Zaterdag 29/01/2022

ReizenDe reis van mijn leven

Vlinders in de grauwste stad van Rusland: Sasha Van der Speeten over de reis van zijn leven

Van links naar rechts: Yaroslav, Xenia, Tanya, Alik, Svetlana, Sasha en Sveta. Beeld rv
Van links naar rechts: Yaroslav, Xenia, Tanya, Alik, Svetlana, Sasha en Sveta.Beeld rv

In september 1999 trok muziekjournalist Sasha Van der Speeten naar de Russische stad Kazan met een halfbakken idee voor een documentaire. In werkelijkheid ging hij op zoek naar zijn Russische roots. Niet verwonderlijk zat er een Russische schone in het spel.

Sasha Van Der Speeten

De jonge militair heette Alexander en zat in ons compartiment in de nachttrein van Moskou naar Kazan. Hij sprak slecht Engels dus Sveta trad op als tolk. In Rusland is ‘Sasha’ een koosnaampje voor wie Alexander heet. We hadden dus dezelfde naam. Ik hoopte dat dat het ijs zou breken. Alexander vond het intrigerend dat een Belg met een Russische voornaam naar een grauwe industriestad als Kazan reisde. Waarom in godsnaam? Zelf werkte hij bij de douane aan de grens met China en voerde hij zijn nationale trots hoog in het vaandel. Hij wilde me testen. Ik bezocht Rusland op een dramatisch hoogtepunt van het Kosovo-conflict. Een week voordien had de NAVO Servische doelwitten gebombardeerd als reactie op de etnische zuiveringen onder Slobodan Milošević, die de steun van Rusland kreeg. Het lag er erg gevoelig. Bij mijn bezoek aan Kazan kreeg ik de vraag vaak voor de voeten gegooid: willen Europa en de VS soms een oorlog met Rusland? Vlak voor onze treinreis had ik Sveta in een Moskouse bar over mijn bezorgdheid verteld. Ze vertaalde mijn schoorvoetende antwoorden met de liefste glimlach voor Alexander. Iets over “de diplomatie zijn gang laten gaan” en dat “niemand een oorlog wil, toch?”

Het stadscentrum van Kazan. Beeld rv
Het stadscentrum van Kazan.Beeld rv

Een uurtje later dronken we samen fruitthee in onze coupé en lachten we om de plastische chirurgie van Michael Jackson. Alexander wilde alles weten over de communautaire perikelen in België, gek genoeg. Hij vroeg me of ik trots was op mijn Slavische wortels. En waarom ik de Russische taal niet machtig was. Hij vertelde dat hij binnenkort wilde trouwen met zijn vriendin en vroeg of ik ooit wilde trouwen. ’s Ochtends, toen de trein het station van Kazan binnen denderde, scheurde hij het koperen embleempje van zijn kepi en gaf het aan mij. “Jij gaat mij nooit vergeten.”

Een lift voor Spielberg

Mijn kinder- en tienerjaren waren van Rusland doordrongen. Mijn grootmoeder, Dusja Sadoroschnaja, was Oekraïens. Haar familie had zich over de Russische federatie verspreid, van Moskou tot Siberië. Zelf had ze mijn Oost-Vlaamse grootvader aan het einde van de Tweede Wereldoorlog leren kennen in een Berlijns gevangenenkamp. Hij genoot er als Vlaamse gevangene meer privileges dan Joden en Oekraïeners. Dus kon hij de Oekraïense op wie hij verliefd was geworden af en toe eens bezoeken. Haar snoep geven. Een praatje slaan. Bij de bevrijding regelde hij een vals paspoort voor haar en smokkelde hij haar naar België waar ze trouwden.

Sveta en Alik liften. Beeld rv
Sveta en Alik liften.Beeld rv

Geen wonder dat de Russische cultuur aan de wanden kleefde van het huis waar mijn vader opgroeide. Soms kregen we bezoek van familie uit Rusland: tantes en achternichten die ik amper kende. Het besef dat die Russische wortels dieper verankerd lagen dan ik vermoedde, ontwaakte pas toen ik als prille twintiger via vrienden een delegatie Russische uitwisselingsstudenten uit Kazan leerde kennen die les volgden aan de KU Leuven. Eén van hen was Svetlana, een goedlachse sociologiestudente die ik op sleeptouw nam door Leuven. Met alle gevolgen vandien.

“Kom je me eens bezoeken in Kazan?”, had ze gevraagd na twee weken die voorbij waren geraasd. Ik voelde er wel wat voor. Bovendien zocht ik al even naar een onderwerp voor een documentairefilm die ik als student aan het RITCS in Brussel wilde maken. Het leek een fantastisch excuus. Een maand in Kazan wonen. Om er mijn leeftijdsgenoten met een camera te volgen in hun dagdagelijkse leven. Om mijn verloren gewaande roots te zoeken. Om Sveta terug te zien.

Alik, de gastvrije jonge dokter. Beeld rv
Alik, de gastvrije jonge dokter.Beeld rv

In september ’99 verbleef ik een viertal weken aan Sibirsky Trakt, een van de grote grijzige boulevards van Kazan, bij Alik, een jonge arts die ik via Sveta had leren kennen. Hij zou een van mijn personages worden in een documentairefilm die uiteindelijk nooit deftig zou worden afgewerkt. Naast Alik was er Yaroslav, de lichtjes cynische presentator van een ochtendmagazine van het enige televisiestation dat Kazan rijk was. Tatyana, Tanya voor de vrienden, was de arty socialite met een job aan de universiteit van Kazan. Ze droomde ervan naar het kosmopolitischer Moskou te ontsnappen, een gesofisticeerder leven tegemoet. De Joodse Xenia, Yaroslavs vrouw, leek de enige van de kliek die een duidelijk uitgestippeld pad volgde. Ze hoopte op een job in de medische sector zoals haar vader, het hoofd van een bedrijf dat prothesen fabriceerde.

Sveta en haar vriendin Alsu. Beeld rv
Sveta en haar vriendin Alsu.Beeld rv

En dan was er Sveta. Het happy-go-lucky-meisje dat haar immer sluimerende melancholie versluierde met ongebreideld optimisme. Zonder haar zou ik Kazan nooit hebben leren begrijpen. Ze vergezelde me wanneer ik de stad doorkruiste. Soms in de dikke, aftandse stadsbussen die over het kapotte wegdek hobbelden. Vaak al liftend, de snelste manier om die gigantische, hermetische stad door te komen. Niet altijd even veilig, trouwens. Zeker als je een meisje bent. “Sommige studentes kunnen hun lift niet betalen en bieden dan maar hun lichaam aan”, zo had Sveta me verteld. Je wist bovendien nooit bij wie je terechtkwam in zo’n auto. In ons geval pikten onguur ogende maffiosi ons op die er geen graten in zagen hun banden met de Russische cosa nostra toe te geven. Of een stelletje skinheads dat mij via de achteruitkijkspiegel argwanend in de gaten hield en via Sveta naar mijn mening over Kosovo vroeg. Tot ze hoorden dat ik een film kwam opnemen in hun stad. “Zoals Spielberg?”, sprak de chauffeur met blinkende ogen. “Wauw! Ik kan later zeggen dat ik de toekomstige Spielberg een lift heb gegeven!” Onnodig te vermelden dat we op onze lip moesten bijten om niet in lachen uit te barsten.

Poesjkin

Dankzij mijn Russische vrienden keerde ik het Kazan van rond de milleniumwissel op een unieke manier binnenstebuiten. Wellicht kreeg geen enkele toerist zo’n eigenzinnige inkijk in de Tataarse hoofdstad. Wat zouden toeristen anno 1999 überhaupt in Kazan komen doen? Een stad met op het eerste oog alleen grimmige flatgebouwen en fabrieken? Xenia liet mij weliswaar een pittoreskere laag van de stad zien toen ze me er in het kremlin rondleidde: een sprookjesachtig ministadje omgeven door hagelwitte muren, vol prachtige kerkjes en minaretten die de Tataarse moslimcultuur in vol ornaat lieten schitteren. Ze vertelde me over de moeilijke relatie die jonge, moderne Russen hadden met die Arabische invloeden, evenals met de oude Tataarse cultuur en de Tataarse taal die nog door het oudste deel van de bevolking werd gesproken, in downtown-Kazan.

Aan het ‘kremlin’ van Kazan.
 Beeld rv
Aan het ‘kremlin’ van Kazan.Beeld rv

Uptown-Kazan had snel lucht gekregen van mijn komst. Het gerucht dat er een Europeaan met een camera door de stad liep, ging de universiteitscampus rond als een lopend vuurtje, zeker nadat de lokale televisie aandrong op een interview met yours truly. Er kwam een eenmalig gastcollege in de vakgroep sociologie aan de universiteit van Kazan van, zowaar. Ik mocht er half improviserend orakelen over het verschil tussen de Russische en de Europese media. De vragenronde achteraf beperkte zich evenwel tot “Wat vind je van de Russische vrouwen?” en “Ben je al getrouwd?”

Alik troonde me mee naar zijn ziekenhuis waar de directie me bizar genoeg een vrijgeleide gaf. Ik filmde in het operatiekwartier, halfverbijsterd, terwijl Alik een vrouw met hodgkin opereerde. Aan de directrice moest ik beloven de beelden niet voor propagandadoeleinden te gebruiken. Euh… oké dan. Van de doktersassistente die in een hoekje stilletjes achter een computer had zitten werken, kreeg ik achteraf een dichtbundel van Poesjkin cadeau. Ze durfde het boekje niet zelf te overhandigen want ze schaamde zich voor haar gebrekkige Engels, zo vertelde Sveta me later.

In tegenstelling tot haar generatiegenoten kwam het niet bij Sveta op om aan haar schijnbaar fantasieloze stad te willen ontsnappen. Ook al deelde ze een minuscuul éénkamerflatje met een vriendin en moest ze na haar universiteitsuren keihard werken als barvrouw om rond te komen. In tegenstelling tot Alik, die ervan droomde een dokterspraktijk te beginnen in Sint-Petersburg, of haar collega-studenten die het liefst naar het buitenland wilden verkassen om er carrière te maken, bleef Sveta verknocht aan Kazan. “The streets are broken, the river’s dirty, but they are my streets and it is my river”, zo vertelde ze me op een avond, “I love them”. Hoe zou ze ooit haar bakermat kunnen verlaten om elders een leven op te bouwen? Ze wilde gerust in het enorme Rusland rondreizen, maar een nieuw leven beginnen in het buitenland? Hoe kon je zomaar je wortels afsnijden, vroeg ze zich luidop af. “Maybe I’m weak”, zo zei ze die avond mijmerend. Toen wist ik dat ik alleen naar België zou terugkeren.

Een flyer voor een feestje. Beeld rv
Een flyer voor een feestje.Beeld rv

Onze vriendschap vierden we hoe dan ook tot in de vroege uren. Zoals die ene keer in een van de populairste clubs van Kazan, waar de vriendenkliek me mee naartoe had gesleept. Na een aantal glazen schraal Russisch bier en wat jenever belandde ik beneveld op de tweede verdieping van de club in een VIP-ruimte waar twee kolossale gangstertiepjes mij bij de schouder grepen en mij geamuseerd trakteerden op een aantal rondjes yorsh, een traditioneel-Russische biercocktail waarin bier en vodka met elkaar vervloeien. “You from Europe, we mafia,” grijnsde een van die gorilla’s, “you drink yorsh with mafia”. Welke levensgenieter durft zo’n eloquent geformuleerd aanbod afslaan? Het eindigde ergens op de stoep, horizontaal, en met een kater die drie dagen zou duren. Zij het met een hopelijk levenslange bescherming van de lokale Don Corleone als bonus. Gok ik.

Kazan is een grauwe, grijze stad. Beeld rv
Kazan is een grauwe, grijze stad.Beeld rv

Een Rus is stug, wordt wel eens gezegd, maar eenmaal je door zijn ruwe bolster breekt, gaat hij voor je door het vuur. Ik kan lyrisch worden wanneer ik terugdenk aan de verregaande gastvrijheid en het onvoorwaardelijke vertrouwen die vijf mensen mij schonken, een maand lang. Ze nodigden me uit in hun huizen. We aten samen, praatten samen, filosofeerden, dronken liters vodka, we dansten en zongen samen, avond na avond. In een datsja aan de oevers van de Wolga verjoegen we samen de ijskoude herfst. We vertrouwden elkaar onze ambities en onze tegenslagen toe in kleine flatjes. Glimlachten om elkaars dwaze dromen. Ze lieten me beloven deftig Russisch te leren zodat ik hun meest schampere grapjes beter zou begrijpen wanneer ik de volgende keer naar Kazan zou komen.

Ik keerde niet meer terug. Het kwam er niet van. Sommige hoofdstukken sluiten simpelweg zichzélf het elegantst af, zonder dat er een haan naar kraait. In de Poesjkin-bundel die de doktersassistente me gaf, staat een sentimenteel gedicht waar ik meestal meewarig bij glimlach, op verloren momentjes wanneer de schaduw van een Russische volksaard nog eens over mij hangt. “De tijd, m’n vriend, de tijd!”, zo klinkt het, “Het hart verlangt naar rust. De klok loopt door, daarvan ben ik mij zeer bewust / We waren met z’n twee nog zoveel moois van plan / We wilden léven maar, kijk aan, dit was het dan / Je vindt op aarde geen geluk, misschien wat lucht / Al jarenlang beraam ik moe en slaafs mijn vlucht / Al jarenlang droom ik van een veel grootser lot / van verre oorden rijk aan werk en puur genot”. Zou het in het Russisch minder theatraal weglezen?

Een tekening die Yaroslav maakte van de kliek.
 Beeld rv
Een tekening die Yaroslav maakte van de kliek.Beeld rv
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234