Maandag 21/10/2019

Walter Swennen krijgt Vlaamse Cultuurprijs

Gisteren reikte minister Paul Van Grembergen (Spirit) de Vlaamse Cultuurprijzen uit. De Kunstenaarsprijs ging naar Walter Swennen (Brussel, 1946). De jury schreef in haar verslag dat 'Walter Swennen als schilder zeer consistent en gestadig werkt aan een eigen parcours, constant op zoek is en terreinen aftast'. Swennen krijgt, net zoals de andere laureaten, een kunstwerk van Jan Vercruysse (Kunstenaarsprijs 2002) en een cheque van 18.750 euro. Met dat geld wil hij zijn 'Boma-sculptuur' (naar het worstenpersonage uit FC De Kampioenen) getiteld Mijn gedacht in brons laten gieten...

Brussel

Eigen berichtgeving

Nica Broucke

Het eigen, consistente parcours van Swennen waarnaar de jury verwijst, is sinds decennia een feit; toch is de kunstenaar bij het grote publiek een nobele onbekende. Naar de reden daarvoor is het gissen, Swennen is een vaste waarde in het Belgische en internationale kunstenlandschap; hij had solotentoonstellingen in het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel (1986), het MuHKA in Antwerpen en de Kunsthal in Rotterdam (1994) en zijn werk behoort geenszins tot de categorie 'hermetisch'. Zijn speelse, 'morsige' schilderijen op doek en hout zijn op het eerste gezicht voor iedereen leesbaar.

"Kunsthistorisch gezien behoort Swennen", aldus Pierre Sterckx in het standaardwerk Kunst in België na 1945 (dat Swennen maar liefst 61 keer aan bod laat komen) "tot dezelfde groep van 'griffelaars' waartoe ook Picabia behoorde. Van hem heeft Swennen, al dan niet bewust, de fijne, directe, onesthetische lijnvoering geërfd, die greep probeert te krijgen op het weerbarstige doek." En: "Swennen is een semioticus van het gebrabbel, een geleerde van de naïviteit".

Walter Swennen begon zijn carrière als dichter, zelf vindt hij nog steeds (bescheiden) dat "De waarheid in de woorden ligt. Er wordt wel eens gezegd: 'zo dom als een schilder'. Domheid is het reële waarmee het denken twist. Schilderen heeft te maken met het reële. Ik houd me dus bezig met domheden."

Op Swennens schilderijen figureren beelden uit stripverhalen, de massamedia en het dagelijkse leven: Mickey Mouse, Schanulleke, een conservenblik, een beertje, een afgebrande lucifer, een aardappel, een vliegende schotel, een driewieler, een koffiekan, een vuilnisbak enzovoort. De figuren en personages zweven in reliëf op het doek, barsten uit hun lijst of lijken verloren in een abstracte vlakte, vaak die van een zwart schoolbord.

De beelden behoren tot het register van de gemeenschappelijke emotie en ervaring, maar verbergen ook een 'geheime' onderlaag die alleen door de schilder zelf doorgrond kan worden: "Bij een hele generatie zijn die beelden in het geheugen opgeslagen", zegt Swennen in een zeldzaam interview (DM 18/1/91). "Het zijn neutrale beelden, want ze zijn van iedereen, en tegelijkertijd bezitten ze voor elk van ons een totaal verschillende emotionele geladenheid. Ik schilder een doek, laag na laag. De onderlaag is strikt privé, en helemaal bovenop komt dan de hoed of de roos, de gemeenplaats. Maar onder die gemeenplaats schemert dus nog het verleden, het avontuur dat aan die roos is voorafgegaan. Iedereen die het doek te zien krijgt, leest een totaal ander avontuur."

De betekenis of gemeenplaats mag dan al bij een eerste lezing duidelijk lijken, ook het onzegbare is in Swennens schilderijen voelbaar. "Schilderen", zegt Swennen, "is van ongeluk naar ongeluk stuiken, van crisis naar crisis. (...) Ik wil ook nooit twee keer hetzelfde schilderen, ik wil iets brengen dat ik nog nooit eerder gezien heb, en ook dat blijkt dus onmogelijk. Je kunt je verbeelding immers nooit uitschakelen, die blijft maar doordraaien. Daarom werk ik ook zo traag, in het duel met het doek duik je van crisis naar crisis, je zet het opzij, je werkt wat aan andere doeken, je keert terug... Tot de wanhoopspoging volgt: je schildert n'importe quoi, het eerste het beste wat door je hoofd suist."

Niet alleen Sartres L'Imaginaire behoort tot Swennens invloeden, hij put ook uit de psychoanalyse, die de controle van het denken moet uitschakelen. In Swennens interpretatie: "Zeg om het even wat, zonder angst te hebben om dwaasheden te vertellen. Pas dan krijg je ware betekenissen."

Een en ander kan de indruk wekken dat Swennen de man is van de kommer en de kwel, voor wie niets zo moeilijk is als 'het om het even wat schilderen', maar dat is niet zo: hij is een schilderend denker die zijn eigen taal der dingen heeft bedacht. De laatste jaren krijgt de humoristische toets in het werk van de in Antwerpen wonende kunstenaar de boventoon en met de Vlaamse Cultuurprijs, ter waarde van 18.750 euro, krijgt hij naast erkenning voor zijn betekenis voor de hedendaagse beeldende kunst in Vlaanderen, ook boter bij de vis.

Voor zijn recentste tentoonstelling, die tot 1 maart loopt in galerie Annie Gentils, maakte Swennen een grappig uitnodigingskaartje waarop een duimende Leeuwenkoning met een kroontje staat afgebeeld. Schilderde Swennen zichzelf als prijsbeest? Er zijn ook enkele schilderijen op email, meer bepaald op afgedankte deksels van fornuizen te zien. Opmerkelijk is evenwel dat de schilder voor het eerst een echte sculptuur tentoonstelt: een beeldje in klei met grote voeten. Het werk heet Mijn gedacht en is gebaseerd op - jawel - Boma, de worstenmaker van FC De Kampioenen. Van dat prototype zullen zeven exemplaren in brons worden gegoten, "met het geld dat ik voor de Kunstenaarsprijs heb gekregen", aldus Swennen, die zijn dankwoord aan de minister gisteren beperkte tot een: "Ik zal niet veel zeggen. De prijs geeft moed. Ik dank u."

Walter Swennen tot 1 maart in galerie Annie Gentils, Peter Benoîtstraat 40 in 2000 Antwerpen. Info: 0477/75.67.21.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234