Woensdag 16/10/2019

Politiek

Waarom Europa en CD&V wegkijken van Catalonië

Duits bondskanselier Angela Merkel, haar CDU, de EVP en bij uitbreiding Europa kiezen de kant van Spaans premier Mariano Rajoy (l). En dat zal niet veranderen. Beeld BELGAIMAGE

Europa mengt zich zo weinig mogelijk in de Catalaanse zaak. Omdat de Europese Volkspartij dat wil. Voor het machtige christendemocratische blok is de Partido Popular van Spaans premier Rajoy niet zomaar een partij. Ze is een van de steunpilaren van haar dominantie. Door toedoen van Wilfried Martens.

"Je ambitie moet zijn om premier te worden. Jij moet voor het alternatief zorgen en wij gaan daar samen aan werken.”

De Belgische premier Wilfried Martens spreekt vrijuit tegen José Maria Aznar. Het is 16 juni 1990. Martens leidt sinds begin dat jaar de Europese Volkspartij (EVP). Aznar is een maand eerder verkozen tot de eerste voorzitter van de Partido Popular, een nieuwe rechts-conservatieve partij in Spanje met wortels in het stilaan vervagende Franco-tijdperk. De twee ontmoeten elkaar in Brussel.

Martens voelt onmiddellijk aan: met de politicus tegenover hem, de Madrileen met zijn pikzwart haar en borstelsnor, vallen zaken te doen. Martens heeft plannen voor de Partido Popular.

Als nieuwe EVP-voorzitter heeft Martens één punt helemaal bovenaan zijn agenda gezet: de uitbreiding van het christendemocratisch blok in Europa. Begin jaren 90 staat de naoorlogse orde op haar kop. De Muur is gevallen, het einde van de Sovjet-Unie wenkt, in het oosten stomen een reeks nieuwe staten door richting onafhankelijkheid.

Binnen de EVP bestaat grote ongerustheid over wat dit betekent voor de machtsbalans op het continent. Om de positie van de christendemocratie als dominante stroming te beschermen tegenover het socialisme, zijn er nieuwe bondgenootschappen nodig. Martens verwittigt de toenmalige CVP van Gent-Eeklo in zijn nieuwjaarstoespraak: “Nu hebben we als christendemocraten veel te zeggen in de Europese Gemeenschap. Maar dit blijft niet zo vanzelfsprekend. Als we ons niet uitbreiden en ook geen zusterpartijen en bewegingen vinden in Centraal-Europa, zullen we deze positie niet kunnen behouden.”

De socialistische veteraan Freddy Willockx, toen Europarlementslid, herinnert zich die periode: “Alle Belgische politici hadden grote bewondering voor Martens. Maar als het op de ontplooiing van de EVP aankwam, durf ik hem toch wel een machtswellusteling noemen. Hij was niet kieskeurig voor zijn nieuwe partners. Hij was niet vies van verrechtsing om de slagkracht van de EVP te vergroten.”

Ontluikende romance

Martens’ blik valt op de Partido Popular. Sinds de Europese toetreding van Spanje en Portugal in 1986 is het Iberisch schiereiland een blinde vlek voor de EVP. In geen van beide landen zijn er sterke christendemocraten. In Spanje doen regionale partijen het goed in het Baskenland en Catalonië, maar nationaal stellen ze weinig voor. Dan is de Partido Popular, die wel nationaal potentieel heeft, een interessantere partner. Ook al omdat de partij zelf heil ziet in een toetreding tot de EVP.

Voorzitter Aznar hoopt zo uit zijn nationaal en internationaal isolement te raken als de erfgenaam van Franco. Al is niet iedereen te spreken over de ontluikende romance tussen Martens en Aznar. Onder meer de Nederlandse CDA protesteert tegen de mogelijke komst van de Spanjaarden.

Martens organiseert de toetreding van de Partido Popular daarom in stapjes. Om de tegenstand beetje bij beetje te breken. De Partido Popular krijgt in oktober 1990 het statuut van ‘waarnemer’. Enkele maanden later kunnen parlementsleden zich individueel aansluiten. Eind 1991 volgt dan een stemming over de formele aansluiting. Alleen de Basken verzetten zich nog.

‘De toetreding van de Partido Popular was een succes!’, jubelt Martens in zijn memoires Luctor et emergo. ‘Het was een mooi voorbeeld van een win-winsituatie. De EVP had nu een sterke vertegenwoordiging in Spanje en de stem van de Partido Popular werd nu op het hoogste Europese niveau gehoord. Aznar heeft overigens ook zelf steeds de verruiming van de EVP gesteund, onder meer met Forza Italia.’

Die centrumrechtse partij wordt in 1993 opgericht door zakenman Silvio Berlusconi, op het moment dat de traditionele Italiaanse partijen worstelen met een reeks corruptieschandalen.

Gaandeweg groeit de Partido Popular uit tot een van de pijlers van de EVP. In 1994 verdubbelt de partij haar aantal zetels in het Europees Parlement. Twee jaar later wint Aznar de Spaanse verkiezingen en wordt hij premier – zoals Martens hem had voorgehouden in Brussel.

De snelste weg

In 2000 haalt Aznar de absolute meerderheid binnen. Naast de Duitse CDU wordt de Partido Popular de belangrijkste partij in de EVP. Ze vult het vacuüm op dat ontstaat door de implosie van de Franse en Italiaanse christendemocratie. “De Fransen kwamen onderling niet overeen en de Italianen hadden het lastig. Zo werden de Spanjaarden van Partido Popular steeds belangrijker”, vertelt Miet Smet, jarenlang de Europese kopvrouw van de CVP en partner van Martens.

Als in 1999 de functie van secretaris-generaal van de EVP vrijkomt, staat de CDU erop dat iemand van de Partido Popular die positie inneemt. De secretaris-generaal wordt minstens zo belangrijk geacht als de voorzitter zelf omdat hij instaat voor het dagelijks bestuur van de groep. De keuze valt op Alejandro Agag – dan nog een jonge medewerker van Aznar, intussen een rijke fondsmanager en eigenaar van de elektrische Formule E.

Rond de eeuwwisseling treedt de Partido Popular zo definitief toe tot de EVP-adelstand. Martens beschrijft in zijn memoires hoe hij wordt uitgenodigd voor het huwelijk van diezelfde Agag met de dochter van Aznar in het majestueuze El Escorial, het kloostercomplex van Filips II bij Madrid. ‘Er waren talrijke hoge gasten zoals de eerste ministers Tony Blair, Silvio Berlusconi en José Manuel Barroso (Portugees en later voorzitter van de Europese Commissie) die de plechtigheid een mondain karakter gaven. In de kerk zat ik op de rij van de gewezen eerste ministers, samen met de Spanjaard Adolfo Suárez en de Portugees Antonio Guterres.’

Suárez bekleedde meerdere functies in de regering van Franco en werd later de eerste democratisch verkozen leider na de dictatuur. Guterres volgde begin dit jaar Ban Ki-moon op als secretaris-generaal van de Verenigde Naties.

Dankzij de Partido Popular vormt de EVP tot op vandaag het toonaangevende machtsblok binnen Europa. De partij brengt 75 christendemocratische en conservatieve partijen samen uit veertig landen. Gaande van de CD&V in ons land, over de CDU van Angela Merkel en de Fidesz-partij van de Hongaarse premier Viktor Orbán, tot de christendemocraten in dwergstaat San Marino.

De snelste weg naar een Europese topfunctie loopt meestal via de EVP. Met Donald Tusk, Jean-Claude Juncker en Antonio Tajani levert de partij op dit moment respectievelijk de voorzitter van de Europese Raad, de voorzitter van de Europese Commissie en de voorzitter van het Europees Parlement. Veertien van de achtentwintig Eurocommissarissen dragen hun etiket. In het Parlement is de EVP-fractie veruit de grootste.

Het belang van de staat

Als de EVP een slagschip is, dan staan de Duitse christendemocraten op de brug. Merkel en haar partij CDU, de grootste partij van de machtigste Europese lidstaat, bepalen de koers. Elke beslissing met enig belang passeert eerst langs haar. Om dit vanaf een afstand in goede banen te leiden, doet Merkel beroep op een aantal vertrouwelingen in Brussel. Het gaat om Eurocommissaris Günther Oettinger en drie Europarlementsleden: de EVP-fractieleider Manfred Weber, ancien Elmar Brok en David McAllister, de voorzitter van de buitenlandcommissie.

Zij vormen de ogen en de oren van de bondskanselier. Binnen de EVP en bij uitbreiding in heel het Parlement weet iedereen: als een van deze vier iets verkondigt, spits je beter de oren, want het komt rechtstreeks van de kanselarij in Berlijn. Zo blokkeerde Brok – bekend omwille van zijn bromstem – drie jaar geleden de kandidatuur van de Italiaanse Federica Mogherini als nieuwe EU-buitenlandchef. Pas na een etentje in Milaan raakte hij toch overtuigd.
 Versta: raakte Merkel overtuigd.

Van McAllister – een Duitser met Schotse roots – is bekend dat hij met regelmaat korte sms’en krijgt van Merkel. Hij vliegt vaak op en af naar Berlijn. Elke week, op maandag, ontbijt hij met Merkel. “Je zou kunnen denken dat de EVP een bont allegaartje is van Berlusconi-achtigen, rechtse Orbán-figuren en traditionele christendemocraten, maar dat klopt niet. Dissidentie kennen ze nauwelijks”, zegt Europa-kenner Hendrik Vos (UGent). “In meer dan negen op de tien gevallen stemmen ze allemaal hetzelfde.”

In de Catalaanse zaak hebben Merkel, haar CDU, de EVP en bijgevolg dus Europa steeds de kant van de Spaanse regering en de Partido Popular gekozen. Vanuit de realpolitieke overweging dat na de kredietcrisis, de eurocrisis, de Griekse crisis en de vluchtelingencrisis niemand zit te wachten op een onvoorspelbare regionale crisis in de vijfde economie van de Unie. Ondanks de brexit heeft de Unie eindelijk opnieuw de wind in de rug. Nu mag politiek gerommel in Spanje het economisch herstel niet verprutsen.

De EVP zou ook in haar eigen vel snijden. Een Catalaanse afscheuring leidt bijna zeker tot een electorale afstraffing van de Spaanse premier Mariano Rajoy en zijn Partido Popular. De partij steunt op een conservatief en unitair kiespubliek.

En wat volgens insiders vanuit België vaak over het hoofd gezien wordt: grote lidstaten zoals Frankrijk en Italië kijken helemaal anders naar de Catalaanse kwestie. Het belang van ‘de staat’ is er nog groter. De eenheid van het land is in vele hoofden onaantastbaar. Wat een Franse diplomaat onlangs aan zijn collega’s vertelde op een receptie, is in dit opzicht tekenend: ‘Mocht Corsica zich gedragen zoals Catalonië, we zouden er niet de politie maar het leger op afsturen. En het zouden geen rubberen kogels zijn.’ 

Belgische gloriedagen

De afgelopen weken viel geen enkele EVP-mandataris te betrappen op een standpunt ten gunste van Catalonië. Het Spaanse politiegeweld tijdens het Catalaanse referendum werd veroordeeld door Tusk, Juncker en Tajani, maar het Europese triumviraat voegde er meteen aan toe dat Madrid de grondwet aan zijn kant heeft. “Niemand in de EU zal de Catalaanse onafhankelijkheid erkennen”, reageerde Tajani met een nauwelijks verholen dreigement. Vanuit Berlijn kwam het kurkdroge bericht: “De Duitse regering steunt de stellingname van de Spaanse premier.”

Mutti Merkel heeft Machiavelli grondig gelezen, stelt voormalig liberaal Eurocommissaris Karel De Gucht vast. “In Europa is alles op getallen gebaseerd. De grootste partij krijgt de belangrijkste mandaten en de eerste keus voor de rapporten. Binnen de EVP is er duidelijk een order van bovenaf gekomen: we gaan onze Spaanse vrienden niet beschadigen. En iedereen houdt zich hieraan.”

Het woord kadaverdiscipline valt net niet. “De EVP is een behoorlijk geoliede machine. Blokvorming gaat er boven ideologische zuiverheid.”

CD&V wordt mee op die lijn geduwd. De historische macht van de Belgen binnen de EVP is tanende. Herman Van Rompuy heeft als voormalig voorzitter van de Raad nog een kantoor op het hoofdkwartier in de Brusselse Handelsstraat. Hij is een graag geziene gast op congressen. Maar hij heeft uit eigen beweging wat afstand genomen. De Belgische gloriedagen, met Martens en daarna Jean-Luc Dehaene, zijn voorgoed voorbij. Ivo Belet wordt gerespecteerd als een hardwerkend en loyaal parlementslid. Het contact met partijvoorzitter Wouter Beke en vicepremier Kris Peeters is zakelijk.

De lijnen gaan vooral open op crisismomenten. Zo diende de EVP vorige week maandag, toen Catalaans minister-president Carles Puigdemont naar Brussel vluchtte, als verbindingskanaal tussen de Spaanse en de Belgische regering. Het kabinet-Peeters kreeg ’s ochtends vanuit Madrid als eerste het bericht: ‘Puigdemont is op komst.’

Zoals zoveel EVP-leden plaats CD&V zich in de logica van het geheel, in de wetenschap dat wanneer de partij het nodig zal hebben, ze kan rekenen op de steun van heel het blok. De veiligheid van de familie primeert, luidt het dan intern. Sinds de centristische politiek in Europa onder druk staat, is de realpolitik binnen de EVP alleen groter geworden.

Uitzweten

Op 19 oktober verzamelen de sterkhouders van de EVP in een van de statige zalen van de Koninklijke Academie in Brussel. Er wordt geluncht aan een grote tafel in een U-vorm. Op het menu: de Catalaanse kwestie. Van een debat is er nauwelijks sprake. Iedereen blijkt het al snel eens: de EVP zal deze crisis uitzweten. Zoals ze al zo vaak heeft gedaan.

Na afloop wordt een persbericht opgemaakt, waarin het Spaans Europarlementslid Antonio López-Istúriz het woord krijgt. “We zijn trots op de steun van de familie van de EVP in deze moeilijke tijden voor Spanje, mijn land. De EU is een project dat niet gebroken zal worden door nationalisten.”

De keuze voor López-Istúriz is doelbewust. De vijftiger begon zijn carrière als persoonlijk medewerker van de eerste Partido Popular-voorzitter Aznar. Dankzij Aznar werd hij in 2002 tot secretaris-generaal van de EVP benoemd. Een functie die hij sindsdien onafgebroken bekleedt, uiteraard met de goedkeuring van Merkel. De man is het levend bewijs: de EVP zal niet buigen voor Catalonië. De EVP zal de Partido Popular niet laten vallen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234