Vrijdag 26/02/2021

'Voetballers leven in een ivoren toren'

102 profvoetballers en 5 trainers spreken zich in enquête uit over clubbeleid, omkoping, racisme en doping

Brussel.

Eigen berichtgeving

Onder de noemer 'Alles kan beter' voerde het weekblad Voetbal Magazine de voorbije maanden een enquête uit bij profvoetballers en trainers in de hoogste afdeling. Deze week publiceert het voetbalblad het eerste deel van de resultaten, waarbij hete hangijzers zoals het clubbeleid, omkoping, doping en racisme in het voetbal aan bod komen. Overigens stuurden 102 profs het formulier in, van de 18 trainers slechts 5. Patrick Orlans, manager van Eendracht Aalst, neemt de resultaten liever met een korreltje zout. Hij kent zijn pappenheimers wel, zegt hij, en de praktijk leerde hem dat veel voetballers enquêtes niet au sérieux nemen. "Het is zoals bij de verkiezingen: ze maken maar een bolletje zwart. Echt diepzinnig is dat allemaal niet."

Neem nu de kritiek op het beleid, aldus Orlans. 45 procent van de profs meent dat hun clubs niet goed geleid worden en 54 procent oordeelt dat hun clubs niet voldoende mee evolueerden met de golf van professionalisme. "Trainers en spelers zijn erg slecht geplaatst om zich daarover uit te spreken", vindt Orlans. "Zij stellen het clubbelang nooit boven hun eigen belang, alles staat in het teken van a few dollars more. Ze weten bovendien niet hoe een club in mekaar steekt of laten zich niet informeren. Wat zij denken, staat vaak in contrast met de economische realiteit." Nochtans, zo leert de enquête nog, is liefst 83 procent bekommerd om de uitstraling van zijn club en 85 procent zegt dat hij clubliefde heeft.

Wat verder is 85 procent het ermee eens dat de Belgische clubs terrein verliezen tegenover het buitenland, en dát, zo menen ze, is vooral te wijten aan een gebrek aan geld (92 pct.), beleid (59 pct.) en professionalisme (58 pct.). Orlans: "Professionalisme, dat hebben ze deels zelf in de hand. Je leest vaak dat voetballers een of twee keer in de week op stap gaan. Is dat een prof? En als je hen niet verplicht om in het clubkostuum aan te treden, dagen ze gewoon in jeans op. Op het laatste eetfestijn was welgeteld één speler van de partij. En op de day of the profs was amper 10 procent van de spelers aanwezig. Ze hechten daar gewoon geen enkele waarde aan. Dat we financieel niet meekunnen, is niet nieuw. In België verdelen de clubs 240 miljoen frank aan tv-rechten, in Nederland is dat viermaal zoveel. Dat proces zal niet makkelijk om te keren zijn, al staat er een nieuwe generatie van clubleiders op die het anders wil aanpakken. We moeten niet wanhopen."

De spelers vinden dat er nog een en ander beter kan, zoals de merchandising (51 pct.) en de commerciële uitbating (52 pct.). In het onderdeel 'infrastructuur' geven die spelers ook aan dat de clubs onvoldoende investeren in de accommodatie (39 pct.). "Qua merchandising hebben we die cultuur niet", verdedigt Orlans zich. "Wij hebben geen 60.000 mensen die een Rode Duivel-shirt kopen, zoals bij onze noorderburen. En dat siert ons misschien wel. Wij zijn ook geen Manchester United dat in de nabije omgeving 3 miljoen inwoners heeft als mogelijke afzetmarkt, in Aalst zit je met 80.000 inwoners. Je kan commercieel denken en proberen, maar je moet realistisch blijven. Wat voor zin heeft het een container vol pulls van Hongkong te laten overkomen als je er maar 200 kan verkopen? Op jaarbasis kunnen wij geen 1,5 miljard frank verdienen zoals Man U. Wat accommodatie betreft, vormt geldgebrek de essentie van de zaak. Vele clubs hebben bovendien 50 jaar lang niets aan het profvoetbal gedaan, er werd geen strategie uitgebouwd. Sommigen hebben nu wel 250 miljoen van de overheid gekregen, maar wij hebben de voorbije zeven jaar 200 miljoen uit eigen zak betaald. Als dat wat tegenvalt, stapel je zo schulden op."

De aangezochte spelers (62 pct.) en trainers (80 pct.) vinden trouwens dat zij inspraak zouden moeten krijgen in het beleid. Ook daar heeft Orlans zo zijn bedenkingen bij: "In elke club kunnen spelers via de spelersraad hun hartje luchten. En soms consulteren wij hen ook, dan kunnen ze advies geven. Maar wat kunnen gasten van 18 à 25 ons vertellen? Er waren eens bijeenkomsten gepland met Sporta (een sportersvakbond, VH) over betalingen. De eerste keer waren er 25 bij, de tweede keer 2 en daarna niemand meer."

Ook andere thema's komen aan bod in de enquête, zoals omkoping, racisme en doping. 15 procent geeft aan al geconfronteerd te zijn met een omkooppoging en zegt weet te hebben van een netwerk, liefst 62 procent zegt dat omkoping bestaat in het Belgische profvoetbal. Orlans, die met Aalst aan den lijve ondervond wat het betekent in een omkoopaffaire genoemd te worden, denkt dat die cijfers iets te hoog liggen: "In de wandelgangen wordt er voor 80 procent over gepraat. In 10 procent van de gevallen is omkoping aanwezig, en daarvan wordt maar 10 procent toegepast in een wedstrijd. Maar ik herhaal: in alle vormen van de maatschappij waarmee geld mee is gemoeid, tref je corruptie aan. Alleen worden er nogal wat indianenverhalen over verteld die alle verbeelding tarten. Dat heb ik zelf ondervonden."

De percentages over racisme bestrijdt Orlans dan weer niet. Volgens de profs en trainers bestaat er nog steeds racisme tegenover zwarte spelers vanwege de collega's (24 pct.) en het publiek (68 pct.). "Voetbal is een spiegel van de maatschappij", argumenteert hij. "Als je ziet hoeveel mensen op het Vlaams Blok stemmen, dan zal je dat wel bij de voetballers aantreffen ook. Bij het publiek zal de factor massahysterie gedeeltelijk meespelen. Een supporter die bijvoorbeeld niets wil vernietigen, zal dat in groep misschien wel doen." Doping dan. 12 procent werd er al mee geconfronteerd, 19 procent zegt er weet van te hebben. Orlans: "In het voetbalmilieu is daar weinig sprake van."

Tot slot willen de spelers, allicht uit eigenbelang, het aantal clubs in de hoogste afdeling niet verminderd zien (circa 75 pct.), vinden ze de Nissan Cup overbodig (75 pct.) en denken ze dat hun club de voorkeur geeft aan resultaat boven het vertoonde spel (78 pct.). Orlans lacht: "Een egoïstische zienswijze, hé. Dat geeft aan wat voor verwende werknemers voetballers zijn. Ze leven in een ivoren toren, vreemd voor wat rond hen gebeurt. Per jaar moeten ze maar zo'n vier wedstrijden spelen voor de Nissan Cup. Het is dat of een dag trainen. Een wedstrijd levert hen 200 à 300.000 frank op. Dat getuigt van weinig ernst. En dat resultaat primeert... tja, wie goed voetbalt, bepaalt meestal het resultaat."

Weinig verrassend allicht is nog de vaststelling dat alle trainers vinden dat ze te snel ontslagen worden. Logisch, vindt Orlans. "Dat hoort bij les risques du métier. Nu, als een trainer ontslagen wordt, ervaart hij dat doorgaans als een verlossing. Bij een probleemsituatie is ontslag meestal de enige uitweg. Men zegt: als je een contract tekent, teken je tegelijk je ontslagbrief. Geen enkele club wenst iemand te ontslaan: het kost geld en het houdt een risico in. Maar de druk wordt vaak te groot. Als een trainer wordt aangesteld, eist hij meestal verantwoordelijkheden op. Wel, als het slecht gaat, wordt hij daarop getaxeerd."

Valerie Hardie

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234