Zondag 19/01/2020

VOLK

Drie keer per week vindt u op deze plaats een routereeks. Filip Rogiers trekt door Vlaanderen, nestelt zich in een wijk in een dorp of stad, praat met en luistert naar bewoners. Niet de roddels of regionale faits divers drijven hem, maar de overtuiging dat er meer is tussen Wetstraat en Dorpsstraat.

Koeien, overal, altijd. Dat was Macharius tot ruim tien jaar geleden, toen de beestenmarkt de deuren sloot. Ze stonden overal in de straten. En op de koer van de ruim dertig cafés rond de markt. De vlaaien kwamen erbij.

"Gouwe' taad'n", gouden tijden, zeggen Georgette van café 't Landbouwershuis, en Irèneke van het naamloze café in de Ossenstraat, en wie er verder nog overgebleven is van de autochtone neringdoeners. Het gros heeft de deuren gesloten, de lege plek is ingenomen door Turkse vzw's. Van de beestenmarkt is enkel het poorthuis overeind gebleven. De stad verbouwt het tot een - wonderwoord - polyvalente zaal. Dat waren die cafés ook. Georgette bestelde de klanten, deed haar strijk in het café, zette er een brei op en kookte tussendoor voor haar eigen gezin. Nu heeft ze tijd zat. Ze leest de krant. En het volk dat er komt, wordt stilaan een bezienswaardigheid. "Ze komen straks weer voor een foto bij mij thuis", zegt een tandeloos besje. "Voor weer een of andere tentoonstelling over hoe het was."

Andere foto. Zelfde stad, zelfde wijk, zelfde kalender, en toch een heel andere tijd.

"Dat ze er in de cafés nostalgisch over doen, dat zal wel", vertelt Geert, oud-leraar. "Maar voor de bewoners was het een pest. Onverantwoord, zo'n beestenboel in de stad. Twaalf jaar geleden kocht ik hier mijn huis. Voor nog geen miljoen oude franken. Vandaag zijn de inwijkelingen, zoals ikzelf, bijna in de meerderheid. Dat gaf in het begin wel wat wrijving met de oorspronkelijke bewoners."

Zo gaat het in veel oude volkswijken die vervellen. Goedkope huisjes krijgen een nieuwe steen, parket wordt van onder het balatum gehaald. En de nieuwkomers beginnen met veel voluntarisme de wijk te 'verzoeten'. Ook Geert begon zo met een bewonersgroep. Buren samen brengen, ongeacht kleur of leeftijd. "Maar de Turkse bewoners bleven weg", zegt Geert, "en de ouderlingen bleven achter hun gordijntjes."

Een oud beluikje achter de Ossenstraat ging tegen de vlakte, er kwam een parkje, Rommelwaterpark, en de stad bood de inwoners de gelegenheid om een goedkoop stukje tuin te kopen met zicht op het park. "'Fantastisch!', dachten wij", zegt Geert. "Maar de ouderen waren ertegen. Die hoefden zo'n tuintje niet, want er zou alleen maar onveiligheid van komen. Dus wij, de nieuwkomers, kochten als eersten. En toen, een voor een, kwamen ook de oudjes van achter hun gordijnen en gingen ze zelf bij de stad vragen of het aanbod nog geldig was."

En zo maakt de tijd nieuwe buren. De oudste van de straat heeft zijn drie vierkante meters benut voor erwtjes en bonen. De Turk bouwt een veranda om ook in de winter de zon van de Turkse bergen te vangen, Mimi - "Ik woon hier sinds mijn achttiende en het is voor het eerst in mijn leven dat ik een tuintje heb" - schonk de tuin aan haar poes, Geert heeft inspiratie gezocht in de groen-wonen-in-de-stadgids.

Macharius vormt samen met Heirnis een stad in de stad. Een hart met twee kamers. Altijd Vlaams en volks geweest, later gekleurd met Afrikaanse en Turkse toetsen. Gent is hier geboren, op de samenvloeiing van Leie en Schelde. De stad investeerde jarenlang in 'sociale impulsen' en nu is de geschiedenis aan de beurt. Gent keert terug naar zijn wieg. Bulldozers graven de Nederschelde op, en de oude Sint-Baafsabdij, als een Fremdkörper in Macharius, moet opnieuw een plaats voor adoratie worden. Voor het wereldlijke, multiculturele samenleven in de stad.

Hier in Gent, in de Sint-Antoniuskerk in de Forelstraat, groeiden de kerkasielacties. De laatste zondag van de maand wordt de mis opgeluisterd door het Afrikaans koor Ensingo. Het is uit het nieuws, maar het nieuws blijft. Dinsdag 11 maart 2003: een Slowaakse moeder met kind zoekt onderdak in Macharius. In de kerk hangt een mooi gedicht aan de muur, voor ene Oumar Camara: "In de kamers van je hart / vochten vele levens met elkaar."

In het parochiehuis naast de kerk leest pastoor Marcel De Meyer de mis. Voor drie mensen. "Maar als de zwarten zingen, en de Roma-zigeuners viool spelen in de kerk, lijken het wel weer hoogdagen. Dan zit de kerk vol, zo vol als de moskee verderop. En als u mij nu wilt excuseren, ik moet mijn koffers pakken. Ik vertrek met vakantie. Naar Turkije."

In café 't Scheepken dansen de modelscheepjes op het schap achter de toog op een onzichtbare zee. Het komt door de trillingen van sloophamers en vrachtwagens. Puin ruimen. Puin van uitgeverij Het Volk. Het zal wel toeval zijn, maar twee jaar geleden doekte de KAV in de wijk zichzelf ook al op. Ook de dekenijen Macharius en Heirnis stopten ermee. Op de plek van Het Volk verrijzen straks driehonderd appartementen. Wijk zoekt nieuw volk. Onthouden indien ongenood.

Filip Rogiers

Dinsdag: Macharius-Heirnis / 2

Macharius vormt samen met Heirnis een stad in de stad, een hart met twee kamers. Altijd Vlaams en volks geweest, later gekleurd met Afrikaanse en Turkse toetsen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234