zijn identiteit niet te kennen om er naar te handelen. Zij spreekt uit elk van onze gevoelens, uit elke gedachte en elke handeling. Bewust in het leven staan houdt wel in dat men die invloeden leert te onderkennen en een toegenomen diversiteit roept de behoefte aan die bewustwording op. Deze bewustwording is in grote mate een kwestie van kennis en inzicht in de verschillende culturele, politieke, sociale en economische ontwikkelingen die ons hebben gemaakt tot wat we zijn. Die kennis en de bijbehorende inzichten moeten worden gestimuleerd. Een minister van Identiteit kan zich daarbij nuttig maken. Het risico is echter groot dat de minister die door president Sarkozy wordt aangeduid om zich met identiteit in te laten, alsook alle politici die zich tot een dergelijke missie aangetrokken voelen, iets heel anders voor de geest staat. Terwijl identiteit moeiteloos ons handelen stuurt, begint het spreken erover nagenoeg altijd met grove simplificaties. Uit de verschillende invloeden die onze identiteit vormen, wordt er dan eentje overbelicht en de rest getrivialiseerd. Voor een eerste is de klasse allesbepalend, voor een tweede de nationaliteit, voor een derde de religie en voor een vierde het (tweede) geslacht. Dat overdreven benadrukken van één aspect van de identiteit is onvermijdelijk. Het is de manier waarop geschiedenis wordt gemaakt en identiteiten gevormd.We gaan er doorgaans van uit dat arbeiders de arbeidersbeweging hebben gevormd en Vlamingen de Vlaamse beweging. Het is echter even juist en waarschijnlijk juister te stellen dat de arbeidersbeweging de arbeiders heeft gemaakt en de Vlaamse beweging de Vlamingen. De vrouwen van na de vrouwenbeweging zijn niet dezelfde als die van ervoor. De sterke en soms noodzakelijke betrokkenheid op één aspect van de identiteit leidt echter ook dikwijls tot een vorm van etnocentrisme, tot een overdreven positieve visie op de aldus afgebakende eigen groep (wij Vlamingen, wij vrouwen, wij moslims…) en een ontoelaatbaar negatieve kijk op de anderen.Onder bepaalde omstandigheden, geconfronteerd met het vreemde en de vreemden, volstaan die simplificaties voor sommigen niet. Zij willen dan per se ook nog eens heel korte lijstjes maken van, bijvoorbeeld, de essentie van het Vlaming-zijn. Die simplificaties van de simplificatie variëren van het ergerlijke tot het belachelijke en ze bedenken met de monumentale naam van sokkel verandert daar niets aan.

Kosmopolieten

Die gevaren en simplificaties zijn echter onvoldoende reden om de idee van identiteit terzijde te schuiven, zoals de losgezongen kosmopolitische aanhangers van de zelfidentiteit en het therapeutische taalgebruik wel eens willen doen. Een eigenaardig volkje trouwens, die kosmopolieten. De mond vol van de wijde wereld, maar in hun kleine, wijde wereld hebben ze nagenoeg exclusief contact met gelijkgezinden en, meer nog, gelijkgesitueerden. Hun contact met andere culturen wordt bemiddeld door kelners, dienstmeisjes en airhostessen. Zij vinden vreemde culturen dan ook zeer dienstbaar. De eigen identiteit ontmoeten is inzien hoe een boek, een toneelstuk, een wet, een schilderij, een sociale strijd - van honderden jaren geleden soms - ons gemaakt heeft tot wat we zijn. Elk individu, elke groep die hier leeft zou de kans moeten hebben op die ontmoeting. Wie vreemd is moet ook zijn nieuwe omgeving op die manier kunnen ontmoeten. Dat veronderstelt inderdaad taalkennis, maar roept ook vragen op over hoe ver overheden kunnen gaan in het opleggen van taalkennis en -gebruik. In het islamdebat dat momenteel wordt gevoerd ontbreken de stemmen van moslims die ons iets vertellen over hoe de ontmoeting met Europa, een weerzien in feite, hun identiteit verandert.Wil een minister van Identiteit bij dat alles helpen, mij goed, maar het lijkt me veeleer een taak voor wetenschappers, kunstenaars en leraars. Lijstjes en sokkels zullen ons daarbij evenmin helpen als de ijle woorden van de kosmopolieten. Natuurlijk kunnen we snel wat waarden opsommen die iedereen zou moeten onderschrijven. Vrijdag in deze krant leverde Bart De Wever (DM 20/11) nog zo een lijstje af: vrijheid, gelijkheid, waardigheid, solidariteit, pluralisme en respect… Dedju daar wil ik voor strijden, maar wat doen we verder met dat lijstje? Het laten ondertekenen door nieuwkomers? Dat zal de radicaalste tegenstanders van de Verlichting niet tegenhouden. Toetsen ontwerpen om te zien of die waarden wel voldoende worden gerespecteerd? Dat zou verdomd slecht nieuws zijn voor een niet onaardig aantal Vlamingen. Neen, er is geen binnenweg, alleen het lange, langzame, maar grootse pad naar inzicht. Aan die zoektocht zou één regel moeten worden opgelegd. We zouden moeten afspreken dat we nog enkel over identiteit praten als het gaat om een kenmerk dat effectief en in belangrijke mate het voelen, denken en doen van mensen beïnvloedt, hun specificiteit ten opzichte van anderen weergeeft. De kenmerken met die eigenschap zouden het aanknopingspunt moeten zijn voor een zoektocht naar de betekenis van die specificiteit. Identiteiten die niets (meer) zeggen over het voelen, denken en doen van mensen, zouden we moeten opbergen in de rommelkast van het romantische gezwets.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234