Vrijdag 18/06/2021

Reizen

Vuur spuwen en rum proeven in Jamaica

Jamaica heeft niet alleen stranden, ook het binnenland biedt prachtige uitzichten. Beeld Ringo Gomez Jorge
Jamaica heeft niet alleen stranden, ook het binnenland biedt prachtige uitzichten.Beeld Ringo Gomez Jorge

Het eerste waar je aan denkt bij Jamaica, is de rastafaricultuur. Maar wat er dus ook aanwezig is, is een boeiende gastronomie. Wij gingen op avontuur en verorberden vruchten met dodelijk gas en zenuwverzachtende rum.

Er hangt een soort oud-koloniale sfeer in Jamaica's meest internationale luchthaven te Montego Bay in het noordwesten van het eiland. Terwijl een bijzonder rigoureuze vrouwelijke douane in oubollig uniform - doch met de jukbeenderen van een fotomodel - ons zonder reden een zetje geeft, ontwaren we in de hoeken van de bruin betegelde hal enkele uitdagende chica's met felroze lippenstift. Ze verkopen kaartjes om te gaan zwemmen met dolfijnen. Buiten wacht een zee van schreeuwende taxichauffeurs. Een daarvan, met priemende ogen gehuld in de schaduw van zijn Crocodile Dundee-achtige hoed, laat ons niet los en vervalt na een koetjesgesprek al snel in een poging tot een drugstransactie. Hij verzekert dat hij het beste spul heeft.

"Welkom in Jamaica!" Terwijl onze buschauffeur wat grapjes aan elkaar rijgt van het genre "Ik heb al sneeuw gezien in Jamaica doch enkel in mijn ijskast" en iedere zin afsluit met "ya man", rijden we naar ons chic resort. De grote witte villa telt zeven kamers, een grootse, in dambordpatroon betegelde woonkamer en een zwembad. De oceaan ligt slechts acht palmbomen verder. Denise, onze immer lachende kokkin, serveert een schotel met gemarineerde kip en varken in combinatie met een berg vreemd fruit en een pikante oliesaus. Net zoals in een thriller de kiem van het verhaal in de eerste pagina's gelegd wordt, zal deze lunch ook een voorsmaakje blijken van onze culinaire queeste: vlees, gek fruit en een brandende mond.

Palmbomen, blauwe oceaan, prachtig strand? Ideaal om onder invloed van wat rum op avontuur te gaan. Beeld Ringo Gomez Jorge
Palmbomen, blauwe oceaan, prachtig strand? Ideaal om onder invloed van wat rum op avontuur te gaan.Beeld Ringo Gomez Jorge

Schotse hoedjes

De nacht valt vroeg in Jamaica, zowel in de winter als in de zomer. Om zeven uur 's avonds kleurt de hemel pikzwart. Onze bus draait linksaf en stopt op een afgelegen plaatsje. De koplampen schijnen op een houten, geverfde hut die verlicht is met kleine gloeilampen. The Houseboat Grill, waar wij die avond zullen dineren, ligt in het water van de baai van Montego Bay. We nemen plaats op het bovendek. Aan de einder fonkelen er lichtjes op de heuvels.

Ackeevruchten bloeien aan de boom in drie parten open, haast als een tulp. Beeld Ringo Gomez Jorge
Ackeevruchten bloeien aan de boom in drie parten open, haast als een tulp.Beeld Ringo Gomez Jorge

In Houseboat worden we tijdens het voorgerecht meteen geconfronteerd met een van de mascottes van het eiland: scotch bonnet. Scotch bonnet is een peper die zijn naam dankt aan de zijn vorm: hij lijkt op een Schotse bonnet, een baret met wollen bol erbovenop. De peper ontbreekt nimmer aan de Jamaicaanse maaltijd, ook 's ochtends niet, en kan bijzonder gemeen uit de hoek komen. Zoals bij onze sappige, gemarineerde riviergarnaaltjes: onze mond brandt uit als een houten schuur in Death Valley. Scotch bonnet staat bekend als een van de heetste pepers ter wereld. Zijn waarde op de Scoville-meter, de officiële graadmeter voor pepers, kan oplopen tot 350.000. Ter vergelijking: een jalapeño haalt maximaal 8.000. Maar het smaakt wel.

Tijdens het ontbijt ligt er netjes een klein schaaltje scotch bonnet klaar, maar daar wagen wij ons niet aan. Wel aan de vele andere gerechten. Jamaicanen ontbijten erg uitgebreid. Hun ontbijt bestaat uit vis, orgaanvlees, hartig gebak, en een berg fruit. Tijdens de eerste ochtend serveert Denise een zilveren schotel waarop agave, ananas, watermeloen, sterappel en otahiti schitteren. Die laatste vruchten zijn ons compleet nieuw. Het is een paarse vrucht met een grote, hobbelige pit in het midden. Het vruchtvlees heeft een peerachtige textuur en smaakt geparfumeerd met een licht bittere toets.

Onderweg tekent ieder dorp zich af als een klein schilderij. Beeld Ringo Gomez Jorge
Onderweg tekent ieder dorp zich af als een klein schilderij.Beeld Ringo Gomez Jorge

Naast fruit wordt er veel vis gegeten. Het bekendste ontbijtgerecht is ackee met gezouten kabeljauw. Ackee kun je omschrijven als de kogelvis van Jamaica: bereid het product verkeerd en je sterft. Het gaat om een vreemde vrucht in peervorm die een giftig gas bevat. Ackeevruchten bloeien aan de boom in drie parten open, haast als een tulp. Zodra de vrucht volledig geopend is, wordt het giftige gas uitgestoten en is de vrucht eetbaar. Een half geopende ackee is giftig. Wat betreft smaak: het gele vruchtvlees van de ackee smaakt gek genoeg naar ei. Aan dat vreemde 'ei' worden groenten en zoute kabeljauw toegevoegd. En uiteraard ook een vleugje scotch bonnet.

Groenten verschijnen amper op tafel. Naast een kom callaloo, een inheemse groente die verdacht hard op spinazie lijkt, merken we slechts een bordje sla op. Wel zetten de Jamaicanen in op verschillende varianten van de aardappel. Hartige bakbananen, broodfruit en yamwortel: alledrie smaken ze naar patat en worden zij, net zoals bij de mama, eenvoudigweg gekookt. Catharina geeft mee dat we zeker onze yam moeten opeten want daarin huist de kracht van de snelheid. Yam wordt namelijk vooral in Trelawny geteeld: de thuisprovincie van Usain Bolt. Onze Usain zou zijn snelheid aan de yam te danken hebben.

Berggeiten

"No curry goat, no marriage. Ya, man", meldt de buschauffeur wanneer een van de vele loslopende geitjes langs de kant van de weg graast. Een geitje met kerrie schijnt een belangrijke dis te zijn.

We daveren van Montego Bay zuidwaarts doorheen de heuvels richting Cornwell in de provincie St. Elisabeth. Om ons gerust te stellen, geeft de praatgrage chauffeur mee dat er drie soorten bestuurders bestaan: "Sunday drivers, normal drivers and 'no problem'-drivers." Die laatste categorie van ongecontroleerde projectielen ziet er geen graten in op een hobbelige bergweg je de pas af te snijden. Naast staatsgevaarlijke autorijders kent het eiland trouwens ook bijzonder slechte wegen. Zodra je de grote lanen verlaat, is het slalommen tussen de gaten. Jamaica promoot niet meteen de autovakantie. Als je een auto huurt, dan krijg je na een blik vol ongeloof enkele betuigingen van respect.

Op acht palmbomen van de oceaan ligt het hotel: een grote witte villa met een in damboordpatroon betegelde woonkamer. Beeld Ringo Gomez Jorge
Op acht palmbomen van de oceaan ligt het hotel: een grote witte villa met een in damboordpatroon betegelde woonkamer.Beeld Ringo Gomez Jorge

Gedurende de drie uur lange rit - terwijl onze bestemming slechts zeventig kilometer verderop ligt - worden we getrakteerd op de rurale cultuur van Jamaica. Die bestaat uit groene heuvels van tropische plantenweelde, prachtige grasdalen en hier en daar een mysterieus gehucht. De dorpjes liggen steeds lintbebouwingsgewijs langs de smalle weg en bestaan uit een verzameling van krakkemikkige, kleurrijke woningen. Twee stijlen vallen op: de verschraalde versie van de houten chalet en een verpauperde variatie op de kolonialistische woning met Griekse zuilen, boogramen en plat dak. De huizen worden afgewisseld met kleine rumbars die vaak niet meer zijn dan een houten hok van twee bij twee meter met op de gevel boude uitspraken zoals: 'VIP Bar'. Die rumbars zijn op zich een fotoreeks waard.

Armoede tiert hier welig maar uit zich op een charmante manier, hoe imperialistisch dat ook mag klinken. Ieder dorp tekent zich af als een klein schilderij waarin de mensen verstild staan, elk in een klassieke pose: de oude man die op de trap van zijn portiek voor zich uit staart, de slanke jongedame met de hand op de gekantelde heup gapend naar de einder, kinderen in olijfgroene schooluniformen met de handen aan het hekwerk rond de speelplaats, meisjes-scholieren in blauwe rok, wachtend op de bus. Tussen al die personages staan wat oude, afgebladderde wagens verspreid.

Fruitige rum

Het landschap wordt pas echt indrukwekkend wanneer we Cornwell naderen. Eivormige heuvels strekken uit zich over de horizon en de dalen zijn overgoten met schijnbaar vederzacht suikerriet. Die rietvelden zijn onze bestemming. In Cornwell ligt namelijk Appleton Estate, de grootste van de zes rumprodu- centen van Jamaica. De 65-jarige Joy Spence, master-blender van Appleton annex gezellige Jamaicaanse dame, vervoegt ons in de bus en leidt ons recht de indrukwekkende, 4.000 hectare grote rietvelden in.

In Cornwell ligt Appleton Estate, de grootste van de zes rumproducenten van Jamaica. Beeld Ringo Gomez Jorge
In Cornwell ligt Appleton Estate, de grootste van de zes rumproducenten van Jamaica.Beeld Ringo Gomez Jorge

Jaarlijks wordt er 28.000 ton riet geperst tot suiker. Veel belangrijker is het bijproduct dat tijdens het persen ontstaat: melasse. Het gaat om een zwart, vloeibaar goedje dat naar drop smaakt. Melasse is de basis van de rum. Hoewel een bijproduct, overtreft het veruit de waarde van de suiker. Die belandt namelijk voor een prikje in de voedingsindustrie.

De suikerfabriek blijft met zijn ranke torens en vreemde buizenstructuur wel een parel. Even tot de verbeelding sprekend is de rivierbron van de Black River waar Appleton haar water oppompt. De bron, niet groter dan de vijver van een doorgewinterde koiliefhebber, kleurt intens blauw: een gevolg van de reactie met het kalksteen die hier rijkelijk aanwezig is. 85 procent van de Jamaicaanse grond bestaat eruit. Kalksteen zuivert het water, met als gevolg dat Jamaica de bronzen medaille wint in de strijd voor het beste water ter wereld.

Water, melasse en gist, dat zijn de ingrediënten van rum. Eens gedistilleerd wordt de drank op eiken vaten gerijpt, net zoals dat het geval is bij cognac en whisky. Opmerkelijk: de rumvaten zijn tweedehands whisky-vaten uit de V.S. Voor whisky worden die eiken kanjers slechts eenmaal gebruikt. Aangezien rum niet zo'n sterke eikensmaak behoeft, doet een gerecupereerd vat perfect dienst. Het rijpen van de rum gaat trouwens drie keer zo snel als bij whisky in het Verenigd Koninkrijk. De reden erachter is eenvoudig: het warme klimaat.

Hoewel de gemiddelde Belg meteen aan Cuba denkt als het over rum gaat, wordt er in heel het Caribisch gebied rum gestookt. En de Jamaicaanse rum kan zeker tippen aan de Cubaanse maar heeft helaas nooit zo'n goede promotor achter zich weten te scharen. Tot in 2012, toen de Campari-groep Appleton opkocht. Waardoor de Jamaicaanse rum nu dus ook in onze winkelrekken ligt. En terecht. Appleton zet in op premium rum. Zelfs voor de goedkoopste fles, Appleton Estate Signature, wordt er alleen met rum 'geblend' die op het domein wordt geproduceerd. Hij smaakt ook vrij fruitig voor een jonge rum. Bij een twaalfjarige fles komen de aroma's van sinaasappel en vanille beter tot hun recht. Volgens Joy moeten wij bij die rum ook koffie, chocolade en nootmuskaat ontwaren maar daarvoor is onze neus te weinig opgeleid. De 21 jaar oude rum bevat nog meer vanille en een zeer rokerige smaak. Erg lekker maar ook vrij exclusief. Zo'n fles kost gemakkelijk 100 euro. Wil je echt de yup uithangen, dan koop je een 50 jaar oude fles. Prijs: 5.000 euro.

Jamaicanen sollen niet

In ons prachtig villaresort wordt er lustig rum gedronken aan het zwembad. Achterin de bar ontdekken we naast Appleton-rum ook een literfles van het dochterbedrijf: J. Wray & Nephew Overproof rum. Het merk zou ongeveer 90 procent van de rummarkt van het eiland voor zijn rekening nemen. De J. Wray & Nephew Overproof rum heeft een alcoholgehalte van 63 graden - Jamaicanen sollen niet. Bij het openen van de fles ontwaren we een zoete, boterachtige geur, bij het drinken proeven we suikerriet gehuld in een olieachtige textuur. We zijn instant verliefd.

Onze coup de foudre sterkt ons om samen met een journalist van Le Vif als preppy boys de caddie van het hotel te nemen richting het strand. Na een duik in de blauwe oceaan en een opgeviste zee-egel, staren we met de Franstalige collega richting het blauwe water. Beiden hebben we een glas overproof in de hand, een zwaar alcoholisch drankje. Een moment van verstilling.

Even later falen we episch bij een poging om een laaghangende kokosnoot te plukken uit een palmboom.

In een lichte roes rijden we met de caddie terug naar de villa.

Couleur locale

Bij het ochtendgloren werken we feilloos een stoverij van runderniertjes weg met hartige yamwortels aan een tafel die versierd is met de paradijsvogelbloemen. Kokkin Denise haalt al haar ingrediënten op de lokale markt van Montego Bay en wij mogen voor een keertje mee. In de met golfplaten overdekte markt van honderd bij honderd meter heerst exact de omgekeerde sfeer van het hotel: drukte en chaos. Terwijl een man op een fiets het geluid van een sirene nabootst, probeert een andere oudeheer deurmatten aan ons te verpatsen. De ene marktkramer toont ons zijn producten en poseert graag op de foto, de andere roept vanop afstand dat wij het niet moeten wagen.

Denise verplicht zich ertoe ieder product volledig uit de doeken te doen. Zo blijkt het bizarre merengue-zaad veel antioxidanten te bevatten, kunnen de haren van de maïsplant gekookt worden tot thee die goed is 'voor de zenuwen' en kun je je tanden poetsen met een of andere, niet nader beschreven tak. Een aanrader is vers kokoswater uit een jelly coconut, een kokosnoot die nog niet gedroogd is. Geen aanrader is baba roots, een lokaal drankje van gefermenteerde wortels dat men onterecht wijn durft te noemen. Op het flesje, dat verdacht hard lijkt op dat van tabasco, staan ingrediënten opgetekend zoals 'raw moon', 'blood wiss' en 'chainy roots'. Het smaakt verschrikkelijk.

Jerk

Wanneer de avond valt, staan wij op een zanderige parking naast een drukke weg, zo filmisch dat een nummer van The War on Drugs de perfecte soundtrack zou vormen. Uit een versleten shack recht voor ons dampen er grote wolken van onder het dak, alsof het hok in brand staat. Het blijkt Scotchies te zijn, het restaurant waar we die avond zullen eten. De damp wordt ontwikkeld door een gigantische grill waarop dikke, houten takken zijn gestapeld met daarbovenop vlees gewikkeld in oude zinkplaten. Scotchies ziet er tegelijkertijd beangstigend en intrigerend uit, maar blijkt dé plaats te zijn in Montego Bay waar je jerk pork en jerk chicken eet: de nationale dis van Jamaica. Jerk betekent zoveel als geroosterd en gerookt vlees dat gemarineerd wordt in een saus op basis van minstens 27 kruiden waaronder vooral peper.

Na een soep van varkensstaart, die geserveerd wordt in een witte plastic beker, volgt een gigantische lading jerk, verpakt in aluminium folie, zoals het een vreetschuur betaamt. Jerk blijkt - warempel - zeer rokerig te smaken en brandt na verloop van tijd de tong weg. In fastfoodland het betere werk. De mond blussen we met Red Stripe, de bekendste Jamaicaanse pint die door de Amerikanen bejubeld wordt. Ons verdict: laten we Cara Pils aan hen verpatsen. Zelfde smaak, de helft goedkoper. Jamaica is duidelijk geen bierland.

Denise, onze immer lachende kokkin. Beeld Ringo Gomez Jorge
Denise, onze immer lachende kokkin.Beeld Ringo Gomez Jorge

Na Scotchies trekken we richting de rumbars van Montego Bay. De authentieke drankschuren bestaan uit ietwat kale ruimtes vol gokautomaten en speakers. Terwijl de meeste locals gehypnotiseerd naar hun slotmachine kijken, jonge moeder met baby incluis, bonst de muziek de trommelvliezen uit je oren. "Jamaicanen hebben het graag luid", zegt Catharine grijnzend.

Niet alleen het volume aan decibels is bovengemiddeld. Een bestelling rum bestaat uit een glazen flesje van 20 cl met een halve liter frisdrank erbij. Uiteraard nemen wij overproof.

What else?

Een godendrank is het.

We reisden op uitnodiging van Appleton Estate.

PRAKTISCH

Reizen naar Jamaica doe je het best van half december tot eind april. Dat is de droogste periode.

Vliegen op Montego Bay (met tussenstop in New York of de Dominicaanse Republiek) kan vanaf 500 euro, TUIFly.be

Jamaica is in tegenstelling tot de andere Caraïbische eilanden weinig toeristisch. Enige oplettendheid is wel aangewezen. Let ook op voor wegpiraten!

Slapen: Wij verbleven in het luxueuze Half Moon Hotel te Montego Bay, vanaf 400 euro per nacht, halfmoon.rockresorts.com

Eten: The Houseboat Grill aan de Montego baai, thehouseboatgrill.com; Scotchies, facebook.com/Scotchies- jerk-center

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234