Zondag 20/10/2019

Paradise Papers

Waarom Apple op Jersey landde. De zoektocht van een multinational naar een belastingparadijs

Apple Park, het nieuwe hoofdkwartier van de techreus in Cupertino, Californië. Beeld NYT

Toen Apple zijn belastingvoordelen in Ierland dreigde te verliezen, zocht het een andere plek om zijn winst te parkeren. CEO Tim Cook had nochtans gezworen dat ze hun geld niet naar een Caribisch eiland zouden versluizen; dus werd het een Europees.

Tim Cook was boos. Het was in mei 2013. Cook, de CEO van Apple, moest verschijnen voor een onderzoekscommissie van de Amerikaanse Senaat. Na een lang onderzoek had de commissie besloten dat het bedrijf voor tientallen miljarden dollars belastingen had ontweken door de winst door te sluizen naar Ierse dochterbedrijven die de voorzitter van de commissie spookfirma’s noemde.

“We betalen alle belastingen die we verschuldigd zijn, tot op de laatste dollar”, zei Cook tijdens de hoorzitting. “We hebben geen belastingtrucjes nodig. We parkeren ons geld niet op het een of ander Caribisch eiland.”

Klopt. Het eiland waarop Apple snel zou terugvallen lag in het Kanaal. Vijf maanden na de getuigenis van Cook begon Ierland de belastingstructuur die Apple had opgezet te ondermijnen. En dus ging de iPhone-maker op zoek naar een andere plek om zijn winst te parkeren, zo blijkt uit nieuwe gelekte documenten. Met de hulp van advocatenkantoren die zich specialiseren in belastingparadijzen kwam de multinational terecht op het kleine eiland Jersey, dat bedrijfswinsten niet belast.

Apple heeft voor meer dan 128 miljard dollar (110 miljard euro) – maar wellicht veel meer – winst verzameld in offshorevennootschappen, die niet werd belast in de Verenigde Staten en amper in andere landen, grotendeels in de voorbije tien jaar.

Nepfirma’s

Het tot dusver onbekende verhaal over Apples zoektocht naar een belastingparadijs en zijn keuze voor Jersey valt af te lezen uit een reeks geheime bedrijfsdocumenten van Appleby, een juridisch kantoor op Bermuda met een clientèle van bedrijven en rijken. De documenten waren in het bezit gekomen van de Duitse krant Süddeutsche Zeitung, die ze deelde met het International Consortium of Investigative Journalists.

De documenten onthullen hoe grote advocatenkantoren klanten helpen om gebruik te maken van de mazen tussen de belastingwetgeving van landen. Klanten van Appleby versluisden handelsmerken, patentrechten en andere belangrijke waardevolle eigendomsrechten naar nepfirma’s, om zo voor miljarden belastingen te ontwijken. De rechten op de Swoosh, het handelsmerk van Nike, de taxi-app van Uber, de botoxpatenten van Allergan en de socialemediatechnologie van Facebook hebben volgens de documenten allemaal een onderkomen gevonden in nepfirma’s met als hoofdkwartier de kantoren van Appleby op Bermuda en Grand Cayman.

“Amerikaanse multinationals zijn internationale grootmeesters in belastingontwijking, die niet alleen de Amerikaanse belastingontvangsten keldert, maar die van zowat elke grote economie in de wereld”, zegt Edward D. Kleinbard, die zulke bedrijven vroeger belastingadvies gaf en nu rechtenprofessor aan de University of Southern California is.

Belastingstrategieën zoals die van Apple – en van Amazon, Google, Starbucks en andere multinationals – kosten overheden in de hele wereld tot 240 miljard dollar (205 miljard euro) per jaar aan gederfde belastingontvangsten, volgens een schatting uit 2015 van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

De onthullingen komen er net na voorstellen van Republikeinse parlementsleden in Amerika vorige week voor belastingverminderingen voor multinationals, waaronder een vermindering van de federale vennootschapsbelasting van 35 tot 20 procent. Volgens de Amerikaanse president Donald Trump benadelen de huidige regels de Amerikaanse bedrijven.

Jersey maakt zijn eigen wetten en valt niet onder de jurisdictie van de Europese Unie, wat het een populair belastingparadijs maakt. Beeld DM

Maar de documenten tonen juist aan dat veel Amerikaanse bedrijven bijzonder creatief zijn in het bedenken van uitwijkmogelijkheden, en lang geen 35 procent belasting betalen. Apple, bijvoorbeeld, betaalt heel weinig belastingen op de winst die het in het buitenland maakt, berekende The Times op basis van zijn belastingaangiften. Apple stelt dat bijna 70 procent van zijn wereldwijde winst in het buitenland gemaakt wordt.

Josh Rosenstock, een woordvoerder van Apple, weigert de meeste vragen over de belastingstrategie van het bedrijf te beantwoorden. Hij vertelt wel dat Apple de regulatoren – in de Verenigde Staten, Ierland en bij de Europese Commissie – op de hoogte had gebracht van de reorganisatie van zijn Ierse dochterondernemingen. “De veranderingen die we aanbrachten, verminderden in geen enkel land onze belastingafdrachten”, zegt hij. “Bij Apple volgen we de wetten, en als het systeem verandert, dan zullen we dat aanvaarden. We staan sterk achter de inspanningen van de internationale gemeenschap om de internationale belastingregels grondig te hervormen en een eenvoudiger systeem op poten te zetten.”

Allergan, Facebook, Nike en Uber vaardigden communiqués uit waarin ze stelden dat ze zich overal ter wereld aan de belastingregels houden.

Amerikaanse fiscus

Republikeinen in het Amerikaanse Congres willen ook 10 procent belastingen heffen op sommige winsten die Amerikaanse bedrijven naar eigen zeggen in het buitenland maken – de helft van het tarief voor winsten die in Amerika gemaakt worden. En om de 2,6 biljoen dollar die nu offshore geparkeerd staat naar Amerika te halen, stellen de parlementsleden een sterk verlaagd belastingtarief voor. Volgens critici zouden beide voorstellen bedrijven als Apple er alleen maar toe aanzetten nog meer van hun winst naar belastingparadijzen te versluizen.

Appleby maakt deel uit van een internationaal netwerk van advocaten, boekhouders en bankiers die offshorebedrijven oprichten of beheren en rekeningen openen voor klanten die belastingen willen ontwijken of hun financiën verborgen willen houden voor de autoriteiten, zakenpartners en zelfs echtgenoten. De firma wilde niet ingaan op vragen van The Times over haar werk voor Apple en andere bedrijven.

De Amerikaanse fiscus vecht verscheidene van de offshoreconstructies aan die Appleby en zijn spin-off Estera hebben uitgewerkt. Nike won vorig jaar een zaak omtrent achterstallige belastingen van de Internal Revenu Service. Op dit moment loopt er nog een zaak van de IRS tegen Facebook.

De Europese regelgevers proberen landen zoals Ierland, België, Luxemburg en Nederland te dwingen om achterstallige belastingen te innen van grote bedrijven die gebruikmaakten van offshoreconstructies. Van Apple wordt geëist dat het 14,5 miljard dollar (12,5 miljard euro) achterstallige belastingen betaalt omdat de Europese Commissie oordeelt dat het illegale staatssubsidies van de Ierse overheid heeft gekregen.

Sinds halverwege de jaren 90 hebben Amerikaanse multinationals almaar meer winsten naar belastingparadijzen versluisd. Een handvol landen – Bermuda, Ierland, Luxemburg en Nederland – is goed voor 63 procent van de totale winst die de multinationals beweren te maken in het buitenland, stelt een analyse van Gabriel Zucman, een assistent-professor economie aan de University of California, Berkeley. In die landen woont veel minder dan 1 procent van de wereldbevolking.

Kritiek op die verschuiving van winsten werd lang genegeerd. Tot overheden in de nasleep van de financiële crisis van 2008 onder druk kwamen te staan. In mei 2013 gaf een onderzoekscommissie van de Amerikaanse Senaat een rapport van 142 pagina’s over de belastingontwijking van Apple vrij. Daarin stond dat het bedrijf elk jaar voor miljarden dollars winst onderbracht bij drie Ierse dochterondernemingen die nergens hun fiscale domicilie hadden. Volgens de Ierse wet ontsnapt een bedrijf dat de Ierse fiscus ervan kan overtuigen dat het in het buitenland ‘geleid en gecontroleerd’ wordt grotendeels aan vennootschapsbelasting. Apple kon op die manier Ierse belastingen ontwijken, omdat de Ierse dochterondernemingen geleid werden vanuit zijn hoofdkwartier in Californië.

Tezelfdertijd stelde de Amerikaanse wet dat de dochterondernemingen hun fiscale domicilie alleen in de VS hebben als ze daar ook actief zijn. De federale overheid heft geen belastingen op inkomsten die bedrijven in het buitenland maken, zolang het bedrijf zegt dat de winsten in het buitenland blijven.

“Apple heeft gezocht naar de Heilige Graal van de belastingontwijking: offshorebedrijven waarvan het beweert dat ze in geen enkel land belastingplichtig zijn”, zei de Democratische senator Carl Levin, de voorzitter van de onderzoekscommissie, tijdens de hoorzitting in 2013.

Gevoelig voor publiciteit

De minister van Financiën van Ierland destijds, Michael Noonan, verdedigde aanvankelijk het beleid van zijn land. “Ik wil niet de zondebok zijn van een misverstand in het Amerikaanse Congres”, zei hij. Ierland voerde al langer een bedrijfsvriendelijk belastingbeleid om jobs in het land te creëren, vooral in de technologische en farmaceutische sector. Op dit moment werken er 6.000 mensen voor Apple in Ierland, onder meer voor de klantendiensten en de administratie.

Maar in oktober 2013 kondigde Noonan onder groeiende internationale druk aan dat de Ierse bedrijven ergens in de wereld hun fiscale domicilie moesten aangeven. Op dat moment had Apple 111 miljard dollar (95 miljard euro) in het buitenland staan, vooral in zijn Ierse dochterondernemingen. Elk jaar stroomden er miljarden dollars winst binnen. Toch betaalden ze bijna geen vennootschapsbelasting.

Het bedrijf wilde dat zo houden en dus zocht het alternatieven voor de Ierse belastingconstructie, zonder daar veel ruchtbaarheid aan te geven. “Apple is erg gevoelig voor publiciteit”, schreef Cameron Adderley, directeur bedrijven bij Appleby, op 20 maart 2014 in een e-mail gericht aan andere topmensen bij het advocatenkantoor. “Het wil ook dat het werk dat voor hen gedaan wordt alleen besproken wordt door mensen die ervan op de hoogte moeten zijn.”

Bij de uitbouw van een nieuwe belastingconstructie voor Apple trad Appleby op als een soort algemene aannemer. Een van de belangrijkste architecten was Baker McKenzie, een groot advocatenkantoor uit Chicago. De firma heeft de reputatie goed te zijn in het bedenken van offshoreconstructies voor multinationals en in het verdedigen van haar klanten tegenover de belastingautoriteiten. Het bestrijdt ook internationale voorstellen om de belastingontwijking aan banden te leggen.

Baker McKenzie wilde een plaatselijk kantoor van Appleby gebruiken voor een offshoreconstructie voor Apple. Adderley was bijzonder in zijn nopjes met die taak: “Dit is een enorme opportuniteit voor ons om op wereldschaal te schitteren naast Baker McKenzie.”

Het kantoor van Appleby en zijn spin-off Estera in St Helier, Jersey. Beeld REUTERS

In maart 2014 mailde het kantoor van Baker McKenzie in San Francisco een lijst met veertien vragen naar de kantoren van Appleby op Bermuda, de Britse Maagdeneilanden, de Kaaimaneilanden, Guernsey, het eiland Man en Jersey. “Bevestig dat een Iers bedrijf managementactiviteiten kan uitvoeren (zoals vergaderingen van de raad van bestuur, het ondertekenen van belangrijke contracten) zonder onderhevig te zijn aan belasting in uw rechtsgebied”, stond in het document. Baker McKenzie vroeg ook de garantie dat het plaatselijke politieke klimaat gunstig was. “Zijn er ontwikkelingen die aangeven dat de wet in de nabije toekomst in ongunstige zin zal veranderen?”

Belastingparadijs Jersey

Apple besloot dat zijn nieuwe offshoreconstructie gebruik zou maken van het kantoor van Appleby op Jersey, een Kanaaleiland dat nauwe banden heeft met het Britse banksysteem. Jersey maakt zijn eigen wetten en valt niet onder de jurisdictie van de Europese Unie, wat het een populair belastingparadijs maakt.

Maar het plan om gebruik te maken van Jersey liep gevaar. Halverwege 2014 overwogen Ierse ministers opnieuw onder druk van andere overheden om de ‘double Irish’ af te sluiten, een belastingontwijkingsroute die veel bedrijven volgden, waaronder ook Appleby-klanten zoals Allergan, Facebook, Google en LinkedIn. De double Irish maakt het voor bedrijven mogelijk om winst te maken via een dochteronderneming die mensen tewerkstelt in Ierland en die winst vervolgens door te sluizen naar een postbusbedrijf dat belastingplichtig is in een belastingparadijs zoals Bermuda, Grand Cayman of het eiland Man.

Ierland maakte zich op om die uitwijkmogelijkheid te blokkeren voor Ierse bedrijven. Verantwoordelijken bij Allergan – dat, zo blijkt uit de documenten, de double Irish minstens tien jaar gebruikte – probeerden die wijziging van de regels tegen te houden. Terilea Wielenga, op dat moment hoofd belastingen bij Allergan, was ook de internationale voorzitter van de Tax Executive Institute, een handelsorganisatie. Zij verzocht de Ierse financiënminister in 2014 om zo’n verandering traag door te voeren. De campagne leek succesvol te zijn. “Voor bestaande bedrijven zal er een overgangsperiode tot het einde van 2020 zijn”, verklaarde Noonan in oktober 2014. Die zou niet alleen van toepassing zijn op bestaande bedrijven, maar ook op bedrijven die voor december van dat jaar opgericht werden.

Dat gaf Apple net genoeg tijd. Tegen het einde van dat jaar werd Jersey de nieuwe fiscale thuis van de Ierse bedrijven Apple Sales International en Apple Operations International. Maar een derde dochterbedrijf, Apple Operations Europa, werd in Ierland gevestigd.

Apple wil niet zeggen waarom. Maar belastingexperts zien maar één reden. Terwijl de media focusten op de afschaffing van de double Irish, kondigde Ierland een nieuwe maatregel aan. Het land breidde zijn belastingvoordelen uit naar bedrijven die hun rechten op intellectuele eigendom – zoals patenten en handelsmerken – naar Ierland verhuisden. Als een Iers bedrijf 15 miljard dollar (13 miljard euro) voor zulke rechten betaalde, ook aan een dochteronderneming, dan kon het elk jaar voor de komende vijftien jaar aanspraak maken op 1 miljard belastingvermindering.

Apple wil niet bevestigen of het van dat voordeel gebruik heeft gemaakt. Maar J. Richard Harvey, een rechtenprofessor en een voormalig IRS-medewerker die de Appleby-documenten las, besluit dat de kans groot is dat het bedrijf intellectuele eigendom naar Ierland verhuisde om gebruik te maken van de genereuze belastingvoordelen. Afgaande op de Amerikaanse belastingaangiften schat hij de transfer op 200 miljard dollar (172 miljard euro). Het zou betekenen dat de inkomsten die Apple in Ierland genereert elk jaar voor de komende vijftien jaar meer dan 13 miljard dollar (11 miljard euro) belastingverminderingen opleveren.

De zoektocht van Apple naar een belastingparadijs is een vertrouwd verhaal, zegt Reuven Avi-Yonah, directeur van het programma internationale belastingen aan de rechtenfaculteit van de University of Michigan, die de Appleby-documenten ook doornam. “Zo werkt het gewoonlijk: je sluit de ene belastingroute af, en je opent een nieuwe. En zo gaat het eindeloos door.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234