Maandag 01/06/2020

Vrouw op straat

Waarom deze Belgische vrouwen een straatnaam verdienen

WO I-spionne Louisa d'Havé (codenaam 40B) met haar man Alphonse in 1920. Beeld rv

Vrouwen genoeg die een bijzonder leven leidden. Alleen vertaalt zich dat slechts heel uitzonderlijk in een straatnaambordje. Het Canvas-programma ‘Meer vrouw op straat’ probeert daar verandering in te brengen. Wij lijsten alvast drie straatnaamwaardige vrouwen op. 

De spionne die haar werk te goed deed

Louisa d’Havé (1894 - 1966)

Louisa d'Havé smokkelde een Duits gasmasker de grens over en waarschuwde de geallieerden voor de eerste chloorgasaanval. Beeld rv

Als spionne 40B smokkelde ze tijdens WO I een Duits gasmasker de grens over en wist zo de geallieerde troepen te waarschuwen voor de allereerste gifgasaanval. Een heldendaad die Louisa d’Havé een handvol medailles maar vooral veel onbegrip opleverde. 

D’Havé is net twintig jaar geworden wanneer de Duitse troepen in 1914 België binnenvallen. Haar vier broers worden naar het front gestuurd en ook zij is niet van plan zich zomaar bij de feiten neer te leggen. Ze meldt zich bij het Belgisch leger met de vraag wat ze kan doen om haar steentje bij te dragen. Haar gedrevenheid maakt indruk en als spionne 40B wordt ze gerekruteerd door de Belgische Militaire Inlichtingendienst. 

De textielfabriek van de familie D’Havé, in het Gentse Sint-Amandsberg, doet dienst als dekmantel. De fabriek wordt overgenomen door de Duitse bezetter en legt zich toe op het maken van textiel voor het Duitse leger. Die activiteiten geven D’Havé de kans aan te pappen met de Duitse officiëren die er de plak zwaaien. Omdat er voor de fabriek ook – buitenlandse – grondstoffen nodig zijn, krijgt ze bovendien toestemming om naar Nederland te reizen. Tussen januari 1915 en februari 1916 trekt ze veertig à vijftig keer richting Nederland, telkens met een portie militair gevoelige informatie onder de arm.

De meest explosieve pakketjes smokkelt ze in het voorjaar van 1915 de grens over. D’havé meldt dat de Duitse arbeiders in de fabriek maskers moeten maken die mond en neus afdekken. Maskers die bovendien vochtig gehouden worden in speciaal daarvoor gefabriceerde zakjes. Ze weet ook zo’n masker mee te smokkelen naar Nederland. Wanneer een Duits officier haar later toevertrouwt dat de maskers moeten dienen om de soldaten aan het front te beschermen tegen een giftig gas vallen de puzzelstukken in elkaar. 

Op 16 april stuurt het Belgisch opperbevel een bericht naar de troepen aan het front waarin gewaarschuwd wordt voor een nieuw wapen dat de Duitsers eerstdaags willen gebruiken. Een week later, op 22 april 1915, voeren de Duitsers tussen Steenstrate en Langemark hun eerste aanval met chloorgas uit. 

Na de oorlog wordt D’Havé benoemd tot ridder in de Leopoldsorde. “De medaille die daarbij hoorde droeg ze regelmatig”, vertelt haar achterkleinzoon Marijn Van Laere die als historicus onderzoek deed naar de verrichtingen van zijn overgrootmoeder. Haar eretekens haalde ze niet zomaar uit de kast, vertelt hij. “Omdat ze textiel produceerden in opdracht van de Duitsers werd de familie D’Havé als landverraders bestempeld. Tijdens de begrafenis van Louisa’s vader Théophile in 1916 moesten de Duitse troepen zelfs tussenkomen om de rouwstoet te beschermen. Mijn overgrootmoeder en haar familie hebben dat beeld nooit kunnen bijstellen. Het dragen van die medailles was haar poging om dat alsnog te doen.” Meer dan vijftig jaar naar haar dood is er dan toch eerherstel, onder de vorm van een naar haar genoemde fiets- en voetgangersbrug over de Schelde. 

Het meisje met de feeënvingers

Suzy Wandas (1896 – 1986)

Suzy Wandas in Parijs in 1938, de grootste Belgische ster aan het goochelfirmament, met een Marilyn Monroe-achtige uitstraling. Beeld rv

Het begon met een handvol munten in een champagne-emmer. Het leidde tot een internationale carrière die van Suzy Wandas de grootste Belgische ster aan het goochelfirmament maakt.

Ze liet zalen vol lopen in Rome en Parijs, stond op het podium met Josephine Baker en werd door haar Amerikaanse collega’s geëerd met een performing fellowship award, zowat de Oscars van de goochelwereld. En toch is er in België amper iemand die Suzy Wandas kent.

Onbegrijpelijk vindt goochelaar Kobe Van Herwegen, die een boek over Wandas schreef. Mocht Suzy vandaag op het podium staan, dan was ze een absolute wereldster, denkt hij. “Ze had niet alleen een paar ongelooflijke trucs in de vingers. Op de foto’s die van haar bewaard zijn zie je ook dat ze een uitzonderlijke uitstraling had, die aan Marilyn Monroe doet denken. Alleen maakte ze furore in een tijd waarin er nog niet zoiets als het internet bestond, waardoor haar internationale blitzcarrière in eigen land grotendeels onder de radar bleef.”

Het verhaal van Wandas begint in Brussel toen ze nog Jeanne Van Dyk heette. Ze wordt geboren in de woonwagen van haar ouders die een rondtrekkend goocheltheater hebben. Terwijl vader en moeder publiek proberen trekken door beesten allerhande tevoorschijn te toveren en ook weer te laten verdwijnen hebben ze voor Jeanne een ander plan voor ogen.

Op gegeven moment gaat Jeanne met haar moeder kijken naar een optreden van Servais Le Roy, een goochelaar die op dat moment naam maakt met zijn illusies. Wanneer bij wijze van intermezzo zijn vrouw op het podium komt, stoot Jeannes moeder haar dochter aan. “Nu goed opletten”, fluistert ze. Talma, zoals de vrouw heet, tovert schijnbaar uit het niets een paar munten tevoorschijn die ze daarna met de nodige flair in een champagne-emmer deponeert. “Dat zou jij ook moeten kunnen”, vindt de moeder van Jeanne

“Een goed doordachte carrièrekeuze”, legt Van Herwegen uit. “Voor dat soort manipulaties heb je amper materiaal nodig. Keitjes, een spel kaarten of een paar pingpongballetjes zijn genoeg om je vingervlugheid te oefenen.” En dat oefenen is precies wat Jeanne doet. Ze gaat in de leer bij een aantal collega-manipulatoren en maakt razendsnel progressie. Jeanne wordt Suzy en slaagt erin steeds spectaculairdere trucs tot een goed einde te brengen.

Ze doet dat bovendien in een zwarte mouwloze jurk. “Wat haar exploten nog straffer maakt”, zegt Van Herwegen. “Bij de meeste goocheltrucs zit er behoorlijk wat van het mysterie in de mouwen, maar die had Suzy dus niet.” En daar houdt het niet bij op. Wanneer Suzy in de bioscoop een film te zien krijgt die te traag wordt afgespeeld besluit ze haar trucs voortaan ook in slow motion uit te voeren. “Schijnbaar uit het niets toverde ze sigaretten en speelkaarten tevoorschijn wat haar de bijnaam ‘het meisje met de feeënvingers’ opleverde.” Een artiestennaam die na WO II vooral in de VS weerklank krijgt. Een naar haar genoemde straat moet Suzy Wandas nu ook in eigen land opnieuw op de kaart zetten. 

Van Zelzaatse volkswijk naar de rest van de wereld

Rita Gorr (1926 - 2012)

De operazangers Rita Gorr. 'Een vrouw met een fenomenale stem en een ongelooflijk stembereik', zegt kenner Kurt Van Eeghem. Beeld Roger-Viollet

Een stem als een klok en een fenomenale podiumprésence. Meer had Rita Gorr niet nodig om het vanuit de Zelzaatse volkswijk Klein Rusland tot internationale operadiva te schoppen.

Wanneer het over Rita Gorr gaat, komt operakenner Kurt Van Eeghem superlatieven tekort. “Ze was een monstre sacré van de opera”, vertelt hij. “Een vrouw met een fenomenale stem en een ongelooflijk stembereik. Iemand die in alle grote operahuizen ter wereld hoofdrollen heeft vertolkt.”

Nochtans is er van opera geen spraken in de dromen die Margueritte Geirnaert koestert. Geirnaert, die later voor de artiestennaam Rita kiest, wil verpleegster worden. Maar vanuit de volkswijk Klein Rusland ligt dat niet voor de hand. Margueritte is de oudste van drie en moet zo snel mogelijk bijdragen aan het familiebudget. Ze trekt in bij de Gentse familie Lecompte en gaat daar aan de slag als kindermeisje.

Liedjes zingen wordt al snel een van haar favoriete manieren om de kinderen bezig te houden. Maar ook de wat oudere bewoners van het huis zijn onder de indruk van Geirnaerts stem. Zeker wanneer ze de opera-aria’s die ze op de radio hoort begint na te zingen. Ze treedt op tijdens familiefeestjes van de Lecomptes en wordt door hen ook gestimuleerd om zangles te volgen.

Ze gaat uiteindelijk naar het conservatorium en maakt in 1949 nogal onverwacht haar debuut in de Koninklijke Opera in Antwerpen. Wanneer een van de zangeressen ziek wordt, krijgt Geirnaert de vraag om in te vallen. In amper tien dagen tijd moet ze de partituur van Fricka uit de ‘Walküre’ van Wagner onder de knie zien te krijgen. Ondanks die beperkte voorbereiding blaast ze het publiek omver. Zowel de Antwerpse opera als die van Straatsburg dingen naar haar gunsten.

Geirnaert kiest voor het buitenlands avontuur in Straatsburg. En daar blijft het niet bij. Van Straatsburg gaat het naar Milaan, Parijs en New York. “Rita is met voorsprong de grootste operastem die ons land ooit heeft voorgebracht”, zegt Van Eeghem. “In elk groot operahuis ter wereld heeft ze op de planken gestaan.” De krachtige, ronde stem van Gorr leerde Van Eeghem dankzij de platencollectie van zijn vader kennen. “Hij was een groot bewonderaar.” De glorieperiode van Gorr maakte Van Eeghem zelf niet mee. “Ik heb haar wel nog aan het werk gezien toen ze in 2007 haar rentree maakte in de Gentse opera. Maar toen was ze al 81 en dat had uiteraard invloed op haar stem. Het bereik uit haar topperiode haalde ze niet meer.”

Ondertussen kreeg Gorr in de Gentse deelgemeente Wondelgem een doodlopende straat naar zich genoemd. Maar voor Van Eeghem mag het gerust wat meer zijn. “Een ster als Rita Gorr verdient minstens een park. Ze verdient haar plaats naast de allergrootsten ter wereld.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234