Dinsdag 18/05/2021

Vooruitgang of ondergang?

We moeten ons niet alleen buigen over de verdeling van de rijkdommen, maar ook over de verdeling van de risico's, aldus de ateurs van Leven in de risicosamenleving

Kritische beschouwingen over de vooruitgang en de risicosamenleving

Waarom zijn bepaalde beschavingen verdwenen, en vooral, welke lessen kunnen we daaruit trekken? En hoe gaan we om met de huidige risicosamenleving? Kleine geschiedenis van de vooruitgang en Leven in de risicosamenleving zoeken een antwoord op deze vragen. Jos Geysels

T oen in 1897 de Franse schilder Paul Gauguin op Tahiti de dood vernam van zijn lievelingsdochter Aline, maakte hij enkele maanden later een immens schilderij waarboven hij drie vragen schreef: "Waar komen we vandaan? Wat zijn wij? Waar gaan we naartoe?" De bioloog Jared Diamond nam die vragen als uitgangspunt voor zijn schitterende boek Ondergang (2005). Daarin onderzocht hij waarom bepaalde beschavingen, zoals de Paaseilanders, de Maya's of de Noord-Amerikaanse Anasazi's verdwenen zijn. "Essentieel voor succes of mislukking als samenleving is misschien dat je weet welke kernwaarden je moet vasthouden en welke je moet opgeven en door nieuwe vervangen als de tijden veranderen", was een van zijn conclusies. Zowel Gauguins vragen als Diamonds vaststellingen komen terug in het boek van de Britse historicus Ronald Wright, Kleine geschiedenis van de vooruitgang. "De ruïnes van verloren beschavingen zijn als scheepswrakken die de ondiepten van de vooruitgang markeren. Of - om een modernere analogie te gebruiken - neergestorte vliegtuigen waarvan de zwarte dozen ons kunnen vertellen wat er misging."

Wright analyseert een aantal van die dozen om "de in het verleden gemaakte fouten op het gebied van de vluchtroute, bemanningskeuze en doel in de toekomst te vermijden".

Naarmate culturen complexer worden en technologieën machtiger, groeit de kans dat ze gespecialiseerde mastodonten worden, kwetsbaar, en in extreme gevallen zelfs ten dode opgeschreven. Zulke ontwikkelingen noemt de auteur een vooruitgangsval. Een eerste voorbeeld daarvan is de evolutie van de jacht aan het einde van het stenen tijdperk. De mens werd zo goed in jagen dat op elk continent, behalve Afrika, het grote wild werd uitgeroeid. Met andere woorden, toen de technologie zo ontwikkeld raakte dat de jager sneller kon doden dan de natuur kon regenereren, belandde de mens in een vooruitgangsval.

Dat was ook het geval op Paaseiland. Toen de Nederlanders in 1722 op de eerste paasdag op een onbekend eiland terechtkwamen, zagen ze honderden stenen figuren, weinig of geen mensen en vooral een desolaat landschap. De Paaseilanders hadden zich laten leiden door een "ideologische pathologie". Ze bleven bomen kappen tot er geen enkele meer overeind stond. Toen aten ze al hun honden op en bijna alle nestelende vogels. En toen was er niets meer. Behalve reusachtige beelden.

Ook Soemerië ging ten onder. Een paar duizend jaar voor Christus hadden de Soemeriërs tussen de Eufraat en de Tigris een maatschappij opgebouwd die er lange tijd als een hof van Eden uitzag. Maar Soemerië was afhankelijk van één ecosysteem, bestond voornamelijk uit laagland, was uiterst kwetsbaar voor overstromingen en droogte. Door kaalslag, brandstichting, overbegrazing en intensief ploegen werd de kale ondergrond een harde korst. Rond 2000 voor Christus was de aarde 'wit' geworden. Beroemde steden als Oer en Oerok kwamen in een zandvlakte te liggen, een "woestijn van eigen makelij".

Het Romeinse rijk en het Mayarijk trapten eveneens in de valkuil van de vooruitgang. Staan we nu weer zover? "De ineenstorting van de eerste beschaving, de Soemerische, trof niet meer dan een half miljoen mensen. De val van Rome trof tientallen miljoenen mensen. Als onze beschaving zou ondergaan, zou dat een ramp betekenen voor miljarden mensen." Anders gezegd: telkens als de geschiedenis zich herhaalt, gaat de prijs omhoog. Daarmee is ook de derde vraag van Gauguin beantwoord.

Als we er niet in slagen onze beschaving "te laten leven van de rente in plaats van het kapitaal van de natuur" dan zullen we bankroet gaan. Wright klinkt pessimistisch, maar blijft hoopvol. "De culturen van het verleden hadden geen archeologen en geen televisie", schreef Jared Diamond. "Ons grote voordeel is dat we kennis hebben van vroegere beschavingen", zegt Wright. We moeten dan wel omschakelen van denken op korte termijn naar denken op lange termijn. En stoppen met achter de mechanische haas van de vooruitgang te lopen. Wright is geen romanticus of doemdenker. Hij trekt grote lijnen door de geschiedenis om zijn betoog kracht bij te zetten: "De wereld is te klein om grote vergissingen nog te kunnen rechtzetten."

Kleine geschiedenis van de vooruitgang is een pamflet, geen wetenschappelijk doorwrocht boek zoals dat van Jared Diamond. Wright formuleert zijn klacht zonder in moralistisch gezeur te verzanden. "Mijn pleidooi is niet gebaseerd op altruïsme noch op het behoud van de natuur omwille van de natuur." Maar het gezegde dat God iedere nacht de rotzooi opruimt die wij overdag maken, klopt niet meer.

Hoe gaan we om met deze risicosamenleving? Dat is de vraag die ook aan bod komt in het interessante boekje Leven in de risicosamenleving, waarin verschillende auteurs, onder wie Rüdiger Safranski, hun visie geven op veiligheid, gezondheidszorg en bestaanszekerheid. Het gaat vandaag immers niet alleen over de verdeling van de 'goods', maar evenzeer over de verdeling van de 'bads'. Niet alleen over de verdeling van de rijkdommen, maar ook over de verdeling van de risico's, zoals milieuvervuiling en voedselveiligheid.

Een risicosamenleving heeft behoefte aan nieuwe inzichten en gedachten. Zoals de bijdrage van Paul De Beer, hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam. Zijn stelling dat in "de postindustriële samenleving de verzekering van risico's (zoals in de gezondheidszorg) belemmerd wordt door een teveel aan kennis" is zowel interessant als provocerend. Kennis geeft ons de mogelijkheid de wereld beter te begrijpen en ziektes te bestrijden. Kennis is macht, maar blijkbaar niet voor iedereen. Want naarmate we meer weten, onder meer door de ontwikkeling van de genetica, over ons eigen (toekomstige) gezondheid, zal de bereidheid van de private markt om bepaalde risico's te verzekeren afnemen. Dat kon televisiepresentator Sabine De Vos zelf ondervinden: "Ik vind het schandalig dat ik als ex-kankerpatiënt aan geen verzekering meer geraak." Bovendien dreigt ook de solidariteit het te begeven als ieder risico 'calculeerbaar' en/of tot op zekere hoogte individueel beïnvloedbaar is. Waarom zou ik nog voor jou betalen? Als je die solidariteit wilt behouden, dan moet je, aldus De Beer, durven pleiten voor meer verplichte en collectieve regelingen. Trouwens, welke verzekeringsmaatschappij zal je willen verzekeren tegen het broeikaseffect! Of zit er een oplossing in wat Rüdiger Safranski het "recht op niet-weten" noemt? Niemand mag volgens hem verplicht worden een bepaald onderzoek te ondergaan. Want, "de individuele instemming met kennis over de eigen toekomst heeft een hogere geldingskracht dan economisch geïnspireerde gezondheidsstatistieken".

"De mens is als iemand die in de mist loopt", zei Milan Kundera ooit. Als we terugkijken naar het verleden, zien we opeens geen mist meer, maar helderheid. Die helderheid missen we als het over heden en toekomst gaat.

Leven in de risicosamenleving en Kleine geschiedenis van de vooruitgang zijn dunne boekjes, geen dikke traktaten. Maar ze geven genoeg licht aan de lezer om ook in de mist zijn weg te vinden.

Wright is geen romanticus of doemdenker. Hij trekt grote lijnen door de geschiedenis om zijn betoog kracht bij te zetten

Ronald Wright

Kleine geschiedenis van de vooruitgang

Oorspronkelijke titel: A Short History of Progress

Cossee, Amsterdam, 205 p., 19,90 euro.

Hans Boutellier e.a.

Leven in de risicosamenleving

Amsterdam University Press, 94 p., 14,50 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234