Zaterdag 06/06/2020

'Waar het hart van vol is, loopt de pen van over'

Enkele uitgevers van nieuw Vlaams talent hebben tot dit weekend gewacht om het werk van hun jonge honden te publiceren. Zo zal uitgeverij Oogachtend op Strip Turnhout onder meer werk uitbrengen van Jeroen Janssen, Randall C. en Brecht Evens. De laatste twee delen eveneens een duo-expositie.

door Geert De Weyer

Een naamloos pubermeisje krijgt na de turnles voor het eerst haar regels, vlucht onthutst weg, wordt in haar bed opgepikt door een harige, hoornige demon en belandt in een orgie van seks en geweld, geleid door een leger losgeslagen excentrieke nachtwezens. Ziedaar de nieuwe strip van Brecht Evens, amper 21 jaar en met Nachtdieren al aan zijn derde strip toe. Zijn mentor en vriend Randall C. (40) doet min of meer hetzelfde in het poëtische Slaapkoppen, waarnaar reikhalzend werd uitgekeken. Hij leidt de lezer in een droom die, heel misschien, realiteit is. Spirituele en filosofische overpeinzingen vullen de ruimtes tussen de kaders. Jeroen Janssen (44) gaat in De grote toveraar, het eerste deel van een tweeluik, verder met zijn antropomorfe Afrikaanse strip die hij vier jaar geleden opstartte onder de titel Bakamé. In de hoofdrollen: een bronstig konijn met reggaemuts en een laffe hyena.

Alle drie jullie stijlen wijken enorm af van de Vlaamse stijl, genre Vandersteen en Sleen, of later, Leemans en Stallaert. Hebben jullie dan geen binding met die voorlopers?

Evens: "Ik ben zoals elke Vlaamse larve begonnen met de grote Vlaamse stripreeksen, en dan, zoals elke blijvende striplezer, ben ik verder beginnen te zoeken. Ik heb niet zoveel zinnigs te zeggen over de klassiekers, omdat ik een jonge hond ben, en jonge honden zijn nog te arrogant voor milde beschouwingen."

Janssen: "Als kind was ik een fervent lezer van Vandersteen en Sleen, maar gaandeweg ben ik mij op volwassenenstrips gaan richten die, toen ik begin jaren tachtig meerderjarig werd - volwassen ben ik immers nooit geworden - in Vlaanderen nog uiterst zeldzaam waren. Ik ben een tijdje meer met 'kunst' bezig geweest alvorens in de jaren negentig terug te keren naar de strip. Op dat moment was ik vooral geïnspireerd door wat in het striptijdschrift (A SUIVRE) stond, zoals het werk van Loustal, Johan De Moor en Tardi. Ik had er mij in Rwanda zelfs op geabonneerd om op de hoogte te blijven van wat zich in Europa afspeelde."

Randall: "De Vlaamse strips kwamen bij ons in huis samen met Spirou en Tintin. Ik heb gelukkig nooit gedacht dat 'de Vlaamse strip' 'de strip' was, anders was de wens om zelf een strip te maken wellicht en gelukkig bij het ingaan der tienerjaren een stille dood gestorven. Zoals Jeroen heb ik de overstap naar de volwassenenstrip gemaakt via de stripbladen (A SUIVRE), l'Echo des Savanes, Charlie en Pilote."

Wat is jullie drijfveer eigenlijk? Wat voor soort verhalen wens je aan het papier toe te vertrouwen?

Evens: "Het zijn er twee verschillende, enerzijds heb ik tekenen altijd leuk gevonden en dat wil ik zo houden. Om tekenen leuk te blijven vinden moet ik het interessant houden voor mezelf, ik ben bijvoorbeeld gestopt met potloodschetsen te maken en alles, kleur en lijn, gebeurt nu veel directer. Nachtdieren drijft vooral op die eerste drijfveer, het is een totaal tekenfestijn en het was precies zo leuk om te maken als het eruitziet.

"De tweede drijfveer is het vertellen over de dingen die mij bezighouden, waar het hart van vol is, loopt de pen van over. Daar was Vincent vorig jaar een goed voorbeeld van, en een volgend boek dat in 2008 in de striphandels zal belanden. Wat mij raakt en wat ik dus vertel, is dat het leven een feestje is waar niet iedereen welkom is. We willen liefde en lof, liefst meer liefde en lof dan andere mensen krijgen. We willen ergens bij horen, mensen moeten naar ons lachen. In bijna elk gesprek zit een stille poging om een leuke, interessante mens te zijn, dit gesprek is er een mooi voorbeeld van. Ik ga niet zeggen dat dit thema het belangrijkste thema zou moeten zijn voor elke schrijver, het zou kunnen dat ik hier lang niet zoveel over zou hebben nagedacht als ik bij de scouts was geweest of altijd een normale, geaccepteerde jongen was geweest."

Janssen: "Persoonlijke verhalen, waarin een stuk van mijn ziel ligt, verhalen uit of over Afrika, waar ik mijn hart verloren heb."

Randall: "De drijfveer is 'iets de wereld insturen', en wat dat voor mij precies is, moet je mij binnen tien jaar nog eens vragen, want op dit moment ben ik daar niet graag geweldig bewust mee bezig. Of nee, als je het echt wilt weten, zit het zo: ik wil iets van de diepte in mij toevertrouwen aan de diepte in u."

Hoe moeilijk is het om als jonge stripauteur te overleven?

Evens: "We worden gesteund door het Fonds voor de Letteren, en ik ben nog een halfjaar student, dus ik heb de afgrond nog niet van dichtbij gezien. Voor mij is een verkoopscijfer nog altijd gewoon een cijfer, ik krijg geen rekeningen in de bus en mijn aders slibben niet dicht van de stress. Ik ben 21 en nu al een gepubliceerde striptekenaar! Had je mij dat al verklapt toen ik tien jaar oud was, dan was ik boven in een hoge boom gaan huilen van geluk."

Janssen: "Overleven is niet mogelijk met dit soort strips alleen. Gelukkig kunnen we af en toe terugvallen op wat steun van het Fonds voor de Letteren, maar voor de rest maak ik dit werk gewoon uit een soort innerlijke dwang. En zoals Conz eens zei: 'Af en toe wat steun van het fonds maakt dat we ons niet écht helemaal onnozelaars voelen.' Verder werk ik deeltijds in een bibliotheek of doe soms een tekenopdracht of wat inkleurwerk om te overleven. De enige mogelijkheid zou zijn om in het buitenland uit te geven, het buitenland is groter dan Vlaanderen, schijnt het, en het Fonds voor de Letteren werkt momenteel hard aan een buitenlandbeleid voor strips. Maar ook dan nog zouden we met ons werk nooit oplagen bereiken als Asterix of Thorgal. Alleen, ik zou geen ander soort werk willen maken om meer fans te hebben of meer te verdienen."

Er nooit aan gedacht om mee te werken aan een waspoederstrip of BV-strip? Dat brengt geld in het laatje én je kunt strips tekenen.

Evens: "Ik zou het niet beschouwen als strips tekenen, maar als een dagjob, en nogmaals, dat heb ik nog niet nodig. Ik zou het anoniem doen omdat er geen eer te halen is, alleen hapjes geld. Maar een belangrijke reden om het níét te doen is dat het mijn enthousiasme zou kunnen opeten."

Janssen: "Ik zou er geen probleem mee hebben om een waspoederstrip in te kleuren, of op een andere manier mee te werken achter de schermen als er dringend brood op de plank moet komen. Net zoals ik er ook niet tegenop zou zien om grachten te kuisen of zwerfvuil te rapen, wat mij misschien nog veel meer voldoening zou geven. Maar niet ten koste van de vrijheid die ik nu heb. Ik wil tijd overhouden om onder mijn naam mijn eigen ding te doen, ook al moet ik dan sober leven. Als het echt niet anders kan, koop ik mijn tijd met zulke opdrachten."

Randall: "Ik heb er intussen bijna vijf Studio 100-albums op zitten als inkter, dat doe ik in het geheim en om den brode, maar het is ook prettig en op momenten dat ik de artistieke ijdeltuit in mijzelf te rusten kan leggen kan ik mij een nederig doch bevredigend bestaan ten dienste van de pulpstrip perfect voorstellen (grijnst)."

Als jullie je eigen werk moeten omschrijven, hoe doe je dat dan?

Evens: "In mijn geval is het daar nog te vroeg voor. En maar goed ook, wanneer men precies kan omschrijven wat je doet, ben je traag geworden. Ik doe er een gooi naar: wat ik wil vertellen zit tussen de regels en mijn tekeningen moeten je regelmatig laten stoppen met een frons. De lezer moet plots een geurtje oppikken en dichterbij komen. Dat is eerder een doelstelling dan een omschrijving, maar het is het beste wat ik je nu kan geven."

Janssen: "In één woord: expressionistisch."

Randall: "Vooruit dan, alleen omdat het moet: poëtisch, levend, grappig, lief, op een geheime manier relevant."

Slaapkoppen, De grote toveraar en Nachtdieren zijn verschenen bij Oogachtend.

Strip Turnhout: www.stripturnhout.be.

Brecht Evens:

Mijn tekeningen moeten de lezer regelmatig doen stoppen

met een frons

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234