Dinsdag 07/04/2020

Foodmarket

Waarom Brussel stormloopt voor foodmarket Wolf

Beeld Tim Dirven

De gebouwen van de ASLK in hartje Brussel doen in niks meer denken aan het vroegere bankkantoor. Over de marmeren vloer struinen nu dagelijks duizenden foodies. De foodmarket Wolf, aan de Wolvengracht, is pas twee maanden open en lijkt stevig op koers te zitten.

“Er zijn bijna te veel mensen”, zucht Thierry Goor. De initiatiefnemer van foodmarket Wolf kijkt naar de stroom van mensen die binnenlopen en een zitje zoeken. “Er is plaats voor 800 mensen”, zegt Goor. “We tellen nu dagelijks gemiddeld 4.200 bezoekers. In het weekend zitten we boven de 7.000 bezoekers.” Goor en zijn rechterhand Alexis Malherbe, die als operationeel manager alles in goede banen moet leiden, verpozen even aan Le Comptoir du Crabe. Ook deze middag is het een bonte mix van mensen die in de buurt wonen en werken, aangevuld met toeristen en gezinnen.

Wolf heeft de vroegere hoofdzetel van de ASLK ingepalmd en biedt op 2.650 vierkante meter 16 etenskraampjes, een microbrouwerij, een fairtradechocolaterie en een bioversmarkt. Het gebouw heeft een industriële look, en een schitterend glazen dak. Centraal staat een grote bar met daarrond lange tafels en tegen de muren iets intiemere zithoekjes. Bezoekers met een hongertje hebben een rijkelijke keuze aan gerechten. Van slagerij Dierendonck over La Piola (pizza), Knees to Chin (Vietnamese rolletjes), Parea (Grieks). Ook sterrenkok Yves Mattagne brengt er zijn nieuw concept van zoete en zoute wafels aan de man.

Beeld Tim Dirven

“Dit is een mix van wereldse invloeden en tegelijk is het heel erg Brussel”, zegt Goor. De marketingman droomde al langer van een Brusselse variant van pakweg de Mercato Metropolitano in Londen of de Chelsea Market in Manhattan. Voor de financiering verzamelde hij Pascal Van Hamme van de restaurant- en cateringgroep Choux de Bruxelles, en de familie Haelterman, van de drankenverdeler HLS. 

De BVBA BXL Food Market stelt de foodmarket open voor horecazaken. Die betalen geen huur, maar staan een percentage af van hun omzet. “In ruil bieden wij personeel om de tafels af te ruimen, een plaats, het servies, de marketing, enzovoort”, zegt Alexis Malherbe, die vroeger business project manager bij verzekeraar AXA was. “Het is een win-win. Als zij tevreden zijn en goed werken, dan wij ook, en omgekeerd. Een restaurant heeft voldoende aan een tweetal mensen, meer personeel hoeven ze niet in te zetten.” Volgens Malherbe slaat de formule aan, en moeten ze constant nieuwe restaurants weigeren. Er is nu al een wachtlijst van 40 restaurants, klinkt het.

Volgens Malherbe zijn foodmarkets een interessant horecaconcept. “Het schaalvoordeel levert een kostenbesparing op. Vooral personeelskosten zijn een dooddoener in de horeca.” Dat wordt beaamd door patissier Vincent Denis. De dessert-tovenaar zegt erg tevreden te zijn over Wolf. “Voor mij is dit de ideale vitrine om op termijn een eigen zaak te openen.” Denis is in de weer met grote borden die er verrukkelijk uitzien. Voor zijn vaste stek in Wolf was hij aan de slag in sterrenrestaurant L’Eveil des Sens. “Maar hier kan ik me zelf helemaal tonen.” Spontaan krijgen we zijn Billes Signature geserveerd. Een ijskoude knapperige chocoladebal met een vloeiend hart van melkchocolade en karamel. Denis’ cliënteel zijn vooral Belgische toeristen en expats, zegt hij, terwijl een Aziatisch koppel zijn kaart bestudeert.

Driestapsraket

Op het eerste gezicht lijkt het poepsimpel, toch is een foodmarket geen gegarandeerd succes. Illustere voorgangers mislukten, of moesten de deuren sluiten. Zo was Mercado in Antwerpen in 2016 een beetje pionier. De pop-up was een hype, zeker tijdens weekends. Na anderhalf jaar moest het evenwel dicht, omdat het oude postkantoor op de Groenplaats verbouwd werd. In Gent probeerde de Holy Food Market het dan weer in de 16de-eeuwse Baudelokapel. Het sloot intussen noodgedwongen de deuren. De Vleeshalle in Mechelen is dan weer nog geen jaar open, maar of de mensen zullen blijven komen naar de markthal uit 1881 valt nog niet te voorspellen. Thierry Goor kent de markt, en heeft alle vertrouwen in zijn concept. “Antwerpen was een tijdelijk project, wij hebben een contract voor 27 jaar, een langetermijnpop-up”, knipoogt Goor. “En de sluiting van Holy Food Market in Gent is te wijten aan een gebrekkig concept. Bovendien was de locatie niet goed.” 

Beeld Tim Dirven

De driestapsraket van Thierry Goor om te lukken heet: een stevig concept hebben, op de juiste locatie zitten en de zaken goed beheren. “Qua locatie kunnen we hier niet beter zitten in het centrum van Brussel. Alleen al in het Chambon-complex – zoals de ASLK werd omgedoopt – zijn 245 nieuwe appartementen en 135 koten. En dan heb je nog de vele kantoren. Goor verrast zelfs dat hij zijn concept wil uitbreiden. “Ik zie ruimte voor nog een Wolf in Brussel en ook een in Antwerpen.” De glimlach om de mondhoeken verraadt dat de man al een locatie op het oog heeft. “Klopt, maar we willen niet te snel gaan.”

Beeld Tim Dirven

Het laatste woord is aan de foodies zelf. In de grote ruimte een amalgaam van kantoormensen, met stropdas, tot meer ontspannen types in casual outfit. Angelique Declercq uit Brussel komt hier vaak tijdens haar middagpauze. Ze werkt bij een bank in de buurt en komt hier graag. “Je hebt een brede keuze aan lekker streetfood en het is goedkoper dan een restaurant”, zegt ze. Ook Bert Camber spreekt hier graag af met vrienden na de werkuren. “Ik werk in een galerie, hier net om de hoek. Brussel had dit echt nodig.” En blijkbaar de Brusselaars ook.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234