Donderdag 20/06/2019

Justitie

Waarom crimineel Safet Rustemi op een Albanees strand zit, en niet in een Belgische rechtszaal

Minister Koen Geens (CD&V) en staats­secretaris Theo Francken (N-VA), respectievelijk verantwoordelijk voor justitie en vreemdelingenzaken. Allebei wijzen ze elkaar met de vinger in de zaak-Rustemi. Beeld BELGA

Waar is het fout gelopen in de zaak-Rustemi? De Albanese crimineel werd het land uitgezet en ontloopt zo allicht een lange gevangenisstraf. Bij vreemdelingenzaken wijzen ze naar justitie en andersom. "Echte fouten zijn er niet gemaakt, en toch smaakt het resultaat wrang."

Safet Rustemi, de 33-jarige Albanees om wie het allemaal draait, zal het niet aan zijn hart laten komen. Hij staat op de most wanted-lijst van onze federale politie maar geniet, volgens bronnen in Albanië, volop van het uitgaansleven in zijn land en baat er ook een eigen strand uit.

Het is erg moeilijk te bevatten waarom de Belgische politie op zoek moet gaan naar iemand die hier al eerder vastzat en die men heeft laten vertrekken. Of beter gezegd: zelf ­weggestuurd heeft.

Dat gebeurde een dik jaar geleden. Rustemi, die in ons land eerder al veroordeeld werd voor onder andere drugs- en mensenhandel, kwam op dat moment voorlopig vrij uit de gevangenis in afwachting van twee andere processen. Omdat Rustemi geen geldige verblijfspapieren had, werd, zoals de wet het voorschrijft, de Dienst Vreemdelingen­zaken (DVZ) gecontacteerd.

Die dienst besloot hem prompt terug te sturen naar Albanië.

Weg is weg

Niets aan de hand, vond staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) aanvankelijk. Hij tweette zelfs triomfantelijk: “Zo gaan wij om met criminele illegalen. Snel en efficiënt.” Het is dan ook een van de speerpunten van zijn beleid: het zo veel en zo snel mogelijk terugsturen van mensen zonder verblijfspapieren die feiten hebben gepleegd. Weg is weg, dus.

Om de haverklap publiceert hij op zijn blog en op Twitter cijfers van het aantal ‘gerepatrieerde criminele illegalen’ met daarbij een overzichtje over welke profielen het gaat. Kwestie dat iedereen goed weet waaraan we als maatschappij ­ontsnapt zijn. Het gaat, voor alle duidelijkheid, om personen die aan het einde van hun straf zijn of bij wie er met het land van herkomst een afspraak is dat ze daar in de cel kunnen.

Safet Rustemi staat op de 'most wanted'-lijst van de federale politie, maar werd toch uitgezet naar zijn thuisland Albanië. Beeld RV

In juni 2018 werden bijvoorbeeld 165 (ex-)gedetineerden verwijderd naar hun thuisland. De ‘toppers’ waren een Rus die veroordeeld was tot 30 jaar cel voor onder andere doodslag, en een Algerijn veroordeeld tot 15,5 jaar cel voor diefstal met inbraak en brandstichting. “Na de eerste 6 maanden van 2018 zitten we met 858 uitgezette criminelen op koers om dit jaar ALWEER alle ­uitzetrecords van criminele vreemdelingen te breken”, schreef Francken op zijn blog.

"Struisvogelpolitiek"

Bij de zaak-Rustemi liep het lichtjes anders. De man was niet einde straf, maar moest nog een proces krijgen. Zijn advocaat Sven Mary wees er dan ook fijntjes op dat, door de gretigheid van Francken en ‘zijn’ DVZ, de Albanees nu die gevangenisstraf kan ontlopen. De man in kwestie kan in plaats van in de gevangenis te zitten – alles samengeteld zou hij 22 jaar kunnen krijgen – nu in alle vrijheid op een strand in Albanië liggen.

Francken kreeg de wind van voren. Want plots overheerste het beeld dat hij topcriminelen met een strikje errond terugstuurt en zo uit de gevangenis houdt. Monica De Coninck (sp.a) had het over “een struisvogelpolitiek die veel geld kost en die op termijn voor nog meer onveiligheid zorgt”. Hendrik Vuye (Vuye & Wouters) noemde de recordberichten over repatriëringen die Francken zo graag de wereld in stuurt ronduit “fake news”. “Gepimpte cijfers die de straffeloosheid moeten verbergen.”

Theo Francken zelf begon zich te weren als een duivel in een wijwatervat. Justitie én politie kregen een veeg uit de pan. Want de DVZ had volgens hem geen signaal gekregen van justitie of politie dat Rustemi best in ons land bleef. Dat de politie nu op zoek gaat naar een man die ze zelf mee het land heeft uitgezet, noemde hij raar.

Zijn diensten hadden daarentegen gewoon de procedures gevolgd, vond Francken. Rustemi was hier illegaal. Illegalen worden teruggestuurd, verklaarde hij in het Radio 1-programma De ochtend. Zo simpel is het nu eenmaal. Op de vraag van de VRT-journalist of de DVZ dan geen toegang heeft tot de databank van justitie, suggereerde hij dat dat niet het geval was. “Het is aan justitie en politie om ons signaal te geven. Wij zijn een bestuurlijke overheid, wij voeren gewoon uit. En het uitzetten van illegale criminelen is voor ons een prioriteit.”

Label: crimineel

Francken noemde de kwestie-Rustemi ook nog een uitzonderlijke zaak. “Het is hoogst uitzonderlijk dat een crimineel zonder geldig verblijfsrecht nog voor zijn proces wordt uitgezet.”

Migratiedossiers zijn zelden eenvoudig. Een aantal dingen die de staatssecretaris op de radio zei, blijken ook niet of minstens niet helemaal te kloppen.

Dat het hoogst uitzonderlijk is, bijvoorbeeld. Verschillende door ons gecontacteerde strafpleiters geven aan dat zoiets eerder regel is dan uitzondering. En altijd wordt hetzelfde stramien gevolgd: justitie legt verdachten zonder een vaste verblijfsvergunning een borgsom op, om te vermijden dat ze het land ontvluchten én om te garanderen dat ze alle fasen van hun proces ­aanwezig zijn. Vervolgens komen die mensen terecht bij de DVZ, die hen het land uitzet. Meestal ook met een verbod om de eerste jaren terug te keren.

Over hoeveel zaken het gaat, is moeilijk te ­zeggen. Volgens Sven Mary gaat het in zijn eigen kantoor al om 12 personen sinds midden april. Andere advocaten hadden het over “enkele tientallen per jaar”.

“Wat hier gebeurt, staat haaks op ons rechts­systeem”, zegt advocaat Mary. “Want het gevolg is dat de persoon in kwestie niet aanwezig kan zijn op zijn proces. En dus zijn borgsom kwijt is. Het gaat in dergelijke dossiers vaak om erg hoge ­borgsommen. Soms tot 100.000 euro en meer.”

Sven Mary, Rustemi's advocaat: "Wat hier gebeurt staat haaks op ons rechtssysteem." Beeld Bob van Mol

In het geval van Rustemi, die een borg van 25.000 euro betaalde, zal het de man allicht worst wezen dat hij die som kwijt is. Hij werd eerder ook al veroordeeld voor andere feiten en mag dus met recht en reden een crimineel genoemd worden. Maar in andere dossiers gaat het om mensen die in voorlopige hechtenis gezeten hebben in afwachting van hun proces. Mary: “De DVZ plakt meteen het label ‘crimineel’ op hen, terwijl er in onze rechtsstaat toch zoiets is als het vermoeden van onschuld.”

Even bellen

Dan was er nog een verklaring van Francken die niet klopte. De DVZ bleek namelijk wel degelijk inzage te hebben in de databank van justitie. Justitieminister Koen Geens (CD&V) had in de Kamercommissie eerder vorige week al de kritiek van Francken gepareerd door te stellen dat de diensten van de staatssecretaris “aan alle info konden” over de persoon in kwestie.

Meer nog, DVZ heeft de bewuste databank ook geraadpleegd, geeft Franckens woordvoerster Katrien Jansseune deze week toe. Jansseune: “In de databank stond dat het aanhoudingsmandaat van de man was opgeheven en dat er voorwaarden waren opgelegd. Die voorwaarden waren zelf niet toegevoegd. Het vonnis zat nog niet in de databank.”

Die verklaring doet Sven Mary fronsen. “Als iemand voorlopig vrijgelaten wordt door de Kamer van Inbeschuldigingstelling – een orgaan dat alleen beslissingen neemt over voorlopige hechtenis en niet over de zaak ten gronde – dan weet je automatisch dat die man nog een proces te wachten staat. En dat die voorwaarde allicht zal zijn dat hij aanwezig moet zijn op dat proces.”

Vreemdelingenzaken had ook kunnen wachten tot alle informatie in de databank zat. Of nog simpeler: even naar justitie kunnen bellen. Kwestie van zeker te zijn. Maar volgens Katrien Jansseune moet het andersom. “De DVZ kreeg in dit dossier niet de expliciete vraag van justitie om niet te verwijderen, wat ze in het verleden in ­sommige gevallen wel hebben gevraagd.”

Veroordeeld zonder straf

De DVZ had het moeten vragen, vindt justitie. Justitie had het moeten zeggen, vindt de DVZ. Zo ging het jaren geleden ook, in een nog pijnlijkere zaak.

In september 2007 staken twee minderjarige Oekraïners de dan 14-jarige Simon Wijffels in de hals in het centrum van Gent. De jongen raakte daarbij levensgevaarlijk gewond, maar overleefde de steekpartij.

Enkele weken voor hun proces in 2009 bleek dat de twee broers met hun hele familie ­gerepatrieerd waren naar Israël. De broers waren voorlopig vrijgelaten uit de gesloten instelling van Ruislede. Het gezin, dat illegaal in ons land was en zich uitgaf als Israëlisch, had daarop aange­geven vrijwillig te willen vertrekken. De Dienst Vreemdelingenzaken ging daar graag op in. De Belgische staat betaalde de vliegtickets en gaf er nog eens een premie van 250 euro per volwassene bovenop.

De twee daders werden later bij verstek veroordeeld voor poging tot moord. Een straf kregen ze niet. Dat had toch weinig zin, vond de rechter, aangezien de vogels al gevlogen waren. Ook toen kregen de DVZ en justitie bakken kritiek en wezen ze met een beschuldigende vinger naar elkaar.

Twee werelden, twee logica’s

Het is dus geen uitzondering zoals Francken zegt, maar een oud zeer, dat moeilijk opgelost geraakt. En dat ook vaker dreigt voor te vallen. Omdat we aan de ene kant een staatssecretaris en een DVZ hebben die nog gretiger dan voordien ‘stoute illegalen’ willen uitzetten. Daar maken ze ook geen geheim van. Aan de andere kant hebben we een justitie die kampt met overvolle gevangenissen en die iedereen die niet per se in voorlopige hechtenis moet blijven zo snel mogelijk laat gaan. Bovendien mag een rechter in zijn afweging bij zo’n vrijlating geen rekening houden met het gegeven of de persoon in kwestie over verblijfs­papieren beschikt of niet.

Justitie en de DVZ zijn twee verschillende werelden, die elk vanuit hun eigen logica redeneren. “Bij justitie kijken ze louter naar de straf­procedure”, vertelt een bekende strafpleiter die anoniem wil blijven. “Daar zien ze een verdachte van een misdrijf en moet de rechter afwegen of die vrij kan komen of niet. In de zaak-Rustemi vonden twee verschillende rechters dat het kon. Omdat hij op zijn vorige processen telkens aanwezig was en er dus weinig vluchtgevaar was. Er was vanuit strafrechterlijk oogpunt geen reden om hem in de gevangenis te houden.”

De DVZ zag dan weer een illegaal, die bovendien al enkele veroordelingen opliep. Vanuit hun logica van ‘weg is weg’ was het de normale ­procedure om hem zo snel mogelijk terug te ­sturen naar zijn land van herkomst.

De kern van de zaak-Rustemi is dus niet zozeer wie wat had moeten zeggen of vragen aan wie. Maar wel: wat doen we met dergelijke Rustemi’s, verdachten die in afwachting van hun proces voorlopig vrijkomen?

Dat is inderdaad de hamvraag, vindt ook Katrien Jansseune. “De vraag die we ons moeten stellen is: willen we dat personen met een dergelijk ­profiel en zonder verblijfsrecht in de meerdere maanden tussen vrijlating en uiteindelijk vonnis vrij rondlopen op het grondgebied? Als wij hem niet hadden gerepatrieerd, zou de man hier vrij hebben rondgelopen. Wat als hij opnieuw feiten zou gepleegd ­hebben? Wie was dan verantwoordelijk?”

Vreemdelingenwet

Volgens Kamerlid Hendrik Vuye is het eenvoudig: als justitie zo’n zware jongen die hier illegaal is niet langer kan vasthouden, dan moet hij opgesloten worden in een gesloten instelling voor illegalen in afwachting van zijn proces. “De Vreem­delingenwet laat dat perfect toe”, stelt hij.

Klopt niet, stelt Freddy Roosemont, grote baas van de Dienst Vreemdelingenzaken, aan De Morgen. “Opsluiten in een gesloten centrum kan enkel in het kader van een verwijdering, en ­volgens de wettelijk voorziene termijn. Die bedraagt twee maanden en kan eventueel nog verlengd worden tot maximaal acht maanden.”

In het gesloten centrum van Vottem is nochtans een aparte vleugel gemaakt waar voornamelijk ex-gedetineerden zitten. En na de zomer komt een gelijkaardige vleugel voor veertien personen in het centrum van Merksplas. Maar ook daar kunnen verdachten die wachten op een proces niet opgesloten worden, stelt Roosemont. “In die vleugel zitten personen die omwille van hun gedrag niet tussen de anderen kunnen zitten. Mensen die gewelddadig zijn of erg dominant. In de praktijk gaat het vaak om ex-gedetineerden. Maar bij elk van hen gaat het om een administratieve opsluiting in het kader van een verwijdering. Iemand als Rustemi kon hier dus niet opgesloten worden.”

Systeemfout

Professor migratierecht Dirk Vanheule (UAntwerpen) geeft Roosemont gelijk. Opsluiting in een gesloten ­centrum mag niet oneigenlijk gebruikt worden. “Iemand kan onder de Vreemdelingenwet niet worden vastgehouden op basis van de ­overweging dat hij nog zijn proces in België moet krijgen.”

En zo zit het dus muurvast.

Zijn er dan eigenlijk wel fouten gemaakt in dit dossier? Of is het eerder een systeemfout die maar niet opgelost geraakt? “Ik denk in alle eerlijkheid niet dat er echt fouten gemaakt zijn. Niet bij ons en niet bij justitie. Maar ik moet toegeven dat het resultaat nu wel een wrange smaak heeft”, geeft Roosemont eerlijk toe. “Hoe het dan beter kan? We moeten beter communiceren met elkaar. Dat is zeker. En dat gaan we ook proberen te doen. Maar een wonderoplossing is er wellicht niet. Als u mij kan zeggen hoe we dit definitief kunnen oplossen, dan mag u voor mijn part op het kabinet komen werken.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden