Woensdag 05/08/2020

Waarom lezen we de Franstalige Belgen niet?

Literatuurhuis Passa Porta spant zich al jaren in om Vlaanderen met hedendaagse Franstalige Belgische schrijvers kennis te laten maken, ook tijdens zijn komende festival. Maar Nederlandstalige uitgevers halen slechts behoedzaam hun proza aan boord. Hoe komt dat?

'Waarom lopen we met gemak warm voor de nieuwste literaire hype uit pakweg Patagonië, maar halen we onze neus op voor het nabije exotisme van over de taalgrens?'

Vijftien jaar geleden schreef ik in deze eigenste kolommen deze boutade over de Franstalige Belgische literatuur. Intussen is de situatie er niet florissanter op geworden. "Het lijkt erop dat we in lezend België meer dan ooit met onze ruggen naar elkaar gekeerd staan", zegt uitgever Harold Polis.

De onbekendheid met de literaire productie van onze dichtste buren is groot, vooral op het vlak van proza. "Het probleem is dat Wallonië geen eigen grote literaire uitgeverij heeft. De bestaande uitgeverijen zijn grotendeels liefdewerk van amateurs", stelt vertaalster Katelijne de Vuyst, die zich al ettelijke jaren het vuur uit de sloffen loopt voor Franstalige Belgische schrijvers van vroeger en nu. "Voor veel Waalse auteurs is schrijven iets wat ze 'erbij' doen, na hun uren. Weinig Franstalige Belgische schrijvers kunnen van hun pen leven."

Even ontnuchterend is de vaststelling dat nog steeds ongeveer dezelfde hedendaagse Franstalige Belgen als een decennium geleden bij de Vlaamse lezer een belletje doen rinkelen: het flamboyante, semi-adellijke exportproduct Amélie Nothomb, de ironische minimalist Jean-Philippe Toussaint of misschien ook Pierre Mertens, monstre sacré die met Une paix royale (1995) ooit het koningshuis op zijn achterste poten kreeg.

Maar verder? Wie bij literaire côterietjes de namen van Alain Berenboom, Bernard Quiriny, Caroline Lamarche of Eugène Savitzkaya laat vallen, loopt het risico tot pedante wijsneus gekatapulteerd te worden. In de Vlaamse boekhandel zul je lang naar sporen van hen zoeken, want vertalingen zijn schaars.

"Het bizarre is dat Vlaamse en Nederlandse auteurs tegenwoordig in Wallonië bekender zijn dan Franstalige Belgische auteurs in Vlaanderen", aldus Passa Porta-programmator Piet Joostens. "Onze Franstalige landgenoten kennen natuurlijk Hugo Claus, maar vandaag zijn bijvoorbeeld ook Dimitri Verhulst, Tom Lanoye, Stefan Hertmans en David Van Reybrouck in Franstalig België bekend en geliefd."

La montée à Paris

Een knelpunt voor schrijvend Wallonië is dat het referentiepunt niet Namen, Luik of Bergen is, maar Parijs. Pas als een 'Waalse' auteur in Frankrijk successen boekt, durft hij weleens in ons blikveld te belanden. "La montée à Paris, noemen ze dat," lacht Harold Polis, "te vergelijken met de manier waarop Vlaamse auteurs vaak nog onterecht denken dat ze naar Amsterdam moeten vluchten. Maar de lezersmarkt in Wallonië is heel bescheiden, terwijl het Frans de moedertaal is van ruim 100 miljoen mensen. Logisch dat de auteurs de omweg via Parijs maken, anders vissen ze achter het net. De brain drain van intellectueel en artistiek Wallonië richting Frankrijk is groot. Wallonië heeft ook nauwelijks een 'BV-cultuur' zoals bij ons. Dat maakt de markt nog kleiner."

De Vuyst raakt een andere heikele kwestie aan. "De promotie van de Waalse letteren ligt op apegapen. Er is geen onafhankelijk, goed functionerend Fonds voor de Letteren zoals in Vlaanderen. De politisering en verzuiling steken spaken in de wielen. Gevolg: auteurs moeten zichzelf in the picture werken."

Aan het talent, de kwaliteit en de diversiteit van de huidige Franstalige Belgische letteren ligt het nochtans niet, benadrukt Piet Joostens. Voor de vuist weg noemt hij namen als Laurent Demoulin, Nathalie Skowronek of Diane Meur. De Vuyst beaamt de weelde, maar ziet een obstakel: "De Franstalige Belgen van nu vallen moeilijk te labelen", zegt ze. "Stuk voor stuk komen ze met originele, maar onalledaagse romans, zoals de psychologische verhalen van Patrick Declerck. Ook Serge Delaive is ongrijpbaar en speelt met eigenzinnige, onmodieuze structuren terwijl Antoine Wauters eerder poëtisch proza pleegt. Uitgevers deinzen ervoor terug. Hun grootste angst is dat het geen kassuccessen worden. Begrijpelijk. Toch zou meer lef welkom zijn."

Harold Polis - die destijds bij De Bezige Bij Antwerpen Henry Bauchau en Alain Berenboom intro duceerde - blijft in zijn nieuwe Polis-fonds spaarzaam met Franstalige Belgen, ondanks zijn intense belangstelling voor het zuiden van het land. "Zoals bij elk boek kijken we of het in ons fonds past. Je merkt wel dat Franstalige boeken de lezer minder beroeren. De Angelsaksische dominantie is geen fabeltje."

Lichtpunten

Nele Hendrickx, uitgever bij De Geus, waar regelmatig Franse literatuur verschijnt, is even behoedzaam met Waalse auteurs. "Als uitgever moeten we scherp kiezen wat wel of niet potentieel heeft bij ons lezerspubliek. Dat geldt niet enkel voor Franstalige literatuur, maar voor alle buitenlandse literatuur. Hoeveel lezers bereiken we met een vertaling? Zal de thematiek een Nederlandstalige lezer voldoende aanspreken? Een boek dat in Frankrijk of Wallonië hoge ogen gooit, slaat niet automatisch bij ons aan. Zo raken maar weinig auteurs door de mazen van het net. Zeker met debutanten zijn we heel voorzichtig. Dat is geen waardeoordeel over hun kwaliteit, maar ze moeten toch eerst een flinke naam hebben."

Toch houdt Hendrickx de romanproductie over de taalgrens nieuwsgierig in de gaten. "De winnaars van de Prix Rossel zijn vaak een goede indicatie van wat zich in literair Franstalig België afspeelt. Ik geef toe dat we wel eens iets missen. Onlangs las ik met veel plezier Une allure folle van Isabelle Spaak, de kleindochter van politicus Paul-Henri Spaak. Een mooi maar uiteindelijk toch te particulier verhaal. Ook de roman van de populaire RTBF-presentator Jérôme Colin, Eviter les péages - over een man die tijdens zijn taxiritten zijn leven en liefdes overdenkt - beviel me, maar zonder meer. Het is niet simpel om iemand uit het niets te lanceren. Verhaal en stijl moeten bijzonder zijn om een stevige plaats te kunnen veroveren in onze huidige verdringingsmarkt."

Er zijn lichtpunten. Op het vlak van poëzie liggen de kaarten veel beter geschud, zegt De Vuyst. "Er is in 2012 een cultureel verdrag afgesloten tussen Vlaanderen en Wallonië. Onrechtstreeks begint dat vruchten af te werpen. Ook in Vlaamse literaire tijdschriften zie je vaker Waalse dichters opduiken als Carl Norac, Serge Delaive of Antoine Wauters. En er verschenen liefst drie stevige bloemlezingen met Waalse poëzie, onder andere Belgium Bordelio. Kijk ook naar het initiatief van de Dichter des Vaderlands, een functie die afwisselend door een Vlaming en een Waal wordt bekleed, momenteel door Laurence Vieille. Men trekt naar scholen én bouwt bruggen. Ik voorspel dat ook bij het proza de vonk weer zal overslaan."

Op het Passa Portafestival (24-26 maart) zijn diverse Franstalige Belgische auteurs te gast, onder meer Caroline Lamarche, Alain Berenboom, Eugène Savitzkaya, Nathalie Skowronek en François De Smet, passaportafestival.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234