Woensdag 24/07/2019

Walthéry: 'Dupuis vond Natasja meer iets voor Playboy'

Met Natasja maakte de Belgische stripauteur Walthéry komaf met het taboe over sexy vrouwen van papier. In het Stripcentrum loopt een expo over een halve eeuw strips van zijn hand, met en zonder rode oortjes te lezen.

Op de brief van uitgever Charles Dupuis, gedateerd op 1970 en op de Brusselse expositie zodanig uitvergroot dat het een hele muur bekleedt, staat het zwart op wit: de uitgever vindt Natasja in het eerste album en vooral op de cover daarvan 'seksueel agressief'. Walthéry (66) grijnst wanneer hij de brief passeert. "Eind jaren zestig vroeg Dupuis me om een vrouw te tekenen, want die had hij nog niet in zijn weekblad Robbedoes", vertelt de striptekenaar. "'Teken je wel vrouwen?', vroeg hij. "Euh, ja", antwoordde ik, "maar wat moet ik daarmee? Ik heb toen een naamloos vrouwelijk personage gecreëerd, heb haar een hoedje gegeven en Gos (scenarist van onder meer De Katamaron, GDW) die net als ik in Studio Peyo werkte, heeft er een verhaaltje rond geschreven. Voilà, zo ontstond Natasja. Eigenlijk als vanzelf."

Toen moest Walthéry de cover nog inleveren. Naast Charles Dupuis zelf, steigerde ook diens commerciële dienst bij de aanblik er van. Walthéry: "Die stelde allerlei vragen als 'wat kun je veranderen aan Natasja zodat ze aanvaardbaar is voor onze lezers?' Ze vonden het eerder een reeks voor Playboy." Er was wel wat protest, herinnert hij zich, "maar al bij al viel het nogal mee. Charles Dupuis vond het geweldig. Nu ja, in zijn brief eiste hij wel dat ik die 'seksuele agressie' zou wegwerken. Ik heb haar dan maar een hand op de boezem laten leggen", grijnst Walthéry.

Dat met het versoepelen van de zeden in de decennia nadien ook de buste van Natasja groter werd, hoor je hem niet ontkennen. "Elke man heeft de neiging om de realiteit op te blazen. In het begin was Natasja minder rondborstig, maar langzaam aan ben ik beginnen te overdrijven. Later heb ik daarin wel opnieuw een beetje gas teruggenomen."

Een minder bekend luik van zijn oeuvre, staat in het midden van de expositie: zijn medewerking aan Studio Peyo, waar hij tot aan de dood van de smurfenvader werkte aan Johan en Pirrewiet, Poesie, Jakke en Silvester en De Smurfen. Vooral die laatsten baarden hem kopzorgen. "Peyo had me aangenomen om de decors en kaders te tekenen van De Smurfen, terwijl ik ook zijn figuurtjes ininkte. Het tekenen van de smurfen zelf vond ik heel moeilijk. Dat is even moeilijk als het hoofd van Kuifje tekenen. Eén klein foutje en je moet helemaal opnieuw beginnen."

Walthéry draagt als sinds jaar en dag de stempel van luie tekenaar. "Ik ben niet iemand die zich aan deadlines houdt en ik teken traag. Dat is meteen ook de reden waarom er zo weinig Natasja's zijn verschenen (21 in 42 jaar)." Dat geldt evenzeer voor zijn andere reeksen. Het verschijningstempo van de detectivereeks Rubine, door Walthéry zelf omschreven als 'het zusje van Natasja' of 'Natasja met een pruik op' ligt met dertien albums innegentien jaar tijd iets hoger, maar van Rattekopje, de stripkleuter die autobiografische trekjes deelt met zijn geestelijke vader, verschenen sinds 1989 slechts zes albums, vaak niet eens getekend door Walthéry zelf. Ondanks dat trage tempo klasseren kenners hem in de galerie der Belgische groten.

Maar papier en wat inkt

Naast luiwammes staat hij bekend als een ongeëvenaarde vrouwengek. Dat kon niet ontbreken op deze expo, waar achter een zorgvuldig opgesteld scherm een klein luik met zijn erotisch werk wordt getoond. Frele jongedames in niets verhullende lingerie of zelfs in evakostuum. "Ze vragen vaak of mijn vrouw niet jaloers is. Ach, het is maar papier en een beetje inkt, nietwaar?"

Het meest bizarre expostuk hier zijn twee witte damesslips met daarop de Marsupilami die Natasja begroet. "Beschamend, hé", zegt Walthéry. "Die slips zaten jaren geleden gewikkeld rond een veertigtal Natasja-albums. Of Franquin daarvoor toestemming gaf? Neen. 'Je had het kunnen vragen', zei hij achteraf. Overigens, Charles Dupuis heeft er een twintigtal van gekocht om uit te delen aan zijn beste klanten. Ik hou wel van een uitgever die van een grapje houdt."

Of Dupuis kon lachen met Nathalie Stripstewardess, de pornoparodie van Natasja uit 1984, is een ander paar mouwen. Walthéry alleszins wel. "Het was echt een erg goede parodie", zegt hij. Hij grijnst zijn tanden bloot wanneer het album op tafel wordt gelegd en wijst naar de auteursnaam op dat album. "Joop de Boer was een 'Hollands' pseudoniem. De echte naam van die auteur was Bruno Bouteville, een Fransman die het samen met Renaud tekende, de tekenaar van Jessica Blandy. Uitgaven als deze waren een geweldig succes. Van Nathalie werden tweemaal zoveel albums als Natasja."

De expo loopt nog tot 24 februari in het Belgisch Stripcentrum, Brussel, www.stripmuseum.be.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden