Dinsdag 22/09/2020

Vurige Stede luik warmt zich op voor absolute voetbaltopper tegen Anderlecht vanavond

Twee soldaten in uniform en twee Ultra's laden bij trefcentrum Le Cosa broederlijk de laadruimte van een legertruck leeg. Vijftig grote plastic zakken vullen het koertje. Het blijken papiersnippers te zijn. 'Zet de naam van de sergeant die ons de zakken bracht maar niet in de krant'

In vuur en vlam

Il tombe la neige sur Liège, maar Standard ontvangt vanavond Anderlecht en dat zet de stad in vuur en vlam. In cafés kussen mannen en vrouwen elkaar op de mond, arbeiders dromen rond de staalovens van een winnend doelpunt van Sergio Conceiçao, de Ultra's werken nachten aan een stuk aan hun tifo en in het Portugese restaurant van Arlindo lopen de voetbalemoties hoog op. De Morgen meet de temperatuur in de Vurige Stede. Jaagt al die voetbalpassie Standard naar een landstitel? Wim De Jonge

Vijftienhonderd graden. Dat is de temperatuur die de oven van Cockerill Sambre, site Ougrée, nodig heeft om het aangevoerde ijzer te smelten. De grauwe fabriek braakt onafgebroken onappetijtelijke rook van op een helling langs de Maas. Van hieruit heb je een duidelijk zicht op de weinig opbeurende industriële omgeving van Sclessin. Aan de overkant van de Maas ligt het vuurrode Standardstadion te blinken. Het doet denken aan wat Steven Spielberg in zijn holocaustfilm Schindler's List deed. Hij kleurde enkel de jas van een meisje in het getto van Krakau rood en liet de rest van zijn film volledig zwart-wit. Die rode jas van het onschuldige kind kreeg daardoor een symbolische betekenis van hoop. Op dezelfde manier brengt Standard kleur in het leven van de arbeiders in deze streek.

Recht tegenover de fabriekspoort is er één klein café. Twee spandoeken van Standard aan het raam en foto's met handtekeningen van alle spelers aan de muur. Niet dat de Standardspelers ooit tot hier zijn gekomen. De piepjonge cafébaas heeft ze gekocht op een fandag. Welke speler zou trouwens passen in dit kader? Eric Gerets zou met zijn ruige uiterlijk vroeger nog moeiteloos opgegaan zijn tussen de stoere arbeiders die met forse passen, helm op het hoofd, zwarte overall en tas met thermos onder de arm naar hun aftandse auto's stappen. De tred waarmee Léonard, Walasiak en andere Deflandres van het oefenveld van Sart Tilmant naar hun dure wagens trippelen heeft niets working class hero in zich. Gek hoe vetbetaalde voetballers waarvan de contracten en levenswandel toppunten van kapitalisme zijn de chouchous blijven van mannen die het vuilste en hardste werk in deze maatschappij moeten opknappen.

Morgante ontsnapt al twee jaar aan de verzengde hitte van de staalovens. Hij is nu portier: "Sorry, deze fabriek kom je niet onaangekondigd binnen." Zijn Frans is even gebroken als het meubilair in zijn portiershok. "Ik heb Italiaanse roots. Vandaar dat ik wel Standardsupporter ben maar in mijn hart altijd Inter Milaanfan zal blijven. Daar is het voetbal écht een feest. 90.000 supporters die allemaal uit hun dak gaan, daar kan het publiek van Standard niet aan tippen. Ook al doen ze hun best."

Enkele kilometers van de Cockerillfabriek dromen jonge Ultra's ervan om het stadion tegen Anderlecht ook binnenin helemaal rood te kleuren. Zijn de meeste harde kernen in België geënt op de Engelse traditie van zingen, ritmisch klappen en occasioneel hooligangeweld dan kiezen de Ultra's sinds 1996 voor de Italiaanse manier. Het aanbrengen van 'tifo', kleurrijke spandoeken en vlaggen aangevuld met Bengaals vuur, is even belangrijk als de vocale ondersteuning van de club. Tot vijf uur 's ochtends is de harde kern aan het werk geweest in La Cosa, het undergroundtrefcentrum voor Ultra's en Hell Side van Standard.

Een Vlaamse Ultra wil De Morgen het adres van La Cosa niet verklappen maar heel wat inwoners van Sclessin weten waar en wat La Cosa is. Eric legt uit waarom ze hun locatie liever geheim houden: "Stel dat een Anderlechtsupporter het in zijn hoofd haalt om hier even te komen kijken. Vorig jaar was er eentje die wat kwam provoceren. Al wie paars draagt, blijft hier beter weg."

Het Belgische leger heeft wél de weg naar La Cosa gevonden. Een truck in camouflagekleuren staat voor de deur. Twee soldaten in uniform en twee Ultra's laden broederlijk de laadruimte leeg. Een vijftigtal grote plastic zakken vult het koertje vóór La Cosa. Wat levert het leger hier? Munitie voor het duel met Anderlecht? Het blijken papiersnippers te zijn. Een sergeant die dé Standardsupporter is - "hij heeft al minstens 900 matchen van Standard live gezien", zegt zijn ondergeschikte - zette zijn regiment aan het werk bij de papierversnipperaar. Het Belgische leger dat de harde kern van Standard steunt, du jamais vu. "Zet de naam van die sergeant liever niet in de krant. Zijn oversten zouden dit misschien niet appreciëren."

De eerste winterkoude jaagt ook Ultra's naar binnen maar in La Cosa brandt de verwarming (nog) niet. Graffiti, muuropschriften en een monumentale Ché Guevara kleuren de wanden van de trefzaal. De Morgen krijgt de laatste pint. Mag Ché op de foto? "Neen, dat hebben we liever niet. We willen uitdrukkelijk een undergroundplek blijven", zegt Maxime, één van de oprichters van La Cosa. "Vier jaar geleden startten we ermee en al die tijd hebben we totaal onafhankelijk gewerkt. We vragen bewust geen subsidies aan en hoeven ook geen steun van de club. Het uitdrukkelijke doel van La Cosa is om een verbond te sluiten tussen Ultra's en Hell Side. Bij onze start verklaarde iedereen ons gek maar nu blijkt dat de twee supportersclans zich hier perfect thuis voelen."

David (22) is de leider van de Ultra's en heeft allesbehalve het uiterlijk of de manier van praten die aan een hooligan doet denken. Straks moet hij naar de RTL-studio's voor een radio-interview, maar zijn familienaam verklapt hij liever niet. Ook wat voor tifo we vandaag tegen Anderlecht mogen verwachten, heeft hij liever niet in de krant. Is het moeilijk om een Ultra te worden? "Neen. Er is maar één basisvoorwaarde: hou onvoorwaardelijk van Standard. Iedereen is welkom. We hebben leden uit Luik, Namen, Brussel en Charleroi maar evengoed komen hier Vlamingen uit Leuven en Boutersem." Eén van de meeluisterende Ultra's onderbreekt: "Maar fascisten komen hier niet binnen." Een grote ster met de letters BAF van de antifascistische beweging op de muur onderstreept die politieke overtuiging.

La Cosa is meer dan een café voor diehardfans. Eric heeft een heuse opnamestudio naast de grote zaal uitgebouwd. De naam van zijn undergroundlabel laat niets aan de verbeelding over. 'Prolétaire production' geeft gratis (!) cd's uit van hiphopgroepen. Eric is DJ Co van Libertas Gentes: "Maar we hebben hier ook groepen die in het Engels, Frans en zelfs Servo-Kroatisch over sociale aspecten van het leven zingen." Eric heeft een duidelijke linkse visie op de maatschappij maar voelt zich door geen enkele politieke partij aangesproken: "Kapitalisme doet de wereld vierkant draaien. Kijk naar de muziek: wie niet bij een major tekent, komt nog nauwelijks aan de bak.' Staat DJ Co misschien voor communist? "Ja, maar ik spreek dat liever niet uit. Wie het woord communist hoort, denkt automatisch aan Russische toestanden en Stalin of zo. Daar wil ik niet mee geassocieerd worden. Maar ik stel wel graag de commune, de gemeenschap centraal in plaats van het individu."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234