Dinsdag 25/06/2019

‘Volkstheater is geen synoniem voor ‘stukken uit de oude doos’

Als jongetje ging hij al kijken naar het volkstheater van Romain Deconinck in de Gentse Minardschouwburg en als beginnende acteur zette hij er zijn eerste carrièrestappen. Nu hij na acht jaar artistiek leiderschap Theater Malpertuis in Tielt verlaat, kan Bob De Moor (60) zich helemaal wijden aan zijn Vernieuwd Gents Volkstoneel. En keert hij definitief terug naar zijn eerste liefde.

Bob De Moor is wat je noemt een ancien in de Vlaamse theaterwereld, en dat slaat zeker niet alleen op zijn leeftijd. De 60-jarige acteur doorzwom in zijn carrière al heel wat watertjes. Hij begon als freelanceacteur bij gezelschappen als Arca, Theater Arena, de Internationale Nieuwe Scène en het Brussels Kamer Toneel. Een mijlpaal is zijn vertolking van Bernard van de Wiele in Eriek Verpales tot theaterstuk bewerkte Olivetti 82 voor Theater Malpertuis. Niet alleen wordt de voorstelling geselecteerd voor het Theaterfestival, ze vormt ook het startschot van een hele reeks monologen: Grasland en Voor u geknipt van Verpale en De Conférence, Iguanodons en De laatste hongerkunstenaar van Jo Van Damme. Al profileert De Moor zich niet alleen als acteur. Van 1994 tot 2000 staat hij als artistiek leider aan het hoofd van het Brugse Theater De Korre en vanaf 2001 maakt hij in dezelfde functie de overstap naar Theater Malpertuis in Tielt. Na acht jaar geeft hij nu de fakkel door aan Piet Arfeuille. De reden? Het geeft hem ruimte om zich helemaal te wijden aan het Vernieuwd Gents Volkstoneel, dat hij sinds 2003 leidt. “Ik keer terug naar mijn eerste liefde”, vertelt De Moor. “Het eerste toneel waar ik mee in contact kwam, was het volkstheater van Romain Deconinck in de Gentse Minardschouwburg. Dan ging ik als jongetje samen met mijn ouders kijken tijdens de Gentse Feesten. Later keerde ik er als beginnend acteur terug. Nu zet ik dus de traditie voort. Maar noem het geen nostalgie. Het Vernieuwd Gents Volkstoneel is helemaal geworteld in het hier en nu.” Het gezelschap ging van start met de monoloog De laatste hongerkunstenaar en is ondertussen al aan zijn zesde productie toe. Bovendien kan het telkens rekenen op goede acteurs als Jurgen Delnaet, Tania Van der Sanden en Daan Hugaert. Maar waar staat het “vernieuwd” in de naam juist voor? “De vernieuwing zit hem vooral in de inhoud van de stukken die we brengen”, vertelt de artistiek leider. “We hebben goede contacten met schrijvers als Jo Van Damme, Filip Vanluchene en Guido Van Meir en laten hen telkens nieuwe voorstellingen schrijven. Dat is van het allergrootste belang. Volkstheater is geen synoniem voor ‘stukken uit de oude doos’. Het volkstoneel van nu moet stukken brengen over de politieke en sociale realiteit van nu. Het moet verder durven gaan dan het brengen van typische boulevardstukken. ‘Man bedriegt vrouw, man kruipt in de kast en er ontstaat een groot misverstand’: dat interesseert ons niet.” De Moor heeft niet alleen iets met volkstoneel, hij heeft ook een sterke band met de Gentse Feesten, waarop de stukken van het Vernieuwd Gents Volkstoneel traditioneel in première gaan. In zekere zin is hij zelfs één van de peetvaders van de heropleving van het Gentse volksfeest eind jaren zestig. “Dat kwam erg toevallig”, vertelt De Moor. “Ik woonde toevallig twee huizen van Walter De Buck op het Sint-Jacobsplein en zag hem geregeld in het Trefpunt, dat toen nog een galerie was. Die eerste jaren hielp ik mee met vanalles, al herinner ik me vooral dat ik veel pils heb rondgedragen (lacht). De Gentse Feesten waren toen nog een intiem gebeuren en stonden ver af van het grote volksfeest dat ze nu zijn. Maar ik hou er nog steeds intens van. Je zult altijd kankeraars hebben die vinden dat de stad niet meer van hun is tijdens de feesten, maar ik hou van de grote verscheidenheid die de feesten bieden. Als je niet houdt van de grote massa, kun je nog altijd terecht op pleintjes of in zaaltjes voor iets intiems.”In theater Arca kun je alvast terecht voor het nieuwe stuk van het Vernieuwd Gents Volkstoneel: Uniroyal. De Moor: “Het is een stuk van Jo Van Damme over een familiebedrijf in nood. Het is gespiegeld aan een bekende familie - nee, ik zeg nog niet welke - maar dan getransponeerd naar een Gentse bandencentrale.” Begin januari 2010 staat De Moor dan weer zelf op de planken met Wees gul met uw organen van Guido Van Meir. Daarin kruipt hij in de huid van het bekende Humo-typetje Cornelius Bracke.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden