Woensdag 14/04/2021

Opinie

Wat China's eenkindbeleid wel en niet heeft bereikt

null Beeld REUTERS
Beeld REUTERS

Amartya Sen is nobelprijswinnaar en professor economie en filosofie aan de Universiteit van Harvard.

De afschaffing van het eenkindbeleid in China is een kolossale ommekeer. We moeten ons verheugen in de versoepeling van de vrijheid in een zo persoonlijk domein. Maar we moeten ook erkennen dat de scherpe daling van de vruchtbaarheid in China in de voorbije decennia, die vaak aan het eenkindbeleid wordt toegeschreven, in werkelijkheid minder met dwang te maken heeft dan met het rationele denken van mensen die voor een kleiner gezin hebben gekozen. Die ontwikkeling is vooral bevorderd door de toenemende emancipatie van de Chinese vrouwen, dankzij de snelle uitbreiding van het onderwijs voor meisjes en van de kansen op de arbeidsmarkt. China heeft nu nog meer van dat rationele denken nodig om de 'voorkeur voor jongens' te overwinnen. Die voorkeur is strijdig met het succes van de Chinese vrouwen maar blijft wijd verspreid.

Dit is een goed moment om te onderzoeken wat het eenkindbeleid wel en niet heeft bereikt. Om te beginnen, moeten we kritisch staan tegenover het gladde verhaal dat China gedoemd was tot hoge vruchtbaarheidscijfers tot het eenkindbeleid alles veranderde. Dat beleid werd in 1978 ingevoerd. Maar de vruchtbaarheid was al tien jaar vroeger drastisch teruggevallen, van een gemiddelde van 5,87 geboorten per vrouw in 1968 naar 2,98 in 1978. Het draconische beleid heeft ervoor gezorgd dat de vruchtbaarheid na die enorme daling verder bleef inkrimpen. Maar dat was geen trendbreuk, wel een voortzetting van een bestaande evolutie.

Amarty Sen. Beeld AP
Amarty Sen.Beeld AP

De vruchtbaarheid is teruggevallen van 2,98 geboorten per vrouw in 1978 naar 1,67 vandaag. Dat is duidelijk niet alleen het werk van het eenkindbeleid. Statistieken die verschillende landen met elkaar vergelijken en de empirische analyse van gegevens van honderden districten in India, wijzen onomstotelijk op de twee grote factoren die de vruchtbaarheid doen dalen: de scholingsgraad en de loonarbeid van de vrouwen. Daar is niets raadselachtigs aan. De jonge moeders dragen de zwaarste last van te veel zwangerschappen en te veel kinderen om op te voeden. Meer onderwijs en betaald werk geven jonge vrouwen meer inspraak in de beslissingen van het gezin, een inspraak die tot minder kinderen leidt.

De snelle expansie van het onderwijs in China, ook voor meisjes, en de toenemende arbeidskansen voor jonge vrouwen dateren van decennia voor de invoering van het eenkindbeleid en blijven aanhouden. De daling van de Chinese vruchtbaarheidscijfers komt zelfs dicht in de buurt van wat we alleen op basis van die sociale invloeden zouden verwachten.

Misschien was de afschaffing van het eenkindbeleid zelfs een gemakkelijke keuze, want als de gezinnen rationele beslissingen nemen, is er weinig behoefte aan een harde politiek. Dat brengt ons terug naar het klassieke meningsverschil tussen Thomas Robert Malthus en de Marquis de Condorcet in de 18de eeuw, op het hoogtepunt van de Verlichting. Condorcet had gewaarschuwd voor de mogelijkheid van een rampzalige overbevolking. Malthus gaf hem gelijk, maar overdreef het gevaar enorm door Condorcets geruststellende argument te verwerpen: het gezond verstand van de mensen zou redding brengen. Condorcet verwachtte immers dat 'de opmars van de rede' tot een nieuwe norm van kleine gezinnen zou leiden. Hij stelde dat de veralgemening van het onderwijs, vooral voor vrouwen, ervoor zou zorgen dat de gezinnen vrijwillig voor minder kinderen zouden kiezen.

Rationele beslissingen zijn geen monopolie van westerlingen. In China hebben ze al een grote rol gespeeld om de gezinnen te doen inkrimpen. Maar er zal nog meer gezond verstand nodig zijn. Ondanks zijn buitengewone sociale en economische successen, kent China een verontrustend groot aantal selectieve abortussen. Voor elke 100 jongens worden er slechts 85 meisjes geboren, tegenover ongeveer 95 in landen waar niet selectief wordt geaborteerd. Ondanks de enorme vooruitgang die de Chinese vrouwen op de meeste terreinen hebben geboekt, leidt de traditionele 'voorkeur voor jongens' een hardnekkig bestaan. Wettelijke maatregelen om het verschijnsel te bestrijden, leveren weinig resultaat op. Ook hier hebben we meer rationeel denken nodig, bevorderd door meer inspraak van de vrouwen, om dit arbitraire, ontmenselijkende vooroordeel te overwinnen.

In Zuid-Korea, waar vroeger eveneens veel meer jongens dan meisjes werden geboren, is dat buitengewoon goed gelukt. Door het publieke denken te cultiveren en de bevolking te overtuigen van de noodzaak van een evenwicht tussen de geslachten, heeft het land een enorme verandering tot stand gebracht. China moet dat voorbeeld volgen en op de macht van de rede vertrouwen, niet op wettelijke dwang. De afschaffing van het eenkindbeleid is ongetwijfeld een belangrijke stap in die richting. Het feit dat de demografische geschiedenis van China in de voorbije halve eeuw bewijst dat Condorcet gelijk had met zijn 'opmars van de rede', moet tot optimisme stemmen. Dat is nog belangrijker omdat China nog meer uitdagingen op deze productieve manier zal moeten aanpakken.

Copyright The New York Times

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234