Vrijdag 27/01/2023

Vlaamse wijk wordt Petit Paris

Met de komst van het merk American Vintage naar de Dansaertstraat vestigt een zoveelste Franse keten zich in de buurt die is opgebloeid dankzij Belgische mode en Vlaamse ambiance. En dat vindt niet iedereen cool. 'De bezieling is aan het verdwijnen.'

Ruim twintig jaar geleden was de Dansaertstraat een stukje Brussel waar men zich enkel waagde als dat hoogst noodzakelijk was. Na het zakken van de zon sjokten junks en schooiers over de met slechte kasseien bestrate paden. Wie wat geld had, gaf dat uit in de winkels in de bovenstad.

In deze woestijn opende Sonja Noël in 1984 een zaak met enkel Belgische ontwerpers. De internationale doorbraak van de Antwerpse Zes zette haar winkel, Stijl, mee op de wereldkaart. Gesterkt door haar succes en aangetrokken door de lage huurprijzen van de grote, charmante maar vaak krakkemikkige panden volgden een aantal ontwerpers en investeerders. Sindsdien is er zoveel veranderd: de straten zijn heraangelegd, de brede trottoirs op maat van de flanerende shopper geschoeid, bars en restaurants geopend. En er zijn een pak modeketens bijgekomen.

Met de aankondiging van de komst van American Vintage vestigt de zoveelste Franse keten zich in de straat. "Ik ben omringd door grote Franse zaken", zegt ontwerpster Annemie Verbeke, die hier in 1999 een winkel opende.

Waar een droogkuis was, zit het trendy merk BA&SH. Aan de overkant huist Zadig&Voltaire, bekend om de truien in kasjmier, in een pand waar vroeger het Belgische La Belle et la Bête kleding verkocht. Iets verder kijken de etalages van Maje en Sandro op elkaar uit, twee merken uit de portefeuille van het Franse SMCP. IKKS, One Step (allebei van de Franse Groupe Zannier), Princesse Tam Tam en make-upketen MAC: het lijkt wel Parijs in het klein. "Het is precies l'Avenue Montaigne." Verbeke refereert aan de chique Parijse winkelstraat. Ze had ook de Amsterdamse P.C. Hooftstraat kunnen vernoemen, Madison Avenue in Los Angeles, of Shibuya in Tokyo: de wereld is een dorp met allemaal dezelfde etalages.

Er zijn ook voordelen, zegt Verbeke. "De Fransen die zich in grote getalen in Brussel hebben gevestigd, zijn vaak kapitaalkrachtig. Het zijn niet de gemakkelijkste klanten en ze stappen de winkel in met een serieuze attitude. Maar ze kopen ook bij mij."

Het is dat dubbele gevoel dat veel pioniers delen: de extra klanten zijn welkom, de verschraling van het aanbod noemen ze jammer. Namen als Christophe Coppens, Olivier Strelli (beiden na faillissement) maar ook de wasserette, de winkel met visgerief en een parfumerie met exclusieve spullen zijn er niet meer. "De bezieling, de begeestering is aan het verdwijnen", vreest Verbeke. "Dit zijn powerhuizen. Het gaat hen alleen maar om de centen."

Johanne Riss, een Parisienne die al meer dan twintig jaar bruidskleding in deze straat maakt, moet tegen volgende zomer verhuizen wegens fors gestegen huurprijzen. Kinderwinkel Kat en Muis is om die reden al vertrokken. Erik Baptist van het Brussels handelsagentschap Atrium vindt dat niet noodzakelijk de schuld van de Fransen. "De stad heeft zwaar geïnvesteerd, de créateurs hebben de wijk grootgemaakt. Iedereen probeert nu een graantje mee te pikken van het succes. Het zijn de eigenaars van de panden die geld ruiken en de huurprijzen fors optrekken. Ik begrijp dat het voor een zaakvoerder moeilijk wordt wanneer de huur na twintig jaar plots van 1.200 euro naar 6.000 euro wordt verhoogd." Voor het gouden stukje Dansaert, dat aansluit bij de Beurs, rekent Baptist op huurprijzen van 750 euro per vierkante meter. Hoe dichter bij het Kanaal, hoe minder men betaalt. Het zijn op dit moment vooral Franse ketens die de hoge bedragen kunnen ophoesten, beaamt Baptist, "maar er zijn ook al Fransen vertrokken. Hun marges zijn niet oneindig."

De Franse invasie noemt hij logisch: officieel wonen er 50.000 Fransen in Brussel. Dat zijn meer dan er Nederlandstaligen zijn en hun aantal groeit elk jaar. Franse boetieks kijken bij expansiedrang eerst naar Brussel. "Het is een proeftuin, omwille van de taal en de modebewustheid." Die tendens is niet te stoppen, denkt Baptist. "Ik ben er wel voorstander van om met MAD Brussels (lobby van de Brusselse creatieve industrie, SVL) rond de tafel te zitten om te zorgen dat de créateurs kunnen blijven. Zij zijn de sterkte van de wijk." Een aantal ontwerpers is al verkast richting Kartuizerstraat of Leon Lepage. "Terwijl het de bedoeling is om de bloei van de wijk richting anaal door te zetten."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234