Woensdag 16/10/2019

Essay

Waarom de elites maar best toegeven dat Jan Modaal gelijk heeft

Alessandro Baricco. Beeld Sasha Maslov

We breken ons het hoofd over de vraag waarom de burger wereldwijd zo boos is. Eén ding staat vast: de gewone man en vrouw willen zich bevrijden van de elites. Maar wat komt daarna? Niet in staat tot het verzinnen van een toekomst wordt het verleden afgestoft, schrijft de Italiaanse auteur Alessandro Baricco.

There is no alternative, M. Thatcher

Dus, samenvattend: een zeker pact tussen de elites en de mensen is in duigen gevallen, en nu hebben de mensen besloten het verder zelf te doen. Het is niet echt een opstand, of nog niet. Het is een ijzeren opeenvolging van koppigheden, van plotselinge zetten, van het schijnbaar negeren van het gezonde verstand, of zelfs van rationeel denken. De mensen zenden obsessief één glasheldere boodschap uit – of het nu via hun stem is of door de straat op te gaan – ze willen dat in de Geschiedenis wordt geschreven dat de elites hebben gefaald en dat ze moeten ophoepelen. Hoe heeft dit in hemelsnaam kunnen gebeuren?

Laten we beginnen met het eens zijn over wat die beruchte elites dan zijn. De arts, de universitair docent, de ondernemer, de directie van het bedrijf waarvoor we werken, de burgemeester van onze stad, advocaten,
brokers, veel journalisten, veel artiesten met succes, veel priesters, veel politici, zij die deel uitmaken van bestuursraden, een goed deel van wie in het stadion op de tribune zit, iedereen die meer dan vijfhonderd boeken in huis heeft, en zo zou ik nog pagina’s lang kunnen doorgaan, maar we hebben elkaar begrepen. De exacte grenzen van de categorie mogen diffuus zijn, maar onder elites verstaan we grosso modo dat soort mensen. Ze zijn met weinig (in de Verenigde Staten één op tien), ze hebben een fors deel van het geld in handen (in de Verenigde Staten hebben ze acht van de tien dollar en dit is geen grap) en ze bezetten het overgrote deel van de posten waar macht bij hoort. Samenvattend: een rijke en zeer machtige minderheid.

Wie is Alessandro Baricco?

• Italiaanse schrijver, veelvuldig vertaald

• geboren op 25 janu­ari 1958, Turijn

Land van glas (’91) werd bekroond met de Prix Médicis étranger; Oceaan van een zee (’93) won de Premio Viareggio

• zijn theatermono­loog
Novecento werd verfilmd (The Legend of 1900)

• oprichter/­direc­teur van ‘Holden-school’ in Turijn voor media-artistie­ke­lingen

• woont in Turijn 
met zijn vrouw en twee zonen  

Als je ze van dichtbij bekijkt, blijken het voor het merendeel leden van de mensheid te zijn die veel studeren, zich inzetten op het sociale vlak, welopgevoed zijn, schoon, redelijk, en tamelijk tot zeer geleerd. Het geld dat ze ter beschikking hebben en uitgeven, hebben ze voor een deel geërfd, maar voor een ander deel verdienen ze het iedere dag door keihard te werken. Ze houden van hun land, ze geloven in de meritocratie, in cultuur en in een zeker respect voor de regels. Ze kunnen zowel links als rechts zijn. Een verbazingwekkende morele blindheid – wil ik hier toch aan toevoegen – belet ze om de onrechtvaardigheden en het geweld te zien dat het systeem in stand houdt waarin zij geloven. Zij slapen dus rustig, zij het vaak geholpen door slaappillen of andere tranquillizers.

Zeker van hun gang over de wereld leven ze in een beschermde habitat die weinig interactie heeft met de andere leden van de mensheid. De wijken waarin ze wonen, de scholen waar ze hun kinderen naartoe sturen, de sporten die ze beoefenen, de reizen die ze maken, de kleren die ze dragen, de restaurants waar ze eten: alles in hun leven maakt deel uit van een afgegrensd gebied vanwaaruit de geprivilegieerden hun gemeenschap beschermen. Hun kinderen worden in hetzelfde gebied gehouden en het indringen van nieuwe arrivés van beneden af is hoogst onwaarschijnlijk. Vanuit dit elegante natuurreservaat houden ze de wereld in de greep. Of, zou je ook kunnen zeggen, overeind. Zelfs zou je nog kunnen zeggen dat ze haar redden.

Grimmige sfeer tijdens het protest van de 'gele hesjes' in Brussel, 30 november 2018. Beeld Tim Dirven

Recentelijk heeft de eerste definitie het van de andere twee gewonnen. En daar is het dat het stilzwijgende pact waarover we het hadden ineens niet meer geldig is. Dat pact zou ik als volgt omschrijven: de mensen erkennen de privileges van de elites en zelfs een soort nevelachtige onstrafbaarheid, en de elites nemen de verantwoordelijkheid op zich om een gemeenschappelijke leefruimte te bouwen en te garanderen waarin het voor iedereen beter leven is. Als je dit praktisch vertaalt, komt het neer op een gemeenschap waarin de elites werken aan een betere wereld en waarin de mensen de dokters geloven, de leraren van hun kinderen respecteren, vertrouwen hebben in de getallen van de economische experts, journalisten geloven en zelfs – voor wie wil – de priesters. Hoe je het ook wendt of keert, de westerse democratieën draaiden op hun best toen sprake was van een dergelijke gemeenschap; toen het pact hield, sterk was en resultaten produceerde.

Nu is het nieuws dat ons in grote problemen brengt het volgende: het pact is gesneuveld. Het begon een jaartje of twintig geleden te wankelen, inmiddels is het aan het verpulveren. En dit gebeurt sneller en heviger daar waar de mensen wakkerder zijn (of wanhopiger): in Italië, bijvoorbeeld. De mensen hier in Italië zitten nu in de fase waarin de dokter of de leraar van de kinderen niet eens meer wordt vertrouwd. Wat betreft de macht van onze politiek: eerst is die in handen gelegd van een superrijke die de elites haatte (een truc die later door de Amerikanen is gekopieerd), vervolgens is nog een laatste poging gedaan met Renzi, vanuit het misverstand dat Renzi niets met de elites te maken had, en op het laatst hebben de Italianen het pact direct verscheurd om zelf aan het commando te komen. Wat is het waardoor ze zo kwaad zijn?

Het eerste antwoord is makkelijk: de economische crisis. Om te beginnen hadden de elites die niet voorzien. Vervolgens hebben ze er lang over gedaan om haar toe te geven. Tot slot, toen alles al aan het instorten was, hebben ze zichzelf op het droge gebracht en de zware opofferingen die geleverd moesten worden op de schouders van de mensen gedumpt. Kunnen we zeggen, als we denken aan de crisis van 2007-2009, dat dit werkelijk is gebeurd? Ik weet het niet met zekerheid, maar wel zeker is dat het zo is gevoeld door de mensen. Dus, toen de noodtoestand en de eerste verwarring voorbij waren, kwamen de mensen om de rekening te vereffenen, om het zo te zeggen. De mensen kwamen het afgenomen geld weer terughalen: zie het ‘burgersalaris’ (werkloosheidsuitkering, ABR) van de Vijf Sterren, zie het kwijtschelden van de gruwelijke en soms dodelijke naheffingen van Equitalia (belastingterreur, ABR). Daar komt geen economische politiek of toekomstvisie aan te pas: dat is gewoon terughalen wat is afgepakt.

Beeld ZAK

De tweede reden is geraffineerder en tot mij drong zij pas echt door toen ik de digitale revolutie begon te bestuderen voor het schrijven van The Game (Baricco’s nieuwe boek, dat in mei uitkomt bij De Bezige Bij, red.). Ik zou haar zo samenvatten: alle elektronische tools die wij dagelijks gebruiken, hebben een aantal genetische trekken die voortkomen uit een bepaalde visie op de wereld, de visie van de pioniers van de Game. Een van deze trekken is evident libertair: de macht verpulveren om hem aan iedereen te geven. Het duidelijkste voorbeeld: een computer op iedere schrijftafel van ieder lid van de mensheid zetten. En vervolgens in de zak van ieder mens plaatsen. Afgevinkt.

De enorme portee van dit ene feit moet niet worden onderschat. Vandaag zijn voor iedereen met een smartphone in de hand de volgende vier stappen binnen handbereik: toegang hebben tot alle informatie van de wereld, met iedereen kunnen communiceren, zijn eigen mening aan een enorme menigte ten beste geven en het persoonlijke schoonheidsideaal in de vorm van dingen, objecten, foto’s, momenten, delen met de hele wereld. Het is belangrijk om te beseffen dat deze vier stappen in het verleden alleen aan de elites toebehoorden. Ze waren, om precies te zijn, in het verleden de gestes waar de identiteit van de elites op stoelde. In 1700, om maar iets te noemen, waren er in Italië misschien een paar honderd mensen die dit konden. In de tijden van mijn grootvader waren het misschien een paar duizend families. En vandaag? Eén op de twee Italianen heeft een Facebook-profiel, meer uitleg is overbodig.

Op die manier – dat is wat we diep tot ons moeten laten doordringen – heeft de Game dus de psychologische barrières geslecht die de hele geschiedenis van de mensheid bepalen. Mensen zijn zich nu aan het trainen om het terrein van de elites te betreden, en daarmee nemen ze de elites het monopolie af dat ze door de hele geschiedenis altijd mythologisch onaantastbaar heeft gemaakt. Op zich is die situatie al explosief, maar misschien zou er nog steeds niets gebeurd zijn als er niet nog een andere trek bestond van de Game, een trek die je een fatale imprecisie zou kunnen noemen. Want de Game heeft de macht uitgestrooid over iedereen, of althans, dat hoort tot de mogelijkheden, maar wat niet tegelijkertijd ook is verdeeld, is het geld. Er is niets in de Game dat bijdraagt aan een herverdeling van de rijkdom. Wel van de kennis, de mogelijkheden, de privileges, maar niet van de rijkdom. En de asymmetrie is evident. Daaruit kon, op de lange duur, niet anders dan een grote sociale woede voortkomen die zich inmiddels stilletjes als een enorme benzineplas heeft verspreid. Heb ik nu wel of niet al gezegd dat de economische crisis de lucifer was? De brandende lucifer, bedoel ik.

Wat daarna is gebeurd, weten we. Maar we willen het niet altijd echt weten. Ik vat het samen voor het gemak. De mensen zijn de macht met een zeker aplomb gewoon gaan halen: eigenlijk nog best ordentelijk en in rijen van twee, maar met een zelfvertrouwen en een gebrek aan eerbiedige vrees die ongekend waren. Ze hebben het zelfs gewoon gedaan door te stemmen. Door wát te stemmen!? Het tegenovergestelde van wat de elites ‘suggereerden’. Op wie!? Op iedereen die geen deel uitmaakte van de elites of die door de elites werd geminacht of gehaat. Op welke ideeën dan!? Elk idee dat het tegenovergestelde was van wat de elites wilden. Simpel, maar zeer effectief.

Mag ik één onaangenaam schurend voorbeeld geven dat de situatie goed samenvat? Europa. Het idee van de Europese eenwording is overduidelijk een idee van de elites. De mensen hebben er echt niet om gevraagd door met spandoeken de straat op te gaan en leuzen te scanderen. Het was een intuïtie van enkele verlichten die zich makkelijk als volgt laat samenvatten: geschrokken van wat we er in de vorige eeuw van hebben gebakken, met twee grote supermachten hijgend in onze nek, Amerika en de Sovjet-Unie, had de Europese elite begrepen dat het slimmer was om eens op te houden met die eeuwenlange slachtpartijen en in plaats daarvan de grenzen op te heffen en een gezamenlijke politieke en economische macht te worden.

Natuurlijk was het geen makkelijk te realiseren plan. Eeuwenlang had de Europese elite gewerkt aan het creëren van nationalistische gevoelens waarop hun macht was gestoeld, zoals ook de haat voor de vreemdeling, die heel goed uitkwam als het weer op oorlog uitdraaide. En nu ineens moest dat allemaal worden afgebroken en de marsrichting radicaal worden omgelegd. Eerst waren miljoenen soldaten nodig geweest, nu ineens miljoenen vredelievenden. Mensen die bij wijze van spreken de van bloed druipende bajonet nog in de handen hadden, moesten ineens worden omgevormd tot één volk, met één munteenheid en met één vlag: niet bepaald een eitje.

Beeld ZAK

Om die reden drong de Europese elite ons met onmiskenbare slinksheid een model van Europese eenwording op dat een hoog dramagehalte had: zodra de eenheid een feit zou zijn, was zij ook meteen onomkeerbaar. Ze verbrandden de schepen achter onze rug, om te voorkomen dat de mensen (of wellicht ook een paar dissidente cellen van de elites) ooit nog op de gedachte zouden komen dat je het ook weer terug kon draaien. Niemand zou meer die poging ondernemen omdat het technisch volstrekt onmogelijk was gemaakt om het te doen. En als er ondanks dit nog twijfel zou verrijzen onder de mensen, was de methode: geduld hebben.

Onlangs las ik in Le Monde diplomatique (niet bepaald een populistisch blaadje) een mooie, korte samenvatting die ik bij deze gewoon even copy-paste: ‘In 1992 hebben de Denen tegen het traktaat van Maastricht gestemd: ze zijn gedwongen om terug te keren naar de stembus. In 2001 hebben de Ieren tegen het traktaat van Nice gestemd: ze zijn gedwongen om terug te keren naar de stembus. In 2005 hebben de Fransen en de Nederlanders tegen de Europese grondwet gestemd: ze kregen hem alsnog door de strot gedrukt met een andere naam, het traktaat van Lissabon. In 2008 hebben de Ieren tegen het traktaat van Lissabon gestemd: ze moesten terug naar de stembus. In 2015 heeft 61,3 procent van de Grieken tegen het bezuinigingsplan van Brussel gestemd: het is ze alsnog opgelegd.’ Een indrukwekkende democratische rouwmis. Hier staat dat er geen plan B bestond. There is no alternative.

Het overduidelijke elitaire DNA van de Europese Unie werd meteen zichtbaar toen Europa inmiddels een feit was en het Europese machtssysteem zijn zetels kwam bezetten: de instituties, de regeringsorganen en zelfs de types die per land werden uitgezonden om te regeren. Een elite die wellicht ook nog best iets weet, maar die kilometers is verwijderd van de mensen, een onuitputtelijke leverancier van volmaakt onbegrijpelijke redenen en getallen, op geen enkele manier in contact met het gewone leven. Het zou zelfs kunnen dat ze inmiddels werkelijk ook dingen doen die vóór het leven van de mensen zijn, maar hun hoofdbestaansreden lijkt toch te zijn om duidelijk te maken dat de vleugel wordt bespeeld en de trap op wordt gedragen, door Ons, de elite.

En zodoende, toen het pact brak, hebben de mensen zich onmiddellijk als eerste tegen deze vleugelbespelers gericht: Europa was het meest evidente symbool, het was het target bij uitstek, onmiddellijk zichtbaar aan de horizon. Er hing een aura van onoverwinnelijkheid omheen, dat echter, zo hebben we de dag na het referendum over de brexit gezien, alleen voor de elites standhield. Voor de andere burgers van de Game was de betovering verbroken. Valt te beweren, in het licht van dit al, dat de mensen tegen Europa zijn? Nee, dat kunnen we niet echt zeggen. Ze zijn tegen dit Europa, tegen dit symbool van het primaat van de elites, dat zeker. Anti-Europees betekent vandaag meer dan wat dan ook anti-elite.

Er doet al een nieuw formulerinkje de ronde: het Europa van de volkeren. Het betekent helemaal niets, maar het betekent dit: het is niet de eenheid op zich die we willen breken, het is de eenheid die op deze manier is bedacht en wordt gerund door de elites.

Europa is maar een voorbeeld. Wat ik probeer te zeggen is dat het volmaakt zinloos is om de dingen die de mensen vandaag willen (de terugkeer naar de lire, de guillotine voor de Autostrade-maatschappij van Benetton, vrije keuze voor inenting) te interpreteren zonder de reliëfdruk te lezen van waar het allemaal eigenlijk voor staat: zich bevrijden van de elites.

Dat is het punt, en dat is waar we ons gedegen over moeten buigen, waar we goed naar moeten kijken, al vinden we het nog zo walgelijk, beangstigend of vermoeiend. Want het is op dit ene punt dat de beslissende veldslag voor onze toekomst zich afspeelt. Het eerste wat je dan ziet is hoe de elite zich is gaan bewegen toen zij eindelijk snapte dat ze onder vuur lag. Ze is verstijfd in haar eigen zekerheden en kwam met een verklaring die alles zo snel mogelijk weer op orde zou krijgen: de mensen waren ineens totaal gaga geworden, waarschijnlijk omdat ze gemanoeuvreerd werden door een nieuwe generatie leiders zonder enig verantwoordelijkheidsgevoel, zonder enig bezwaar tegen smerig spel, handig in het zich richten tot de onderbuik van de burgers, daar waar eventuele intelligentie bestond, die handig onderuithalend.

Beeld ZAK

Vage en inexacte termen als fake news, populisme, of meteen maar even doorpakkend, fascisme, werden in stelling gebracht om de boodschap zo duidelijk mogelijk over te brengen en de opstandigen zo makkelijk mogelijk te etiketteren. Op de achtergrond wordt altijd die ene zekerheid, there is no alternative, als een mantra herhaald, gekoesterd als een obsessie, opgedrongen als een profetie en een dreiging.

Geen seconde, zo lijkt het, is de elite stil blijven staan bij de vraag of ze misschien zelf ook wat fout had gedaan, zo verschrikkelijk fout dat daar de hele lawine uit voortkwam.

Had ze daar wel over nagedacht, dan was het niet zo moeilijk geweest om drie fenomenen vast te stellen die voor mij, en voor vele anderen, zonneklaar zijn.

1.

Het idee van de elite van oneindige ontwikkeling en progressie slaagt er niet in sociale rechtvaardigheid te genereren. De rijkdom wordt op een belachelijke manier gedistribueerd en vernietigt veel meer werk dan dat ze genereert. Het hart van het spel wordt cadeau gedaan aan economische machten die niet of nauwelijks controleerbaar zijn, en blijft zoals al eeuwenlang gebaseerd op een misdadige controle over de zwakke gebieden van de aarde. Daarmee wordt de aarde serieus in gevaar gebracht, vergetend dat het ons aller huis is en niet de vuilstortplaats van enkelen.

2.

De elites zijn al een tijd in de greep van een diepe verdoving, een soort hypnose, vanwaaruit ze maar één gezamenlijke gedachte produceren, die gebaseerd is op weet ik wat voor geraffineerde theorieën, maar die uitdraait op altijd weer dezelfde totempaal: there is no alternative. Het zal toch velen niet ontgaan dat ze nergens meer op reageren, dat ze gehypnotiseerd door zichzelf lijken, dat ze alle contact met het leven dat de mensen leiden zijn verloren, dat ze meer dan de helft van hun tijd besteden aan het zichzelf beschouwen en hun privileges herschikken en opnieuw inrichten. De elites zijn de geschiedenis aan het blokkeren en scheiden erfgenamen af die niet in staat zijn om iets anders te denken of te verzinnen dan de obsessies van hun vaders.

3.

Slechts één keer in de afgelopen vijftig jaar hebben de elites per ongeluk een alternatieve gedachte gegenereerd. Dit was omdat een paar tegendenkers ze zijn ontglipt, bijna allemaal technici, uit wier ketterij de digitale opstand werd geboren. Bevroren in hun verdoving hebben de elites dat te laat geregistreerd, waardoor de digitale opstand aanvankelijk werd afgedaan als een tamelijk platte commerciële truc, en klaar waren ze er weer mee. Het was geen commerciële truc, het was een revolutie die draaide om het elimineren van precies hen, de elites van de vorige eeuw, om ze te vervangen door een nieuwe elite, een nieuwe intelligentie, ja zelfs een nieuwe moraal. Ze hebben er helemaal niets van gesnapt en dit betekent dat de Game rustig kon groeien in de plooien van hun macht, ze langzaam maar zeker kon delegitimeren, ze kon uitleveren aan de mensen op het moment dat ze de kracht niet meer hadden om zich te verdedigen. Terwijl deze enorme opstand stilletjes gaande was, is de enige briljante gedachte van de elites geweest om de Game te gebruiken om geld te vermeerderen. Of ze nu de relikwieën van de vorige eeuw verkochten of start-ups financierden, ze hebben ijverig kaartjes verkocht om toeschouwer te mogen zijn van het spektakel van hun eigen doodvonnis. Een vreemde manier om de Geschiedenis het hoofd te bieden.

Je maakt zulke fouten en vervolgens denk je dat je hen die op je deur komen kloppen om de stekker eruit te trekken kunt afdoen als ‘fascisten’?

Net zo interessant is het om te bekijken hoe de mensen zich hebben bewogen vanaf het moment dat ze het pact verpulverden omdat ze het verder zelf afkonden. Potentieel hadden ze een soort nieuwe, immense horizon voor zich, maar ze zijn gestokt bij de eerste stap, die van de pure en simpele afrekening. De dromen zijn verschoven naar verderop in het verhaal; het enige wat nu telt is het botvieren van de boosheid. Niet in staat tot het verzinnen van een toekomst, wordt het verleden onophoudelijk uit de mottenballen gehaald.

Er is gekozen voor leiders die garant staan voor een dagelijkse wraak in de permanente achteruitversnelling: dat is het enige wat ze kunnen. Ze zijn gewoon niet in staat om zich iets anders, méér, voor te stellen, alle aandacht gaat naar het corrigeren van wat al bestaat: de erfenis van de elites. En vaak lukt ook dat niet, omdat ze incompetent zijn, niet voorbereid op regeren, op de plotselinge ontdekking van de eigen grenzen en van het feit dat de vijand, het systeem, verdomd complex in elkaar zit. Ze hervinden de moed in een soort brute tone of voice die eigenlijk hun enige echt onderscheidende kracht is. Een mengeling van directheid, agressiviteit, de schreeuw van de marktkoopman en de reclameslogans.

Beeld ZAK

De mensen vinden dit geruststellend en hebben het overgenomen als een manier van denken. Ze snappen het, ze zien er een soort elementaire intelligentie in die eindelijk de geraffineerde, onbegrijpelijke sofismen van de elites vervangt. Eindelijk een heldere beweging van mannen die recht op het doel af gaan, die oude trucs en hypocrisieën ontmaskeren. De verheerlijking van deze manier van denken – geloof me, het is noodzakelijk om dit te begrijpen – is het wapen waarmee de mensen vandaag de agressiefste coup tegen de elites plegen. Het is de ware stormram waarmee de defensieve muur van de elites omver wordt gebeukt. Als díe manier van de wereld lezen het wint, zijn de elites voor altijd verslagen. Finita la pacchia (‘Luilekkerland is voorbij’, een beroemde slogan van vicepremier Matteo Salvini die slaat op de bootvluchtelingen uit Afrika, ABR).

Het punt dat voor mij, zoals voor zovele anderen, zonneklaar is, is dat een dergelijke overwinning een vernietigende prijs heeft: niet voor de elites, want nou én, maar voor iedereen.

Want de mythe van een directe, maagdelijke benadering van alle fenomenen als antwoord op de ingewikkelde, decadente, en ook een beetje narcistische tred van de hoger ontwikkelde gedachte, is een fantastische creatuur waar we eeuwen en eeuwen over hebben gedaan om haar te ontmaskeren. Haar nu weer tot leven roepen is voor geestelijk zwakzinnigen.

We hebben al heel lang begrepen dat het beter is om veel, zo veel mogelijk, van iets te weten voordat je eraan gaat morrelen, dat het beter is om zo veel mogelijk mensen te kennen als je jezelf wilt leren kennen, dat het beter is om de gevoelens van anderen te delen om onze eigen gevoelens te kunnen beheren, dat het beter is om veel woorden ter beschikking te hebben in plaats van weinig omdat uiteindelijk wint wie het meeste weet. En er is een begrip, een definitie, van deze manier van ons verdedigen tegen de wrede hardheid van de realiteit dankzij het geduldige en geraffineerde gebruik van onze intelligentie en ons collectieve geheugen: cultuur.

Dit vervangen door de heldere eenvoud van een elementair uitgedrukte gedachte, een boerenslimheid, is vrijwillig naar de slachtbank gaan. Ik wil duidelijk zijn: iedere keer dat we ons tevreden stellen, of zelfs enthousiast zijn, over bepaalde simpele ordewoorden of slogans, verbranden we jaren van gemeenschappelijke groei waarin is geïnvesteerd in het ons niet laten verneuken door de op het eerste gezicht zo makkelijke simpelheid der dingen. En met ‘wij’ bedoel ik niet ons elites, maar ons allen. We veroordelen onszelf tot enorme misverstanden en een tragische ondergang. Gewoon maar even een voorbeeld uit de losse pols: het beschouwen van de logische verplaatsing van een redelijk bescheiden aantal mensen uit delen van de wereld die wij hebben uitgeknepen en nog steeds bij de ballen houden als een ontzaglijke bedreiging voor onze staat van zijn en welvaart. Dat soort dingen. Koeien van onzin. Wat ik dus zie, wat mij zo overduidelijk lijkt, is dat de mensen iedere dag wakker worden met de missie om het fort van de elites te bestormen; en hoe meer ze het doen, en hoe meer ze winnen, hoe meer ze zichzelf beschadigen.

Zodoende gaan we door donkere tijden, en wij zijn als de aarde waar plunderende legers overheen trekken. Niemand lijkt in staat om te winnen, dus het is moeilijk om een einde in zicht te krijgen. Iedere dag die voorbijgaat wordt de proviand minder: de kracht, de schoonheid, het respect, de menselijkheid, en zelfs het humorisme. Deze tijden zijn al eerder voorgevallen in de geschiedenis van de mensheid, maar wij, die echt niet dachten dat het ons deel zou worden, vragen ons af of het nu werkelijk noodzakelijk is dat wíj dit moment moeten beleven? Is er echt niet iets wat we kunnen doen om de slopende traagheid van deze totale ontmanteling van alles te keren?

Wat mij betreft dit: toegeven dat de mensen gelijk hebben. Het contact met de realiteit herstellen en de enorme puinzooi die we ervan hebben gemaakt onder ogen zien. Onmiddellijk aan de slag gaan om de rijkdom beter, gelijker te verdelen. Sociale rechtvaardigheid weer als het hoofdpunt zien dat het ooit was en is. Inderdaad de stekker uit de oude elites van de vorige eeuw trekken en ons toevertrouwen aan de intelligenties die in de schaduw van de Game zijn gegroeid. De begrippen vooruitgang en ontwikkeling eens helemaal opnieuw definiëren, want de huidige betekenis heeft ons vergiftigd.

De intelligenties bevrijden die in staat zijn om ons buiten de ijzeren rails van ‘there is no alternative’ te leiden. Ophouden met de politiek het waanzinnige, overdreven, onterechte belang toe te kennen dat we nu doen. Ons geluk komt niet via de politiek. Het vertrouwen herstellen in hen die dingen echt weten, want die zijn er. De getallen, criteria en meetmethodes waarin we de wereld nu uitdrukken in de prullenmand smijten (voorop dat absurde bruto nationaal product) en nieuwe criteria en meetmethodes opstellen die de ware realiteit van onze levens weergeven.

Onmiddellijk het vertrouwen in de cultuur herstellen, allemaal samen, en groots investeren in scholing, altijd, altijd. Niet ophouden met boeken lezen, allemaal, net zo lang tot het beeld van een boot afgeladen met vluchtelingen zonder haven ons allemaal over onze nek zal doen gaan.

De Game betreden, zonder angst, opdat al onze neigingen, ook de meest persoonlijke, ook de meest fragiele, zullen bijdragen aan de koers van de hele wereld. Gebruik de Game, als een enorme kans tot verandering in plaats van als een alibi om ons in onze bibliotheken te verschansen of nog grotere economische verschillen te creëren.

Alle muren die we te snel naar beneden hebben gehaald opnieuw optrekken; ze onmiddellijk weer aan stukken slaan zodra iedereen in staat is om zonder muren te leven. De snellen voor laten gaan om onze toekomst te creëren, maar op voorwaarde dat ze iedere avond aan tafel zitten met de langzamen, om te beseffen wat het heden is. 

Vrede sluiten met onszelf, waarschijnlijk omdat je niet goed kunt leven in minachting en wrok. Ademhalen. Af en toe alle elektronica uit doen. Wandelen. Ophouden met het spook van het fascisme voortdurend rond te wapperen en te misbruiken. Groots denken. Denken. 

Niets van dit al is onmogelijk, als je er goed over nadenkt. Het gaat om het vinden van de wilskracht, het geduld en de moed.

Baricco’s boek The Game, over de enorme invloed van de digitale revolutie op de traditionele orde der dingen, verschijnt in mei bij De Bezige Bij.

GEKWETSTE REACTIES

Dit artikel van Italiës bekendste duider, de schrijver en filosoof Alessandro Baricco (61), verscheen op 11 januari in de progressieve Italiaanse krant la Repubblica. Het was een knuppel in het hoenderhok van de per definitie linkse Italiaanse elite, zoals bleek uit de nog steeds voortdurende stortvloed aan reacties van grote namen in kranten, weekbladen en tv-programma’s. Gekwetste reacties, maar ook, zij het minder, instemmende.

Opvallend is dat niemand van de Italiaanse politici, intellectuelen, columnisten, opiniemakers, Baricco’s grote thema van de afgelopen dertien jaar – de invloed van de digitale revolutie op de westerse democratieën – oppikt. De Italiaanse reacties richten zich vooral op de definitie die Baricco geeft van de elite, en of deze passend is voor hoe de Italiaanse intelligentsia zichzelf graag ziet afgeschilderd. Het lijkt of de meeste illustere pennen zich vooral daarover zorgen maken: ‘Ikke niet. Dit slaat niet op mij.’

Een gunstige uitzondering hierop is de reactie van de oud-hoofdredacteur van
la Repubblica Ezio Mauro (70): ‘De leidinggevende klasse van Italië is er nooit in geslaagd daadwerkelijk establishment te worden en haar op zich legitieme particuliere belangen te vertalen naar het algemeen belang’, schrijft Mauro. ‘De Italiaanse elite is een vacuümbubbel die zich grote delen van de maatschappij heeft toegeëigend en daar arrogant de exclusieve titel “de beschaving” op heeft geplakt. Daaruit is een ineffectieve top-downcultuur ontstaan, en dat is waar Alessandro Baricco ons terecht op aanspreekt.’

Ook de bekende journalist Antonio Padellaro (72), voormalig hoofdredacteur en momenteel directeur van de krant
il Fatto Quotidiano, is in staat om voorbij zijn eigen schoenpunten te kijken. ‘Zelden heb ik zo’n diepe, overtuigende analyse gelezen van hoe en waarom de wereld zoals we haar tot nog toe kenden uiteen is gevallen in twee helften van de appel, nooit meer verenigbaar, nooit meer tot één ronde bol samen te krijgen. Het is zo en Baricco toont het onomstotelijk aan’, aldus Padellaro in zijn krant.

Het jammere van Italië is dat zelfs een artikel van dit kaliber in eigen land nooit als een universele analyse zal worden gelezen. Het blijft altijd maar gaan om ‘ík herken mij hier niet in’. Maar uiteindelijk is Alessandro Baricco ook een Italiaan, en dat is weer bemoedigend.
  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234