Maandag 20/05/2019

Antwerpen

"War on drugs is schadelijker dan drugs zelf"

Beeld RV

Door meer in de haven te controleren en de geldstromen van de drugsmaffia droog te leggen, schakelt de war on drugs in Antwerpen een versnelling hoger. Een logische stap voor burgemeester Bart De Wever, die Marokkaanse drugsfamilies uit Borgerhout met de vinger wijst, nutteloos volgens insiders. "Een oorlog tegen drugs creëert juist een lucratieve markt."

Afstand nemen, ook letterlijk, doet soms wonderen. Vanuit Marokko, waar hij tijdens een werkbezoek pleitte voor een Belgische gevangenis op Marokkaanse bodem, reageerde de Antwerpse burgemeester Bart De Wever (N-VA) vorig weekend geprikkeld op het zoveelste incident in Borgerhout tussen politieagenten en een groepje jongeren, dat zich deze keer had verzameld rond een dronken man die zich agressief gedroeg.

Een van de omstanders duwde een agent in de rug, waardoor die viel. Toen agenten van het opgeroepen snelleresponsteam de dronken arrestant in de politiecombi zetten, bekogelden enkele jongeren hen met eieren. Twee amokmakers werden opgepakt; degene die de agent omver duwde, kon ontkomen. Twee weken geleden werd in datzelfde Borgerhout een fietspatrouille van de politie geslagen en bekogeld.

“Het ene incident steekt het andere aan”, zei Bart De Wever. “Er zijn families die sterk vertegenwoordigd zijn in de drugskartels, die daar veel geld aan verdienen en die graag het publieke domein claimen en jongeren opjutten om de politie te verjagen of camera's te vernielen.” Versta: doordat ‘drugsfamilies’ jongeren aanzetten tot amok, kan de politie zich alleen bezighouden met het blussen van brandjes in plaats van achter de zware criminelen aan te gaan die de Antwerpse drugshandel in handen hebben genomen.

Twee maanden geleden verkondigde De Wever nog dat de opstootjes met Marokkaanse straatschoffies te wijten waren aan de ramadan. Ligt het aan de verminderde concentraties fijn stof in Marokko dat de Antwerpse burgemeester plots het licht ziet en het geweer van schouder verandert?

Misschien heeft De Wever intussen Borgerokko Maffia ter hand genomen, het boek waarin journalist Raf Sauviller beschrijft hoe Marokkaanse gangsters vanuit hun uitvalsbasis in Borgerhout greep hebben gekregen op de cocaïnehandel via de Antwerpse haven.

De criminele families, waar de business van vader op zoon overgaat, lijken moeiteloos hun zaakjes te runnen en pronken ongegeneerd met hun rijkdom door in Borgerhout met patserbakken rond te rijden. Terwijl ze hun drugsgeld witwassen in handelszaken op en rond de Turnhoutsebaan, waar de legale economie stilaan wordt verdrongen door de criminele variant, vechten ze elders in de stad hun eigen drugsoorlog uit.

Molotovcocktails

Sinds juli vorig jaar deden zich in en rond Antwerpen alleen al achttien gewelddadige incidenten voor die toe te schrijven zijn aan het drugsmilieu. Gangsters beschoten mensen die in de haven werken, gooiden molotovcocktails naar huizen of schoten vanuit voorbijrijdende wagens met kalasjnikovs op huizen. De jongere broer van een Marokkaanse drugsbaron werd ontvoerd en pas vrijgelaten nadat de familie losgeld had betaald. Een andere grote drugshandelaar werd eveneens ontvoerd – van hem is er sindsdien geen teken van leven meer geweest.

De Gentse criminoloog Brice De Ruyver bevestigt dat er een concurrentieslag gaande is tussen meerdere drugsfamilies. “Dat verklaart mee de afrekeningen die we de laatste tijd gezien hebben. Een aantal Marokkaanse families is opgeklommen in de hiërarchie van zowel de groothandel, die de drugs binnentrekt, als de tussenhandel, die de drugs vanuit Antwerpen verder distribueert.”

Dat de drugsfamilies jongeren inschakelen om de politie het leven zuur te maken, lijkt De Ruyver niet onwaarschijnlijk. “Dat hebben we eerder al in Kuregem en in Molenbeek vastgesteld. De families proberen vrij spel te krijgen door die gasten in te schakelen.” Bovendien hebben drugsdealers sowieso een grote invloed op jongeren, zegt De Ruyver. “Het zijn patsers die hun geld etaleren. Op die manier worden ze rolmodellen voor jongeren.”

Volgens De Ruyver heeft een en ander te maken met het feit dat de Antwerpse haven steeds belangrijker wordt als aanvoerhaven voor drugs. “Antwerpen heeft als haven een strategische positie in Europa. Omdat het een open haven is, is ze ook erg moeilijk te beveiligen.” Via de haven komen de ladingen cocaïne uit Zuid-Amerika en hasj uit Noord-Afrika binnen en gaan ze naar Nederland, al jaren de mondiale draaischijf van de drugshandel.

Om de drugs uit de haven te halen, doet de mocromaffia, de Nederlands-Marokkaanse onderwereld die de drugshandel bestiert, beroep op lokale criminelen die de haven goed kennen. De uithalers komen vaak uit de Marokkaanse gemeenschap uit Borgerhout. Maar de straatboefjes van weleer zijn steeds meer voor zichzelf gaan rijden. Volgens Raf Sauviller zijn er in Borgerhout vandaag tientallen Marokkaanse families die fulltime in de cocaïne- en hasjhandel zitten.

Cokehoofdstad

Dat Antwerpen intussen de cokehoofdstad van Europa is geworden, blijkt niet alleen uit metingen van het afvalwater. Vorige week nog meldde de Antwerpse federale politie dat de douane steeds meer cocaïne in beslag neemt in de haven. Ging het in 2013 nog om ‘slechts’ 4.742 kilogram, dan was dat vorig jaar zes keer meer: 29.732 kilogram – bijna dertig ton. In de eerste helft van dit jaar nam de douane al 13 ton cocaïne in beslag. Ook in Brazilië, Colombia en Ecuador werd dit jaar al bijna 20 ton coke gevonden met bestemming Antwerpen. Het is duidelijk, aldus de federale politie, dat de Zuid-Amerikaanse drugskartels en de Nederlandse bendes waarmee ze samenwerken, steeds vaker langs Antwerpen passeren om cocaïne Europa binnen te brengen.

Het geweld dat daarbij komt kijken, ligt volgens de politie aan het feit dat de kartels vroeger hun eigen plan konden trekken: ze maakten een gat in de omheining van de haven en haalden de coke zelf uit de containers. Door de toegenomen beveiliging hebben de kartels nu hulp nodig uit Antwerpen en van het havenpersoneel om de drugs uit de haven te smokkelen. “Door die activiteiten en door de contacten die ze daardoor hebben opgebouwd, hebben de Antwerpse clans zich beter in de markt gezet”, schetste gerechtelijk directeur Stanny De Vlieger van de Antwerpse federale politie. “Ze organiseren zelf transporten en dat zorgt voor toenemende concurrentie en conflicten.”

In de haven van Antwerpen moeten camera’s binnenkort een extra hulpmiddel worden in de strijd tegen cocaïnesmokkel. Beeld © Bart Leye

Het drugsgeweld leidde er mee toe dat Bart De Wever in 2013 een ‘war on drugs’ afkondigde. Drie jaar later kon de Antwerpse politie uitpakken met overtuigende cijfers: meer dan 3.000 straatdealers gearresteerd, 430 auto's en bijna twee miljoen euro misdaadgeld in beslag genomen. Het aantal auto-inbraken, gewelddadige diefstallen en gewapende overvallen was met de helft gedaald.

“Vindt u dat overtuigend?”, repliceert Tom Decorte, professor criminologie aan de Universiteit Gent. “Geef mij dertig politiemensen en ik haal die resultaten ook. Het is niet moeilijk om de kleine straatdealers op te pakken. Het enige wat de repressieve aanpak heeft opgeleverd, is dat de overlast van de dealers in Antwerpen-Noord is verdwenen. Het stadsdeel is leefbaarder geworden. Maar drugshandel deint uit als een olievlek: als ze aan de oppervlakte minder goed te zien is, wil dat zeggen dat ze zich in druppels verspreid heeft.”

Pas als iemand hem kan aantonen dat er minder hepatitis B en C voorkomt, dat er minder gebruikers zijn en minder drugsdoden vallen, dat de prijzen stijgen omdat er schaarste is – pas dan valt Decorte er misschien van te overtuigen dat de war on drugs werkt. Quod non: “Ik ben nog geen enkele gebruiker tegengekomen die sinds de war on drugs moeilijker aan zijn gerief is geraakt, of er meer geld voor heeft moeten neertellen.”

Het valt op, zegt Decorte, dat De Wever bij elk incident dat met drugs heeft te maken, zijn war-on-drugs-retoriek uitbreidt. “Nu ook weer met de cocaïnetoevloed: hij zit gevangen in oorlogsretoriek, waarbij elk argument goed lijkt te zijn om meer middelen in te zetten. Maar die wapenwedloop leidt nergens toe. Hoe harder de repressie, hoe zwaarder de drugsmarkt zal worden: meer straatgeweld, meer wapengekletter, meer criminaliteit. Dat is een cirkelredenering waar je niet meer uit geraakt.”

Een war on drugs heeft sowieso geen zin, betoogt Decorte. “De internationale wetenschap is het daarover eens. Kijk naar Latijns-Amerika, waar de overheid nog draconischer te werk is gegaan dan in Antwerpen en het leger is ingezet om de drugshandel aan te pakken. Het heeft alleen maar tot gevolg gehad dat de kartels nog machtiger zijn geworden en dat ze zich hebben verspreid over het hele Zuid-Amerikaanse continent. Met repressie krijg je de drugsmarkt niet kapot. De winstmarges zijn er zo groot dat je van nature zware criminaliteit aantrekt. Het is het speelveld van de echte zware jongens, die niet terugdeinzen voor intimidaties en afrekeningen.”

Het klopt overigens niet dat de achttien gewelddadige incidenten sinds juli vorig jaar uitsluitend zijn te wijten zijn aan de cocaïnetrafiek in de haven. Alle drugsmarkten zijn met elkaar verweven, schetst Decorte. Het heeft evengoed met hasj en wiet te maken, maar ook met de xtc- en speedlabo's in de Noorderkempen en in Limburg. “En wat de opstootjes met de politie betreft: het is gemakkelijk om alle sociale problemen toe te schrijven aan Marokkanen die in de drugshandel zitten. Het gaat hier ook over racisme, maatschappelijke ongelijkheid, politiegeweld en leefbaarheidsproblemen in een stedelijke context.”

Droogleggen

In Antwerpen is de federale politie een andere mening toegedaan en schakelt ze een versnelling hoger: het zogenoemde Stroomplan moet niet alleen de cocaïnelijn in de haven van Antwerpen afsluiten, maar ook de stroom van drugsgeld naar de Antwerpse clans droogleggen. Alleen: om de maffieuze geldstromen in kaart te brengen zijn er meer speurders nodig. Onderzoeken tegen drugstrafikanten opbouwen zal ook meer middelen vergen van het Antwerpse parket. Een tweede war on drugs dus, niet alleen op de straten, maar ook in de haven en bij het gerecht.

Opnieuw is Tom Decorte niet onder de indruk. “Net zoals er voor elke opgepakte straatdealer vijf nieuwe klaarstaan, zullen er voor elke gesloten bankrekening nieuwe geopend worden.

Ik ben blij dat de men de georganiseerde criminaliteit viseert in plaats van de kleine garnalen, maar ik geloof niet dat je problemen oplost door de zware jongens financieel kaal te plukken. In Nederland probeert men dat al jaren, zonder succes.”

Decorte is van mening dat drugs een breder maatschappelijk debat verdienen. “De war on drugs woedt al veertig, bijna vijftig jaar, maar heeft nog nooit iets structureels opgelost. Wat wel werkt, is legalisering – zoals bijvoorbeeld het geval is in acht staten van de VS. Pas dan krijg je greep op het fenomeen en zorg je ervoor dat het geld, dankzij regels en controle, terugvloeit naar de overheid.

“Elke drug verdient een andere regeling. Maar door de productie en de distributie wettelijk te maken, zet je de maffia en de drugswereld buitenspel. Alles verhuist naar de legale economie, waardoor er geen geld meer moet worden witgewassen, er werkgelegenheid gecreëerd wordt en de productie veilig gebeurt. De cannabis die nu wordt gekweekt, bevat vaak te veel THC (het actieve bestanddeel van wiet, SS) omdat sterke varianten meer winst opbrengen. Door de overheid gekweekte cannabis hoeft helemaal zo sterk niet te zijn en zal geen pesticiden, schimmels of zware metalen bevatten, zodat er minder risico's aan verbonden zijn.”

Zijn aanpak is geen pleidooi om drugs te vermarkten en er een industrie rond te laten ontstaan, zoals met alcohol en tabak is gebeurd, zegt Decorte. Drugs zouden gekweekt en verdeeld kunnen worden in een non-profitstructuur. “Legaliseren betekent voor mij reguleren, niet commercialiseren. Maar ik begrijp dat dat voor producten zoals xtc en cocaïne moeilijk ligt. Aangezien 80 procent van alle illegale druggebruik cannabis betreft, moeten we daarmee beginnen.”

Peter Muyshondt, hoofdcommissaris bij een politiezone in het Antwerpse, is alvast voor. “Ik pleit niet voor vrijheid, blijheid”, zegt de opmerkelijke medestander. “Dat elke drug vandaag vrij beschikbaar is: dat is vrijheid, blijheid.” Muyshondt, die elf jaar geleden zijn broer verloor aan een overdosis en daar een boek over schreef, bracht enkele weken geleden een nieuw boek uit, Beleid op speed, waarin hij uithaalt naar de huidige beleidsmakers, die hij een samenraapsel verwijt van oneliners en foute informatie. “De war on drugs berokkent meer schade aan de maatschappij dan drugs zelf.”

Zijn boek gaat niet over Antwerpen, benadrukt Muyshondt, maar over de war on drugs wereldwijd en hoe die ontstond uit racisme en politiek gewin. “De war on drugs bestaat voor een groot deel uit framing. In de jaren 1980 verfoeide president Reagan het crackgebruik van zwarten – hij had het over crackhoeren en roofdieren. Maar crack is gewoon coke, een drug die op dat moment in poedervorm populair was bij blanken. Die framing zie je nu ook in Antwerpen, waar Marokkanen op één hoop worden gegooid met ‘de drugsmarkt’.”

Uruguay

Drugsbestrijding leidt alleen maar tot meer criminaliteit, weet Muyshondt uit ervaring – voor hij aan de slag ging in het Antwerpse, was hij in de slag in de cokehoofdstad zelf. “Het is spierballengerol dat niet het gewenste effect heeft; het drugsgebruik en de productie stijgen elk jaar. Een oorlog tegen drugs creëert een lucratieve markt voor de georganiseerde misdaad: als een bende opgerold wordt, staan er onmiddellijk andere klaar om de zaak over te nemen.

“Je kunt je afvragen of het huidige beleid onze kinderen beschermt. Met de versneden rommel die vandaag op de markt is, kun je met een halve xtc-pil al in de problemen komen. We zien nu xtc-pillen verschijnen die naast een beetje mdma ook fentanyl bevatten, een stof die tien keer sterker is dan heroïne (fentanyl wordt vooral gebruikt in de geneeskunde als pijnstiller na operaties, SS). Als je aan preventie wilt doen, moet je drugs legaal maken. Anders blijven mensen het moeilijk hebben om naar de hulpverlening te stappen en gaan vrienden blijven lopen als een van hen een overdosis neemt.”

Muyshondt verwijst naar Uruguay, waar cannabis geproduceerd wordt in door de overheid erkende en gecontroleerde fabrieken en verkocht wordt door apothekers. “Die waren daar uiteraard eerst tegen, maar nu zijn ze mee: ze kunnen ingrijpen wanneer iemand teveel gebruikt en correcte productinformatie geven. Op die manier zullen veel gebruikers er niets meer aan vinden, maar ook voor criminelen valt de meerwaarde weg – je gaat voor een pint bier tenslotte ook niet naar een louche dealer voor een goedje waar misschien meer ethanol in zit dan alcohol.”

Voorlopig blijft hij met zijn boodschap een roepende in de woestijn, geeft Peter Muyshondt toe. En op zijn werk is het al gemakkelijker geweest. “Door stelling in te nemen voor legalisering breng ik mezelf in een moeilijke positie. Maar ik blijf erbij: de war on drugs en dat tough on crime-gedoe is borstklopperij die misschien een kort effect heeft, waarna de criminaliteit dubbel zo hard terugkomt. De markt terugpakken door ze te legaliseren, dat is pas tough on crime.”

Met een bijdrage van Yannick Verberckmoes.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.