Vrijdag 17/09/2021

Spotify

Waarom streamen vooral goed is voor de mainstream

null Beeld Charlotte Dumortier
Beeld Charlotte Dumortier

Een abonnement op Spotify of een andere muziekstreamingdienst lijkt het ideale kerstcadeau voor een muziekliefhebber. Maar wie nieuwe of onafhankelijke muzikanten een warm hart toedraagt, kiest beter wat anders.

Van streamingsdiensten als Netflix (video) of Spotify (muziek) wordt wel eens gezegd dat ze het concept 'kerstcadeau' zelf onderuit hebben gehaald. Welke dvd-serie of plaat schenk je immers nog aan iemand die, dankzij streaming, al alle tv-series of muziek (nu ja, bijna alle) binnen handbereik heeft?

Alvast Spotify is zich blijkbaar bewust van dat probleem en komt met de ultieme alternatieve cadeautip: koop geen plaat, maar koop een abonnement op Spotify! Onder de kerstboom leg je dan geen traditionele bon, geen iTunes-tegoedkaart of een inderhaast op de kop getikte cd of plaat, maar wel een... e-mail, die toelating geeft om een maand of een jaar de hele muziekcatalogus van Spotify af spelen.

Strak plan? Denk er toch nog maar even over na. Spotify, veruit de grootste muziekstreamer ter wereld (met 50 miljoen gebruikers in 58 landen en een catalogus van meer dan 30 miljoen songs), publiceerde vorige week zijn lijstjes met de meest beluisterde nummers en artiesten van het jaar. Die luistercijfers zijn een feest van uniforme middelmatigheid. Zo blijkt 'Wake Me Up' van Avicii niet alleen het banaalste nummer uit de geschiedenis van de elektronische dansmuziek te zijn, maar met meer dan 300 miljoen 'streams' ook het meest beluisterde nummer uit de geschiedenis van Spotify.

Speculoosrock

Ook bij de artiesten regeert de mainstream. Meest beluisterde zanger: de speculoosrocker Ed Sheeran, voor Eminem, Calvin Harris en alweer Avicii. Meest beluisterde zangeres: popprinsesje Katy Perry voor de andere popprinsesjes Ariana Grande, Lana Del Rey en Beyoncé. Meest beluisterde band: Coldplay, voor Imagine Dragons en Maroon 5.

De lijstjes van Spotify geven een fascinerend inzicht in de paradox van de economische liberalisering. Bij de emancipatie van de muziekconsument is met streaming een niet meer te overtreffen trap bereikt. Diende de fan vroeger eerst een fysiek product (een plaat, een cd of desnoods een singletje) te kopen om zijn lievelingsmuziek te kunnen horen, of te hopen dat de radio het favoriete deuntje nog eens zou spelen, dan beschikt hij nu plots over de bijna absolute vrijheid om tegen een prikje altijd en overal de eigen muzikale smaak te laten regeren.

Maar wat doet die ontvoogde consument vervolgens met zijn individuele vrijheid? Hij schikt zich massaal naar de smaak van de middelmaat. Hij gaat niet op zoek naar wat nieuw en onbekend is, maar stelt zich tevreden met wat veilig en bekend klinkt. Geen Kate Tempest maar Katy Perry, geen Caribou maar Avicii, geen Spoon maar Coldplay.

Over smaak valt niet te twisten. Er bestaat geen wet die verbiedt dat je desnoods twintig keer na elkaar naar 'Sky Full of Stars' van Coldplay luistert, en dat is maar goed ook. Maar het feit is wel dat het vrije-marktmodel voor muzieksongs, dat door streamers à la Spotify gehuldigd wordt, de grote namen uit de popmuziek voordeel geeft. Niet omdat ze beter zijn, en ook niet per se omdat ze slechter zijn, maar omdat ze, welja, groter zijn.

Gorki op de radio

De statistieken van Spotify zijn een interessant element in de discussie over de toekomst van de radio. Geregeld duikt de klacht op dat de muziek op radiozenders te strak geformatteerd wordt volgens computergestuurde playlists die almaar smaller lijken te worden. Dat je om zo te zeggen de voorbije maanden geen uur naar Radio 1 kon luisteren zonder Bart Peeters te moeten aanhoren, of naar Studio Brussel zonder Hozier te moeten dulden.

Die kritiek is weer actueel nu de nationale radiozenders het onfortuinlijke overlijden nodig hadden van Luc De Vos om het oeuvre van Gorki te herontdekken. Die nogal laat hervonden erkenning klinkt voor de betrokkenen een beetje wrang omdat De Vos zelf begin dit jaar nog aankloeg dat diezelfde radiozenders de laatste platen van Gorki niet meer draaiden. De grote appreciatie voor de Gorki-radiospecials schijnt te suggereren dat ook een groot deel van het publiek vindt dat meer Gorki gemogen had en dat de playlists te eenzijdig en gelijkluidend zijn.

null Beeld EPA
Beeld EPA

Eenheidsworst

De streamingslijstjes tonen een op zijn minst meer genuanceerde waarheid: laat je het grote publiek zelf zijn playlist samenstellen, dan krijg je pas echt eenheidsworst. De waarheid is dat de (openbare) radio die verenging van de smaak nu al corrigeert. Minder dan een gedreven muziekliefhebber soms zou willen, maar toch blijft radio - meer dan een vrije muziekstroom - belangrijk om luisteraars met nieuw geluid te laten kennismaken. Dat een deel van die taak bij de VRT-radio onder druk komt te staan nu wordt overwogen om te besparen op de laatavondprogrammering met nichemuziek, is dan ook zorgelijk.

Liberalisering leidt bij de consument niet tot diversiteit, maar juist tot conformisme: we doen vaak wat we de ander zien of, in dit geval, horen doen. Het is een effect dat je vaker aantreft in de vrije markt. Het zijn niet de nieuwkomers of de uitdagers die profiteren van die niet-gecorrigeerde marktomstandigheden, wel de gevestigde bedrijven. Het is het mattheüseffect van de mainstream: wie al veel heeft, zal nog meer krijgen. Het maakt van Spotify een main-streamingservice.

Ook hier treffen we dus het verschil aan tussen gelijkheid en gelijke kansen. In de massale muziekcatalogus van Spotify starten alle liedjes in principe op voet van gelijkheid: het kost niet meer moeite om een nummer van Einstürzende Neubauten op te roepen dan 'Happy' van Pharell.

In de praktijk hebben onbekende nummers van kleinere bands op onafhankelijke labels geen schijn van kans tegen topacts die ondersteund worden door marketingcampagnes van grote platenfirma's of die, zoals U2 of Pink Floyd, teren op een roemrijk verleden.

Er is in principe niks mis met het feit dat je kleine zus de hele dag dezelfde hits van One Republic streamt, aangezien het jou op geen enkele manier verhindert om zelf op zoek te gaan naar meer avontuurlijke deuntjes. Problematisch is dat het zakenmodel van streamingdiensten afgestemd is op de grote getallen. In de media duiken geregeld getuigenissen op van artiesten over de belachelijk lage habbekrats die ze als vergoeding van Spotify ontvangen.

Daar is niets maffieus aan: wie veel afgespeeld wordt, krijgt een hoge vergoeding inclusief bonus, wie weinig gedraaid wordt, krijgt een aalmoes. Gemiddeld levert een streaming 0,5 tot 0,7 eurocent(!) op. Avicii zal aan zijn meer dan 300 miljoen streams nog meer dan een aardige stuiver overhouden (al kloeg gelegenheidszanger Aloe Blacc dat zelfs hij maar weinig geld vanwege Spotify te zien kreeg). Bij een beginnende Belgische band die een paar duizend keer gedraaid wordt, blijft het bij een handvol euro.

Meedogenloze meritocratie

De winnaars van het encyclopedische model van Spotify zijn de grote platenmaatschappijen. Zij slepen grote winst binnen door de grote extra verdiensten op allang terugverdiende en afgeschreven investeringen in hun slapende, oudere back catalogue, van ABBA tot de Rolling Stones. In het merendeel van de gevallen blijft het grootste deel van de royalties - 400 miljoen in totaal van bij Spotify alleen in 2013 - sowieso bij de platenfirma's hangen en niet bij de artiesten.

Dus ja, streaming helpt om de financiële leegloop in de muziekindustrie te stelpen, maar het doet dat wel op een schrijnend onrechtvaardige manier. Zo wordt een spiraal van ongelijkheid in gang gezet: wie door marketing ondersteund wordt, zal veel gestreamd worden, en wie veel gestreamd wordt kan nog groter budgetten en lucratievere concertdeals afdwingen. Wie minder investeringen meekrijgt, riskeert enkel op nog meer krimpende budgetten te stoten.

Diversiteit - met zowel grote, kleine, winstgevende en verlieslatende bedrijven - maakt deel uit van een gezonde, liberaal economische biotoop, maar de ongelijkheid in de muzieksector bedreigt de vitaliteit ervan. Hier heerst de meedogenloze meritocratie: wie geld wil verdienen, moet maar zorgen dat hij veel gedraaid wordt.

Muziekstreaming heeft niettemin de toekomst voor zich. Het idee dat je muziek 'leent' en deelt, in plaats van koopt, is op zich ook een democratische en duurzame innovatie. Alleen ontbreekt het voorlopig aan een verdienmodel dat de solidariteit onder artiesten herstelt.

Zelf pakken bedrijven als Spotify, maar ook Amazon, graag uit met het ideaal van het economische model van de zogenaamde long tail. In die 'lange staart' van hun megacatalogus slepen ze ook vele kleintjes wereldwijd mee, wat hen juist een ongekend voordeel moet geven. De realiteit is dat veruit de meeste kleintjes in die staart blijven steken, waar dus niets te verdienen valt.

Amazonmodel

Op termijn zou dat moeten betekenen dat de popmuziek verschraalt. Of dat nu al aan de hand is, valt moeilijk te zeggen. Het is niet allemaal Katy Perry wat de klok slaat. Meer vernieuwende bands als Alt-J, The War on Drugs of Daft Punk zullen ook niet klagen als ze op het jaareinde hun bankrekening nakijken.

Toch is er reden tot bezorgdheid. Kijk naar het effect van Amazon op de boekenmarkt. De dominantie van een speler heeft er tot een scheeftrekking van de markt geleid met focus op bestsellers en verschraling van het totale aanbod. Het valt niet uit te sluiten dat het in de muziekwereld dezelfde kant op gaat.

Dus ja, eigenlijk moest dit een pleidooi voor Spotify als hippe cadeautip worden. Bij nader inzien koopt u misschien toch maar beter een goede ouderwetse vinylplaat. Mocht u om inspiratie verlegen zitten: de namen van Kate Tempest, Caribou en Spoon vallen hier niet zomaar toevallig.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234