Zondag 28/11/2021

Beleggen

Waarom uw buikgevoel volgen soms beter is

null Beeld REUTERS
Beeld REUTERS

Beslissingen maken op basis van een buikgevoel, dat gebeurt ook op de beursvloer. En het is niet zo dwaas als u denkt. Handelaars die goed naar hun lichaam kunnen luisteren, blijken betere resultaten te boeken, concludeert nieuw onderzoek.

"Toen ik actief was op de beurs, wist ik dat er iets extra's speelde. Er waren momenten waarop ik besefte: dit doe ik, gewoon omdat het goed aanvoelt." Het zijn de woorden van John Coates, vandaag neurowetenschapper aan de universiteit van Cambridge, ooit handelaar voor Goldman Sachs op Wall Street. De 'gut feelings' van toen zijn hem altijd bijgebleven. In die mate zelfs dat ze leidden tot een onderzoeksvraag: bestaat er echt zoiets als een buikgevoel bij beurshandelaars?

Ja, zo luidde het antwoord van Coates deze week in Scientific Reports. In Londen kon hij met zijn onderzoeksteam achttien mannen strikken die aan high-frequency trading deden. Dat is een soort van flitshandel waarbij op zeer korte tijd - denk aan seconden en minuten - aandelen verhandeld worden. Bij de handelaars gingen ze na hoe het gesteld was hun vermogen om prikkels van binnenuit het lichaam waar te nemen. Dat deden ze door hen een inschatting te laten maken van het tempo van hun hartslag.

Conclusie: de lichamelijke gewaarwording van de high-frequency traders bleek aanzienlijk beter dan die van een controlegroep van niet-handelaars. En, sterker: de traders die de hoogste scores hadden, bleken het meest succesvolle en lange parcours op de beurs te hebben afgelegd. "Onze resultaten suggereren dat het veelbesproken buikgevoel op de beurs niet mythisch is", besluit Coates. "Er lijken wel degelijk fysiologische signalen te zijn die bijdragen tot het maken van een goede keuze."

Nuancering

De resultaten van Coates' onderzoek prijkten afgelopen week in tal van kranten. "Buikgevoel is sleutel tot beurssucces" en "Vertrouw je intuïtie op Wall Street" luidden de koppen. "Ze gaan te kort door de bocht", vindt Wim De Neys, een Vlaming die aan het Franse Centre National de la Recherche Scientifique uitzoekt hoe onbewust en bewust denken zich verhouden bij het maken van beslissingen. Volgens hem is nuancering nodig. Veel nuancering. Coates kan immers niet spreken van een oorzakelijk verband. En ook de steekproef is met achttien mensen enorm klein. "Desalniettemin ben ik een believer. Ik geloof ook dat een buikgevoel tot betere beslissingen kan leiden."

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Lange tijd werd het buikgevoel in de wetenschappelijke wereld afgedaan als iets dat tot veel fouten leidde. Het was onder meer de Nederlandse prof. Ap Dijksterhuis, die tien jaar geleden voor een ommekeer zorgde, legt De Neys uit. Dijksterhuis zette in 2004 een experiment op, waarbij hij mensen het beste uit vier appartementen liet kiezen. Een groepje liet hij bewust te werk gaan: ze kregen ruim de tijd om alle kenmerken van de woningen te bekijken en te vergelijken. Een andere groep werd afgeleid door een puzzel te maken en moest achteraf intuïtief beslissen. De groep 'onbewuste denkers' bleek echter vaker de beste keuze te maken.

Hoe komt het, dat dat buikgevoel soms betrouwbaarder is? De Neys: "Mensen die bewust nadenken, zijn bij complexere taken vooral geneigd om na te denken over een aantal details. Het volledige plaatje verliezen ze daardoor sneller uit het oog. Een beetje het verhaal van het bos en de bomen. Het is wellicht daar dat intuïtie aan tegemoet kan komen. Het helpt je weer het geheel te zien en zo een betere beslissing te maken."

► Handelaars op Wall Street. Neurowetenschapper John Coates was er ooit zelf een en vond bij ex-collega's het bewijs voor 'gut feelings'. Beeld EPA
► Handelaars op Wall Street. Neurowetenschapper John Coates was er ooit zelf een en vond bij ex-collega's het bewijs voor 'gut feelings'.Beeld EPA

Blindelings op je buikgevoel vertrouwen, is evenwel niet iets dat iedereen nu moet gaan doen. "Bij de succesvolle verhalen is er altijd een element van expertise." De beurshandelaars bijvoorbeeld, die zijn wellicht al jarenlang bezig met dezelfde materie. Ze hebben zoveel succes- en faalervaringen gehad, dat ze een soort van automatisme gekweekt hebben. "Denk evengoed aan een volleyballer, die staat na jaren spelen ook niet meer stil bij de passes die hij geeft."

Coates en zijn onderzoeksteam geven zelf toe dat hun onderzoek nog opvolging verdient. Ze hopen intussen wel dat hun bevinden het actuele debat, of computeralgoritmes mensen kunnen vervangen, verder aanwakkeren. "Het wordt hoe langer hoe duidelijk dat het brein en het lichaam functioneren als een eenheid. Die eenheid krijgt signalen die niet voor het bewuste brein of bewuste modellen toegankelijk zijn. We moeten erkennen dat de mens uitzonderlijk goed is in het herkennen van het patronen. En dat ze daardoor wel degelijk de concurrentie met machines aankunnen."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234