Maandag 30/03/2020

Waalse Kaai

Vroeger was alles eenvoudig. Zelfs de vraag 'Wat is er vanavond op tv?' kon toen makkelijk worden beantwoord. Omdat je als je arm was geen tv had en als je bij de rijken hoorde alleen maar kon kiezen tussen 'Brussel Vlaams' en 'Brussel Frans'.

Bij ons thuis hadden we geen tv. Wij gingen tot lang na het verschijnen van de Beatles met de hele familie in een kringetje rond een houten wolkenkrabber van een radio zitten en luisterden dan gezamelijk naar 'bonte avonden' op Radio Hasselt, of naar luisterspelen waarbij je alleen al door het horen van de klokken van de Big Ben, nagebootst door een bruiteur in een studio aan het Flageyplein, de indruk had dat de Londense smog door de huiskamer trok.

Radio Days, waren het, en ik heb nog een paar keer per dag spijt dat die voorgoed voorbij zijn. Het woord had zijn plaats toen, wis en zeker, maar een heleboel programmamakers hadden toch al door dat die wonderkist van een radio ook een uiterst geschikt medium was om plaatjes te draaien. Van Helmut Zacharias, welja, en ook van Bob Benny, Bobbejaan Schoepen, Jo Leemans. Of van Mario Lanza, Doris Day, Frank Sinatra of Edith Piaf. Ik hoor ze nog allemaal regelmatig door mijn kop dansen en ik moet u bekennen dat ik dat, op Helmut Zacharias na, helemaal niet erg vind. Mijn moeder hield overigens wel van Helmut en wij gunden haar dat van harte, al noemden we mama's idool zodra ze haar rug gekeerd had wel heel oneerbiedig 'Helmut Sigarenkast', want grappig waren we ook nog, behalve arm.

Toen President John F. Kennedy op 22 november 1963 door Lee Harvey Oswald werd vermoord en enkele dagen daarna in de krant vermeld werd dat het NIR. kort daarop de statige uitvaart van de ook bij ons erg populaire Amerikaanse president live zou uitzenden, vonden mijn ouders dat het zelfs bij ons tijd werd om de tv haar intrede te laten doen.

Mijn vader werd naar de elektronicazaak gestuurd en kwam enkele uren later thuis met een taxi en daarin een tv-toestel van onbestemde makelij (een schaamtelijk submerk van Neufunk, of zo, herinner ik me) met bijbehorende binnenhuisantenne. Want een echte antenne, voor op het dak, mocht niet van de huisbaas en bovendien hadden wij geen dak omdat we op een gelijkvloers en in de kelderkeukens woonden.

Die binnenhuisantenne heeft bij ons, en in veel naoorlogse gezinnen, voor homerische echtelijke ruzies geleid waar "Opzij, stomkop!" en "Steek die antenne in uw gat!" nog tot de sympathiekste der woordenwisselingen behoorden.

Maar soms ging het ook goed. En konden wij in totale peis en vree naar een hele aflevering van Schipper naast Mathilde kijken, naar Louis Paul Boon in Het is maar een woord of naar het échte Café Corsari, dat toen De muziekkampioen heette of, plechtig slot van ieder weekend, naar Sportweekend, met een messcherpe voetbalanalyse van Pol Jacquemyns. Mijn vader vond dat hij er niks van kende, maar wij vonden eigenlijk alles goed toen, als het maar bewoog. En als het niet bewoog, dan deden we het bewegen. Dan stond er iemand op, draaide aan de knop en dan zaten we met zijn allen plotseling in het wondere land der Walen.

Visa pour le monde, Le carroussel aux images, Neuf millions, Le jardin extraordinaire, Face au public: het waren ook in menig Vlaams huisgezin druk bekeken programma's die een zeker je ne sais quoi in zich droegen dat een beetje exotisch oogde, en die ons toch wat inzicht boden in het meest nabijgelegen buitenland dat, door een speling van het lot, bij ons gek genoeg in het binnenland ligt.

Tijden veranderen en ik zal de eerste wel niet zijn die opmerkt dat de voormalige Vlaamse en Waalse bedgenoten vreemden geworden zijn voor elkaar.

Bij de Franstalige openbare omroep doen ze daar sinds een aantal jaren iets aan door tenminste op cultureel vlak al wat stevige bruggen te slaan. Bijvoorbeeld door in de late avonduren het magazine Vlaamse kaai uit te zenden, waarin journaliste en documentairemaakster Hadja Lahbib samen met auteurs als David Van Reybrouck, Dimitri Verhulst, Stefan Hertmans of Bart Moeyaert letterlijk en figuurlijk door het Vlaamse kunstenlandschap reist en tegelijk ook met het mogelijke Franstalige publiek in het rijke cultuurarchief van de VRT duikt.

Ik zou het niet erg vinden als de vrienden van Canvas wat morele en financiële steun zouden krijgen bij het maken van zo'n reeks televisuele tegenhangers die wij, simpel als we zijn, bijvoorbeeld Waalse kaai zouden kunnen noemen.

Natuurlijk krijgen Waalse en Brusselse artiesten zoals de gebroeders Dardenne, Jaco Van Dormael, Amélie Nothomb en Stromae van onze betere media al lang de aandacht die ze verdienen, maar zo'n magazine - het mag overigens laat op de avond - zou toch een heleboel iets minder vertrouwde namen 'bij ons' kunnen introduceren.

Zelf ga ik niet zo lang wachten en neem ik me voor om binnenkort de trein op te stappen en nog eens intensief door geliefde steden als Bergen en Luik te struinen en er even deel te zijn van het rijke culturele leven.

Ik kan goed om met Walen. Twee van mijn nonkels behoorden tot die volksgroep en het waren goedlachse, genereuze mensen die de taal van Vondel weliswaar af en toe wat geweld aandeden maar dat meteen weer goedmaakten door die van Molière zo sappig over de tong te laten rollen dat ik altijd en van jongs af aan al aanvoelde dat ik met die mensen meer te maken had dan met andere zogenaamde broeder- of zustervolkeren, de Zuid-Afrikanen om er maar één te noemen.

Wat me eraan doet denken dat ik me ook nog eens dringend naar het Mac's in Le Grand-Hornu moet reppen om op die wonderbaarlijke site de grote overzichtstentoonstelling te gaan bezoeken die er gewijd is aan het werk van Christian Boltanski, de vermaarde Franse autodidact. Een man die bijzonder mooi kan schilderen, maar dan zonder verf. Zijn werk gaat over dingen die te maken hebben met de dood, de vergetelheid, met menselijke schuldvragen of wat toeval in een leven zoal kan aanrichten.

Vergis ik me, of zijn dat dingen die een zekere actualiteitswaarde in zich dragen?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234