Donderdag 26/11/2020

'Was ik niet als gek afgeschilderd, dan had ik de plastinatietechniek nooit kunnen ontwikkelen'

'Ofwel beschouw je je lichaam als iets dat stinkt, een zak wormen. Ofwel zie je het als iets bijzonders. Op Körperwelten krijgen bezoekers een esthetische shock. Hier ontwikkelen ze een gevoel van trots over hun lichaam. Daarom doneren ze na hun bezoek hun lichaam spontaan.' De Duitse anatomieprofessor Günther Von Hagens (57) is trots op het succes van zijn controversiële lijkententoonstelling Körperwelten. Voor zijn criticasters is het commercieel misbruik van een pervers griezelkabinet.

Anderlecht / Eigen berichtgeving

Nathalie Carpentier

Anatomische preparaten? Die horen exclusief thuis achter de gesloten deuren van de dissectiezaal van geneeskundestudenten. De man met de onafscheidelijke zwarte hoed Günther Von Hagens (57) vindt dat niet. Leken vragen er zelf om. Met zijn plastinatietechniek kan hij lijken meer dan 2.000 jaar bewaren. Toen hij die techniek op een anatomiecongres voorstelde aan collega's, viel hem de interesse op bij leken "die altijd rondhangen op dat soort congressen". "Ik besefte dat plastinaten het beste educatiemiddel waren om leken iets te leren over anatomie." In zijn ogen betekent dat een commerciële tentoonstelling met echte mensenlijken, zittend achter een schaakbord of rijdend op een geplastineerd paardenlijk, gevild, in plakjes gesneden, met opengespreide organen of flapperende spierbundels. Voor veel mensen gaat dat te ver. Telkens de expositie Körperwelten ergens opent, zoals vandaag in Anderlecht, oogst ze protest. Termen als 'wansmakelijk' en 'mensonterend' zijn niet van de lucht. De Huisarts wou Körperwelten eerst sponsoren, maar heeft zich nu al teruggetrokken. Liefst van al zien Hagens' zwaarste criticasters de opening verhinderd. Anderen maken gewiekst gebruik van de hetze. Toevallig of niet, het Museum voor Geneeskunde (ULB) pakt tegelijkertijd uit met zijn nieuwe collectie levercirroses en kankergezwellen. Von Hagens zelf heeft geleerd zich te verdedigen. Hij wikt en weegt zijn antwoorden. Het woord 'lijk' neemt hij nooit in de mond. Hij gebruikt nadrukkelijk de term 'specimen'.

U had geen controversiëlere plek kunnen uitkiezen voor de expositie: de kelders van een slachthuis. Volgens uw tegenstanders is dat een bewijs van wansmaak.

Von Hagens: "De nabijheid van het slachthuis is geen argument om de tentoonstelling hier niet te houden. Het maakt ons net bewuster van de manier waarop we dieren behandelen. Het maakt duidelijk hoe we ons gedragen en hoe we beslissingen nemen. Hetzelfde geldt voor de foetussen. Die mag ik volgens sommigen niet tonen, maar juist door die bokalen met misvormde foetussen te tonen, zwengel ik het bewustzijn van mensen aan. Dan kunnen ze met meer kennis beslissen of het juist is om een abortus te laten uitvoeren of niet, zonder dat ik ooit voor rechter speel."

Ook in België willen verschillende mensen de tentoonstelling verhinderen.

"Ze weten niet wat voor tentoonstelling het is. Dat is de enig mogelijke verklaring. De aanklacht luidt dat het geen educatie is, geen wetenschap, maar ik ken geen enkele andere anatomische tentoonstelling ter wereld waar je een gedetailleerdere beschrijving krijgt. Als je alleen al alles leest wat bij de specimens vermeld wordt, ben je algauw meer dan twee uur zoet. Met de hoofdtelefoon heb je zelfs minstens 2,5 uur nodig. Ik ken veel traditionele anatomiemusea. Daar krijg je misschien een paar woorden verklaring per specimen, ja. Wij doen er alles aan om een goede uitleg te geven, om de mensen echt te informeren en ze iets bij te leren."

De kritiek komt niet alleen uit conservatieve hoek. Hier wordt de tentoonstelling veroordeeld door collega-anatomen die zelf de plastinatietechniek bewonderen.

"Zij geloven dat de leek die specimens niet mag zien. Ik denk daar helemaal anders over. Elke beginnende geneeskundestudent stapt als leek de dissectiekamer binnen. Waarom mogen die eerstejaars het wel zien en andere leken niet? Nooit eerder gaven de media zoveel gedetailleerde informatie, bijvoorbeeld over de meniscus. Het blijft echter bij woorden. Niemand heeft die meniscus ooit gezien. In die kennis zit een enorm vacuüm. Het is gerechtvaardigd om anatomie te democratiseren. Dat betekent verderzetten wat de grondleggers van de moderne anatomie deden tijdens de renaissance. Toen trokken anatomiekunstenaars zoals Leonardo da Vinci en Andreas Vesalius naar de markt en dissecteerden ze lijken voor iedereen die het wilde zien, voor niet-geneesheren. Meer dan tweehonderd jaar lang hadden veel Europese steden anatomietheater. Wat ik doe, is modern anatomietheater."

Ze beschuldigen u van een totaal gebrek aan respect voor de overledenen.

"Grappig dat mensen dat denken. Als iets van geen respect getuigt, is het wel lijken in stukken snijden, ze in formol steken zodat alle kleuren vergaan, ze als augurken in een pot steken en er een deksel opdraaien, netjes met bijvoorbeeld een etiketje 'lever' erop. Is het respectvol dat mensen daar amper nog een menselijke lever in herkennen? Zonder dat een wet mij ertoe dwong, heb ik een donatieprogramma opgestart. Dat is veel waardiger. Ik had evengoed niet-opgeëiste lichamen kunnen gebruiken. Ik conserveer bovendien het hele lichaam. Zo realiseer je je veel sterker dan dit een voorstelling is van het normale leven, dat dit een mens was eerder dan een potje formol. Wat ik doe, is niets nieuw. In Italiaanse musea staan ook specimen tentoongesteld, alleen zijn ze door de tand des tijds gedesintegreerd. Daar kan je niets van leren, alleen de skeletten blijven over. Wat is dan waardiger?"

U gaat een stuk verder dan dat. U toont niet alleen lijken, u beeldhouwt ze om tot ladenkastjes.

"Vanuit mijn twintigjarige ervaring als professor anatomie weet ik dat gewone mensen een volledig verkeerd begrip hebben van hun lichaam: er zitten beenderen en spieren in, allemaal vrij losjes samen verpakt en die bewegen in het lichaam. Nee, het lichaam is een compact geheel, er bevindt zich eigenlijk geen ruimte tussen. Alleen een glijdende beweging is mogelijk. Dat kan je niet tonen met een bloedvatensysteem, de beenderen of de spieren. Je moet het geheel tonen. Hoe kan je dat dan beter doen dan door hele fragmenten te verschuiven? Die ladenman toont hoezeer mensen zelf denken in laden, want het zijn geen laden. Het zijn verschoven fragmenten. Het is je verbeelding die te werk gaat als je er een ladenkast in ziet."

Voor u zou het menselijk lichaam niet meer zijn dan materiaal dat u naar believen openspreidt.

"Dat zou kloppen als ik geen anatomie beoefende, maar ik trek de lichamen open om naar binnen te kijken. Zo kan de leek het lichaam doorgronden. Ik snijd in het abdomen, het hoofd, de benen en spreidt de delen uit. Ik zie in de ogen van de leek dat hij in gedachten alle onderdelen terug tot een geheel omvormt. De leek begrijpt me. De journalist moet een verhaal schrijven. Die zegt: 'Kijk, Von Hagens heeft twee lijken op een paard gezet.' Nee, het is er één, maar het is uitgerekt. We zitten vast aan onze verbeelding en die vervormt wat we zien. Tijdens mijn twintigjarige periode als anatoom aan de universiteit, heeft geen enkele student of leek zijn lichaam afgestaan voor anatomie. Bij Körperwelten zijn het er elke dag vijf. Waarom? Omdat de bezoekers het begrijpen en goed vinden. Een lichaam uiteensnijden tot een voorwerp zonder betekenis zou mensonterend zijn. Ik toon een long als een long, hersenen als hersenen, zo goed mogelijk en in de best mogelijke topografische context. Ik transformeer nooit een lichaam tot abstracte kunst. Ik snijd geen bloemkoolvorm uit hersenen, ik houw geen revolver uit een penis. Ik toon anatomie."

Waarom noemt u het dan anatomiekunst?

"Het artistieke zelf vind ik niet belangrijk. Als ik kunst al begrijp, is dat als een vorm van vakmanschap, van kennis. Daarom definieer ik anatomiekunst als de esthetische, instructieve voorstelling van het inwendige van het lichaam. Met esthetiek wordt het veel makkelijker om iemand iets aan te leren. Je leert ook liever uit kleurrijke boeken dan van saaie zwart-witbladzijden. Hoe je iets voorstelt, is heel belangrijk omdat je geheugen het daardoor beter opslaat. Dit is ervaringsanatomie, event-anatomie. Ik combineer educatie en entertainment, edutainment dus. Ik toon het op een juiste en heel waardige manier. In Mannheim stond er een aluminium boog rond elk specimen, bijna als een relikwie in de kerk. Dat wordt ook in een stof gedrapeerd of in een monstrans geplaatst."

Begrijpt u de tegenstand niet? Dat mensen huiveren als ze een man zien die zijn eigen huid voor zich uitdraagt?

"Natuurlijk begrijp ik de kritiek. Maar als u vraagt wat ik ervan denk: voor mij is de huidman geweldig. De huid is een vergeten orgaan in de anatomie. Studenten snijden ze gewoon weg. Ze beseffen niet dat ze het grootste en zwaarste orgaan is en heel belangrijk is. Moet ik ze tegen de muur hangen als een leeuwenvel? Of op een stapel leggen? Hoe stel je zoiets best voor op een waardige manier? De man is trots op zijn huid en nu hij dood is, kan ik ze zelfs teruggeven. Dat is de waardigste manier die ik kon bedenken. Noem me een betere manier om dat te tonen."

Hoe moet iemand reageren die een dode vriend ziet opgesteld?

"Net daarom is dit geen post-mortemshow. Dat zou het geval zijn als ik de naam van de overledene erbij vermeldde. Ik doe er alles aan om het volledig anoniem te houden. Je kan je geliefden niet terugvinden. Dat staat ook in hun testament. Het is volledig in lijn met de anatomietradities van meer dan 400 jaar oud."

Volgens professor anatomie Jan Pieter Clarijs (VUB) moeten lichamen begraven worden, ook die van anatomische preparaten.

"Dat is heel interessant. De grotere anatomiemusea bezitten allemaal een anatomische collectie met potten van soms 150 jaar oud. Als je zo denkt, moet je alle mummies en skeletten verbranden of begraven onder de grond. Waarin verschilt een plastinaat van een skelet? Beenderen bestaan voor 80 procent uit organisch materiaal. Spieren en organen voor 30 procent, 70 procent is water. Dus na plastinatie (waarbij natuurlijk vocht wordt vervangen door synthetisch materiaal, NC) bevatten de beenderen 20 procent polymeer, de spieren en organen tot 70 procent polymeer. Plastinaten zijn gecombineerde skeletten van beenderen, spieren en organen. Het zijn droge specimens die veel meer lijken op mummies of skeletten dan op een dood iemand, een lijk dat bestemd is voor een begrafenis. Ze hebben ook een educatief doel en ze zijn anoniem. Op geen enkel skelet in scholen staat een datum waarop het onder de zoden moet."

Dat u menselijke lichamen gebruikt om er winst uit te slaan, kan u niet ontkennen. Het is een business.

"Die kritiek is een zeer gesofisticeerde ontkenning van de dood, probeert de mening over te brengen dat je voor alles geld kan vragen, maar niet voor de dood. Dat is een totaal onrealistisch wereldbeeld. Je krijgt niets voor niets. Anatomie-instituten gebruiken het geld van de belastingbetaler. Dat is verborgen geld, ik doe het open en bloot. Iedereen kan zien hoeveel ik verdien. Ik ben heel trots op die commercialisatie. De begrafenisondernemer vraagt duizenden mark aan de persoon die net een geliefde heeft verloren. Daar geeft niemand een zier om, het is normaal. Volgens die redenering moet je elk museum dat anatomische preparaten toont, verbieden. Volgens politici moet cultuur zichzelf financieren. Bij mij wordt het zelfs gefinancierd door de mensen die het willen zien. In die zin ga ik zeer democratisch en legitiem te werk."

Een beetje controverse lokt wel mooi bezoekers naar de tentoonstelling.

"Ja natuurlijk. Daarom ben ik ook zo blij dat u komt. Dan weten de mensen vooraf wat er te zien is. Ik doe ook mijn best om u te informeren."

U wil een permanent mensenmuseum oprichten.

"Ja, want dat wordt me vaak gevraagd. Geen enkel museum is meer gewild dan zo'n museum. Het kost echter veel geld, ongeveer 60 tot 120 miljoen Duitse mark. Daarom hou ik van commercialisatie, want ik wil onafhankelijk zijn. Dan kan ik het uitvoeren, want ik zal het geld niet krijgen van de stad of van de politici. Die zijn bang voor de controverse. Wil ik het binnen vijf jaar kunnen bouwen, dan heb ik vijf tentoonstellingen nodig."

Verschilt het protest in België van dat in andere landen?

"Het is altijd anders. Hier komt het specifiek uit de medische hoek. Mensen oordelen te snel op basis van emoties, zonder zich te informeren. In de krant lees ik dat ik uit ben op sensatie en dat het geen wetenschap is. Dat is verkeerd. Ik ben een uitvinder en dus zeer individualistisch. Als ze me niet hadden afgeschilderd als een gek, had ik de plastinatietechniek nooit kunnen ontwikkelen op 15 of 20 jaar. Ik ben graag gek. Het geeft me de vrije geest om te handelen."

Heeft u zelf nooit een macaber gevoel overgehouden aan de tentoonstelling, aan het tonen van lijken?

"Dat is een heel suggestieve vraag. Ik heb er een heel bijzonder gevoel bij, maar of het woord macaber gepast is? Je vindt iets macaber als je iets niet kent en je een gevoel van angst en interesse vermengt. Ik ben meer dan twintig jaar anatoom. Toen ik als student voor het eerst een dissectiekamer binnenkwam, had ik zo'n macaber gevoel. Als je in het gat van een crematieoven kijkt, voel je dat. Maar hoe meer ik bezig ben met anatomie, hoe meer ik het menselijk lichaam begin te appreciëren. Ik begrijp de controverse volledig. Die verklaart deels het succes van de tentoonstelling. Het echte succes is niet de hoge opkomst, maar dat de interesse in het menselijk lichaam zich vertaalt in een gezondere levensstijl.

"De controverse ontstaat omdat mensen zich laten leiden door hun verbeelding. Ze worden achtervolgd door herinneringen aan films van Hitchcock en over Frankenstein. De filmindustrie heeft fortuinen verdiend door anatomie te verbinden met een proces van dood en verval. Anatomie is geen van de twee. Het gebeurt na het sterven en voor het verval. Door de specimens een levensechte houding te geven, neem ik juist dat gevoel van dood weg. Ik verklein de kloof tussen leven en dood. Niets staat zo dicht bij jezelf als je eigen lichaam. Vanaf je jeugd wordt interesse in je eigen lichaam gebrandmerkt. Je wordt niet verondersteld je vingers in je neus te steken. Je zou niet mogen masturberen. Je mag niet naar je uitwerpselen kijken. Ofwel beschouw je je lichaam als iets dat stinkt, als een zak wormen, ofwel zie je het als iets bijzonders. Daarnaast gaan films anatomie ook nog eens verbinden met dood en verval. Maar je interesse voor je lichaam blijft. Op Körperwelten krijgen mensen een esthetische shock en veranderen ze hun mening. Bezoekers ontwikkelen een soort trots over hun lichaam. Daarom doneren ze hun lichaam."

Heeft u zelf een voorkeur om als een bepaald type plastinaat te eindigen?

"In schijfjes. Lijkt dat u niet grappig? Dan kan ik helemaal uitgespreid nog steeds passief kennis doorgeven."

Körperwelten, vanaf vandaag tot 24 februari 2002 in de kelders van de slachthuizen van Anderlecht. Info: 02/528.19.00, info@plastination.com, www.koerperwelten.com

'Ik toon een long als een long, hersenen als hersenen. Ik snijd geen bloemkoolvorm uit hersenen, ik houw geen revolver uit een penis'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234