Woensdag 04/08/2021

Vrienden van Julian Assange, vijanden van het vrije woord

WikiLeaksoprichter Julian Assange houdt een kruistocht voor vrije informatie. Het is de wereld op zijn kop dat zijn beste vriend vandaag de Ecuadoraanse president Rafael Correa is, een man die de persvrijheid fors aan banden legde. Maar als de VS de vijand is, wordt alles mogelijk.

WikiLeaksoprichter Julian Assange zat al twee maanden in een hoekhuis nabij Harrods, de Ecuadoraanse ambassade in Londen, toen het Andesland hem alsnog politiek asiel toestond, vorige donderdag. President Correa en zijn team hadden alle tijd genomen om de situatie te wikken en te wegen, maar besloten het verzoek van de Australiër alsnog in te willigen.

Dat deden ze nadat Groot-Brittannië er in een diplomatieke brief mee gedreigd had de ambassade manu militari te bestormen. Of tenminste, zo interpreteerde minister van Buitenlandse Zaken Ricardo Patiño het schrijven. "De koloniale tijden zijn voorbij", fulmineerde Patiño met een typische verwijzing naar de oude rancune van Latijns-Amerika jegens Europa, de VS en het hele Noorden. "Niemand zal ons terroriseren", zei kort daarna het staatshoofd zelf.

In Londen hadden ze niet terug van de heftige reactie uit Quito. Dat ze het zo niet bedoeld hadden, zei het Foreign Office haast verontschuldigend. De Britten hadden hooguit willen aangeven dat, als ze zulks noodzakelijk achtten, ze over een wettelijke basis beschikten om Assange in de boeien te klinken - in de ambassade uiteraard.

Londen beroept zich op de Diplomatieke Conventie van Wenen uit 1987 om het misbruik daarvan door Ecuador aan te klagen. De Ecuadoranen zeggen dan weer dat niet zij maar de Britten de Conventie schenden. Het is een welles-nietesspel, met als spagaat het feit dat de Europese landen geen traditie hebben in het verlenen van diplomatiek asiel, de Zuid-Amerikaanse wel, een gevolg van hun putschistische geschiedenissen.

Veilige haven

In hun Londense vestiging richtten de Ecuadoranen een kleine flat voor Assange in en ontloopt hij tot nader order zijn uitlevering aan Zweden. Terwijl het gerecht hem daar over een schimmige verkrachtingszaak aan de tand wil voelen, vreest de Australiër dat het een voorwendsel betreft voor uitlevering aan de VS. In dat land, zegt de voormalige hacker, hangt hem de doodstraf boven het hoofd wegens de publicatie van duizenden geheime documenten die Amerikaanse diplomaten met Washington uitwisselden.

WikiLeaksfans wereldwijd vragen zich intussen af wat hun idool bezielt om uitgerekend Ecuador als veilige haven op te zoeken. Goed, het Andesgebergte is van een adembenemende schoonheid, het eten is er voortreffelijk en het Ecuadoraanse volk is uitgesproken aimabel. Maar kende Assange de republiek wel toen hij op een mooie ochtend haar Londense ambassade binnenstapte?

Toegegeven, Assange en Correa hadden elkaar vorige lente al ontmoet. Toen mocht de WikiLeaksman hem interviewen in zijn televisieprogramma op Russia Today, een door het Kremlin van Vladimir Poetin gefinancierde zender. Maar veeleer dan de Ecuadoraan het vuur aan de schenen te leggen over de persvrijheid onder diens beleid, beperkte Assange zich tot een nogal saaie discussie over hoe een handvol rijken 's lands hele medialandschap monopoliseren.

Natuurlijk, toen hij in 2006 verkozen werd, erfde de linkse Rafael Correa een politiek-institutionele puinhoop. De voorbije twee decennia werden nergens in Latijns-Amerika zoveel staatshoofden voortijdig naar de exit gedwongen als in Ecuador, nu eens onder druk van de straat, dan weer van de militairen of het Congres.

De populaire maar ook populistische Correa liet een nieuwe grondwet redigeren, maakte het beleid socialer en inclusiever en kreeg op voorspelbare wijze de gifpijlen van de conservatieve pers over zich heen.

Alleen: zijn reactie was niet helemaal je dat. Mensenrechtenorganisaties en verdedigers van de persvrijheid als Reporters sans Frontières (RSF) maakten zich zorgen over de repressie die Correa in petto had.

Het sprekendste voorbeeld gaat terug op februari 2011. Toen publiceerde journalist Emilio Palacio, van de krant El Universo, een rabiate scheldtirade tegen Correa, een stuk dat de grens van de verantwoordelijke journalistiek ver voorbij was en de president tot negen keer toe een dictator noemde.

Palacio verwees naar een zware crisis in september 2010, die bijna in een staatsgreep ontaardde. Die dag omsingelde de politie, niet te spreken over de intrekking van een reeks premies, het ziekenhuis waar Correa zich ophield. De president werd pas ontzet nadat een legercommando op de agenten had geschoten. Bij de operatie vielen meerdere doden.

Palacio schoof Correa niet alleen de dodelijke slachtoffers in de schoenen, in één ruk door beschuldigde hij hem van misdaden tegen de mensheid. Daarop spande Correa een rechtszaak aan tegen Palacio, diens krant en drie hoofdredacteuren. De president eiste ook een schadevergoeding van 80 miljoen dollar.

Ging er een golf van ongeloof door de landelijke pers vanwege het geëiste smartegeld, dan trilde ze als een espenblad toen een rechter Correa inderdaad 40 (niet de gevraagde 80) miljoen toekende, en de El Universo-directeuren tot drie jaar cel veroordeelde.

"Later schonk de president de journalisten weliswaar vergiffenis en liet hij de schadevergoeding aan zich voorbijgaan, maar de zaak had wel forse gevolgen voor de persvrijheid", zegt Sean Burges van de Council on Hemispheric Affairs (Coha), een gereputeerde denktank in Washington.

"Toen Supertel, de landelijke verstrekker van zendvergunningen voor radio's, in de eerste helft van dit jaar de licenties van meer dan tien zenders herriep, en in sommige gevallen zelfs studio's binnenviel en materiaal in beslag nam, werd bij de pers een patroon van zelfcensuur zichtbaar."

Rafael Correa leeft niet alleen op voet van oorlog met El Universo, maar ook met kranten als El Comercio, Hoy en La Hora, of televisiekanalen als Telemazonas en Ecuavisa. De regering-Correa legde laatst voorts beslag op de computers van het kritische blad Vanguardia en stelde persoonlijke IP-adressen (internet protocol) open voor overheidscontrole.

Ook wil Quito de Wit-Russische oud-militair Aliaksandr Barankov aan Minsk uitleveren. Ecuador kende Barankov weliswaar de vluchtelingenstatus toe, maar blijkbaar is de druk van president Loekasjenko om hem die weer af te pakken groot. Barankov deed destijds een boekje open over corruptie binnen het laatste ondemocratische regime in Europa.

Aan redelijk autoritaire vrienden heeft Correa alvast geen gebrek. Ook zij steunen het aan Assange toegekende asiel en veroordelen de door Londen geuite, 'imperialistische' dreiging om de drempel van de ambassade over te steken. Op een bijeenkomst in Guayaquil, Ecuadors olie-, rozen- en bananenhaven aan de Stille Oceaan, kreeg Correa zopas de solidaire steun van de IXde Politieke Raad van de Alba (Bolivariaanse Alliantie van Amerikaanse Volkeren). In dat regionale samenwerkingsverband zitten de linkse, 'revolutionaire' regeringen van Zuid- en Midden-Amerika. Tot de groep behoren, naast Ecuador, onder meer het Venezuela van Hugo Chávez, het Nicaragua van Daniel Ortega en het Cuba van Fidel en Raúl Castro, stuk voor stuk comandantes in wier landen de persvrijheid door mensenrechtenorganisaties op de korrel is genomen.

Past Assange in dat gezelschap als een tang op een varken? Ja, maar minder dan we op het eerste gezicht zouden denken. Een eerste aanwijzing dat er potentieel zat in een as Assange-Alba kwam van de hoogbejaarde Fidel zelf. In zijn onder meer in de partijkrant Granma gepubliceerde reflexiones - aan de internationale actualiteit gewijde columns - schreef de Líder Máximo eind 2010 al hoe gelukkig Assange hem maakte. Zijn WikiLeaks had immers Washington een hak gezet, Cuba's historische nemesis.

"Hij (Assange dus) bewijst dat zelfs het machtigste imperium dat de geschiedenis ooit gekend heeft kan worden uitgedaagd", zei de Cubaan. "Ideeën zijn sterker dan nucleaire wapens."

Volgens Castro was Assanges initiatief "niet afkomstig van een rivaliserende supermacht, van een staat met meer dan honderd atoombommen en meer dan honderd miljoen inwoners, maar van een mens van wie we in de media amper hadden horen spreken."

"Amper hadden horen spreken?" De Cubaanse blogster Yoani Sánchez weet beter dan wie ook wat Castro bedoelt. Met haar even kritische als ontwapenende pen is Sánchez niet alleen de bekendste pleitbezorgster van persvrijheid op haar onvrije eiland, het regime lust haar bovendien rauw.

"Ik weet dat het ongelooflijk lijkt dat een blogger, iemand die het web gebruikt om zich uit te drukken, nu pas met WikiLeaks kennis maakt", schreef ze na lezing van Castro's commentaar. "Verwonderlijk is dat nochtans niet. Dit is het eiland van de niet-geconnecteerden. Soms is het met jaren vertraging dat we vernemen waar het in de rest van de wereld over gaat."

Maar lang duurde Castro's enthousiasme niet, getuigt Sánchez. "Ik herinner me de eerste vermelding van WikiLeaks door de staatsmedia. Die ging vergezeld van enige compliciteit, een ingehouden lach vanwege de schade die de onthullingen aan de VS toebrachten." Helaas, "naarmate ook Cuba vermeld begon te worden, bijvoorbeeld in verband met zijn inmenging in Venezuela, (...) maakte het enthousiasme van Granma plaats voor irritatie en ruimde het aanvankelijke applaus baan voor stilte".

Castro sprak niet langer over Assange, en ook in Venezuela en Ecuador kon het prille animo voor 's mans anti-amerikanisme niet op tegen wat WikiLeaks ook over hen in de groep gegooid had.

Dat Assange zich alsnog door Correa en zijn bondgenoten laat omarmen, gaat ook Sánchez' petje te boven. "Een man die doorging voor de Robin Hood van de vrije informatie", zegt ze aan het persagentschap Efe, "krijgt nu bescherming in de feodale burcht van een regering die zich apert rigide en agressief opstelt jegens de media en de vrijheid van meningsuiting."

Het is de wereld op zijn kop, maar ook in de zaak-Assange zijn "de vijanden van mijn vijanden mijn vrienden", zo lijkt het, en als de Kolos van het Noorden even gejend kan worden vanuit zijn achtertuin, waarom niet? "Wat Assange en deze landen samenbrengt, is hun gemeenschappelijke aversie van de VS", zegt ook Michael Shifter, voorzitter van de Inter-American Dialogue, een andere denktank.

Lastige relaties met de VS heeft Ecuador alleszins: in april 2011 stuurde Rafael Correa Heather Hodges naar huis, de Amerikaanse ambassadeur in Quito. Dat deed hij nadat WikiLeaks, jawel, een mail van Hodges had gelekt waarin ze de wijdverbreide corruptie in Ecuador aan de kaak stelde. In de VS tillen ze ook zwaar aan de veroordeling van Chevron, ook vorig jaar. De oliereus moet de Ecuadoraanse staat 19,2 miljard dollar betalen voor de milieuvervuiling die haar dochter Texaco ooit in het Amazonewoud aanrichtte. De zakengemeenschap in de VS is not amused en dringt in Washington aan op een neerwaartse herziening van de handelsbetrekkingen met het land.

De generaal in zijn labyrint

Maar misschien is geopolitiek maar één verklaring voor de band tussen Assange en zijn Latijns-Amerikaanse vrienden, en vinden ze elkaar ook psychologisch. Assange, zo blijkt uit getuigenissen, heeft een mindset die maar weinig verschilt van die van autoritaire paranoïde leiders.

Toen een journalist van de Britse krant The Independent undercover ooit op aanwervingsgesprek ging bij Assange, vroeg deze hem: "Gesteld dat u één mens moet doden om er honderd te redden, doet u het dan?" Erg bizarre vraag, vond de journalist. En hij had er een verklaring voor: "Het zijn de claustrofobie van zijn huisarrest en de bunkermentaliteit die dit soort filosofie verklaren", schreef hij.

Als Assange de Andeslanden en hun leiders beter wil leren kennen, moet een van hen hem misschien de lectuur van De generaal in zijn labyrint aanbevelen. In die klassieker beschrijft de Colombiaanse auteur Gabriel García Márquez de getormenteerde psyche van de Zuid-Amerikaanse onafhankelijkheidsheld Simon Bolívar. De eenzame antikolonialist Bolívar (1783-1830) is de ultieme politieke vader van Bolivarianen als Correa, Chávez en Castro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234