Woensdag 02/12/2020

Wachtend op Mulisch

Hoe eert men de gestorvene het beste? Door hem ongestoord dood te laten zijn of door telkens weer te proberen hem tot leven te wekken?

In 1954 schreef Mulisch de aanzet van een toneelstuk, in 2016 vond zijn dochter de overblijfselen ervan. Het stuk heette Het twaalfde huis van monsieur Zimbalist, en droeg als ondertitel Gesprekken met de stilte. Onlangs werd het (zeer) onvoltooide stuk door enkele acteurs proefgelezen voor een zaaltje schrijvers van wie de organisatie vermoedde dat ze wellicht geïnteresseerd zouden zijn in het afmaken van het werk.

De legende stelt dat Mulisch het stuk, waarin vier personages wachten op de komst van de mythische figuur Monsieur Zimbalist, terzijde legde toen hij kennis had genomen van En attendant Godot. Chronologisch gezien is dit een reële mogelijkheid: Becketts klassieker verscheen terwijl Mulisch bezig was aan zijn Zimbalist. In zijn latere notities gaf Mulisch toe 'geïntimideerd' te zijn geweest door Beckett. Inmiddels had hij daar spijt van. Hij had het moeten zien als een 'aanmoediging'.

Terwijl het stuk vorderde, las ik de tekstaanwijzingen en verbeteringen die Mulisch in de loop der jaren in zijn kenmerkende hanenpoten bij de originele tekst had gekrabbeld. Op pagina 30 stond een opmerkelijke d/t-fout; 'wat er ook gebeurd'. Ik maakte er een foto van en kreeg onmiddellijk een berichtje van de organisatie, dat strikte geheimhouding vereist was. Het bericht vertederde me; kennelijk leefde men nog altijd in de veronderstelling dat alle snippers van Mulisch' werk zouden kunnen leiden tot Kamervragen, tot rode breaking-newsbalken op CNN.

Het was een aardig stuk, absurd, geestig. Maar Mulisch had niet voor niets voorrang verleend aan andere werken. Waarom zou een ander dan moeten verder schrijven waar zijn hand was stilgevallen?

Ruim zestig jaar na de conceptie van het toneelstuk was Mulisch zelf geworden tot een monsieur Zimbalist; iemand aan wie geen levende herinneringen meer bestonden, alleen anekdotes. Iemand wiens woorden werden gememoreerd zonder dat men zich nog verdiepte in hun betekenis. Iemand zonder lichaam maar met een schaduw, een schaduw die weliswaar in rap tempo aan het vervagen was, maar die sommigen nog altijd tot grootse gevoelens kon drijven.

Terwijl het stuk zich voltrok, werd mij duidelijk dat Monsieur Zimbalist/Mulisch niet zou komen opdagen. Het viel zelfs niet uit te sluiten dat het toneelstuk precies om deze reden was geschreven, om zo veel jaren na dato te kijken of zijn naam nog wel de magische kracht bezat om wildvreemden bijeen te brengen in een zaaltje als dit.

Dat zou betekenen dat het stuk al is afgemaakt. Onze aanwezigheid heeft het stuk vervolmaakt, de grap is gemaakt, Zimbalist heeft gewonnen.

De mooiste zin uit het stuk bevestigt dit: 'De mens is een echo.' Belooft u dat u zult zwijgen over deze geheime zin, zwijgen tot in het graf?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234