Vrijdag 15/10/2021

Waarom een kapitalist als Edouard de Rothschild de linkse krant 'Libération' overnam

Edouard is duidelijk strijdlustig. Het beeld dat hij van zichzelf ophangt - dat van een steenrijke en luie jongeman - klopt slechts voor de helft

De foxterriër uit de bankiersfamilie

Waarom in godsnaam nam Edouard - Doudou voor de intimi - de Rothschild de krant Libération over? Het was groot nieuws in de herfst van 2004. Een afstammeling van de familie die in Europa symbool staat voor het kapitalisme had 20 miljoen euro veil voor Libération, het dagblad dat Jean-Paul Sartre en Serge July in 1973 bouwden op het gedachtegoed van mei '68. Doudou verwierf in een klap 37 procent van de aandelen. En als alles meezit, kan dat in 2007 zelfs oplopen tot 52 procent.

'Hij heeft zijn kamp verraden", wist men in werkgeverskringen. "Libération zal zijn principes verloochenen en aanpappen met het ideeënpatrimonium van een Nicolas Sarkozy", klonk het bezorgd aan de linkerzijde, die verwees naar de rechtse binnenlandminister van Frankrijk. Op 20 januari heeft de personeelsraad de komst van de nieuwe aandeelhouder goedgekeurd, dus binnenkort weten we welke van die twee interpretaties de juiste is.

Op het eerste gezicht is het duidelijk. De geschiedenis van Edouard de Rothschild (47) is er een van een gehaaste, erg rijke jongeman die mysterieus van koers veranderde. Als zoon van baron Guy de Rothschild, de bankier wiens financieel imperium in 1982 genationaliseerd werd, leek Edouard voorbestemd om zijn weg te vinden in de bank die de familie opgebouwd had.

Na een rechtenlicentie in Parijs en een managersopleiding in New York, begint hij in 1987 in de bank die geleid wordt door zijn halfbroer David. In 1993 wordt hij medezaakvoerder en krijgt hij te maken met talloze dossiers. De overname van film- en televisiezendergroep Pathé voor Jérôme Seydoux, lange tijd aandeelhouder van Libération, en het dossier van het afgewezen aanbod van Le Monde op L'Express belandde op het bureau van de Rothschild junior.

"Hij is als een foxterriër, hij bijt zich vast in een dossier", vertelt een naast familielid. "Maar Edouard was ook een verwaand figuur. Hij liet duidelijk voelen aan zijn medewerkers dat hij een van de eigenaars was."

In de geest van Edouard begint zich een ambitie te vormen. Zijn entourage vermoedt dat hij zijn halfbroer wil opvolgen aan het hoofd van de bank zodra die aan het hoofd komt van het prestigieuze Britse filiaal, na de pensionering van sir Evelyn Rothschild. Wanneer het in juli 2003 zover is, blijkt evenwel François Henrot, in 1999 in dienst genomen door Edouard, de sterke man te worden van Rothschild-Frankrijk. Omdat David geen vertrouwen had in zijn halfbroer Edouard, zo vermoeden ingewijden. Die verklaring doet alvast de ronde in de microkosmos van de zakenbankiers, maar wordt stellig tegengesproken door Edouard: "Tussen David en mij is er altijd een goede verstandhouding en genegenheid geweest", zegt hij.

Uitgerangeerd of niet, het is in elk geval een grote bocht. Een maand later neemt hij een sabbatvakantie, zit hij van 's morgens tot 's avonds op een paard en slankt hij 15 kilo af in een poging om bij de besten te behoren op de jumpingwedstrijden. Edouard is duidelijk strijdlustig. Het beeld dat hij van zichzelf ophangt - dat van een steenrijke en luie jongeman - klopt slechts voor de helft.

Het voorname wereldje van de paardenrennen was verrast toen hij zich kandidaat stelde voor het voorzitterschap van France Galop, het orgaan dat de paardenrennen beheert in Frankrijk. Niemand had op zijn overwinning durven te wedden. Zijn rivaal voor de job, Charles-Henri de Moussac, leek er zeker van dat hijzelf het zou worden. "Zeker, het was een verrassing", vertelt de verantwoordelijke van Canal+, Michel Denisot, die Edouard de Rothschild steunt. "Hij was een outsider, maar dankzij zijn discours van verandering is hij erin geslaagd om verkozen te worden." De bestuursraad van France Galop draagt hem in december 2003 voor als voorzitter.

François Hallopé, hoofdredacteur van Paris-Turf en een van de grootste kenners van het kleine paardenrennenwereldje, beschrijft hem als volgt: "Je voelt al snel dat hij aan het hoofd van France Galop het verleden achter zich wil laten en zijn stempel wil drukken." Met het risico brutaal te werk te gaan. Ondanks de tegenstand van talrijke fokkers en trainers en vernietigende artikels in de Britse gespecialiseerde pers, begint de Rothschild met een hervorming van het wedstrijdprogramma voor 2005. Hij stelt voor om de beroemde Prix du Jockey Club terug te brengen van 2.400 naar 2.100 meter. In dat erg conservatieve milieu wordt dat beschouwd als heiligschennis.

Het protest is dus algemeen. Jean-Claude Rouget, de Franse trainer met de meeste overwinningen op zijn naam, kan het nog altijd niet geloven: "Hij gedraagt zich als een despoot. Er zijn honderden fokkers en trainers in Frankrijk, maar hij vond het blijkbaar niet nodig om hun advies te vragen."

Waarom de Rothschild dan Libération overnam? Een eerste hypothese luidt als volgt. Als hij zich na France Galop op Libération stort, wil hij daarmee misschien wraak nemen. Hoewel hij het ontkent, wil hij misschien concurreren met zijn halfbroer, wiens succes een voorbeeld is in financiële kringen. Edouard wil zijn omgeving misschien verbazen en het bewijs leveren dat hij niet de rentenier is voor wie hij gehouden wordt.

Hij beschikt over een erg groot fortuin om dat te bewijzen. "De Rothschild-bank heeft tien fantastische jaren gekend, waarbij de jaarlijkse winst 180 miljoen dollar bedroeg", zegt een financier die de familie kent. Met 11 procent aandelen beschikt Edouard dus over een persoonlijke pot van meer dan 180 miljoen euro."

De Rothschild praat zonder de minste gêne over dat fortuin. Hij weigert te preciseren hoeveel belastingen hij betaalt, maar geeft zonder problemen meer details over de omvang van zijn patrimonium. Bovenop zijn aandeel in de bank, bezit hij een zesde van een van de grootste Franse wijnen, de Château Lafite-Rothschild, verscheidene vastgoedbezittingen, de paardenfokkerij Meautry in Calvados en een effectenportefeuille. Volgens een naast familielid heeft Edouard vooral veel eigendommen van zijn moeder gekregen en zou hij 'aanzienlijk rijker' zijn dan zijn halfbroer.

Hij kon dus zonder de minste moeite 20 miljoen euro op tafel leggen om vaste voet aan de grond te krijgen bij Libération. Het afgesproken financiële systeem laat hem toe om bepaalde sommen erg geleidelijk te injecteren en zich terug te trekken als zich onvoorziene moeilijkheden voordoen. "Ik ben geen weldoener", zegt hij dikwijls.

Hoewel hij niet pronkzuchtig is, laat zijn levenswandel het tegendeel vermoeden. In 2004 liet de Rothschild twintig paarden bij de beste Franse trainers plaatsen, wat hem ruw geschat zo'n 600.000 euro moet hebben gekost. In datzelfde jaar wonnen zijn paarden niet meer dan 389.000 euro. Hij schoot er met andere woorden 200.000 euro bij in. Wat ook al het geval was voor een soortgelijk bedrag in 2003 en bijna 100.000 euro in 2002. Alles bijeen kostte zijn passie voor paarden hem een slordige 500.000 euro op drie jaar. Om nog te zwijgen van de aankoop van jaarlingen in Deauville, de dekking van zijn 22 fokmerries en de prijs van hun pension.

De overname van Libération zou dus een opwelling kunnen zijn van een steenrijke man die actief wil blijven. Een soort kwajongensstreek. Het woord misstaat hem trouwens niet. En er zijn geen andere hypotheses om zijn intrede in het leven van de krant te verklaren.

Echt geen enkele? Vermoedelijk hebben ook de redacteurs van de krant zich daarvan proberen te vergewissen. Een pamflet van de vakbond SUD, de grootste onder de journalisten van Libé, trok begin januari aan de alarmbel: "Edouard de Rothschild heeft al rechtse kiescampagnes gefinancierd." De Rothschild ontkent: "Nooit!"

Er deed ook een gerucht de ronde dat de Rothschild zijn vakanties doorbrengt met Nicolas Sarkozy, sinds vorig jaar de leider van de conservatieve UMP-partij. Deze keer bevestigt hij. Nicolas en Cécilia zijn "sinds lange tijd" goede vrienden en hij heeft inderdaad een keer zijn vakantie doorgebracht met hen. Maar hij benadrukt dat hij evenveel vrienden heeft aan de linkerzijde. "Ik doe niet aan politiek", zegt hij.

Een andere piste is al even intrigerend: de banden van Edouard de Rothschild met Jean-Marie Messier, ex-baas van Vivendi Universal. De twee belangrijkste medewerkers van de Rothschild zijn Agnès Touraine en Guillaume Hannezo, vroeger de naaste lijfwachten van de onttroonde Vivendi-chef. En Libé-directeur Serge July steekt het niet onder stoelen of banken dat hij een oude vertrouwensrelatie onderhoudt met diezelfde Messier. Ooit vertrouwde hij aan Messier de financiële toekomst van de krant toe.

Berust dat alles op zuiver toeval? Eric Licoys, de voormalige medewerker van Messier, houdt het op vriendschappelijke banden: "Edouard de Rothschild is altijd een groot bewonderaar van Messier geweest." De bankierszoon zelf verzekert dat daar geen conclusies uit mogen getrokken worden. Het klopt, benadrukt hij, dat hij Messier kent uit de periode waarin die als hoge ambtenaar van het kabinet van Camille Cabana, minister in de regering-Chirac van 1986, de eerste golf van privatiseringen uitvoerde. En dat hij zich verwant voelt met hem op bepaalde vlakken, waaronder een gemeenschappelijke strijdlust. "Sommigen geloven graag dat ik geboren ben met een gouden lepeltje in mijn mond. Maar wie mij kent, weet wie ik echt ben: niet de Rothschild-eigenaar, maar de Rothschild-werker."

De nieuwe aandeelhouder van Libération heeft gezworen dat hij staat op 'diverse meningen' en dat hij niet de ambitie heeft om de krant in het gareel te laten lopen. Die verzekering heeft hij trouwens gegeven aan de leider van socialisten François Hollande, die hij discreet ontmoette. Vraag blijft of de eerste secretaris van de PS daarmee gerustgesteld is.

Hoe dan ook, met de entree van de Rothschild in de krant, krijgt een oude getuigenis een wrange nasmaak. Op 21 november 1981 stelde Guy de Rothschild, de vader van Edouard, in een gesprek met de krant de op til zijnde nationalisering aan de kaak. En naast het interview schreef redacteur Gérad Dupuy wat hem op het hart lag: "Hoe meer uitleg de baron geeft, hoe beter ik begrijp wat ons scheidt. Het is niet zozeer het onmetelijke verschil van onze fortuinen, noch het feit dat onze meningen radicaal anders zijn. Het is iets subtieler, maar onherstelbaar: het idee dat hij zich vormt over de aard van de dingen. (...) Wanneer ik hem bezig hoor, denk ik aan de woorden van Genet: alle mensen zijn evenveel waard, maar dat komt omdat ze niets waard zijn. Ze bevinden zich echter niet noodzakelijk in hetzelfde universum."

Het plaatje klopt misschien: de twee universums zijn samengesmolten. Bij wijze van verklaring benadrukt Edouard de Rothschild dat er 'een leeftijdsverschil is van vijftig jaar' met zijn vader. "En bovendien", besluit hij, "is ook Libération geevolueerd."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234