Dinsdag 07/12/2021

'Voor het eerst kan ik erover praten zonder te blèren'

In 1997 wandelt Walter Van Beirendonck door het Sint-Andrieskwartier in Antwerpen. In een zijstraat van de Nationalestraat loopt hij een vervallen gebouw in. Hij ziet wat anderen niet zien: een ruimte met een mooie lichtinval en veel mogelijkheden. Het begin van een mooi verhaal dat bitter eindigt.

Wat is er toch aan de hand met de Belgische mode, leken alle media zich de voorbije week af te vragen. Onlangs Walter Van Beirendonck failliet, nu Christophe Coppens, leg dat eens uit.

Geen van beiden hadden ze daar zin in. Coppens wou zijn verhaal vorige week doen aan twee kranten, Van Beirendonck wachtte zelfs drie maanden voor hij met ons wou praten. Bij hem horen we een ander verhaal. Met mode heeft het slechts zijdelings te maken. Het gaat in essentie over een huurgeschil, over de media, over de banken. Over de impact die foute of onzorgvuldige berichtgeving kan hebben.

Van Beirendonck ontvangt me in zijn tijdelijke atelier, een ruimte die Maureen De Clercq, oud-studente en nu collega van hem aan de academie, ter beschikking heeft gesteld. Een rekje kleren, een paar computers, een printer, veel meer is het niet. Walters kompaan Dirk Van Saene verlaat de kamer. "Hij wil dit echt niet meer horen", zegt Walter. 'Dit' is een lang verhaal. Een verhaal dat Van Beirendonck in detail uit de doeken wil doen, omdat hij ziek werd van de onwaarheden die werden geschreven en verkondigd. "Er zijn ochtenden geweest dat ik wakker werd en moest braken van ellende", bekent hij. "Na wat ik heb meegemaakt, verbaast het me eerlijk gezegd dat John Galliano zich niet van kant heeft gemaakt, na de modder die hij over zich heen heeft gekregen. En ik begrijp het dat Alexander McQueen zich wél heeft verhangen."

W.A.L.T.E.R

Het begint in 1997. "Het gebouw dat ik in een zijstraat van de Nationalestraat vond, was mooi maar in een verschrikkelijke staat. Geen verwarming, geen vloer, geen fatsoenlijke elektriciteit, niks. Het werd niet verhuurd en het stond ook niet te huur. Het belendende restaurant gebruikte het als parkeerruimte voor zijn klanten. Ik zag de mogelijkheden ervan en nam contact op met de eigenaar. Ik legde uit wat we er wilden doen. We wilden een ruimte waar we niet alleen zouden verkopen maar ook aanverwante activiteiten zouden organiseren. We kwamen tot een overeenkomst: ik mocht het pand tot 2016 huren, voor een relatief lage prijs, iets meer dan 2.000 euro per maand. In ruil zou ik het renoveren."

Omdat we voor zo'n lange periode konden huren, vond ik het de moeite om een investering van ongeveer 250.000 euro te doen. Er was samenwerking met verscheidene architecten en ik was echt trots op het resultaat, ook op het feit dat ik de buurt zo mee op de kaart kon zetten. Het project werd ondergebracht in de bvba W."

In september 1998 opent 'W.A.L.T.E.R', een winkel en kunstgalerie. Er is geen kunst- of modetijdschrift in de wereld dat er niet over bericht. Niet alleen zijn eigen collecties en die van Dirk Van Saene, zijn partner, worden er verkocht, je kunt er ook kleren en accessoires van beginnende binnen- en buitenlandse ontwerpers kopen, zoals Bernhard Willhelm, Bruno Pieters, Eley Kishimoto en Jan & Carlos, merken die je in België nergens anders kunt vinden.

Dé attractie van de winkel is een reusachtige, liggende beer van polyester, ontworpen door Van Beirendonck zelf, waarin de kindercollecties worden gepresenteerd. Maar ook de zwevende ronde toonbank van Marc Newson, het houten chalet met de collectie van Dirk Van Saene, de bewegende ijzeren rail met de shirts van Van Beirendonck en het ruwhouten meubilair van Piet Hein Ek zijn blikvangers.

In de etalageruimte worden tentoonstellingen georganiseerd, onder meer van Narcisse Tordoir en Daniël von Weinberger. Van heinde en ver komen modefans naar de winkel kijken, zeker in 2000, wanneer Antwerpen wordt uitgeroepen tot modestad en Van Beirendonck curator wordt van het groots opgezette mode-event Landed-Geland. De toeristische dienst zet Antwerpen op de kaart als mode- en shoppingstad en stuurt journalisten uit de hele wereld steevast door naar de shop om te tonen wat het geheim is van creatief Antwerpen.

Problemen

Alles lijkt perfect in de beste der werelden, tot in 2010 een aangetekende brief in de bus valt waarin de eigenaar eist dat de huur fiks wordt opgetrokken, van 2.100 naar 6.700 euro. Het niveau van de buurt was er immers op vooruitgegaan, hij vond het oorspronkelijk afgesproken bedrag niet meer in verhouding. Van Beirendonck: "Eerlijk gezegd namen we het op dat moment niet ernstig. Die man was nooit komen kijken, we hadden er nooit met hem over kunnen spreken. Maar iedereen, zelfs een blinde rechter, kon vaststellen wat wij in dat vervallen gebouw geïnvesteerd hadden. Wat we natuurlijk alleen gedaan hadden in de wetenschap dat we er tot 2016 konden blijven. Op dat moment begon de buurt trouwens al wat van haar pluimen te verliezen. Designers als Veronique Branquinho en Annemie Verbeke sloten hun winkel, we zaten met aanslepende wegwerkzaamheden, er was minder sfeer. Ik dacht: waar komt die nú mee? Ik gaf de brief door aan een advocaat, maar ik was ervan overtuigd dat we dit niet konden verliezen."

In die periode begon Van Beirendonck aan de voorbereiding van zijn grote tentoonstelling in het ModeMuseum. Net voor de brief kwam, had hij daartoe zijn archief, dat verspreid lag op verschillende locaties, naar de winkel overgebracht en geïnvesteerd in grote kasten. Dat archief omvat zowel kleding en accessoires van voorbije shows - een hele carrière dus - als zijn mappen met voorbereidende schetsen, foto's, krantenknipsels, videobanden, enzovoort. Zelf maakte ik in 2009 samen met Van Beirendonck een boek over zijn werk, ik kan getuigen dat het uitgebreid en goed georganiseerd is.

"Na ongeveer een jaar viel de uitspraak. De rechter gaf ons gelijk, de huisbaas moest bovendien de gerechtskosten betalen. Opluchting bij ons, maar vooral een gevoel van: zie je wel, we stonden recht in onze schoenen, hij had niet het recht om de huishuur eenzijdig te verhogen. Helaas, zo zag die man het niet. Hij ging in beroep. In die periode heb ik beslist om ons bestaande atelier te sluiten en alles naar de winkel over te brengen. Als we de zaak toch zouden verliezen, redeneerde ik, dan zou een hogere huurprijs enigszins te verantwoorden zijn als het gebouw niet alleen voor de winkel maar ook als atelier gebruikt zou worden. Ik had me al verzoend met de idee dat de winkel wat kleiner zou worden. Ondertussen werkte ik voort aan mijn eigen collectie, en aan de kindercollectie ZulupaPUWA voor JBC, die beide vallen onder de bvba Big."

Als een crimineel

Op 21 januari 2012 barst de bom. "Ik was in Parijs voor de modeweek. Op zaterdag was mijn show geweest. De maandag erna kwam via e-mail het bericht binnen dat we in het ongelijk waren gesteld. Niet alleen werd de huur tweeënhalve keer verhoogd, we moesten met terugwerkende kracht het verschil over twee jaar betalen, vanaf 1 maart 2010. Ik moest onmiddellijk 80.000 euro overmaken. Je moet je voorstellen dat zoiets gebeurt midden in de hectische periode dat je in Parijs bent om je volgende collectie te tonen, dat je je klanten uit Azië en Amerika ontvangt en de pers je komt interviewen over je werk. Ik zat alleen op mijn hotelkamer, en ik wist niet waar ik het had."

Hij stokt even. "Dit is de eerste keer dat ik er zo over kan spreken. Tot nog toe begon ik telkens te blèren als ik aan die periode terugdacht."

Hij neemt een slok water en vervolgt. "Tachtigduizend euro onmiddellijk op tafel leggen, dat kon ik niet en dat wou ik niet. We hadden met onze advocaten wel een worstcasescenario bekeken, maar nooit hadden we geloofd dat de verhuurder een been had om op te staan. Tegen de uitspraak konden we niet in beroep gaan, tenzij we die 80.000 euro zouden blokkeren op een rekening.

"We kregen twee weken tijd om een tegenvoorstel te doen. De huur die hij vroeg, vonden wij bespottelijk, daarmee konden we onze winkel nooit rendabel houden. Ik wou graag uitleggen aan de eigenaar wat de ruimte voor ons betekende, maar de advocaat weigerde dat. We deden daarop een voorstel om het pand te verlaten. We vroegen een beetje tijd om een uitverkoop te organiseren, en zouden daarna het gebouw ontruimen. Ze vroegen een weekend bedenktijd, dat leek ons een goed teken.

"Maandag kreeg ik te horen dat ze ons voorstel niet aanvaardden. Stipt om drie uur stapte een deurwaarder binnen om de hele inboedel te noteren. Wat je dan ondergaat, is verschrikkelijk. Je hebt geen enkel recht, er is politie bij, je wordt behandeld als een crimineel. Er stond ons niets anders te doen dan de boeken van de bvba W. neer te leggen.

"Hoe erg we het ook vonden, we wilden het zo weinig dramatisch mogelijk laten overkomen. In de persmededeling die ik verspreidde, stond dat de winkel stopte maar dat ik doorging met alle andere projecten. Dat is de dag erna ook vrij correct verschenen in de meeste kranten.

"Ik vertrok naar Parijs voor Première Vision (de stoffenbeurs, AG). 's Avonds kreeg ik telefoon met de boodschap dat iemand van Het Nieuwsblad me wou spreken. Ik had daar geen zin in, ik vond dat ik gezegd had wat gezegd moest worden. Wat daarna gebeurde, was hallucinant. Die journalist begon in onze jaarrekeningen te snuffelen - ook van de bvba Big, waarmee niets aan de hand was. De volgende dag verscheen een grote titel: 'Walter Van Beirendonck failliet'. Op dat moment verlies je je geloof. Met de winkel hadden we geen keuze, we werden met de rug tegen de muur gezet. Maar hier werden twee dingen door elkaar gehaald. En dan zie je wat de impact van één artikel kan zijn.

"Mijn bank sloot onmiddellijk alle rekeningen af, zonder contact met me op te nemen. Mijn kaskrediet werd opgeheven, mijn borg vastgezet. Tot vandaag kan ik mijn betaalkaarten niet gebruiken. Ik heb nog een injectie kunnen doen op mijn rekeningen, maar zelfs dan mocht ik geen betalingen doen. Dat is een bank waarvan ik sinds 1982 klant ben, die ook de bank was van mijn ouders. Gewoon afgaande op wat in de media kwam, hebben ze mij geblokkeerd.

"Het is belangrijk te weten dat ik niet werk met bankleningen. Ik investeer voor 100 procent zelf. Er zijn dus inderdaad momenten in het jaar dat ik fragiel ben, het cashflowprobleem kent iedereen in de mode. Maar ik ben er ook trots op dat ik als onafhankelijke ontwerper kan werken. Ik vind ook dat ik met mijn eigen geld doe wat ik wil. Dat iemand anders een sportauto koopt, of een wereldreis maakt, dat is hun keuze. Wat ik verdien, investeer ik in mijn collectie, en in de Walter Store, omdat het mijn leven is. Die winkel was niet zomaar een commercieel project."

Levenslang stigma

"Tweede gevolg: mijn fabrikanten, die volop bezig waren met het produceren van mijn collectie, sloegen in paniek. Want intussen had de journalist zijn artikel verkocht aan Agence France Presse en werd mijn persagent in Parijs overstelpt met vragen van de internationale pers. Wij hadden gedacht dat we het klein konden houden, omdat het tenslotte alleen over een winkel in België ging. Maar zo'n gerucht verspreidt zich als een lopend vuurtje, ook via internet en de blogs. Er wordt nauwelijks nog iets gecheckt, er worden beelden bij gehaald die er niets mee te maken hebben. Van die dag af heb ik geen enkele krant meer willen kopen of lezen. Ik was boos en machteloos, het kwaad was geschied. Eén voor één heb ik mijn fabrikanten opgebeld. Ik moest smeken om te blijven doorwerken, moest beloven dat ze hun geld zouden krijgen.

"Dezelfde week werd ik naar de rechtbank geroepen voor een doorlichting van mijn boekhouding. We hebben onze balansen kunnen voorleggen, die goed waren. Ik had van mijn laatste collectie 30 procent meer verkocht dan het seizoen ervoor. Daar hebben ze ons getoond dat je rekeningen op verschillende manieren kunt interpreteren. Ik had het gevoel dat ik niet meer over mezelf kon beschikken. Ik werd geleefd. Je moet doen wat je wordt gezegd. Het enige wat ze niet doen, is een enkelband aanbrengen. Ik vind het bijna een wonder dat ik het mentaal en fysiek overleefd heb.

"Tegelijk besefte ik dat ik zo veel mogelijk dingen van de bvba Big moest redden. Gelukkig begreep de curator dat de winkel en mijn collecties twee verschillende firma's waren. Dat was complex, maar als je logisch nadenkt, en dat heeft zij gedaan, weet je dat een rol stof die daar staat niet bedoeld is om te verkopen maar om te gebruiken voor een volgende collectie. We hebben de kans gekregen om dat deel weg te halen, wat ook weer niet eenvoudig was, want waar moesten we ermee naartoe?

"Wat van de winkel achterbleef, zou geveild worden, de opbrengst was voor de huiseigenaar. Het was een opluchting dat de curator ons begreep, maar dan blijft het menselijke feit dat je afscheid moet nemen van al die dingen die je heel dierbaar zijn geweest, van die ruimte waar je zo veel tijd en energie in gestoken hebt. Wat voor ons een hele periode heeft getekend, worden gewoon dingen waar ze zo snel en zo veel mogelijk geld voor moeten krijgen. Erg veel kleren waren er niet meer: de koopjes waren net voorbij en de zomercollecties nog niet binnen. Er kwam iets over me van: ze doen maar. Die beer, die mij 40.000 euro heeft gekost, willen ze die verkopen voor 10 euro? Voor 100 euro? Voor 1.000? Ze doen maar.

"De conclusie was dat er uiteindelijk twee schuldeisers waren: de huisbaas, voor dat achterstallige huurbedrag - tot de laatste maand hadden we onze huur betaald - en ikzelf, voor wat ik had geïnvesteerd in de winkel en er nooit uit had gehaald. Voor mij was een faillissement het slechtste scenario, iets waarvoor ik nooit gekozen zou hebben. Ik kom uit een familie waar een faillissement een schande is (zijn ouders baatten een garage uit, AG) en een stigma dat je je hele leven meedraagt.

"Ik moest zo veel achterlaten, ik had zo veel geïnvesteerd, en dan word je met een stamp buitengezet en moet je op de koop toe zo'n bedrag neertellen. En intussen was er in de pers sprake van verschillende schuldeisers en werd alles op een hoop geveegd."

Koud water

"Dan gebeuren er van die dingen die je nog dieper in de put duwen. Buren die gingen melden dat wij 's nachts spullen wegvoerden. Natuurlijk was er beweging met camionettes, we rijden altijd zelf met onze collecties naar Parijs. Maar dan word je ook nog eens geconfronteerd met de gemeenheid van de buren, wie het ook geweest moge zijn.

"Ik heb veel reacties gekregen van mensen van wie je het niet verwacht, maar ook nul reacties van mensen van wie je het wel zou verwachten. Ik had het gevoel dat ik werd bekeken als een melaatse. Op straat kijken de mensen alsof je een spook bent. Ze rijden bijna tegen een andere auto aan door naar me te staren. 'Kijk, dat is die man die failliet is gegaan.' Ik sloot me op, ik kwam hier op 't Zuid niet buiten. In alle bladen, op elk niveau, van De Standaard tot de pulpbladen, overal stond wel iets in. Studio Brussel, waar ik altijd voor klaarstond, waar ik T-shirts voor maakte, die begonnen de meest waanzinnige dingen over mij de wereld in te sturen. Waarom? Plots staat ATV voor de deur, op het moment dat je afspraak hebt met de curator. Dan vraag ik me af: wie heeft hen getipt? Waarom moet dat moeilijke moment ook nog eens gemediatiseerd worden? Iedere keer opnieuw krijg je een emmer koud water over je kop.

"Ik ben mijn geloof in de media echt verloren. Op een bepaald moment zei Dirk: hou op of je krijgt nog een hartaanval. We zijn die week samen tien kilo vermagerd."

"Ik mag niet klagen over de aandacht die ik heb gekregen voor de projecten die ik heb gedaan. Maar in een paar weken tijd wordt die relatie kapotgemaakt door een paar idioten die maar wat schrijven zonder kennis van zaken. En dan krijg je opmerkingen te horen zoals: 'Natuurlijk ga je failliet als je zulke rare dingen maakt.' Ja, ik heb mijn stijl, maar dat is ook mijn vrijheid. In het buitenland heb ik een heel ander imago. Ik word er nog altijd beschouwd als een referentie voor de mannenmode. Dat voel ik ook aan de aandacht die ik in de serieuze pers krijg. Ik heb niet het gevoel dat België met dezelfde ogen kijkt naar wat ik doe. Als over mij wordt geschreven, is het meestal op een toon van: 'Walter doet het weer'. In de bladen worden ook altijd de meest extreme dingen getoond. Ik hoop dat de 65.000 mensen die naar mijn tentoonstelling kwamen kijken nu toch beter begrijpen waarmee ik bezig ben.

"Het is nu drie maanden geleden maar het blijft nog elke dag een impact hebben. Gelukkig zitten mijn klanten niet om de hoek. In Zuid-Korea, waar ik momenteel een grote hype ben, en in Japan zijn de berichten over het faillissement nauwelijks doorgedrongen. Ook in Amerika zitten er grote klanten, maar die zijn loyaal. Ik heb hen een uitleg gestuurd en heb de schade kunnen indijken. Mijn zomercollectie heb ik kunnen leveren aan de winkels. Maar wat blijft, is dat je van de ene op de andere dag op straat staat. Ik heb geen atelier meer, geen postadres, geen vaste telefoonlijn. Ik heb het geluk gehad dat Maureen een deel van haar atelier ter beschikking heeft gesteld. Want je moet doorgaan, je kunt er niet even uit stappen om te bekomen. Ik ben volop bezig aan de volgende collectie ZulupaPUWA voor JBC, en aan mijn eigen wintercollectie. Ik moet dringend op zoek naar een atelier.

"Ik ben dadelijk gaan samenzitten met Ann Claes van JBC. We werken al zeven jaar heel goed samen, maar ik was bang geworden voor de impact van de media. Bij JBC hebben ze nooit een probleem gezien. Voor het eerst heb ik badpakjes gemaakt, eind april was een show gepland met de zomercollectie om een verhaal van Zulu te vertellen.

"Bij de show was natuurlijk ook de pers aanwezig. De briefing was: ik praat alleen over ZulupaPUWA, niet over de winkel, niet over het faillissement, niet over Raf Simons, want ook daarover werd ik de voorbije weken voortdurend gebeld. De eerste die me een microfoon onder de neus duwt, zegt: 'Dit is de eerste keer na uw faillissement dat u in het openbaar verschijnt.' Ik ontplofte. De foto's van het moment waarop ik boos werd, verschenen in de krant."

Positief verhaal

"Ik ben veranderd als persoon. Ik geloof altijd in het beste in de mens, maar ik heb het afgezworen om ooit nog iets te doen voor een goed doel, om gratis te werken, en altijd maar op te draven en mensen te woord te staan", zegt Van Beirendonck. Het is vreemd om dergelijke woorden te horen uit de mond van iemand door wiens hele carrière een rode draad van optimisme loopt. 'Kiss the future' is zijn strijdkreet geworden. Zelfs vandaag, nadat hij het pijnlijke relaas van de voorbije weken heeft gedaan, wil hij toch weer afsluiten met een positief verhaal.

"Ik heb het gevoel dat ik er nu een beetje overheen ben. Dirk heeft veel voor me opgevangen en nog maar eens getoond dat hij veel van me houdt. Hij heeft onmiddellijk een tijdelijke winkel geopend, The Ballroom. Het was een mooie geste van Delvaux om de leegstaande verdieping boven hun winkel ter beschikking te stellen. Op 28 juni toon ik mijn collectie in Parijs, voor de winter 2012-13.

"Ik heb een nieuw project voor twee jaar, een samenwerking met het Canadese ondergoedmerk UNDZ.org, waarvoor ik volop de prototypes aan het uitwerken ben. In augustus zou het op de markt komen. Het is écht groot, het gaat over tienduizenden stuks. Rei Kawakubo (de Japanse ontwerpster van Comme des Garçons, AG) heeft me gevraagd een reeksje te ontwerpen voor haar nieuwe Dover Streetwinkel in Tokio. Het worden T-shirts met stukken van hemden in verwerkt. Voor Amnesty International heb ik een 'walking sculpture' ontworpen die zal worden gebruikt bij acties die ze gaan voeren tegen de besnijdenis van vrouwen. Dat is het laatste wat ik nog doe voor een goed doel.

"De tentoonstelling van mijn werk gaat volgend jaar naar Melbourne. En volgend jaar vieren we de vijftigste verjaardag van de Modeacademie, waarvoor ik een paar dingen ga doen.

"Ik blijf geloven in wat ik doe. Maar tegelijk blijf ik me afvragen: wat heeft die rechter bezield? Is dit alles gebeurd omdat één mens zo gulzig was? Was het louter geldzucht? En vooral: hoe kan de pers zo makkelijk wegkomen met foute informatie?"

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234