Woensdag 16/06/2021

'Voelen hoe je de zaal doet leven. Het is bijna erotiek'

Bart Moeyaert en Erwin Mortier zijn bondgenoten onder schrijvers, zielsverwanten op papier. De een knikt instemmend als de ander wat zegt. Ze lachen om dezelfde grappen en vullen elkaars zinnen aan. Voor alle duidelijkheid: Moeyaert en Mortier zijn geen geliefden. Wel schrijvers met eenzelfde en zeldzame gave: het vermogen om in het kleine verhaal een hele wereld te laten galmen. door Fien Sabbe

Erwin Mortier

Alle dagen samen

De Bezige Bij, Amsterdam, 95 p., 14,50 euro.

Bart Moeyaert

Dani Bennoni (lang zal hij leven)

Querido, Amsterdam, 88 p., 11,50 euro.

Mortier: "Die kleinheid is een bewuste keuze. Dat geldt ook voor mijn jongste boek Alle dagen samen. In een miniem bestek van nog geen honderd bladzijden probeer ik zoveel tijd en stemmen te stoppen dat het boek in het hoofd van de lezer als het ware openklapt en dat er boven de keukentegel waarop het verhaal zich afspeelt een heel uitspansel ontstaat."

Moeyaert: "Veel hangt af van de vertelstem die je vindt. Tot hiertoe is het mij nog niet overkomen dat ik een breedsprakige vrouw van 45 wilde portretteren, of dat die zich als personage aan me opdrong. In Dani Bennoni (lang zal hij leven) bepaalt Bing, een jongen van 10, wat er op papier komt. Wat Bing wil, dat is mijn focus. En alles wat zich daarbuiten afspeelt, zie ik niet. Wil ik ook niet zien, want ik ben geen schrijver die er van alles bijgooit om het verhaal voor de lezer toch maar duidelijk te maken."

Mortier: "Dat klopt. Mensen hebben de indruk dat je volledig samenvalt met de schrijver in jezelf. Maar dat is niet zo. Het gaat om die vertelstem. En leren schrijven is gewoon het leren respecteren en volgen van die stem."

Is schrijven dan niet altijd een bewuste bezigheid?

Mortier: "Neen, er is heel veel dat met je meeschrijft. En daar kun je als schrijver niet aan, dat leidt een eigen leven. Het bewuste deel van jezelf, dat toekijkt wat er geschreven wordt, heeft meer een bemiddelende functie en staat tussen het verhaal dat je graag wil schrijven en dat - misschien zelfs totaal andere - verhaal dat geschreven moet worden. Goede schrijvers zijn in staat het eigen verhaal los te laten."

Moeyaert: "Als schrijver denk je weleens: laat ik dit thema of deze symbolische plaats van actie even toevoegen. Maar zo werkt het niet. Dat is verzinnen in bad en dat wordt verward met schrijven. Schrijven is iets aanboren wat plots bovenkomt. En het komt maar als je loslaat. Dat gaat weleens onder invloed van een glas wijn te veel en net iets te diep in de nacht, op een veel te eenzaam moment. Maar daarin schuilt het plezier van het schrijven, een plezier dat ook duivels kan zijn."

Mortier: "Er is inderdaad een kant aan schrijven waar je in een gesprek snel over kunt beginnen en waar je ook vlot over kunt praten. Het gaat dan om de dingen die bij elke schrijver in het kruidenrekje staan: narratieve strategieën, stilistiek, metaforiek. Maar mij geeft dat altijd het gevoel dat ik maar de helft heb kunnen zeggen. Dat maakt niet het genot uit van schrijven, dat is het genoegen van schrijven. Het genot wordt gevoed door een veel complexer verlangen, dat vaak diabolisch kan zijn, dat het karakter kan hebben van pijn.

"Zo is Mijn tweede huid echt een gevecht geweest. Ik heb een jaar met dat boek gesukkeld. Omdat ik wilde dat het anders zou zijn dan wat het geworden is. Het vlotte niet. Ik werd er ziek van. Uiteindelijk heb ik toegegeven en het boek in bijna een maand tijd helemaal omgegooid. De laatste drie hoofdstukken zijn er in drie dagen uitgespoten. Ik had 39 graden koorts. Sindsdien ben ik opgehouden met zelf te willen."

Dani Bennoni was een moeilijke bevalling. Had dat niet kunnen loslaten er ook wat mee te maken?

Moeyaert: "Ik ben altijd van plan geweest een boek over mijn moeder te schrijven. Over mijn moeder die is opgegroeid op een kasteel in Oostkamp als dochter van een hoofddienstmeid. En daar begint het al: de alwetende schrijver heeft besloten een boek te schrijven over zijn moeder. Dat kan een mooie gedachte zijn, of iets wat ik heel graag zou willen, maar dat betekent nog niet dat ik dat ook kan. Ten eerste zit mijn moeder in de weg. Zolang ze leeft, kan ik haar niet als romanfiguur laten opdraven. Ik zou haar moeten veranderen en dat zou ze niet fijn vinden. Ten tweede heb je het als schrijver niet voor het zeggen. Uiteindelijk heb ik het idee inderdaad losgelaten. En wat blijkt, op nog geen honderd meter van dat kasteel duikt Bing op, een tengere jongen, in de voetbalkleren van zijn broer. Dat uitgerekend ik met een voetbalveld moet aankomen! Nooit ben ik met voetbal bezig geweest.

"Na maanden kom je erachter dat je misschien een boek wilde schrijven over man worden en dat niet goed durven, over het vinden van je seksualiteit als volwassene, maar ook als kind, over afscheid nemen van het jongetje dat je zo graag was. Vandaar wellicht ook het verdriet bij het schrijven, levensverdriet noem ik het. Om maar te zeggen, het zijn complexe dingen waar je in de eenvoud van dat boek mee bezig bent."

Als schrijven grote emoties naar boven brengt en je fysiek zo aantast, is het dan belangrijk dat je goed omgeven bent, liefst door mensen die weten wat er aan de hand of aan de gang is?

Moeyaert: "Zeker. Vroeger had ik geen vangnet, geen partner die me daarvoor de ruimte liet. Nu is dat wel zo, en vind ik dat loslaten-met-alle-gevolgen-van-dien minder erg."

Mortier: "In periodes van dat wilde schrijven kan het simpelweg erg geruststellend zijn dat er iemand in de buurt is die met zijn aanwezigheid een zekere regelmaat vertegenwoordigt. Iemand die elke dag om zeven uur gaat sporten, dan thuis is en op de bank ligt. Voor mij moet niet elke avond beklonken worden met een goed gesprek. Gewoon bij mekaar liggen is al goed."

Moeyaert: "Voor mij mag het nog simpeler: iemand die me laat doen en de indruk geeft dat ik goed bezig ben. Meer moet dat niet zijn."

Mortier: "Iemand die gewoon kan zeggen: gaat het weer hard?"

Moeyaert: "Oeioei, nee. Bij mij moet je er niet over babbelen."

Mortier: "Ik kan zo weleens zeggen op een ochtend aan het ontbijt: ik denk dat ik weer zwanger ben. (luide lach) En dan is het van: o nee, krijgt ge 't weer. Ook de mensen die het dichtst bij me staan, merken het als ik zwanger ben, en weten dus ook dat ik over x aantal maanden weer een postnatale heb. Als het op die manier in je leven zit ingebed, is het oké. Als je een partner hebt die zich daar druk over maakt..."

Moeyaert: "... dan merk je dat ook in je proza. Als je je emotie op elk moment moet kanaliseren en doen alsof je begrepen wordt, dan zit dat ook in je boeken. Personages die niet reageren of dingen maar half durven te zeggen. Of wel reageren, zoals in Blote handen, maar met zoveel donker errond dat het bijna geen lucht krijgt."

Is het moment van het manuscript uit handen geven, niet heel erg triest? Omdat je beseft dat je boek weldra te grabbel komt te liggen van de lezer die het nooit kan lezen zoals jij het bij het schrijven hebt doorgemaakt?

Moeyaert: "Afgeven is geen triest moment. Maar weten dat een lezer nooit zal lezen wat je zelf geschreven hebt, dat is - zeg maar - immens treurig. Vandaar dat het zo fijn is als blijkt dat iemand toch begrepen heeft waar het om gaat. Dat iemand het boek heeft gelezen en niet het boek dat hij zelf graag had willen lezen."

Mortier: "Het geeft weleens aanleiding tot paradoxale situaties. Dat je lovende recensies krijgt die er kilometers ver naast zitten, bijvoorbeeld. Of dat mensen je boek slecht vinden om dezelfde reden waarom jij het goed vindt. Maar eigenlijk is dat allemaal - ik noem dat - 'rumoer aan de horizon'. Het valt me zelfs met de jaren zwaarder om naar buiten te komen. Er zit een kant in mij die heel erg onzichtbaar wil blijven. Het is een conflictueuze situatie waar ik maar moeizaam een middenweg in vind."

Maar je wilt toch wel gelezen worden?

Mortier: "(lange stilte) Ik weet het niet. Ik was al lang aan het schrijven voor Marcel er kwam. En ik stel me weleens voor dat er een moment komt dat niemand mijn werk nog belieft en dat mijn literaire arbeid dan gewoon zoals voorheen onzichtbaar verdergaat. Het is natuurlijk prettig als mensen komen vertellen hoe mooi ze het boek wel vinden of hoe diep het hen geraakt heeft. Dan zeg ik ook altijd heel gemeend: dank u. Maar het staat zo los van de beleving van het schrijven. Ik ben wat dat betreft echt 'nen Oost-Vlaamsen boer'. Ik moet mezelf met klompen en al uit de modder trekken. Maar als ik dan buiten kom, voor een lezing bijvoorbeeld, maak ik wel interessante dingen mee."

Hoe onleefbaar word je als je - omdat je agenda het niet toelaat - een tijdlang niet hebt kunnen schrijven?

Moeyaert: "Dan ben ik een oude mopperende man, dat is verschrikkelijk. En dat heeft te maken met het feit dat ik te veel heb gepraat, te veel op een snelle manier heb gecommuniceerd, te veel laatjes tegelijk heb opengetrokken. Dan moet ik dringend terug naar de stilte in mijn hoofd. Naar mijn bureau waar ik alleen met dat ene verhaal bezig kan zijn. Toch heb ik het nodig om op een podium te staan. Ik heb als kind veel gezongen en toneel gespeeld. Maar als schrijver heb ik die behoefte lange tijd verdrongen. Een bakker moet bakken, een schrijver moet schrijven, zo zijn we opgevoed. Pas een jaar of zeven geleden heb ik aan de roep van het podium toegegeven, tijdens een reeks Geletterde Mensen met Joke van Leeuwen. Daar heb ik aan den lijve ondervonden wat er nooit met je gebeurt als je alleen maar schrijver bent. Geen applaus, geen gestreel, geen 'shit ik ben de mist ingegaan'. Het leert je ontzettend veel bij, vooral dat je moet doen wat je gelukkig maakt."

Mortier: "Voor de tournee met Geletterde Mensen (vorig jaar, samen met Bart Moeyaert en Adriaan Van Dis, FS) had ik eerst toegezegd, maar daarna kwam de Oost-Vlaamse boer in mij naar boven en dacht: o nee, twaalf dagen, ik ga niet kunnen schrijven. Maar eens bezig ontdek je dat dit dé kans is om de tekst te brengen met de stem van de schrijver. En dat is een ongelofelijke, bijna beroezende ervaring: voelen hoe die stem uit je opstijgt en de zaal doet leven. Al je zintuigen staan op scherp. Het is bijna erotiek. (Bart gniffelt, maar knikt)"

Jullie zijn jonge schrijvers, maar met toch al een flinke weg achter je. Wat is de rijkdom geweest van de voorbije jaren?

Mortier: "Ouder worden is kunnen loslaten. Als jonge gast zit je voortdurend je eigen leven als een pot confituur tegen het licht te houden. Zo van: het smaakt wel naar aardbeien, maar zitten er ook in? Ik ben toch blij dat het gemier, die onzekerheid van een twintiger grotendeels van mij af is gesleten. Ik merk op mijn leeftijd twee soorten mensen: de grijpers, die bang zijn om te verliezen wat ze hebben, die angstvallig vasthouden en in de problemen geraken. En de anderen die kunnen loslaten, die zeggen de zon schijnt vandaag, fijn, schijnt ze niet, ook goed. En die de mooie dingen niet vastgrijpen maar omarmen."

Moeyaert: "Mocht ik in jaren terug kunnen gaan, ik zou waarschijnlijk opnieuw hetzelfde doen. Het enige wat ik zou bijsturen zijn mijn referentiekaders. Ik zou willen dat er mensen waren geweest die mij andere dingen hadden gezegd, die mij vooruit hadden geholpen in plaats van ter plekke als een kasplantje te willen beschermen. Ik heb me veel te lang vragen gesteld. Door gebrek aan een gezond decor, kon ik nooit inschatten of ik wel goed bezig was. Vier jaar geleden heb ik blijkbaar een knop omgezet en wist ik: zo ga ik het doen. Zo en niet anders."

Mortier: "Ja, dat gevoel had ik bij het lezen van je boeken ook heel sterk. Er zat een zekere beklemming in. En na Het is de liefde die we niet begrijpen wist ik dat je er een paar mensen had uitgestampt."

Zou het kunnen dat schrijven een beter mens van je maakt?

Mortier: "Niet in de morele zin. Maar ik zou heel zeker nog een erger geval zijn, mocht ik niet kunnen schrijven. In die zin is het toch wel een humanitaire daad. (grote hilariteit)"

Moeyaert: "We schrijven om genietbaar te blijven."

Erwin Mortier: 'Ik kan zo weleens zeggen op een ochtend aan het ontbijt: ik denk dat ik weer zwanger ben. (luide lach) En dan is het van: o nee, krijgt ge 't weer'Bart Moeyaert: 'Het is zo fijn als blijkt dat iemand toch begrepen heeft waar het om gaat. Dat iemand het boek heeft gelezen en niet het boek dat hij zelf graag had willen lezen'

Bart Moeyaert wordt geïnterviewd door 'Knack'-journaliste Anna Luyten op maandag 1 november om 11 uur in Retorica. Chantal Pattyn interviewt Erwin Mortier en Stefan Hertmans op donderdag 4 november om 18.30 uur in Architectura Links. Bart Moeyaert & Erwin Mortier zijn ook te gast op 'Behouden Begeerte' op zondag 31 oktober in deSingel in Antwerpen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234