Zondag 31/05/2020

HuisdierenQuarantaine

Wat de lockdown leert: een huisdier is er niet louter om ons te plezieren

Beeld Francis Vanhee

Wat een hondenleven, verzuchten we opgesloten in ons kot terwijl alle restaurants, cafés, bioscoopzalen en fuiven vergrendeld zijn. Maar hoe vergaat het onze furry friends eigenlijk in lockdown?

Het start klokslag om halfvier ’s nachts. Het begint met wat gemor, dat vervolgens overgaat in niet aflatend miauwen. Wanneer ik na vijf minuten niet reageer, zakt mijn hoofdkussen plots in. Er worden pootjes op mijn gezicht gelegd. Het is een prima, toegewijde wekker, ware het niet dat hij steevast drie uur te vroeg afgaat. En er geen enkele manier is om hem af te zetten.

Sinds ik dag en nacht thuis zit, zijn de rollen in dit huishouden omgekeerd. Ik ben het bezit van mijn kat geworden, en moet klaarstaan voor knuffels, aandacht of eten wanneer zij dat beslist. Wanneer ik werk wil ze plots, voor het eerst in haar zeventienjarige bestaan, op mijn schoot liggen. Wanneer ik naar het toilet ga, zit ze op mijn voeten en wanneer ik ga slapen weet ik dat de tiran op kousenvoeten de wacht houdt onder mijn bed. Tot het haar tijd is. Halfvier, om precies te zijn.

Ik ben niet de enige wiens kat kuren vertoont sinds de lockdown. “Ik moet hem plots wiegen als een baby”, klinkt het. “Constant miauwen en aandacht vragen, terwijl ze vroeger perfect alleen kon zijn.” Of nog: “Onze kater denkt dat hij in een all-inhotel zit. Hij kan buiten, maar sinds de lockdown zit hij de hele tijd binnen, als een sjeik.” Maar ook het tegenovergestelde blijkt zich voor te doen: “Mijn kat was sowieso al niet supersociaal, maar nu kan ik hem zelfs niet meer aanraken.” En ook: “Mijn kat is na twee weken lockdown voor het eerst van huis weggelopen en nog steeds niet teruggekeerd. Ik ben bijna jaloers.”

Niet louter om ons te plezieren

“Katten zijn heel rauw met hun emoties, ze laten die steeds heel overdreven zien”, zegt dierengedragstherapeut Inge Pauwels  van Toscanzahoeve. “Vandaar dat de reacties van die dieren op de lockdown ook zo uitgesproken zijn: ofwel veel aandacht vragen, ofwel zich helemaal afzonderen.” 

Honden zijn volgens Pauwels dan weer meester in het zich aanpassen aan hun baasjes en zijn doorgaans blij dat die plots wat meer tijd om handen hebben: veel aandacht, veel gaan wandelen en altijd een speelkameraadje in huis – al is dat natuurlijk geen ongeschreven wet. “Heel veel hangt af van het karakter van je huisdier, en ook leeftijd speelt een rol. Voor oude honden kan het nu misschien ook wel veel te druk zijn in huis.”

Hond bang voor mondmasker
De lockdown is niet de enige coronamaatregel die impact heeft op het gedrag van je hond. Hachiko vzw, een organisatie die assistentiehonden opleidt, liet op Radio 2 weten dat je je hond best binnenshuis, bij zijn vertrouwde baasjes, laat wennen aan een wereld met mondmaskers. 
“Alles wat je niet tegenkomt in het dagelijks leven, alles wat er ‘anders’ uitziet, dat vinden honden vreemd. Ze kunnen er zelfs schrik van hebben”, zegt trainster Julia Boere. Ze vertelt hoe de gastgezinnen die de assistentiehonden mee helpen opleiden zich af en toe verkleden, bijvoorbeeld als Sinterklaas, zodat die hulphonden daar later niet van schrikken. Hetzelfde geldt eigenlijk voor alle honden. 
“Ik raad iedereen aan om thuis wat te trainen met je hond. Het is beter als een hond eerst zijn eigen baasje ziet met een mondmasker op, dan dat hij dat op straat moet ontdekken.” 

Volgens Pauwels is het dan ook belangrijk om de wensen van dat dier te leren respecteren. Dat een huisdier niet louter bestaat om ons te plezieren, maar een volwaardig leven leidt met een eigen karakter en eigen noden, waaronder privacy. Met andere woorden: laat je beest ook af en toe met rust en ren er niet de hele tijd met je smartphone achterna omdat het op een schattige manier slaapt. 

Dat is makkelijker geschreven dan gedaan, merk ik. Want nu ons bestaan verkleind is tot de vierkante meters waar we maandelijks voor betalen, spelen onze huisgenoten de hoofdrol in ons leven. Onze fotofolder puilt uit met beeldmateriaal van onze kinderen – zelfs als die kinderen niet op twee poten kunnen stappen en bedekt zijn met vacht of schubben. 

“Vroeger, toen ik op het werk zat, vroeg ik me op willekeurige momenten van de dag af wat mijn kat aan het doen zou zijn. Nu weet ik dat het antwoord op die vraag altijd ‘slapen’ is”, lees ik op Twitter. Op Instagram zie ik konijnen op een skateboard voorbijrollen, iemand anders telt af tot de dag waarop ze weer met haar paard mag gaan rijden. Ik voel plots veel sympathie met de goudvis in de wachtzaal van mijn huisarts en vraag me af of reptielen te koudbloedig zijn voor het stillen van huidhonger.

Bezint eer ge begint

Een huisdier blijkt een verrijking in deze eenzame dagen, en aan het begin van de lockdown zag het er zelfs naar uit dat een hond het enige ticket naar de buitenwereld zou zijn. Dat hebben fokkers en asielen wel gemerkt. Heel wat mensen hebben tijdens deze lockdown een hond in huis gehaald – een kwispelende afleiding en een excuus voor lange wandelingen die hen even uit de sleur van laptop-zetel-bed-repeat haalt. 

Ook dierenarts en beheerder van de KMDA dierenasielen Els De Belder  ziet de vraag naar honden exponentieel stijgen. “Daar hoef je zelfs geen cijfers voor bij de hand te hebben: kijk maar eens in het straatbeeld hoeveel pups je tegenwoordig ziet rondlopen. Ik begrijp het wel, een wandeling is leuker met een hond erbij, maar een hond blijft langer dan de lockdown.” 

Het asiel is open op afspraak voor geïnteresseerde baasjes, die vooral bellen om een hond in huis te halen. De vraag naar katten of andere kleine vrienden is niet gestegen. Aan de overkant van de taalgrens klinkt hetzelfde verhaal: bij de SRPA en Animal Sans Logis hebben ze amper nog honden ‘in de aanbieding’ en spreken ze van een ongeziene interesse om een viervoeter in huis te halen, zo staat te lezen in Le Soir

Op zich is het een goede zaak dat honden het asiel verlaten. Bovendien hebben mensen nu tijd om zich ermee bezig te houden en het dier op te voeden, maar de dierenarts houdt haar hart vast voor september. “Het najaar is sowieso een periode waarin veel meer honden in het asiel belanden. Het wordt donkerder of regent vaker, en mensen zijn minder geneigd om met hun hond buiten te komen. Nu komt daar vermoedelijk ook nog eens de exit bij.” 

Bovendien, zegt De Belder, onderschatten mensen het houden van een hond. “We hebben recent drie pups binnenkregen, allemaal van mensen die zeiden dat het toch zwaarder was dan gedacht. Ik zie dieren graag een thuis krijgen, maar mijn voornaamste advies blijft: bezint eer ge begint.”

Hannes Coudenys met zijn vrouw, zoontje Rae Morris en jack russell Suze. ‘Het is zot hoe zo’n dier de structuur in je huishouden meteen doorheeft.’ Beeld Francis Vanhee

Wie hierover heeft bezonnen, is Hannes Coudenys (38). Hij heeft sinds een week de adoptiehond Suze in huis, een speelse jack russell die in een mum van tijd een speelkameraadje werd voor Coudenys’ zoontje Rae Morris. “Geloof het of niet, maar ik ben eigenlijk een kattenmens”, lacht de Kortrijkzaan. “Ik ben bang voor honden, maar toen mensen me zeiden dat ik die angst ook doorgaf aan mijn zoon, vond ik dat wel vervelend. Dat wou ik niet.” 

Toen vrienden van hen Suze adopteerden, merkte hij tot zijn plezier dat Rae Morris direct zot was van het beestje. “Die vrienden hadden al een hond en stelden voor dat wij co-ouderschap over Suze zouden krijgen. Dat idee is beginnen rijpen en uiteindelijk besloten we het toch te proberen.” 

Ondertussen zit Suze nu al een week bij het jonge gezin, en het bevalt hen enorm. “Het is zot hoe snel je daaraan gehecht bent, en hoe het de structuur in je huishouden ook meteen doorheeft. We zien echt de meerwaarde die zo’n beestje geeft: het doet Rae Morris heel veel deugd en ook mijn vrouw, die last heeft van een angststoornis, komt dankzij Suze vaker buiten.” Het is de perfecte testcase om te kijken of het dier bij hen past, een proefperiode waarvan het belang niet genoeg onderstreept kan worden.

“Mensen kunnen hier altijd terecht voor een gesprek om te kijken of een bepaald dier wel met hun levensstijl matcht, maar ik hoop dat ze ook rekening houden met hun levensstijl na de lockdown”, zegt De Belder. “Een advies dat ik nu vaak meegeef is: laat het beestje ook af en toe alleen zodat het daar ook gewoon aan wordt en het dier straks geen last krijgt van verlatingsangst en gedragsproblemen zal vertonen.”

Leren communiceren

Gedragstherapeute Inge Pauwels geeft gelijkaardig advies. “Ook huisdieren hebben nood aan structuur. Het is belangrijk dat je die ook tijdens de lockdown blijft bewaren, zelfs al kost het je geen moeite om even een aai over de bol te geven. Leer je huisdier dat je het geen aandacht kan geven wanneer je bijvoorbeeld aan je laptop zit. Behoud de vaste eet- en wandelmomenten. Dat is moeilijk, ja, maar dat hoort bij opvoeden. Bovendien doe je je dier er een groot plezier mee.”

Je mag je huisdieren immers niet te veel laten wennen aan een tijdelijke situatie. “Honden koppelen hun veiligheidsgevoel aan routine, aan vaste voorwerpen, activiteiten en mensen. Wanneer dat wegvalt, is dat voor hen een heel indrukwekkende ervaring, en krijg je soms een kortsluiting in de hersenen.” 

Pauwels vreest voor het gemoed van sommige honden wanneer we plots weer de hele dag uit werken gaan en de avonden bij vrienden of op restaurant kunnen doorbrengen, nadat we het beest maandenlang verwend hebben met onze aanwezigheid. “Katten trekken doorgaans hun plan wel, maar ik denk dat we bij honden heel veel stress en (verlatings)angst zullen zien. Dat wil niet zeggen dat dat beest de boel gaat afbreken of plots een hele dag door gaat blaffen – dat is vaak veel subtieler. Het is dan ook van vitaal belang dat je inzicht krijgt in je huisdier en dat je hun gemoed kan lezen.”

Mensen projecteren namelijk hun eigen gevoelens en communicatiestijl en lichaamstaal op hun harige huisgenoot. “Dat is eigenlijk het grootste probleem in de relatie tussen mens en dier”, weet Pauwels. “We zien zoveel gemiste kansen bij eigenaars die niet de moeite doen om de taal van hun dier te leren spreken, om hun emoties te leren begrijpen, hoe ze signalen overbrengen. Zo kun je aan de oren van een konijn of de staart van een kat al heel wat te weten komen. 

“Wanneer er dingen mislopen met een huisdier is de reactie van mensen maar al te vaak ‘dat beest moet het maar leren’, terwijl ook de baasjes hun kennis en gedrag moeten bijspijkeren. Dat staat ook in mijn jobomschrijving: ik train dieren én mensen.”

Wat met de andere dieren in ons leven?

“Mensen onderschatten het rijke gevoelsleven van dieren”, weet Johan Mertens, ereprofessor biologie aan de UGent. “Jij spreekt hier nu enkel over katten en honden, maar ook bijvoorbeeld parkieten, huismuizen of kippen voelen de verandering in het gedrag van hun baasje. 

“Koeien zullen het bijvoorbeeld ook appreciëren dat de boer nu vaker bij hen komt. Runderen zijn kuddedieren, die kennen elkaar, die kennen hun positie in de stal en aan de voederplaats en zijn zich bewust van hun relatie met hun omgeving. De veeteler is voor hen geen abstract begrip, geen vaag figuur die af en toe langskomt. Die kénnen die persoon, en wanneer die vaker langskomt en wat meer affectiegedrag vertoont zullen die daarop reageren. 

“Het is niet je dier dat plots meer aandacht nodig heeft, de lockdown maakt vooral ménsen aanhankelijker: wij doen meer moeite, wij zoeken meer toenadering bij onze dieren, die zich daar vervolgens aan aanpassen.”

Het zijn bovendien niet alleen de dieren die we bewust onderdak en voeding verschaffen die de impact van deze lockdown voelen. “Ook in die niet-gedomesticeerde dieren moet je een onderscheid maken. Ik ga nu niet beginnen over insecten, maar je kan wel zeggen dat een aantal dieren zodanig geadapteerd zijn aan de nabijheid van de mens dat die ook rekening houden met veranderingen in ons gedragspatroon.” 

Ook los van de lockdown is dat het geval. De professor geeft het voorbeeld van de verandering van de wintertijd naar de zomertijd (of omgekeerd), en hoe er meer verkeersslachtoffers vallen bij de uursverandering omdat sommige dieren hun gedrag afstellen op onze routine.

“Kauwen, eksters, maar ook zoogdieren als ratten en vossen weten heel goed wanneer we doorgaans in ons kot zitten en wanneer wij massaal buitenkomen. Die weten dat ze doorgaans tot een uur of zes, zeven de tijd hebben om hun zogenaamde boodschappen te doen en alle tuintjes en straten uit te pluizen naar voedsel. Nu hebben ze gemerkt dat ze daar meer tijd voor hebben en daar maken ze dan ook gebruik van.” 

Dat verklaart de beelden van reigers die aan de Gentse graslei zaten te vissen, de berggeiten die doordringen tot het centrum van Wales of zelfs everzwijnen die gespot worden op het zebrapad in Barcelona. Er worden minder egels en kikkers doodgereden, maar tegelijkertijd moeten heel wat ganzen en eendjes het nu zonder onze broodkorsten stellen.

“Zelfs dieren die doorgaans niet in contact komen met de mens of die toch weinig rekening met ons moeten houden, voelen verandering. De buizerd merkt dat het minder druk is op autosnelwegen, en dat zijn jachtterrein weer wat is uitgebreid. Beren in beschermde natuurgebieden die momenteel gesloten zijn, zullen hun route aanpassen nu er geen bezoekers meer komen. Om maar te zeggen dat het antwoord op de vraag wat voor impact de lockdown heeft op de dieren in onze omgeving, ontzettend breed en complex is. Net zoals de impact van ons gedrag op dieren, tout court. Daar zouden meer mensen zich bewust van mogen zijn.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234