Zaterdag 11/07/2020

Volgens Monica De Coninck is het huidige betalingssysteem aan herziening toe

De ziekenhuisfinanciering als ernstig zieke patiënt

Monica De Coninck is bestuursvoorzitter van het Ziekenhuisnetwerk Antwerpen, dat drie algemene en zes gespecialiseerde ziekenhuizen in de stad groepeert. Ze schreef deze bijdrage samen met Bruno Holthof (CEO ZNA) en Dirk Ramaekers (hoofdgeneesheer ZNA).

Om rond te komen zijn ziekenhuizen genoodzaakt geld af te romen van hun artsen. Die rekenen dat inkomensverlies op hun beurt door aan de patiënt via verhoogde erelonen (zie pagina 10). Monica De Coninck roept de overheid op het delicate financieringssysteem aan te passen.

Alle ziekenhuizen te lande kampen met de nefaste effecten van een chronische onderfinanciering, zoals gisteren nog werd aangekaart door de overkoepelende ziekenhuisorganisaties (DM 12/11). Wat minder geweten is, is dat de overheid het geld waar de ziekenhuizen recht op hebben ook laattijdig uitbetaalt. Zo heeft de overheid pas onlangs de periode 1999-2001 afgerekend. De periode 2002-'08 is nog aan herziening toe en daarvoor moet nog worden bepaald op welke bedragen de ziekenhuizen recht zullen hebben. Wij van het Ziekenhuisnetwerk Antwerpen hebben bovendien tussen 2004 en 2008 een tegoed opgebouwd bij de overheid van ongeveer 35 miljoen euro. Ook dat zal pas in de volgende jaren worden uitbetaald.

Niet alleen is er dus sprake van een grondige onderfinanciering, maar ook van een zeer laattijdige uitbetaling van de toegekende overheidsgelden. Alleen, de patiënt mag daar niet de dupe van worden. Dat kan alleen door een grondige herziening van het huidige financieringsmodel.

Hoeksteen van de huidige Belgische financieringsregeling is de medische prestatie. Voor elke medische prestatie wordt door het Riziv voor elk ziekenhuis een identiek bedrag toegekend. Dat lijkt op het eerste gezicht een objectief uitgangspunt, maar het systeem heeft zijn neveneffecten. Medische prestaties worden ongelijk gefinancierd. Zo worden medische prestaties van bijvoorbeeld nier- en hartspecialisten hoog vergoed, maar die van oncologen of kinder- en jeugdpsychiaters laag. Ziekenhuizen zijn geneigd daarom in winstgevende activiteiten te investeren als hartziekten en veel minder in kinder- en jeugdpsychiatrie. Het systeem heeft ook zijn pluspunten en is bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de korte wachttijden in onze ziekenhuizen. Artsen zijn prestatiegedreven: hoe meer patiënten worden behandeld, hoe meer medische prestaties en hoe meer inkomsten voor henzelf en voor het ziekenhuis.

Toch moeten we onze ziekenhuisfinanciering durven te herdenken. Waarom? Voor het antwoord moeten we even technisch worden. Een ziekenhuis heeft twee inkomstenbronnen: enerzijds het zogenaamde budget financiële middelen (BFM), waarmee lonen voor verpleegkundigen en paramedici worden betaald alsook zaken als voeding, verwarming en logistiek, anderzijds de inkomsten uit honoraria, want artsen staan een deel van hun honoraria aan het ziekenhuis af.

Vicieuze cirkel

Het BFM wordt bepaald op basis van de zogenaamde 'verantwoorde activiteit' van twee jaar ervoor. De verantwoorde activiteit is de 'gemiddelde ligduur per ingreep' (de verantwoorde ligduur voor een normale bevalling evoleert bijvoorbeeld van vier naar drie dagen). Ligt een patiënt langer in het ziekenhuis dan door de overheid bepaald, dan krijgt het ziekenhuis daarvoor geen extra inkomsten, maar blijft het wel met de kosten zitten.

De inkomsten uit honoraria bestaan uit een percentage van de erelonen die de artsen aan het ziekenhuis afstaan. De bepaling ervan maakt deel uit van onderhandelingen tussen elke ziekenhuisdirectie en de -artsen. De ontoereikende financiering voert de druk op de artsen op. Zij zien als gevolg daarvan geen andere uitweg dan via hogere honorariasupplementen de rekening naar de patiënt door te schuiven.

Een vicieuze cirkel heet dat. De overheid kan die doorbreken door aangepaste financieringsmodellen uit te testen. Om de voor- en nadelen en de haalbaarheid van zulke alternatieve financieringssystemen in België te onderzoeken, hebben we in 2007 een studievoorstel ingediend bij het Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg, dat momenteel deze studie uitvoert. Een van de voorbeelden van zo'n alternatieve financiering is de zogenaamde 'diagnose-behandelcombinatie'. In een dergelijk systeem worden alle kosten die gepaard gaan met een bepaalde ingreep gebundeld: van de anesthesist en de chirurg over de medische beeldvorming tot en met het verblijf en alle bijbehorende diensten. Zo ontstaat per diagnose een op feiten gebaseerd budget dat het ziekenhuis vooraf kent. Dit systeem is zowel transparant voor de patiënt als voor de overheid. Ziekenhuizen kunnen op basis daarvan concrete contracten afsluiten, zowel met de mutualiteiten en verzekeringsinstellingen als met de betrokken patiënten.

Het gaat dus eigenlijk om een soort sleutel-op-de-deurcontract tussen alle betrokken partijen (patiënt, artsen, ziekenhuizen en ziekenfondsen) waarin precies en vooraf wordt omschreven en bepaald hoeveel een ingreep all inclusive kost. Dat moet het huidige systeem met zijn schier eindeloze rij onderzoeken aan banden leggen.

Ook pleiten we voor een billijke vergoeding voor specifieke taken als research, opleiding van geneesheren-specialisten en de opvang van sociaal zwakkere patiënten. Sociaal zwakkere patiënten brengen meer kosten met zich mee, doordat zij langer in het ziekenhuis verblijven omwille van hun kansarme omgeving. In de Brusselse OCMW-ziekenhuizen past het Brussels Gewest daarvoor 10 miljoen euro per jaar bij. We hebben bij de federale overheid een voorstel ingediend om voor deze patiëntengroep een objectieve bijkomende financiering te verkrijgen.

Een grondige herziening van de ziekenhuisfinanciering die op voorhand vastligt en rekening houdt met zowel de medische als sociale factoren die de prijs van de behandeling bepalen, is het enige antwoord op de chronische onderfinanciering en laattijdige uitbetaling van de overheidsmiddelen aan de ziekenhuizen. Zo niet, wordt de patiënt de dupe.

Een financiering die op voorhand vastligt en rekening houdt met zowel medische als sociale factoren, is het enige antwoord op de chronische onderfinanciering en laattijdige uitbetaling aan de ziekenhuizen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234