Dinsdag 24/11/2020

PLEIDOOI

Waarom we de verjaardag van Philip Glass moeten vieren

Beeld EPA

Op 31 januari 2017 wordt de Amerikaanse componist Philip Glass tachtig jaar. Voor sommigen valt zijn minimalistische muziek alleen maar in herhaling. Sander De Keere denkt daar anders over.

Hoe Philip Glass in de jaren ’60 over muziek begon te denken, kan je op zijn minst gewaagd noemen: zet een paar noten op papier, voeg er geregeld toe of laat er weg, en herhaal een paar uur lang op je viool of synthesizer. Misschien zie je in de muziek van Glass wel het motief van een retro badkamertegel. Ooit was het nieuw, maar nu ben je er al lang op uitgekeken. Maar wat als we eens op een andere manier naar die tegels keken? Veel hangt immers af van hoe we naar die minimalistische muziek luisteren.

Neem bijvoorbeeld de vier uur durende Music in Twelve Parts (1974) of het krachtige Rubric uit het album Glassworks (1982). Ik begrijp wat u bedoelt. Alles klinkt chaotisch, opgejaagd en repetitief. Maar net daarin schuilt de kracht. De complexiteit die je hoort, bestaat namelijk uit pure eenvoud. Hetzelfde werk kun je op verschillende manieren beluisteren, afhankelijk van op welk herhalend patroon je focust. Mocht dat gericht luisteren toch niet zo goed lukken, laat dan die repetitieve muziek gewoon op je afkomen. Het voelt aan als vijftig keer rond je eigen as draaien. Op zich doe je continu hetzelfde, maar de fysieke ervaring wordt steeds intenser.

We leven in 2017. Voor sommigen betekent dit zoveel als ‘Glass is passé’. Dan moet ik het plaatje even volledig schetsen, want Philip Glass is zoveel meer dan de componist van de pianostukjes Truman Sleeps of Metamorphosis. Hij schrijft ook opera’s, filmmuziek, concerto’s, strijkkwartetten, theatermuziek, koormuziek en symfonieën. Oké, zijn symfonieën klinken niet als Bruckner, zijn opera’s niet als Wagner, maar dat hoeft ook niet. Als je luistert, hoor je dat Glass kennis heeft van de klassieke traditie, maar dat hij die op een eigen manier invult. Zijn derde strijkkwartet, zijn eerste vioolconcerto, zijn filmpartituur voor Koyaanisqatsi, zijn opera Akhnaten, wat hij ook componeert (en hoe uiteenlopend die composities ook mogen klinken), in elke partituur hoor je Glass’ handtekening. Dat dwingt respect af.

Sander De Keere is radiopresentator bij Klara en houdt u in De Morgen op de hoogte van klassiek.Beeld Joost Joossen

De componist wordt er vaak op gewezen dat hij zich teveel richt op de mainstream. Eerlijk? Ik zie daar weinig graten in. Ik noem het slim gezien. Zijn werk voor commercials, zijn grote contracten met platenlabels of zijn samenwerkingen met Hollywoodregisseurs zijn dan wel een voldongen feit, ze staan zijn status als componist niet in de weg. Alles wat hij onderneemt, staat in functie van de muziek. En dat is wat telt.

Philip Glass mogen we gerust een voorbeeld noemen. Iemand die in 1976 het lef had om met zijn eerste opera Einstein on the Beach tegen de schenen te schoppen. Iemand die tot zijn eenenveertig moest bijklussen om als componist te kunnen overleven. Iemand die eerst de wereld wilde zien en dan pas aan zijn carrière begon. Glass is het voorbeeld van doorzetten, van doen waar je zin in hebt. Hij toont dat je eigen weg volgen je sterker maakt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234