Woensdag 21/04/2021

Voor Joegoslavië is het nu of nooit

'Het is tijd'. Dat is de leuze waarmee jonge Serviërs in de diaspora tot stemmen worden opgeroepen. Nu of nooit, zeggen ook de aanhangers van Vojislav Kostunica. De Servische oppositie ruikt de overwinning. Kostunica, oppositiekandidaat voor het presidentschap, staat volgens de laatste opiniepeilingen een miljoen stemmen voor op Slobodan Milosevic: Kostunica haalt 40 procent van de stemmen, Milosevic 22 - een achterstand die onder normale omstandigheden niet meer in te halen is. Maar Milosevic heeft sinds 1990 nog nooit verloren bij verkiezingen, en ook nu geldt: het is nog niet voorbij.

Boedapest

Van onze correspondent

Michel Maas

Joegoslavië kiest zondag een nieuwe president, een nieuw parlement en een nieuw Hogerhuis. Korter gezegd: Joegoslavië kiest zondag voor of tegen het bewind van president Slobodan Milosevic - voor of tegen de Navo, zoals Milosevic' eigen partij SPS zegt, of voor of tegen chaos (de oppositie).

Duidelijker kunnen verkiezingen niet zijn, vooral nu de oppositie zo eensgezind is: op een na - de Servische Vernieuwings Beweging van Vuk Draskovic - hebben alle oppositiepartijen zich verenigd in de Democratische Oppositie van Servië, DOS, die Vojislav Kostunica als haar presidentskandidaat heeft aangewezen. Voor het eerst komt die verenigde oppositie met een gezamenlijk plan dat Servië in honderd dagen op weg moet helpen in de richting van een democratische staat, open naar het Westen en eindelijk bevrijd van de drukkende internationale sancties.

Als eerste daad belooft de DOS de grondwet te zullen herschrijven, om een einde te maken aan de constitutionele chaos waarin Joegoslavië verkeert. Maar vooral die grondwettelijke chaos kan ervoor zorgen dat de oppositie de voorspelde overwinning gaat mislopen.

Op papier lijkt alles helder en eenvoudig. Op papier bestaat Joegoslavië uit de deelrepublieken Servië en Montenegro. De federatie is de optelsom van die twee onafhankelijke landen, waarboven een federale regering is gezet. Maar dat is papier. De federatie is die federatie niet meer sinds Milo Djukanovic president werd van Montenegro, zich afkeerde van zijn leermeester Milosevic en met zijn land een heel eigen koers ging varen. Terwijl Servië verder wegzonk in een isolement, opende Djukanovic Montenegro naar het Westen. Hij hield zich afzijdig tijdens de oorlog in Kosovo en trok zich minder en minder aan van de federatie. Djukanovic' regeringspartijen boycotten uiteindelijk het federale parlement helemaal, omdat Servië weigerde te praten over een nieuwe - onafhankelijkere - status van Montenegro in de federatie.

De betrekkingen tussen de twee federatiegenoten bereikten een dieptepunt toen Servië Montenegro strafte met een grensblokkade die nog altijd voortduurt. Montenegro importeert sindsdien zijn voedsel uit Slovenië en geniet verder dankbaar van de steun van westerse landen. Die hebben aan een dissident Montenegro binnen de Joegoslavische federatie een dankbare bondgenoot tegen Slobodan Milosevic.

Nu boycotten de Montenegrijnse regeringspartijen ook de federale verkiezingen. Djukanovic heeft de verkiezingen als illegaal bestempeld omdat Belgrado er eigenmachtig de grondwet voor heeft gewijzigd. Het belangrijkste resultaat van die grondwetswijziging, op 6 juli 1999, was dat president Slobodan Milosevic opnieuw verkiesbaar werd, en ditmaal min of meer voor het leven. In de nieuwe grondwet eindigt het presidentschap alleen met diens dood, wanneer hij zelf ontslag neemt of wanneer hij wordt afgezet door een twee derde meerderheid in het parlement.

Gestemd wordt er toch in Montenegro. Vooral voor het parlement zullen deze verkiezingen zeer eenzijdig zijn: alleen kandidaten van de SNP, de partij van Milosevic-vertrouweling Momir Bulatovic doet mee. De SNP zal daarom in de Kamer van Republieken (het federale Hogerhuis) de voltallige Montenegrijnse helft van de zetels gaan bezetten, en in de Kamer van Burgers (het parlement) alle dertig Montenegrijnse zetels - dertig van de in totaal 138 zetels. Als Kostunica president zou worden, zou dat diens positie bij voorbaat ernstig verzwakken. Wat het resultaat ook is, Djukanovic zal, met alle financiële steun uit het Westen, zijn onafhankelijke koers blijven varen.

Zolang Belgrado dat accepteert, natuurlijk. Vooral de Amerikaanse regering waarschuwt de laatste maanden voortdurend voor een (militair) ingrijpen van Milosevic in Montenegro, en deze verkiezingen zouden daarvoor een uiterst geschikte aanleiding kunnen zijn. De angst voor zo'n Joegoslavisch ingrijpen wordt gevoed door de permanente aanwezigheid van een omvangrijke Joegoslavische legermacht op Montenegrijns grondgebied - een leger dat Montenegro er dagelijks aan herinnert dat het hoe dan ook nog altijd deel uitmaakt van Joegoslavië.

Maar wat zondag zwaarder weegt dan de onheldere constitutionele positie van Montenegro is het feit dat in Montenegro 444.130 stemmen te halen zijn. Voorspeld wordt dat als gevolg van de boycot niet meer dan honderdduizend Montenegrijnen naar de stembus zullen gaan. Waarnemers waarschuwen nu al voor de mogelijkheden voor grootschalige verkiezingsfraude, die zo veel ongebruikte stembiljetten bieden.

Meer nog dan Montenegro kan Kosovo bepalend zijn voor de komende verkiezingen. Net als Montenegro is ook Kosovo, op papier, nog altijd een provincie van Servië, en een deel van Joegoslavië. Net als de Montenegrijnen mogen ook alle stemgerechtigde Kosovaren meestemmen in de Joegoslavische verkiezingen. In Kosovo zelf zal dat alleen gebeuren in de kleine Servische enclaves zoals Mitrovica en Gracanica.

Albanese leiders beschouwen het houden van Joegoslavische verkiezingen in Kosovo als een provocatie door het bewind in Belgrado. De etnische Albanezen zullen daarom, zeggen ze, niet aan deze verkiezingen deelnemen. Maar in de constitutioneel onduidelijke situatie van Kosovo blijven zij toch stemgerechtigd. Volgens het Centrum Voor Vrije Verkiezingen en Democratie CeSID, een onafhankelijke organisatie die toezicht houdt op de verkiezingen, mogen 900.000 Kosovaren - Albanezen en Serviërs - stemmen. Zij mogen dat doen in speciale stembureaus die in Servië voor Kosovaren zijn geopend.

Volgens het CeSID schuilt daar een nog veel groter gevaar voor verkiezingsfraude dan in Montenegro. Alle 900.000 stemgerechtigde Kosovaren, ook de Albanese, zijn opnieuw geregistreerd bij die speciale stembureaus. Het CeSID en de DOS vrezen dat honderdduizenden Kosovaarse stemmen misbruikt kunnen worden, stemmen die uiteindelijk beslissend kunnen zijn voor de verkiezingen. De vraag hoe de verkiezingen verlopen, is daarom voor de Joegoslavische oppositie minstens zo belangrijk als de vraag wie er uiteindelijk wint.

Achtergrond

Fraude met stemmen van Kosovaarse Albanezen zou Milosevic in het zadel kunnen houden

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234