Dinsdag 18/02/2020

'Voor een goeie job geef ik dit 'normale' leven meteen op'

Marleen Vaesen (52) wist wat het was om mensen te moeten ontslaan. In februari zat ze voor het eerst aan de andere kant van de tafel. Na twaalf jaar in een topfunctie bij multinational Sara Lee, bekend van Douwe Egberts, Pickwick en Senseo, paste ze niet meer in het vernieuwde bedrijf. 'Mijn kinderen vroegen me al om toch alsjeblieft nieuw werk te gaan zoeken.'

Het was wel even schrikken, dat eerste moment." Marleen Vaesen neemt een slok van haar koffie. Nee, ze vroeg de ober niet eerst welk merk hij serveert. Ze wil ook de concurrentie kennen. Maar de concurrentie is sinds kort de concurrentie niet meer. Ruim twaalf jaar was Vaesen aan de slag bij Sara Lee, het moederbedrijf boven merken als onder andere Douwe Egberts, Pickwick en Senseo. Tot februari was ze er als senior vicepresident verantwoordelijk voor alle koffie- en theeactiviteiten van de groep buiten West-Europa. In de Belgische zakenwereld werd ze toch vooral bekend als de marketeer die Senseo een succes maakte in ons land. Vaesens mondhoeken gaan nog altijd omhoog als ze erover vertelt. Het leverde haar onder andere twee nominaties voor Manager van het Jaar op.

De recente reorganisatie bij Sara Lee bleek er toch een te veel voor Vaesen. Het nieuwe management wil aan de slag met een bijna volledig vernieuwde ploeg en daarin is geen plaats meer voor haar. "Er waren al veel veranderingen doorgevoerd, dus het zat er wel aan te komen", vertelt Vaesen. Haar Limburgse tongval verraadt dat ze niet altijd in de Brusselse rand woonde. "Nu ik er rationeel naar kijk, denk ik dat het niet slecht is, maar zo zag ik het niet in het begin. 'Oei, wat gebeurt er hier?' Dat ging er door me heen." Ze wrijft over haar lippen terwijl ze nadenkt. "De keren dat ik zelf mensen moest ontslaan, hield ik me altijd voor dat het voor degene die de boodschap moest krijgen veel moeilijker was dan voor mij. Nu zat ik aan de andere kant van de tafel, maar ik weet wat het is om zulke gesprekken te moeten voeren. Daarom ga ik er heel respectvol mee om."

Of ze toch niet het gevoel heeft dat ze opzij is geschoven? Vaesen wil er niet van horen. Van het hele bestuur blijven er bij Sara Lee maar twee van de tien over. Er is naar haar mening dus geen reden om zich geviseerd te voelen. "Ik heb trouwens altijd tegen mezelf gezegd dat ik niet onmisbaar ben, dat ik elke dag kon worden vervangen. Het werd me al redelijk vroeg in mijn carrière duidelijk dat ik me daar geen illusies over moest maken", zegt Vaesen. Ze scheurt de verpakking van haar koffiekoekje open met haar tanden als het met haar handen niet lukt. "Toen ik nog bij Procter & Gamble (P&G) werkte, zag ik veel mensen vertrekken. Je wil dat wel vergeten - zoiets voedt je ego - maar ik ben er nooit in meegegaan. Anders verval je snel in zelfbeklag. 'Ze gaan me toch niet kunnen missen.' Nee, niet aan mij besteed."

Vaesen haalt een spiekbriefje boven. Ze krabbelde kort op papier wat ze niet mag vergeten te zeggen, maar bekijkt het blad uiteindelijk niet. Dat het niet per se een voordeel is dat de werkdruk wegvalt, zegt de zakenvrouw. Ze kan die druk wel goed aan, beweert ze. De warmte van een gezin vormt wel een aangename afwisseling met de eenzaamheid in het bedrijfsleven. "Daar moet je absoluut goed tegen kunnen. Gelukkig ben ik graag op mezelf. Anderen halen energie uit gezelschap, ik vind het net leuk om eens alleen te zijn", aldus Vaesen. "Al was ik dat alleen tijdens de reis naar een bestemming. Zodra ik ergens landde, werd ik de hele tijd geëntertaind.Het is zo'n luxe om nu te beslissen dat ik iets pas morgen doe. Vroeger waren zelfs zaterdag en zondag zo gepland als de weekdagen."

Jarenlang lag er op de hoek van Vaesens keuken een grote agenda. Daarin de hele gezinsplanning. Wie is welke dag waar en wat eten we? Sinds haar dochter in september op kot ging, is de hoek van de keuken leeg. Nu zeker. Vaesen: "Ik geniet van de vrijheid om even een normaal leven te leiden. Te gaan wandelen of fietsen. Tijd te hebben voor mijn kinderen, voor mijn man. Maar mijn dochter van negentien zegt dat ik het mezelf nog altijd druk maak. Het is ook absoluut niet zo dat ik blij ben dat ik van het werk vanaf ben. Anders zou ik er niet zo snel opnieuw aan beginnen." Vaesens telefoongesprekken gaan tegenwoordig dan ook vaak over werkaanbiedingen.

Wat zoeken de mensen aan de andere kant van de lijn? Een harde zakenvrouw? Zo wordt u soms omschreven.

"Dat is wel herkenbaar. Ik wil graag duidelijkheid, je moet bij mij niet met de grote verhalen afkomen. Mensen vinden dat misschien moeilijk, want ze moeten dan naar de essentie en de inhoud gaan. Als er moeilijke beslissingen nodig zijn om het bedrijf vooruit te helpen, zal ik ze ook nemen. Een baas noemde me daarom ooit een ijzeren hand in een fluwelen handschoen. Meestal kom ik redelijk vriendelijk over, maar als het erop staat, zal ik mijn lijn wel trekken. Maar ik ben wel begaan met mensen. Zij kunnen er meestal niets aan doen dat het slecht gaat met het bedrijf en zij zijn er vaak toch de dupe van. Daar heb ik het soms wel moeilijk mee. Ik ben ook heel veeleisend voor mezelf. Wat ik doe, is nooit goed genoeg."

Klinkt zwaar.

"Met het ouder worden, lukt het beter om een blad om te draaien hoor. (lacht) Mensen erkenning geven, dat heb ik ook moeten leren. Ik herinner me nog heel goed hoe een collega bij P&G reageerde toen ik hem zei dat hij goed had gewerkt. 'Amai, ik weet niet of je het beseft, maar dat zeg jij bijna nooit. Als het van jou komt, zal het dus wel echt goed zijn.' Dat frappeerde me, want ik besefte tot op dat moment niet dat ik zo veeleisend kon overkomen. Daar denk ik nu veel meer over na. Ik functioneer zelf wel het best in bedrijven die resultaten eisen."

Voedde u met die bedrijven als P&G en Sara Lee de consumptiemaatschappij niet te veel?

"Consumptiemaatschappij is een groot woord dat veel elementen bevat. Oké, Senseo was duurdere koffie dan de vorige, maar de mensen gingen door de komst van het product niet meer koffie drinken he. Je mag de wijsheid van de consument trouwens niet onderschatten. Iets dat hij echt niet wil, krijg je hem nooit verkocht. De uitdaging is dus altijd om iets te brengen waar mensen voor willen betalen. Op de koffiemarkt bleek dat iets waar mensen echt nood aan hadden. Als je aan die nood tegemoet komt, vind ik een woord als consumptiemaatschappij zelfs iets positief. Je biedt consumenten een keuze."

Zorgen bedrijven er niet gewoon voor dat mensen denken iets nodig te hebben?

"Ja en nee. Zeker nu, in tijden van crisis, is de consument veel kritischer. Mensen denken heel bewust na over wat ze willen van welk product en hoeveel ze ervoor willen betalen."

Wat verwacht u nog van de crisis?

"Ik dacht dat we erdoor waren, maar nu zitten we alweer in de volgende crisis. Een die mij meer zorgen baart omdat hij structureel is en heel erg maatschappelijk gebonden. Ik ben dus minder optimistisch. Al blijf ik er wel in geloven dat we er wel door zullen geraken. Het zal alleen langer duren dan we misschien zelf denken en we zullen allemaal moeten inleveren. Daar ben ik van overtuigd."

Gaat u zelf al moeten inleveren?

"Ik zou het niet weten. De tijd zal het vertellen. (lacht) Die hele economische crisis houdt me wel echt bezig. Waar gaat de wereld naartoe? Het raakt ons in West-Europa, maar wij begonnen wel met een heel hoge levensstandaard. We hebben dus ruimte om die naar beneden te halen. Maar dat idee gaat alleen nog maar over de crisis. Hoe landen als Brazilië, Rusland, India en China gaan evolueren zal ook een invloed hebben op Europa. Die invloed is op langere termijn misschien significanter dan de crisis op dit moment. Misschien kijken we momenteel naar het strand terwijl er een tsunami op ons afkomt."

Bent dan u bang voor de toekomst van uw kinderen?

"Een beetje wel. We moeten niet dramatiseren en blijven geloven in de kracht van de jeugd en in de kracht van een maatschappij om zich aan te passen. Maar misschien zullen ze meer keuzes moeten maken in het leven. Daar is ook niets mis mee."

Bent u zo'n mama die hen aanraadt het geluk in Azië te zoeken?

"Nog niet, maar wie weet. Ik sta ervoor open dat ze naar het buitenland trekken, maar het moet uit henzelf komen. Hoewel, ik heb mijn zoon wel eens gezegd dat hij in China moest gaan studeren. Ik geloof er niet in om hem daar verder in te pushen. Zo wanhopig ben ik nog niet over België. (lacht) Mijn zoon is 23 en studeert dit jaar af als handelsingenieur. Vorige week slaagde hij voor zijn ingangsexamen aan de Vlerick Management School. Oef. Mijn dochter zit in haar eerste jaar marketing. Sommige kinderen zetten zich af tegen het beroep van hun ouders, de onze niet."

Bent u nu tijd met hen aan het inhalen?

"Mijn dochter is momenteel thuis aan het blokken en ze zei me al dat ze het fijn vindt dat ik er ben. We eten nu elke middag samen. Dat zijn kleine dingen waar ik nu opnieuw van leer genieten. Ook mijn echtgenoot vindt het leuk dat ik elke avond thuis ben. Als ik een baan vind die me echt interesseert, geef ik het toch allemaal meteen op. Mijn kinderen vroegen me nu al dat ik toch alsjeblieft nieuw werk ga zoeken. Waarschijnlijk omdat ze denken dat ik daarin het best gedij. Misschien omdat ze schrik hebben dat ik hen anders toch aan het werk zet. (lacht) Ze moeten zich geen zorgen maken."

Sinds enkele weken is de vrouw-en-carrièrediscussie nochtans weer overal.

"Ongelooflijk he. Het verbaast me. Blijkbaar is het een thema waar mensen nog heel wat over kunnen zeggen. De problematiek leeft dan ook nog altijd."

U hebt niet het gevoel dat de strijd is gestreden?

"Ab-so-luut niet. Vroeger was ik tegen quota, nu ben ik voor. Na dertig jaar werken, vind ik dat er te weinig is veranderd."

Wanneer veranderde u van mening?

"Toen de quotadiscussie de laatste keer oplaaide, naar aanleiding van de quotawet voor raden van bestuur. Op dat moment besefte ik quota wel een verschil hebben gemaakt in de politiek. Vrouwen als Annemie Turtelboom of Hilde Crevits, dat zijn toch echt mensen om naar op te kijken? Sommige politica waren er niet geweest zonder quota."

Door de quota zitten er ook vrouwen op posten waar ze niet thuishoren, klinkt de kritiek.

"Dat is een gemakkelijk argument. Ten eerste moeten bedrijven maar hard genoeg zoeken naar de juiste vrouwen. Omdat het zo gemakkelijk is om een man te vinden, doen ze dat te weinig. Ten tweede: er zitten ook mannen op posten waar ze niet passen. Daar wordt nooit iets over gezegd. Als een vrouw mislukt, wordt dat altijd een groot thema in de media. Het falen wordt dan dikwijls ook gelinkt aan haar geslacht. Dus ja, een quotum is een vervelende regel, maar het is misschien de enige manier om de blik op vrouwen in de maatschappij te veranderen. Al voer je het systeem volgens mij beter in voor directiecomités dan voor raden van bestuur. Dan zal het watervaleffect sneller werken, want vrouwen nemen vrouwen aan."

Vrouwen zouden toch net jaloerser op elkaar reageren. Merkte u dat al?

"(Kort lachje) Dat is moeilijk te zeggen, je kunt de vinger er niet echt opleggen. Misschien wel, maar als je me naar een voorbeeld vraagt, kan ik er geen geven. Het is een onderhuids gevoel, maar of het klopt? Het zou wel kunnen."

U bent zelf een rolmodel. Bent u door uw ontslag van uw voetstuk gevallen?

"Dat overkomt mannen ook he, alleen is het bij hen meestal minder visibel. Met al die reorganisaties tegenwoordig kan het trouwens iedereen overkomen. Ik hoop dat ik toch nog altijd jonge vrouwen kan inspireren en tonen dat je een carrière met kinderen kunt combineren. Dat is belangrijk, want in die fase haken veel vrouwen af. Ze moeten beseffen dat het beter wordt. Mijn man, die carrière maakte bij ExxonMobil, en ik hebben wel beslist om niet naar het buitenland te gaan. Dat was een compromis om allebei carrière te kunnen maken. Je moet een beetje geluk hebben dat je partner ook mee wil en zijn deel doet."

Zakenvrouw Christina von Wackerbarth zei ooit dat vrouwen daarom intelligenter moeten zijn in hun partnerkeuze.

"Dat is waar hoor. Alleen is het een andere manier om uit te drukken wat ik als geluk benoem. De partnerkeuze is een belangrijk punt, maar het is weinig controleerbaar. Tenzij je rationeel kiest. Dan nog. Wie weet of je wel echt carrière zult maken, hoe ver die gaat en of je echtgenoot mee evolueert? Ik trouwde op mijn 26ste, tegenwoordig is dat wel later en wonen koppels eerst samen."

Monique De Knop, voorzitster van het directiecomité FOD Binnenlandse Zaken, zei dan weer dat vrouwen moeten kiezen tussen een gezin en een carrière.

"Dat vind ik niet. Ik vind het trouwens een nogal zware uitspraak van iemand die zelf geen kinderen heeft. Als je geen gezin hebt, is het moeilijk om in te schatten hoe het is om er wel een te hebben. Voor mij waren de moeilijkste jaren toen mijn kinderen tussen de nul en de vijf jaar oud waren. Op dat moment moet je zorgen voor hulp in het huishouden en bij de opvang. Zodat je geen mentale stress hebt van wat er met je kinderen gebeurt. Zelfs als mijn kinderen ziek waren, had ik opvang voorzien, want mijn familie woont nogal veraf."

Niet iedereen kan dat betalen.

"Je moet het zien als een investering, net zoals de aankoop van een huis. Dat betekent inderdaad dat je soms een aantal andere aankopen moet uitstellen. Nu is het voor veel mensen toch al gemakkelijker dan toen ik kinderen kreeg, want ze hebben vaak al een fase in hun carrière achter de rug voor ze aan kinderen beginnen. Dat maakt het ook financieel evidenter dan twintig jaar geleden."

Het schuldgevoel blijft bij sommige vrouwen wel.

"Daar moet je volwassen mee omgaan. Je moet goed beseffen dat je een keuze maakte in het leven en ervoor zorgen dat je de momenten dat je vrij bent ook echt beschikbaar bent voor je kinderen. Ik las laatst dat moeders die buitenshuis werken maar een half uur minder tijd doorbrengen met hun kinderen dan moeders die thuisblijven. Over dat half uur moet je niet wakker liggen met schuldgevoelens. Natuurlijk, huismoeders zijn meer aanwezig en kunnen misschien korter op de bal spelen dan vrouwen die minder vaak thuis zijn, maar daardoor moeten ze zich geen schuldgevoel laten aanpraten."

Kunt u dan zeggen dat u niets miste?

"Ah nee, dat kan ik niet zeggen. Ik heb zonder twijfel dingen gemist, maar dat is een keuze waarmee ik kan leven. Ik deed andere dingen en die gaven me ook plezier. Tijdens hun puberteit kreeg ik van mijn kinderen wel geregeld de opmerking dat ik er niets van wist, want dat ik toch nooit thuis was. Dat was waar, maar ik liet het over me heen gaan. Pubers zeggen altijd iets over hun moeder of vader. Ik dacht elke keer: wie weet wat zei ik vroeger allemaal tegen mijn ouders."

Hoe kijkt uw moeder naar uw carrière? Zij is wel huisvrouw.

"Ze vindt soms dat ik te hard werk en te veel reis, maar ik denk dat ze wat ik bereikte ook wel een mooi resultaat vindt. Tijdens mijn studies economie hoorde ik over een uitwisselingsprogramma met de universiteit van Chicago. Je moest ervoor door een grote selectie geraken en al een extra vakken volgens tijdens je licentie. Ik heb het gedaan, want naar Amerika gaan was zo'n droom. Het was de eerste keer dat ook vrouwen naar daar trokken. Ik denk dat ze daarvoor gewoon geen kandidaten hadden, maar ik wilde er absoluut marketing studeren. Zo ben ik daarna bij Procter & Gamble terecht gekomen. Ik ben uiteindelijk de enige van mijn familie die in zo'n baan terechtkwam."

En uw vader?

"Hij stierf in 1990, toen ik nog maar aan het begin van mijn carrière stond. Hij vond toen al dat ik het heel ver had gebracht. Soms vind ik het jammer dat hij niet kan zien waar ik nu sta. De dood van mijn vader heeft me sterk beïnvloed. Hij was zestig toen hij stierf, erg jong. Dan zie je meteen hoe relatief het leven is. Dat inzicht hielp me door die periode. Het hielp me om te beseffen dat je zelfs met een drukke baan soms nee moet zeggen. Dat je een lijn moet trekken en naar huis gaan. Als je zo hard werkt, zorg je vaak minder goed voor jezelf."

Over acht jaar hebt u de leeftijd waarop uw vader stierf. Staat u daar soms bij stil?

"Ik zou niet zeggen dat ik er bang voor was, maar vijftig jaar worden, vond ik helemaal niet leuk. Op mijn veertigste verjaardag had ik daar geen last van, maar vijftig klonk plots zo oud. Het vreselijkste is het wanneer je je gezondheid verliest. Dat kan heel snel gaan, maar ik sta voldoende realistisch in het leven. Ik blokkeer er niet door. Een paar jaar geleden heb ik wel veel nagedacht over de dood van mijn vader. Ik zocht uit wat ik echt graag doe en dat blijkt reizen. Daarom maakte ik een lijst met landen die ik wil bezoeken voor ik zestig ben. Die werk ik nu af."

Waarom wilt u dan toch per se weer aan de slag?

"Waarom niet, als ik iets tegenkom waar ik passie voor voel? Sommige mensen vragen me wel waarom ik niet volledig stop. Waarom ik geen sabbatjaar neem of waarom ik niet deeltijds ga werken. Nog te veel energie, denk ik. Mijn buikgevoel zegt ook dat ik opnieuw verantwoordelijkheid moet nemen. Opnieuw leiding geven aan een divisie of een bedrijf. Zelf een zaak starten, is niets voor mij. Ik zou de schaalgrootte missen en ik stuur te graag mensen aan. Het belangrijkste is tenslotte dat je trouw bent aan jezelf. Dat je kijkt naar de cultuur van een bedrijf en bepaalt of die bij jou past voor je er aan de slag gaat. En uiteindelijk moet je gewoon goed begrijpen wat je baas van je wil en afleveren."

Studeerde toegepaste economische wetenschappen in Leuven, MBA aan de University of Chicago en het Advanced Management Program in Harvard.

Werkte tussen 1982 en 1993 voor P&G België.

Was tussen 1993 en 1995 directeur marketing van P&G België.

Schopte het in 1995 tot marketingdirecteur West-Europa bij P&G.

Stapte in 1999 over naar Sara Lee en werder algemeen directeur koffie en thee in België.

Werd in 2004 senior vicepresident bij Sara Lee en was eerst verantwoordelijk voor de Global Brand organisatie. Sinds 2011 nam ze de markt ook buiten West-Europa voor haar rekening.

Verliet in februari Sara Lee na een reorganisatie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234