Dinsdag 16/07/2019

Voorbij de knock-out

Hij staat op flanellen benen, er zit een vlek op zijn oog, en tussen zijn oren spookt het. Het zwaarste gevecht levert Belgiës grootste bokser tegen zichzelf. Het einde van Sugar Jackson is nabij.

Ai, Sugar Jackson ziet de linkerhoek niet komen." Op 29 maart 2013 geeft Freddy De Kerpel op de televisie livecommentaar bij de amp van Sugar Jackson tegen de Fransman Frank Haroche Horta. Horta geeft Jackson al in de eerste ronde rake tikken. De Kerpel: "Jackson neemt toch veel stoten."

Opvallend beeld in de Belgische hoek, tussen de eerste en tweede ronde. Renald De Vulder, de coach van Jackson, hurkt voor zijn pupil en gaat met zijn wijsvinger voor de ogen van Sugar Jackson van links naar rechts. Een ruitenwisser die zich afvraagt: Jackson, zie jij in jouw duisternis de klappen nog wel aankomen? In de tweede ronde ontploft de Fransman. Jackson wordt in de gehaktmolen gedraaid. De Gentse Topsporthal ziet met lede ogen aan hoe Jackson oep z'n bakkes krijgt. De Kerpel: "Ai, het licht gaat uit." En dan, nadrukkelijk: "Hij ziet die linkerhoek écht niet komen."

Flashforward naar het begin van deze maand. In Zwijndrecht zit Jackson thuis in zijn zetel, met zijn dochtertje Isabeau op schoot. Hij wiegt haar zachtjes in slaap. Wat opvalt aan de aaibare atleet: een indrukwekkende morfologie. Een lijf gebeeldhouwd uit zwart marmer, armen als stalen kabels, geen grammetje vet. Sugar: "Ik ben een leeuw."

Maar de leeuw ligt in de lappenmand, geblesseerd. Terugkijkend op die laatste kamp: "Die jongen was in alle staten omdat hij van mij won. Hij had dat nooit verwacht, en ik ook niet, eerlijk gezegd." En hij herhaalt de woorden van De Kerpel: "Ik zag de klappen niet komen: of zijn linker of rechter me heeft uitgeschakeld - geen idee. Maar hey, ik voel me super nu."

Jackson heeft een batterij medische onderzoeken in verschillende ziekenhuizen ondergaan, en het resultaat bij de ene specialist was al geruststellender dan bij de andere. Alleen zijn ogen werken niet zoals het hoort: er zit een vlek op. Daarom ziet Jackson de klappen te laat komen. "Van de dokter moet ik enkele weken lang druppeltjes in mijn ogen doen. Daarna zal mijn zicht beter worden. Alles komt goed!"

Zijn vrouw Tania De Meyer is nog meer overtuigd van een comeback: "Ik heb nooit gedacht dat het misschien afgelopen zou zijn." Sugar: "Waarom twijfelen mensen nu aan mij?"

Het betoog van Sugar verliest aan slagkracht naarmate het gesprek vordert. Op het eind vertelt hij over een onderzoek waarbij hij over een lange witte lijn moest lopen om zijn evenwicht te testen. "Soms liep ik naast de lijn. 'Hoe komt dat?', vroeg ik. - 'Omdat er iets met je ogen is', zei de dokter. Gelukkig zijn mijn hersenen niet beschadigd. Nee, het zijn alleen mijn ogen. Ik heb dat vroeger nog gehad, evenwichtsstoornissen na een kamp. Wekenlang had ik last van suizen en duizelen, maar dat gevoel is na verloop van tijd verdwenen. En dat zal nu weer gebeuren."

Dan is er nog de uitspraak van Patrick De Bouw, de nieuwe manager van Jackson: "Ik merkte dat Sugar schuin naar zijn kinderen keek. 'Waarom doe je dat?', vroeg ik. 'Zo zie ik ze het best', zei hij. Op die manier had hij minder last van de vlek op zijn oog."

Wat opvalt in de rijwoning in Zwijndrecht: de instabiele gang van de bokser. Bij momenten lijkt hij zich op de tast voort te bewegen in zijn eigen huis. En hij klinkt ook steeds minder verstaanbaar. De klinkers en medeklinkers in zijn teksten vormen, na verloop van tijd, één onontwarbare brij. Slurred speech heet dat in boksjargon. Typerend voor boksers die punchdrunk zijn geslagen.

Eén dag daarvoor. Aan de Slachthuislaan in Antwerpen ligt de parking voor de gammele sportzaal er verlaten bij, bezaaid met grint, scherven en peuken. Antwerp Boxing Club, zegt een bordje. De deur zwaait open en Bullet verschijnt, een bordeauxdog.

"Bullet, hiééééér verdomme." Renald De Vulder noodt ons binnen in zijn club. Er hangt een schilderij aan de muur. Een portret van Jackson, een close van zijn karakterkop. Sam Dillemans had het niet beter gedaan. Recht tegenover het portret: een levensgrote tekening van Sugar. De Vulder: "Die gast gaat hier niet snel verdwijnen."

Barkoud is het in de zaal. De Vulder, al jaren de coach van Jackson, gaat aan een tafeltje zitten. Hij komt meteen ter zake: "Als die arbiter in Gent de kamp tegen Horta niet had stilgelegd, zou ik het gedaan hebben. Ik zat klaar met mijn handdoek, doodsbenauwd."

Genoeg geweest

Er klopt iets niet, dat voel je meteen. De tandem De Vulder-Jackson rijdt stroef sinds de kamp tegen Horta. "Sugar heeft zijn contract bij mij opgevraagd. Hij zal met iets bezig zijn, zeker? Ze weten hoe ik erover denk: het is genoeg geweest. Als je 52 zwáre kampen hebt gevochten, met veel knockdowns, zegt het lichaam: stop. Jackson is zes keer Europees kampioen bij de welters geweest, hij was ook één keer wereldkampioen bij een kleine bond. Nu heeft hij een oogletsel. Het is tijd om je verstand te gebruiken. Op de hersenscans is niks te zien, maar ik zie het: Jackson is punchdrunk. Op training is hij niet meer dezelfde, op restaurant grijpt hij naast zijn glas. Laat je sleutels op de grond vallen, en hij kan ze niet meteen oprapen. Dat is niet het gevolg van met de kaarten te spelen en pinten te drinken.

"Zoals mijn bokser nu is, moet ik op eieren lopen. Na lezing van dit artikel gaan Tania en Sugar me misschien bellen: 'Met jou gaan we niet verder.' Dat hij dan maar een andere coach zoekt, ik ben niet meer op mijn gemak. Ik kan geen tegenstanders meer vinden die me géén angst inboezemen: Jackson heeft ook een glazen kin, hè. Iedereen wil dat hij blijft boksen, maar ik ben wel degene die in de hoek staat. Ik volg nu een opleiding voor beroepsredder, met een groot hoofdstuk EHBO. Ik moet daar toch geen tekening bij maken?"

De Vulder is een mannetjesputter. Als bokser heeft hij indertijd ook veel klappen gekregen. Berekende klappen, beweert hij zelf. In zijn laatste kamp, op 13 februari 1993, stond hij in Erpe-Mere tegenover een Bulgaar, Daniël Krumov. De Vulder bereidde een uppercut voor, wilde uithalen en sloeg toen keihard op de uitstekende elleboog van Krumov. "Mijn hand brak. Mijn carrière was afgelopen."

Maar het boksen liet hem niet los. De Vulder werd coach in Izegem: "Ik heb daar een bende kampioentjes gemaakt ze, boaske." Met Kerstmis 2003 ziet hij er een onbekende zwarte krachtpatser, Sugar Jackson, aan de slag tegen de Fransman Fabrice Colombel. Colombel gaat vier keer neer. Jackson drie keer.

De Vulder: "Ik kon mijn ogen niet geloven. Zo'n bokser, met zo'n hart en zo'n slechte verdediging." Het klikt tussen beiden. De Vulder krijgt de vraag Jackson te coachen voor de herkansing tegen Colombel. Het was de start van een spannend verhaal. Een verhaal waarin de epiloog nu aanbreekt.

Wat De Vulder als bokser niet kon, dat kon Sugar Jackson wel: de leeuw peuzelt al zijn genstanders op. Eén voor één worden ze het slachtoffer van een simpele, diepgelovige jongen die al zijn hele leven meer vechter dan bokser is. "Op straat deelde ik veel klappen uit. Als iemand een verkeerd woord over mijn zus zei, patat! Groot of klein, ik at ze allemaal op. Soms kwam ik zelf ook aangeslagen thuis, en moesten we naar het ziekenhuis om me te laten oplappen. Mama zei altijd: 'Als iemand je wil afmaken, moet jij hem eerst bang maken.' Ze had gelijk. Ik kan iedereen de baas: je moet mensen in hun nek pakken. Als je daar hard drukt en niet loslaat, mogen ze slaan en trappen wat ze willen, dat houden ze niet vol. Ze raken verlamd, ze klappen in elkaar. Daarna laat ik los. Uit compassie, dat zeg ik eerlijk."

Op zestienjarige leeftijd belandt Sugar Jackson, in navolging van zijn vader, in België. Vader en zoon hebben weinig contact. Jackson vindt rust en vertrouwen bij zijn nieuwe vader, Renald De Vulder. En omgekeerd: De Vulder gooit voor zijn pupil alles in de strijd. Hij wijst naar de ring, die in het hart van de club staat: "Daar heb ik geslapen, op het canvas. Eén jaar lang zonder verwarming, in een oude slaapzak. In West-Vlaanderen verklaarden ze me gek: 'De Vulder, wa gaaj gie in Antwerpen gaan doene?' Maar ik heb vaak dezelfde plaat gedraaid: 'The Greatest' van R. Kelly, het favoriete nummer van Jackson. Ik wist wat de mogelijkheden van Jackson waren. Nu kan ik dat zeggen, jaren later: 'All the way'. We konden all the way voor de wereldtitel gaan." En hij zucht.

Koning Knock-Out

Het is anders gelopen. Eerst in Istanbul, in een dramatische kamp tegen Selcuk Aydin, op 7 juli 2009. Jackson werkt zich op naar een wereldtitelgevecht bij de WBC-bond, maar hij moet eerst nog enkele gevechten winnen. En Selcuk Aydin is ongeslagen.

De Vulder: "Jackson kreeg niet de tijd om zich op te warmen. Opeens kwam iemand de kleedkamer binnen: 'Het gaat beginnen! De tv wacht!' IJskoud de ring in, voor zo'n belangrijke kamp. Ik wilde de kamp nog laten annuleren, maar dan verloor Jackson te veel geld.

"Jackson heeft de eerste ronden op karakter overleefd. In de laatste ronde is hij klaar om die Turk te grazen te nemen. Ik roep: 'Jackson! Bewegen! Stoten en bewegen.' De neus van Aydin is gebroken, zijn oogkas kapot, zijn jukbeen af, het is een kwestie van seconden voor hij het begeeft. Maar Jackson luistert niet: hij blijft staan. En net dan, dán komt die kleine van onderuit: patat! Jackson gaat neer, kamp afgelopen. Ik was uitzinnig. Je wilt het niet weten: ik heb gevochten met cameramensen."

Een paar maanden na het verlies tegen Aydin kan Jackson opnieuw boksen met het oog op een later wereldtitelgevecht, maar hij verknoeit het. Op een ochtend staat de dopingcontrole voor de deur, en Jackson geeft niet thuis. Volgens de letter van het reglement weigert hij een controle. Jackson zucht: "Hoe gaat dat? We waren op stap geweest, hadden een beetje gedronken, kwamen moe thuis en hebben de bel niet gehoord." Tania: "Nu hebben we een bel gekocht die naast ons bed staat."

Het management, onder leiding van Louis De Vries, gaat ervan uit dat Jackson geschorst zal worden. Jackson: "Daarom hebben ze geen kamp georganiseerd. Ze hebben dat verkeerd ingeschat." De relatie tussen coach en management komt nog meer onder druk te staan als De Vries een kamp regelt met ex-wereldkampioen Randall 'The Knock-Out King' Bailey.

De Vulder: "Ik zeg: 'Wie? Bailey? Zijde helemaal zot geworden?!' De Vries liet voor de gelegenheid een Amerikaanse coach overkomen om Jackson voor te bereiden op een kamp tegen een puncher. "Ik was kwaad, ik voelde me aan de kant geschoven. Ik zeg: 'Oké, doe het dan maar zelf'. Maar dat was verkeerd."

Jackson staat precies 92 seconden in de ring. Bailey geeft hem een pak slaag dat hem nog lang zal heugen. Jackson beseft: een we- reldtitel zit er niet meer in. In de strijd tussen management en coach kiest hij voor De Vulder.

'Jaloezie van De Kerpel'

Freddy De Kerpel roept Jackson op zijn bokshandschoenen aan de haak te hangen. Jackson vertoont, volgens De Kerpel, de eerste symptomen van punch-drunkenness. Mevrouw Jackson: "Jaloezie van De Kerpel, zeker? Hij is zelf nooit Europees kampioen geweest."

Sugar: "De Kerpel is geen Coopman, die voor de wereldtitel heeft gebokst." Maar even later vertelt Sugar in welke omstandigheden hij de kamp tegen Bailey heeft afgewerkt - in volslagen duisternis. "Als je een klap op de juiste plaats krijgt, gaat het licht uit. Daarna wordt het lastig. Bij mij duurt het in principe twee minuten voor ik weer helder kijk."

Zegt De Vulder: "Voor de kamp tegen Bailey was Sugar vader geworden. Dat was de bedoeling niet. Maar Jackson was een trotse vader: hij gaf steeds meer aandacht aan zijn kind, zijn gezin, zijn huis. Zijn vrouw werd ook zijn assistente. We hebben de gevolgen gezien. Ik regelde een trainingskamp in het buitenland, een sponsor legde het geld op tafel: 10.000 euro. Maar zijn vrouw zei: 'Jamaar Jackson, we gingen toch met het gezin op reis?' En ze vertrokken op gezinsvakantie. En ik stond daar."

Het is pijnlijk hoe De Vulder in de verleden tijd over Jackson praat. Ze zien elkaar niet vaak meer. Jackson traint, ten gevolge van zijn oogblessure, in zijn eentje. De Vulder: "Hij teert nog op zijn naam, maar ik weet één ding: ik heb de laatste jaren goed geslalomd. Telkens de juiste tegenstanders gekozen, mensen die hem geen pijn konden doen. Maar die worden schaars. Zou dat niet ideaal zijn: een afscheidskamp in Antwerpen? Eervol afscheid nemen van het publiek, nu het nog kan."

De Vulder kijkt in het rond. Ziet het schilderij, de tekening, de affiches. Hij ruikt het zweet, de ijver, de vechtlucht van Jackson. En hij breekt. "Weet je, Jackson is een brave gast. Hij zit voor altijd in mijn hart. Ik heb dingen met hem meegemaakt, niet normaal. Op stage in Amerika verdronk hij in het zwembad - meneer kon niet zwemmen: ik heb hem uit het water gevist. Op de training vond ik hem niet meer terug: hij was veertig kilometer verkeerd gelopen. Een topatleet is het, een topatleet.

"Mijn vrouw heeft nooit begrepen hoe ik zo fanatiek kon zijn. Ik heb alles opgegeven voor Jackson, mijn eigen dochter verwaarloosd." Plotseling huilt de mannetjesputter. "Ze is heel ontgoocheld in haar papa. Een mens kan dom zijn." Hij slikt. "Vroeg of laat komt het wel goed, dat voel ik. Ik ben een vechter, altijd geweest.

"Ik heb zo veel meegemaakt: mijn ouders zijn gescheiden, mijn tante is voor mijn ogen vermoord door haar man - vanaf mijn veertiende sta ik er helemaal alleen voor. Daarom was het zo mooi met Jackson: we deden alles samen. Ik zie die kerel doodgraag."

De Vulder heeft een plan om de carrière van zijn pupil waardig af te sluiten. Veel lost hij niet, maar hij kan de gedachte niet verdragen dat Sugar iets zou overkomen in de ring. Hij zal te gepasten tijde wel iets 'fixen'.

Terug naar Telenet

Een laatste keer terug naar Zwijndrecht, naar Sugar en Tania. Allebei geloven ze nog in een terugkeer, maar talrijk zijn hun medestanders niet meer. Alle sponsors hebben inmiddels afgehaakt. Ook Jackson zelf zegt op een onbewaakt moment dingen die op gerede twijfel wijzen. "Ik zoek werk. Op school heb ik een diploma van elektricien behaald, ik heb nog als internet-installateur voor Telenet gewerkt, het zou mooi zijn als ik dat opnieuw kon doen.

"Ik zou ook bokstraining kunnen geven. Of physical training. Maar dan heb je een diploma nodig. Zo gaat dat in Europa. Geen probleem, desnoods ga ik terugnaar de schoolbanken zitten. Ik heb een verantwoordelijkheid tegenover mijn vrouw en kindjes: als bokser ben je in België niet binnen na je carrière."

En opnieuw vertelt hij het verhaal van de druppels in zijn ogen, en dat alles spoedig goed komt. Geen twijfel mogelijk. Sugar: "Het mooiste zou zijn dat ik met een kamp om de Europese titel afscheid zou kunnen nemen, samen met Renald. Hij is niet meer alleen met mij bezig, dat snap ik wel. Maar soms ben ik bang dat ik niet meer op de eerste plaats kom."

Vrouw Tania: "Dat laat hij je voelen, maar daarom meent hij het nog niet."

Sugar: "Of ik nu stop met boksen of niet, mijn naam is voor altijd gemaakt. Die neemt niemand me nog af. Niemand zal het doen zoals ik." Niemand.

Sugar Jackson: 'Of ik nu stop of niet, mijn naam is gemaakt. Niemand zal het doen als ik'

Sugar Jackson: 'Waarom twijfelen mensen nu aan mij? Alles komt goed'

Renald De Vulder: 'Jackson is punchdrunk. Op restaurant grijpt hij naast zijn glas'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden